9 uitspraken gevonden
Sorteer op: Datum uitspraak
- VerbintenissenrechtHoger beroepVerbintenissenrecht. Titel van betalingen in verband met overdracht vastgoedportefeuille. Overeenkomst van…
Gerechtshof Amsterdam|11 februari 2020|ECLI:NL:GHAMS:2020:379
Verbintenissenrecht. Titel van betalingen in verband met overdracht vastgoedportefeuille. Overeenkomst van geldlening. Wie is geldgever, wie geldnemer? Heeft bij totstandkoming van geldlening betrokken persoon in privé gehandeld of als vertegenwoordiger van één of meer vennootschappen?
- Strafrecht overigHoger beroepBelastingfraude door feitelijke leidinggever. Verwerping van verweer (objectief) pleitbaar standpunt, reeds…
Gerechtshof Amsterdam|4 april 2018|ECLI:NL:GHAMS:2018:1139
Belastingfraude door feitelijke leidinggever. Verwerping van verweer (objectief) pleitbaar standpunt, reeds omdat belastingplichtige ten tijde van de aangifte - naar objectieve maatstaven gemeten - niet redelijkerwijs kon en mocht menen dat dit standpunt juist was.
- BelastingrechtHoger beroep1. Bekendmaking naheffingsaanslag. 2. Omzetbelasting in verband met van overdracht registergoederen en…
Gerechtshof Amsterdam|7 maart 2017|ECLI:NL:GHAMS:2017:766Aangehaald in 5 uitspraken
1. Bekendmaking naheffingsaanslag. 2. Omzetbelasting in verband met van overdracht registergoederen en goodwill: - Is sprake van een overdracht van een onderneming in de zin van artikel 31 van de Wet op de omzetbelasting 1968, tekst 2008 (Wet OB)? - Is de vrijstelling van artikel 11, lid 1, sub a Wet OB van…
- BelastingrechtHoger beroepEr is geen sprake van een overdracht in de zin van artikel 31 van de Wet op de omzetbelasting 1968…
Gerechtshof Amsterdam|28 november 2013|ECLI:NL:GHAMS:2013:4420
Er is geen sprake van een overdracht in de zin van artikel 31 van de Wet op de omzetbelasting 1968. Belanghebbende heeft geen recht op aftrek van voorbelasting omdat zij wist dat de leverancier de omzetbelasting niet op aangifte heeft voldaan.
- BelastingrechtHoger beroepBij een overgang als bedoeld in artikel 31 van de Wet op de omzetbelasting 1968 (tekst 2007) dient degene aan…
Gerechtshof Amsterdam|5 juli 2012|ECLI:NL:GHAMS:2012:BX1552
Bij een overgang als bedoeld in artikel 31 van de Wet op de omzetbelasting 1968 (tekst 2007) dient degene aan wie de overdracht is geschied, de herzieningsomzetbelasting over het gehele boekjaar te voldoen. Artikel 13, tweede lid, van de Uitvoeringsbeschikking omzetbelasting 1968 voorziet er niet in dat herziening…
- BelastingrechtHoger beroepHet Hof is met de rechtbank van oordeel dat sprake is van de overdracht van een onderneming in de zin van…
Gerechtshof Amsterdam|12 april 2012|ECLI:NL:GHAMS:2012:BW3727
Het Hof is met de rechtbank van oordeel dat sprake is van de overdracht van een onderneming in de zin van artikel 31 Wet OB. Het Hof maakt de overwegingen van de rechtbank dienaangaande tot de zijne. De stelling van belanghebbende dat het haar “slechts te doen was om de huurrechten van de winkels” acht het Hof niet in…
- BelastingrechtHoger beroepBelanghebbende heeft op geen enkele wijze inzicht verschaft in de aard van de kosten waarop de door haar in…
Gerechtshof Amsterdam|7 juli 2008|ECLI:NL:GHAMS:2008:BD9007
Belanghebbende heeft op geen enkele wijze inzicht verschaft in de aard van de kosten waarop de door haar in aftrek gebrachte omzetbelasting ad € 1.010 betrekking heeft. Aldus heeft zij het door haar gestelde recht op aftrek niet aannemelijk kunnen maken. Boete: Het niet verstrekken van enig inzicht in de aard van de…
- BelastingrechtHoger beroepHet Hof merkt het geheel van transacties inzake de overdracht van een visrokerij aan als de overgang van een…
Gerechtshof Amsterdam|3 maart 2008|ECLI:NL:GHAMS:2008:BC8009
Het Hof merkt het geheel van transacties inzake de overdracht van een visrokerij aan als de overgang van een algemeenheid van goederen als bedoeld in artikel 31 van de Wet op de omzetbelasting 1968 en artikel 5, achtste lid, van de Zesde richtlijn. De enkele omstandigheid dat de juridische eigendom van geleasete zaken…
- BelastingrechtEerste aanleg - meervoudigVervangingsreserve. Art. 14, eerste lid, Wet IB 1964. Naar het oordeel van het Hof heeft de inspecteur…
Gerechtshof Amsterdam|29 december 2005|ECLI:NL:GHAMS:2005:AU9285
Vervangingsreserve. Art. 14, eerste lid, Wet IB 1964. Naar het oordeel van het Hof heeft de inspecteur terecht gesteld dat belanghebbende haar onderneming in 2000 geheel heeft gestaakt en in 2001 een nieuwe onderneming is begonnen. Daarom is de vorming van een vervangingsreserve niet toegestaan.
Zoektips
Een ECLI (ook kort, zoals HR:2020:2020), LJN of vindplaats (NJ 2019/123) opent direct de uitspraak. Gebruik aanhalingstekens voor een exacte woordgroep (“ontslag op staande voet”), OR voor alternatieven (huur OR pacht), een sterretje voor woorddelen (huur* vindt ook huurder) en een minteken om een woord uit te sluiten.