6 uitspraken gevonden
Sorteer op: Datum uitspraak
- Civiel recht overigHoger beroepUit het voorgaande kan niet worden afgeleid dat het niet de bedoeling van partijen is geweest dat de man niet…
Gerechtshof Arnhem|5 oktober 2004|ECLI:NL:GHARN:2004:AR8175
Uit het voorgaande kan niet worden afgeleid dat het niet de bedoeling van partijen is geweest dat de man niet zou profiteren van de waardeontwikkeling van de woning. Uit de beweegredenen om het huis op naam van de vrouw te zetten, de wijze waarop de woning is gefinancierd -beide partijen hebben zich voor de lening…
- Civiel recht overigHoger beroep kort gedingDe aanvullende werking van de redelijkheid en billijkheid van artikel 6:248 BW brengt mee dat [de vrouw]…
Gerechtshof 's-Hertogenbosch|28 september 2004|ECLI:NL:GHSHE:2004:AS5940
De aanvullende werking van de redelijkheid en billijkheid van artikel 6:248 BW brengt mee dat [de vrouw] gehouden kan worden haar deel van de Finataschulden te voldoen, door voor de helft bij te dragen aan de aflossingstermijnen. [de man] kan daarvan nakoming verlangen ook vóórdat de helft van de totale schuld door…
- Civiel recht overig4 juni 2004 Eerste Kamer Nr. C02/314HR RM/JMH Hoge Raad der Nederlanden Arrest in de zaak van: [Eiseres]…
Parket bij de Hoge Raad|4 juni 2004|ECLI:NL:PHR:2004:AO6210
4 juni 2004 Eerste Kamer Nr. C02/314HR RM/JMH Hoge Raad der Nederlanden Arrest in de zaak van: [Eiseres], wonende te [woonplaats], EISERES tot cassatie, incidenteel verweerster, advocaat: mr. R.S. Meijer, t e g e n DE GEMEENTE HEERLEN, zetelende te Heerlen, VERWEERSTER in cassatie, incidenteel eiseres, advocaat: mr.…
- Civiel recht overigHoger beroepNu ingevolge het onder 3.4 en het onder 4.2 overwogene op [appellant] en [geïntimeerde] een verplichting…
Gerechtshof Arnhem|18 mei 2004|ECLI:NL:GHARN:2004:AP0041
Nu ingevolge het onder 3.4 en het onder 4.2 overwogene op [appellant] en [geïntimeerde] een verplichting rust(te) tot vergoeding van dezelfde schade van de bank, zijn zij ingevolge artikel 6:102, lid 1 BW hoofdelijk verbonden en wordt voor de bepaling van hetgeen zij krachtens artikel 6:10 BW in hun onderlinge…
- InsolventierechtCassatie5 maart 2004 Eerste Kamer Nr. R03/115HR JMH Hoge Raad der Nederlanden Arrest in de zaak van: Mr. Robert Jan…
Hoge Raad|5 maart 2004|ECLI:NL:HR:2004:AO1338Aangehaald in 6 uitspraken
5 maart 2004 Eerste Kamer Nr. R03/115HR JMH Hoge Raad der Nederlanden Arrest in de zaak van: Mr. Robert Jan VAN GALEN, in zijn hoedanigheid van curator in het faillissement van B.V. [A], kantoor houdende te Amsterdam, VERZOEKER tot cassatie, advocaat: mr. P.J.M. von Schmidt auf Altenstadt, t e g e n [Verweerder],…
- Insolventierecht5 maart 2004 Eerste Kamer Nr. R03/115HR JMH Hoge Raad der Nederlanden Arrest in de zaak van: Mr. Robert Jan…
Parket bij de Hoge Raad|5 maart 2004|ECLI:NL:PHR:2004:AO1338
5 maart 2004 Eerste Kamer Nr. R03/115HR JMH Hoge Raad der Nederlanden Arrest in de zaak van: Mr. Robert Jan VAN GALEN, in zijn hoedanigheid van curator in het faillissement van B.V. [A], kantoor houdende te Amsterdam, VERZOEKER tot cassatie, advocaat: mr. P.J.M. von Schmidt auf Altenstadt, t e g e n [Verweerder],…
Zoektips
Een ECLI (ook kort, zoals HR:2020:2020), LJN of vindplaats (NJ 2019/123) opent direct de uitspraak. Gebruik aanhalingstekens voor een exacte woordgroep (“ontslag op staande voet”), OR voor alternatieven (huur OR pacht), een sterretje voor woorddelen (huur* vindt ook huurder) en een minteken om een woord uit te sluiten.