200 uitspraken gevonden
Sorteer op: Datum uitspraak
- BelastingrechtArt. 47 AWR. Verklaringen van belanghebbende na vordering Inspecteur niet bruikbaar als bewijs voor…
Parket bij de Hoge Raad|16 september 2005|ECLI:NL:PHR:2005:AO9013
Art. 47 AWR. Verklaringen van belanghebbende na vordering Inspecteur niet bruikbaar als bewijs voor boete/verhoging. Gevolgen verlenging navorderingstermijn voor boete?
- BelastingrechtBoete opgelegd na ontbinding commanditaire vennootschap.
Parket bij de Hoge Raad|12 augustus 2005|ECLI:NL:PHR:2005:AO9037
Boete opgelegd na ontbinding commanditaire vennootschap.
- BelastingrechtResolutie BTW-28. Aftrek gemeenschapsvoorzieningen, toerekening aan belaste omzet. Indiening stukken 13 dagen…
Parket bij de Hoge Raad|8 juli 2005|ECLI:NL:PHR:2005:AO9273
Resolutie BTW-28. Aftrek gemeenschapsvoorzieningen, toerekening aan belaste omzet. Indiening stukken 13 dagen voor de zitting. Art. 6, lid 1, EVRM, geldt bescherming EVRM ook voor belastingplichtige publiekrechtelijke lichamen; redelijke termijn.
- Strafrecht overigCassatie1. Redelijke termijn en betekening verstekmededeling. 2. Verjaring: ambtshalve geconstateerd. Ad 1. Van…
Hoge Raad|5 juli 2005|ECLI:NL:HR:2005:AT5840
1. Redelijke termijn en betekening verstekmededeling. 2. Verjaring: ambtshalve geconstateerd. Ad 1. Van overschrijding van de redelijke termijn kan sprake zijn indien ex art. 366 Sv een verstekmededeling dient te worden betekend en het OM bij die betekening niet de nodige voortvarendheid heeft betracht (HR NJ 2000,…
- Strafrecht overig1. Redelijke termijn en betekening verstekmededeling. 2. Verjaring: ambtshalve geconstateerd. Ad 1. Van…
Parket bij de Hoge Raad|5 juli 2005|ECLI:NL:PHR:2005:AT5840
1. Redelijke termijn en betekening verstekmededeling. 2. Verjaring: ambtshalve geconstateerd. Ad 1. Van overschrijding van de redelijke termijn kan sprake zijn indien ex art. 366 Sv een verstekmededeling dient te worden betekend en het OM bij die betekening niet de nodige voortvarendheid heeft betracht (HR NJ 2000,…
- BelastingrechtArtikel 6, lid 1 EVRM. Overschrijding redelijke termijn? Vermindering boete bij overschrijding redelijke…
Parket bij de Hoge Raad|22 april 2005|ECLI:NL:PHR:2005:AT4483
Artikel 6, lid 1 EVRM. Overschrijding redelijke termijn? Vermindering boete bij overschrijding redelijke termijn? Artikel 29, lid 2, van de Algemene wet inzake rijksbelastingen. Omkering bewijslast. Redelijke schatting verzwegen omzet / loon.
- BelastingrechtArtikel 6, lid 1 EVRM. Overschrijding redelijke termijn? Vermindering boete bij overschrijding redelijke…
Parket bij de Hoge Raad|22 april 2005|ECLI:NL:PHR:2005:AO9047
Artikel 6, lid 1 EVRM. Overschrijding redelijke termijn? Vermindering boete bij overschrijding redelijke termijn? Artikel 29, lid 2, van de Algemene wet inzake rijksbelastingen. Omkering bewijslast. Redelijke schatting verzwegen omzet / loon.
- BelastingrechtArt. 6, lid 1, EVRM. Navorderingsaanslag met verhoging. Vuistregels inzake overschrijding van de redelijke termijn.
Parket bij de Hoge Raad|22 april 2005|ECLI:NL:PHR:2005:AO9006
Art. 6, lid 1, EVRM. Navorderingsaanslag met verhoging. Vuistregels inzake overschrijding van de redelijke termijn.
- Strafrecht overigCassatieRedelijke termijn. 1. Van overschrijding van de redelijke termijn kan sprake zijn indien o.g.v. art. 366 Sv…
Hoge Raad|12 april 2005|ECLI:NL:HR:2005:AS4741
Redelijke termijn. 1. Van overschrijding van de redelijke termijn kan sprake zijn indien o.g.v. art. 366 Sv een verstekmededeling moet worden betekend en het OM niet de nodige voortvarendheid heeft betracht (HR NJ 2000, 721, rov. 3.19). 2. Een verdachte die, kennis dragende van een tegen hem ingestelde vervolging,…
- Strafrecht overigRedelijke termijn. 1. Van overschrijding van de redelijke termijn kan sprake zijn indien o.g.v. art. 366 Sv…
Parket bij de Hoge Raad|12 april 2005|ECLI:NL:PHR:2005:AS4741
Redelijke termijn. 1. Van overschrijding van de redelijke termijn kan sprake zijn indien o.g.v. art. 366 Sv een verstekmededeling moet worden betekend en het OM niet de nodige voortvarendheid heeft betracht (HR NJ 2000, 721, rov. 3.19). 2. Een verdachte die, kennis dragende van een tegen hem ingestelde vervolging,…
- Strafrecht overigCassatieVertaling verstekmededeling. Verdachte, die de Nederlandse taal niet beheerst, komt te laat in appèl na…
Hoge Raad|31 augustus 2004|ECLI:NL:HR:2004:AP0167
Vertaling verstekmededeling. Verdachte, die de Nederlandse taal niet beheerst, komt te laat in appèl na betekening onvertaalde verstekmededeling. De opvatting dat een verstekmededeling ex art. 366 Sv moet worden aangemerkt als mededeling ex art. 6.3.a EVRM aan de verdachte omtrent de aard en reden van de tegen hem…
- Strafrecht overigVertaling verstekmededeling. Verdachte, die de Nederlandse taal niet beheerst, komt te laat in appèl na…
Parket bij de Hoge Raad|31 augustus 2004|ECLI:NL:PHR:2004:AP0167
Vertaling verstekmededeling. Verdachte, die de Nederlandse taal niet beheerst, komt te laat in appèl na betekening onvertaalde verstekmededeling. De opvatting dat een verstekmededeling ex art. 366 Sv moet worden aangemerkt als mededeling ex art. 6.3.a EVRM aan de verdachte omtrent de aard en reden van de tegen hem…
- Civiel recht overigHoger beroep kort gedingIn dit kort geding vordert [appellante] een verbod aan de Staat om een aan haar dochter opgelegde werkstraf…
Gerechtshof 's-Hertogenbosch|10 augustus 2004|ECLI:NL:GHSHE:2004:AR4314
In dit kort geding vordert [appellante] een verbod aan de Staat om een aan haar dochter opgelegde werkstraf ten uitvoer te leggen. Zij stelt dat uitvoering van die straf onrechtmatig is omdat de termijn daarvoor is verstreken en het recht tot uitvoering van deze straf is verjaard. De Staat heeft deze stelling…
- Strafrecht overigOverschrijding redelijke termijn en ontvankelijkheid OM. Indien er vanuit wordt gegaan dat het vonnis van…
Parket bij de Hoge Raad|9 december 2003|ECLI:NL:PHR:2003:AM0212
Overschrijding redelijke termijn en ontvankelijkheid OM. Indien er vanuit wordt gegaan dat het vonnis van 27-11-1996 eerst op 22-10-2001 geldig aan de verdachte is betekend na aanbieding op het adres waar de verdachte sinds 2-10-1998 in de GBA stond ingeschreven, leidt dat niet tot niet-ontvankelijkheid van het OM.
- Strafrecht overigCassatieHoge Raad · Cassatie · Strafrecht overig
Hoge Raad|15 april 2003|ECLI:NL:HR:2003:AF6589
15 april 2003 Strafkamer nr. 02149/02 IV/IK Hoge Raad der Nederlanden Arrest op het beroep in cassatie tegen een bij verstek gewezen arrest van het Gerechtshof te Amsterdam van 9 december 1996, nummer 23/001934-96, in de strafzaak tegen: [verdachte], geboren te [geboorteplaats] (Turkije) op [geboortedatum] 1972,…
- Strafrecht overigCassatieHoge Raad · Cassatie · Strafrecht overig
Hoge Raad|24 september 2002|ECLI:NL:HR:2002:AE4156
24 september 2002 Strafkamer nr. 01063/01 PB/AB Hoge Raad der Nederlanden Arrest op het beroep in cassatie tegen een bij verstek gewezen arrest van het Gerechtshof te Amsterdam van 3 november 1998, nummer 23/002081-96, in de strafzaak tegen: [verdachte], geboren te [geboorteplaats] (Ierland) op [geboortedatum] 1961,…
- Strafrecht overigConclusie · Parket bij de Hoge Raad · Strafrecht overig
Parket bij de Hoge Raad|30 januari 2001|ECLI:NL:PHR:2001:ZD2099
Mr Fokkens Nr. 02058/99 Zitting 24 oktober 2000 Conclusie inzake [verdachte] Edelhoogachtbaar College, 1. Verdachte is door het Gerechtshof te Amsterdam wegens bedreiging met enig misdrijf tegen het leven gericht veroordeeld tot een gevangenisstraf voor de duur van één maand. 2. Namens verdachte heeft mr A. van…
- Strafrecht overigCassatieHoge Raad · Cassatie · Strafrecht overig
Hoge Raad|30 januari 2001|ECLI:NL:HR:2001:ZD2099
30 januari 2001 Strafkamer nr. 02058/99 NS/ABG Hoge Raad der Nederlanden Arrest op het beroep in cassatie tegen een bij verstek gewezen arrest van het Gerechtshof te Amsterdam van 29 november 1996 in de strafzaak tegen: [verdachte], geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1962, wonende te [woonplaats]. 1. De…
- Strafrecht overigCassatieHoge Raad · Cassatie · Strafrecht overig
Hoge Raad|3 oktober 2000|ECLI:NL:HR:2000:AA7309Aangehaald in 72 uitspraken
3 oktober 2000 Strafkamer nr. 00775/99 Hoge Raad der Nederlanden Arrest op het beroep in cassatie tegen een bij verstek gewezen arrest van het Gerechtshof te Amsterdam van 4 maart 1998 in de strafzaak tegen: [Verdachte], geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1965, wonende te [woonplaats]. 1. De bestreden…
- Strafrecht overigCassatieHoge Raad · Cassatie · Strafrecht overig
Hoge Raad|3 mei 1994|ECLI:NL:HR:1994:ZC9722Aangehaald in 27 uitspraken
3 mei 1994 Strafkamer nr. 96.842 SM Hoge Raad der Nederlanden Arrest op het beroep in cassatie tegen een arrest van het Gerechtshof te 's-Gravenhage van 17 juni 1993 alsmede tegen alle op de terechtzitting van dit Hof gegeven beslissingen in de strafzaak tegen: [verdachte] , geboren te [geboorteplaats] op…
Zoektips
Een ECLI (ook kort, zoals HR:2020:2020), LJN of vindplaats (NJ 2019/123) opent direct de uitspraak. Gebruik aanhalingstekens voor een exacte woordgroep (“ontslag op staande voet”), OR voor alternatieven (huur OR pacht), een sterretje voor woorddelen (huur* vindt ook huurder) en een minteken om een woord uit te sluiten.