200 uitspraken gevonden
Sorteer op: Datum uitspraak
- Strafrecht overigHoger beroepVrijspraak van artikel 6 en 5 WVW94 (feit 1) De verdachte verweten schuld als bedoeld in artikel 6…
Gerechtshof 's-Gravenhage|31 maart 2011|ECLI:NL:GHSGR:2011:BP9706
Vrijspraak van artikel 6 en 5 WVW94 (feit 1) De verdachte verweten schuld als bedoeld in artikel 6 Wegenverkeerswet dan wel gevaarzetting als bedoeld in artikel 5 Wegenverkeerswet zoals dit onder 1 is tenlastegelegd is tijdens het onderzoek ter terechtzitting niet naar voren gekomen. Hetgeen door de advocaat-generaal…
- Strafrecht overigHoger beroepOntvankelijkheid OM. Gelet op de totale duur van de vervolging en de mate waarin de redelijke termijn is…
Gerechtshof Arnhem|15 november 2010|ECLI:NL:GHARN:2010:BO4305
Ontvankelijkheid OM. Gelet op de totale duur van de vervolging en de mate waarin de redelijke termijn is overschreden na berechting in eerste aanleg én in aanmerking nemende dat het een strafzaak tegen een - destijds - minderjarige betreft, is het hof van oordeel dat sprake is van een zodanige overschrijding van de…
- Strafrecht overigTenuitvoerlegging voorwaardelijke OBM. Het hof heeft de t.u.l. gelast van een voorwaardelijke OBM terwijl…
Parket bij de Hoge Raad|2 november 2010|ECLI:NL:PHR:2010:BO2558
Tenuitvoerlegging voorwaardelijke OBM. Het hof heeft de t.u.l. gelast van een voorwaardelijke OBM terwijl geen mededeling van de voorwaardelijke veroordeling in de zin van art. 366a.2 Sv aan verdachte heeft plaatsgevonden. Gelet op de wetsgeschiedenis staat dit laatste echter niet in de weg aan het ingaan van de…
- Strafrecht overigProfijtontneming. Overschrijding redelijke termijn en betekening verstekmededeling. De verstekmededeling is…
Parket bij de Hoge Raad|2 november 2010|ECLI:NL:PHR:2010:BL9050
Profijtontneming. Overschrijding redelijke termijn en betekening verstekmededeling. De verstekmededeling is niet aan de akte van uitreiking gehecht. Uit de stukken van het geding kan worden afgeleid dat de akte van uitreiking betrekking heeft op de uitreiking van de verstekmededeling, zodat moet worden aangenomen dat…
- Strafrecht overigCassatieTenuitvoerlegging voorwaardelijke OBM. Het hof heeft de t.u.l. gelast van een voorwaardelijke OBM terwijl…
Hoge Raad|2 november 2010|ECLI:NL:HR:2010:BO2558
Tenuitvoerlegging voorwaardelijke OBM. Het hof heeft de t.u.l. gelast van een voorwaardelijke OBM terwijl geen mededeling van de voorwaardelijke veroordeling in de zin van art. 366a.2 Sv aan verdachte heeft plaatsgevonden. Gelet op de wetsgeschiedenis staat dit laatste echter niet in de weg aan het ingaan van de…
- Strafrecht overigOverschrijding redelijke termijn en betekening verstekmededeling. HR herhaalt daaromtrent relevante…
Parket bij de Hoge Raad|13 juli 2010|ECLI:NL:PHR:2010:BM3638
Overschrijding redelijke termijn en betekening verstekmededeling. HR herhaalt daaromtrent relevante overwegingen uit HR LJN BD2578 en neemt voorts in aanmerking hetgeen in HR LJN ZD2099 is overwogen t.a.v. de op de verdachte rustende verplichting om te zorgen dat hij op de hoogte raakt van de inhoud van voor hem…
- Strafrecht overigCassatieOverschrijding redelijke termijn en betekening verstekmededeling. HR herhaalt daaromtrent relevante…
Hoge Raad|13 juli 2010|ECLI:NL:HR:2010:BM3638Aangehaald in 22 uitspraken
Overschrijding redelijke termijn en betekening verstekmededeling. HR herhaalt daaromtrent relevante overwegingen uit HR LJN BD2578 en neemt voorts in aanmerking hetgeen in HR LJN ZD2099 is overwogen t.a.v. de op de verdachte rustende verplichting om te zorgen dat hij op de hoogte raakt van de inhoud van voor hem…
- Strafrecht overigArt. 327 Sv. Een pv dat bij ontstentenis van de voorzitter, de oudste raadsheer, de jongste raadsheer en de…
Parket bij de Hoge Raad|2 juni 2009|ECLI:NL:PHR:2009:BH9945
Art. 327 Sv. Een pv dat bij ontstentenis van de voorzitter, de oudste raadsheer, de jongste raadsheer en de griffier ondertekend is door de fungerend voorzitter van het gerecht, mist rechtskracht, nu het niet vastgesteld en ondertekend is overeenkomstig art. 327 Sv. Dit onherstelbare verzuim leidt tot nietigheid van…
- Strafrecht overigRedelijke termijn. O.g.v. HR LJN BD2578 kan het middel niet leiden tot n-o van het OM. Strafkorting.
Parket bij de Hoge Raad|16 december 2008|ECLI:NL:PHR:2008:BE9597
Redelijke termijn. O.g.v. HR LJN BD2578 kan het middel niet leiden tot n-o van het OM. Strafkorting.
- Strafrecht overigVerklaring getuige wiens identiteit niet blijkt. Ingevolge het ook in h.b. toepasselijke art 360.1 en art…
Parket bij de Hoge Raad|9 december 2008|ECLI:NL:PHR:2008:BF2082
Verklaring getuige wiens identiteit niet blijkt. Ingevolge het ook in h.b. toepasselijke art 360.1 en art. 360.4 Sv behoort de rechter het gebruik voor het bewijs van een schriftelijk bescheid houdende de verklaring van een persoon wiens identiteit niet blijkt, a.b.i. art. 344a.3 Sv, op straffe van nietigheid te…
- Strafrecht overigCassatieHoge Raad herijkt regels inzake overschrijding van de redelijke termijn. De HR acht het dienstig de…
Hoge Raad|17 juni 2008|ECLI:NL:HR:2008:BD2578Aangehaald in 1.768 uitspraken
Hoge Raad herijkt regels inzake overschrijding van de redelijke termijn. De HR acht het dienstig de uitgangspunten en regels over de inbreuk op het in art. 6.1 EVRM gewaarborgde recht van de verdachte op behandeling van zijn strafzaak binnen een redelijke termijn en het rechtsgevolg dat aan een vastgestelde inbreuk op…
- Strafrecht overig1. Aanwezigheidsrecht. 2. Redelijke termijn, ontvankelijkheid. Ad 1. HR herhaalt toepasselijke regels uit LJN…
Parket bij de Hoge Raad|3 juni 2008|ECLI:NL:PHR:2008:BC8669
1. Aanwezigheidsrecht. 2. Redelijke termijn, ontvankelijkheid. Ad 1. HR herhaalt toepasselijke regels uit LJN AD5163. Uit de stukken kan niet blijken dat de appeldagvaarding is toegezonden aan het in de appelakte vermelde adres. Ad 2. HR herhaalt toepasselijke regels uit LJN AA7309. Bij het onderzoek naar de naleving…
- Strafrecht overigCassatie1. Aanwezigheidsrecht. 2. Redelijke termijn, ontvankelijkheid. Ad 1. HR herhaalt toepasselijke regels uit LJN…
Hoge Raad|3 juni 2008|ECLI:NL:HR:2008:BC8669
1. Aanwezigheidsrecht. 2. Redelijke termijn, ontvankelijkheid. Ad 1. HR herhaalt toepasselijke regels uit LJN AD5163. Uit de stukken kan niet blijken dat de appeldagvaarding is toegezonden aan het in de appelakte vermelde adres. Ad 2. HR herhaalt toepasselijke regels uit LJN AA7309. Bij het onderzoek naar de naleving…
- Strafrecht overigOverschrijding redelijke termijn tussen de bestreden, bij verstek gewezen, uitspraak en het tijdstip waarop…
Parket bij de Hoge Raad|1 april 2008|ECLI:NL:PHR:2008:BC5931
Overschrijding redelijke termijn tussen de bestreden, bij verstek gewezen, uitspraak en het tijdstip waarop deze uitspraak aan verdachte in persoon is betekend. Nu niet blijkt dat de verstekmededeling binnen een jaar na de uitspraak van het Hof aan verdachte - die in die periode stond ingeschreven in de…
- Strafrecht overigArt. 51 Sv. Aangenomen moet worden dat de na het vonnis in EA en het instellen van hoger beroep ingezonden…
Parket bij de Hoge Raad|19 februari 2008|ECLI:NL:PHR:2008:BC2333
Art. 51 Sv. Aangenomen moet worden dat de na het vonnis in EA en het instellen van hoger beroep ingezonden brieven van de rm, gericht aan de Rb, zich bij de stukken van het geding gevoegd zijn en naar het Hof zijn verzonden, zodat het Hof t.t.v. de behandeling van de zaak kennis heeft kunnen dragen van deze brieven.…
- Strafrecht overigUittreksel-arrest. Het Hof heeft zijn gegeven beslissingen niet neergelegd in een verkort arrest, maar in een…
Parket bij de Hoge Raad|18 december 2007|ECLI:NL:PHR:2007:BB7404
Uittreksel-arrest. Het Hof heeft zijn gegeven beslissingen niet neergelegd in een verkort arrest, maar in een “uittreksel” dat niet voldoet aan de eisen van art. 365a en 138b Sv. Dat verzuim heeft betrekking op een wezenlijke vorm van het strafproces zodat het nietigheid van de bestreden uitspraak oplevert, ook al is…
- Strafrecht overigCassatieHet recht tot strafvordering is i.c. niet vervallen indien het cassatieberoep tegen ’s Hofs…
Hoge Raad|4 september 2007|ECLI:NL:HR:2007:BA4914
Het recht tot strafvordering is i.c. niet vervallen indien het cassatieberoep tegen ’s Hofs niet-ontvankelijkverklaring van verdachte in zijn hoger beroep niet slaagt, zie tussenarrest HR LJN AZ3286. ’s Hofs niet van een onjuiste rechtsopvatting getuigende oordeel dat hetgeen door of namens verdachte is aangevoerd…
- Strafrecht overigBetekening dagvaarding. Het in de bestreden – bij verstek gewezen - uitspraak besloten liggende oordeel dat…
Parket bij de Hoge Raad|26 juni 2007|ECLI:NL:PHR:2007:BA3631
Betekening dagvaarding. Het in de bestreden – bij verstek gewezen - uitspraak besloten liggende oordeel dat verdachte in 1e aanleg behoorlijk is gedagvaard, is niet begrijpelijk nu de akte inhoudt dat de dagvaarding niet op het adres X, 2e verdieping, kon worden uitgereikt en kennelijk daar een bericht van aankomst is…
- Strafrecht overigGeen overschrijding redelijke termijn tussen bij verstek gewezen uitspraak en het tijdstip waarop deze aan…
Parket bij de Hoge Raad|17 april 2007|ECLI:NL:PHR:2007:AZ8779
Geen overschrijding redelijke termijn tussen bij verstek gewezen uitspraak en het tijdstip waarop deze aan verdachte in persoon is betekend. Een verstekmededeling betreffende een op 22-09-1999 bij verstek gewezen arrest van het hof – na vergeefse aanbieding op 22-10-1999 op het GBA-adres en terugzending aan de…
- BelastingrechtCassatieRedelijke termijn in de fase tussen het bij verstek gewezen arrest en de betekening daarvan. In de…
Hoge Raad|3 april 2007|ECLI:NL:HR:2007:AZ8362
Redelijke termijn in de fase tussen het bij verstek gewezen arrest en de betekening daarvan. In de tussenliggende periode had verdachte tijdelijk een bekend adres, waardoor het verstekarrest betekend had kunnen worden. HR toetst aan het betekeningsarrest NJ 2000, 721 en verwijst naar NJ 2005, 385. Anders dan de AG…
Zoektips
Een ECLI (ook kort, zoals HR:2020:2020), LJN of vindplaats (NJ 2019/123) opent direct de uitspraak. Gebruik aanhalingstekens voor een exacte woordgroep (“ontslag op staande voet”), OR voor alternatieven (huur OR pacht), een sterretje voor woorddelen (huur* vindt ook huurder) en een minteken om een woord uit te sluiten.