11 uitspraken gevonden
Sorteer op: Datum uitspraak
- BelastingrechtAanmerkelijkbelangregeling; economisch belang, optie en genotsrecht
Parket bij de Hoge Raad|26 juni 2026|ECLI:NL:PHR:2026:635
Aanmerkelijkbelangregeling; economisch belang, optie en genotsrecht
- BelastingrechtEerste aanleg - meervoudigIn geschil is of eiser een aanmerkelijk belang heeft. Volgens eiser is dat niet het geval, verweerder betoogt…
Rechtbank Den Haag|23 september 2024|ECLI:NL:RBDHA:2024:16862
In geschil is of eiser een aanmerkelijk belang heeft. Volgens eiser is dat niet het geval, verweerder betoogt dat het wel zo is. De rechtbank is van oordeel dat het verlenen van een optierecht niet maakt dat eiser niet het economische belang had van de aan dat recht toerekenbare aandelen. Derhalve heeft verweerder…
- BelastingrechtEerste aanleg - enkelvoudigAanmerkelijk belang. Economisch belang bij aandelen. Verstrekken van een call optie.
Rechtbank Zeeland-West-Brabant|18 juli 2024|ECLI:NL:RBZWB:2024:4960
Aanmerkelijk belang. Economisch belang bij aandelen. Verstrekken van een call optie.
- BelastingrechtEerste aanleg - meervoudigAanmerkelijk belang, terbeschikkingstellingsregeling, buitenlandconstructies, vergrijpboete. Eiser verhuurt…
Rechtbank Gelderland|6 juni 2023|ECLI:NL:RBGEL:2023:3227
Aanmerkelijk belang, terbeschikkingstellingsregeling, buitenlandconstructies, vergrijpboete. Eiser verhuurt een pand aan een Nederlandse vennootschap, en heeft een vordering op een andere Nederlandse vennootschap. Eiser heeft zijn belangen in de twee Nederlandse vennootschappen ingebracht in elkaar in tijd opvolgende…
- BelastingrechtIn geschil is of de certificaten van gewone aandelen die belanghebbende op grond van een…
Parket bij de Hoge Raad|4 oktober 2021|ECLI:NL:PHR:2021:926
In geschil is of de certificaten van gewone aandelen die belanghebbende op grond van een managementparticipatieplan heeft gekocht, kwalificeren als een lucratief belang in de zin van art. 3.92b, lid 4, Wet IB 2001 en of hierbij het 10%-criterium uit art. 3.92b, lid 2, onderdeel a, Wet IB 2001 van belang is.…
- BelastingrechtEerste aanleg - meervoudigLucratief belang (artikel 3.92b Wet IB 2001). Eiser claimt een verlies uit lucratief belang zodat bewijslast…
Rechtbank Gelderland|28 maart 2019|ECLI:NL:RBGEL:2019:1354
Lucratief belang (artikel 3.92b Wet IB 2001). Eiser claimt een verlies uit lucratief belang zodat bewijslast op hem rust. Geen sprake van soortaandelen (artikel 3.92b, tweede lid, onderdeel a). Geen sprake van een lucratief belang op grond van artikel 3.92, vierde lid: hoogte rentevergoeding op cum prefs is zakelijk,…
- BelastingrechtEerste aanleg - meervoudigInkomstenbelasting. Aanmerkelijk belang. Structuur om heffing over inkomen uit aanmerkelijk belang als gevolg…
Rechtbank Noord-Nederland|21 februari 2019|ECLI:NL:RBNNE:2019:603
Inkomstenbelasting. Aanmerkelijk belang. Structuur om heffing over inkomen uit aanmerkelijk belang als gevolg van fictieve vervreemding bij overlijden uit te stellen. Fraus legis. [X] overlijdt in 2016. Tot zijn nalatenschap behoren aandelenbelangen in twee vennootschappen [A] BV en [B] NV waarvan de bezittingen…
- BelastingrechtInkomstenbelasting. Artikel 20a, lid 3, Wet IB 1964. Aanmerkelijk belang. Aandelen behoren niet tot één soort…
Parket bij de Hoge Raad|16 december 2011|ECLI:NL:PHR:2011:BU8233
Inkomstenbelasting. Artikel 20a, lid 3, Wet IB 1964. Aanmerkelijk belang. Aandelen behoren niet tot één soort aangezien zij verschillen in stemrecht over kwesties die niet op één lijn zijn te stellen met die waarvoor in artikel 20a, lid 3, Wet IB 1964 een uitzondering is gemaakt.
- BelastingrechtInkomstenbelasting. Artikel 4.7, lid 2, Wet IB 2001. Aanmerkelijk belang. Aandelen behoren niet tot één soort…
Parket bij de Hoge Raad|16 december 2011|ECLI:NL:PHR:2011:BN7252
Inkomstenbelasting. Artikel 4.7, lid 2, Wet IB 2001. Aanmerkelijk belang. Aandelen behoren niet tot één soort aangezien zij verschillen in stemrecht over kwesties die niet op één lijn zijn te stellen met die waarvoor in artikel 4.7, lid 2, Wet IB 2001 een uitzondering is gemaakt.
- BelastingrechtEerste aanleg - meervoudigEiser bezit 6500 aandelen A in F BV. Bij oprichting van F BV zijn 125.000 aandelen A en 75.000 aandelen B…
Rechtbank Arnhem|28 februari 2008|ECLI:NL:RBARN:2008:BC5626
Eiser bezit 6500 aandelen A in F BV. Bij oprichting van F BV zijn 125.000 aandelen A en 75.000 aandelen B geplaatst. Eiser verkoopt in 2001 zijn aandelen A. Verweerder legt een navorderingsaanslag IB/PVV op in verband met winst uit aanmerkelijk belang. In geschil is of verweerder beschikt over een voor navordering…
- BelastingrechtEerste aanleg - meervoudigVan verschillende soorten aandelen in de zin van art. 4.7 Wet IB 2001 is sprake indien deze aandelen niet…
Gerechtshof Amsterdam|7 september 2004|ECLI:NL:GHAMS:2004:AR5766
Van verschillende soorten aandelen in de zin van art. 4.7 Wet IB 2001 is sprake indien deze aandelen niet dooreen leverbaar zijn. De gewone aandelen en aandelen A zijn in casu niet dooreen leverbaar, omdat daaraan verschillende rechten zijn verbonden die niet zijn terug te voeren op verschillen van…
Zoektips
Een ECLI (ook kort, zoals HR:2020:2020), LJN of vindplaats (NJ 2019/123) opent direct de uitspraak. Gebruik aanhalingstekens voor een exacte woordgroep (“ontslag op staande voet”), OR voor alternatieven (huur OR pacht), een sterretje voor woorddelen (huur* vindt ook huurder) en een minteken om een woord uit te sluiten.