37 uitspraken gevonden
Sorteer op: Relevantie
- Personen- en familierechtRelatievermogensrecht. Informeel samenlevenden, financiële afwikkeling na beëindiging van affectieve relatie…
Parket bij de Hoge Raad|26 juni 2026|ECLI:NL:PHR:2026:654
Regresvordering van man op vrouw; verrekening (art. 6:131 lid 1 BW), verjaring (art. 3:307 BW). PROCUREUR-GENERAAL BIJ DE HOGE RAAD DER NEDERLANDEN Nummer 25/02767 Zitting 26 juni 2026 CONCLUSIE
- VerbintenissenrechtCassatieVermogensrecht. Verjaring. Vordering uit hypothecaire geldlening. Hypotheekrecht uitgewonnen. Stuiting door…
Hoge Raad|13 februari 2026|ECLI:NL:HR:2026:231
hypothecaire geldlening. Hypotheekrecht uitgewonnen. Stuiting door maandelijkse inning executoriaal loonbeslag? Daad van rechtsvervolging. Art. 3:307 BW. Art. 3:316 BW. Art. 3:323 lid 3 BW. HOGE RAAD DER NEDERLANDEN CIVIELE … restschuld uit hoofde van de hypothecaire geldleningsovereenkomst, geldt de regel van art. 3:307 BW (zie ook hierna in 3.9). De verjaring van die rechtsvordering kan worden gestuit door het instellen
- Civiel recht overigBodemzaakArtikel 6:74 BW, juncto artikel 6:71 BW, artikel 6:89 BW (klachtplicht), rechtsverwerking/verjaring (artikel…
Rechtbank Oost-Brabant|3 september 2026|ECLI:NL:RBOBR:2026:6404
BW, juncto artikel 6:71 BW, artikel 6:89 BW (klachtplicht), rechtsverwerking/verjaring (artikel 3:307 BW), Artikelen 14 en 19 van Europese Verordening (EG) nr. 178/2002 Algemene Levensmiddelenverordening, GFL-melding. Vordering
- Personen- en familierechtHoger beroepErfrecht. Recht uit vaststellingsovereenkomst (ter afwikkeling van schade) en nadere overeenkomst…
Gerechtshof Amsterdam|10 maart 2026|ECLI:NL:GHAMS:2026:604
overeenkomst van 14 november 2002 is een overeenkomst tot geven of doen, waarop artikel 3:307 BW van toepassing is. Dit artikel bepaalt dat een vordering tot nakoming van een verbintenis … overeenkomst is tot een geven of doen in de zin van artikel 3:307 BW. Ook de overeenkomst van 3 oktober 2007 is volgens [verweerder] geen erkenning van de eerdere overeenkomst
- Civiel recht overigKort gedingKort geding. Executiegeschil. Opheffing diverse executoriale beslagen, omdat de vordering die is opgenomen in…
Rechtbank Rotterdam|17 juni 2026|ECLI:NL:RBROT:2026:7039
heeft ingeschreven. De vordering van [gedaagde] is dan ook op grond van artikel 3:307 BW in december 2023 verjaard. [gedaagde] betwist dit en stelt dat haar vordering pas opeisbaar is geworden … december 2018, wat betekent dat de vordering van [gedaagde] op grond van artikel 3:307 BW – vijf jaar na opeisbaarheid – is verjaard. 5.8. De voorzieningenrechter is van oordeel dat het aannemelijk
- VerbintenissenrechtHoger beroepGestelde overeenkomst van geldlening. Verjaring: verbintenis tot terugbetaling na bepaalde of onbepaalde tijd…
Gerechtshof Den Haag|17 februari 2026|ECLI:NL:GHDHA:2026:143
betreft het beroep van [geïntimeerde] Ltd. op verjaring is in eerste instantie artikel 3:307 BW van belang. Hierin is verjaring van een vordering tot nakoming van een overeenkomst tot een geven … nakoming na onbepaalde tijd en of lid 1 dan wel lid 2 van artikel 3:307 BW van toepassing is, moet de betrokken geldleningsovereenkomst worden uitgelegd. [geïntimeerde] Ltd. stelt niet dat (voor
- VerbintenissenrechtBodemzaakVordering terugbetaling geldleningsovereenkomst is verjaard. Verjaring is niet gestuit, nu stuitingsbrieven…
Rechtbank Zeeland-West-Brabant|5 augustus 2026|ECLI:NL:RBZWB:2026:7285
gewezen door mr. Hartman en in het openbaar uitgesproken op 5 augustus 2026. artikel 3:307 BW artikel 1 sub C geldleningsovereenkomst artikel 1 sub D onder 1 geldleningsovereenkomst artikel
- VerbintenissenrechtBodemzaakRechtbank Limburg · Bodemzaak · Verbintenissenrecht
Rechtbank Limburg|29 april 2026|ECLI:NL:RBLIM:2026:3592
opzegvergoeding begrepen. 4.3. De verjaringstermijn voor de opzegvergoeding is vijf jaar volgens artikel 3:307 BW, terwijl de overige factuurbedragen overeenkomstig artikel 7:28 BW na verloop van twee jaar verjaren. Innova
- Civiel recht overigEerste aanleg - enkelvoudigDe vordering tot betaling van premies uit 2016 en 2018 is verjaard. Zilveren Kruis heeft onvoldoende…
Rechtbank Midden-Nederland|11 maart 2026|ECLI:NL:RBMNE:2026:811
door mr. I.L. Rijnbout en in het openbaar uitgesproken op 11 maart 2026. Artikel 3:307 BW Artikel 3:317 BW Artikel 3:37 BW
- VerbintenissenrechtBodemzaakEiseres vordert van gedaagde betaling van een bedrag van € 2.486,67 aan niet betaalde zorgverzekeringspremies…
Rechtbank Zeeland-West-Brabant|8 juli 2026|ECLI:NL:RBZWB:2026:6232
vordering meer dan vijf jaar oud is, is de vordering verjaard gelet op artikel 3:307 BW. [gedaagde] heeft geen stuitingsbrief ontvangen. 3.5. Op de stellingen van partijen wordt hierna, voor zover
- Civiel recht overigEerste aanleg - enkelvoudigTerugbetaling lening. Geen sprake van verjaring. Nadere akte nodig.
Rechtbank Gelderland|16 januari 2026|ECLI:NL:RBGEL:2026:411
vijf jaar voor wat betreft de hoofdsom op dat moment gaan lopen (art. 3:307 BW). De vordering van [eiser] is daarom op 20 april 2022 verjaard, tenzij voor die tijd
- VerbintenissenrechtBodemzaakVordering volgens Belgisch recht verjaard.
Rechtbank Limburg|15 juli 2026|ECLI:NL:RBLIM:2026:6617
november 2025, derhalve ruimschoots binnen de wettelijke verjaringstermijn van vijf jaar ex artikel 3:307 BW. 4.3. Allereerst moet worden beoordeeld welk recht op de overeenkomst van toepassing is. Er is sprake
- Civiel recht overigEerste aanleg - enkelvoudigVordering betaling factuur. Toegewezen. Gedaagde erkent dat boekhoudkundige werkzaamheden zijn verricht…
Rechtbank Midden-Nederland|25 maart 2026|ECLI:NL:RBMNE:2026:1477
artikel 6:248 lid 2 Burgerlijk Wetboek (BW). Artikel 3:307 BW. Vergelijk artikel 3:37 lid 3 BW. Artikel 6:119a lid 8 BW
- Civiel recht overigHoger beroepGeen sprake van verjaring: de verjaring van de vordering is gestuit.
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden|8 september 2026|ECLI:NL:GHARL:2026:5775
voert tot zijn verweer aan dat de vordering van Hoist Finance is verjaard. Artikel 3:307 BW bepaalt dat een rechtsvordering tot nakoming van een verbintenis uit overeenkomst tot een geven
- Civiel recht overigEerste en enige aanlegProrogatie (art. 329 Rv). Art. 3:307 lid 1 BW. Art. 7:310 BW. Art. 7:323 BW. Vordering tot nakoming afspraak…
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden|26 mei 2026|ECLI:NL:GHARL:2026:3326
gevolgen van de verjaring zijn niet ongerechtvaardigd. Deze vinden immers hun grondslag in artikel 3:307 BW. 3.19. Ook het beroep op de redelijkheid en billijkheid slaagt niet. De omstandigheden
- VerbintenissenrechtEerste aanleg - enkelvoudigZiektekostenverzekeraar vorderde eerder € 500 van een achyerstand. Dat is toegewezen. In deze procedure…
Rechtbank Rotterdam|11 juni 2026|ECLI:NL:RBROT:2026:6658
openbaar uitgesproken. Dat is nu A.S.R. Artikel 236 Rv Bijlage 1 bij dagvaarding Artikel 3:307 BW Artikel 3:317 BW Artikel 3:317 BW Artikel 3:37 lid 3 BW
- Civiel recht overigHoger beroepBorgtocht. Verjaring – artikel 3:323 lid 3 BW. Vordering van bank uit hoofde van borgtocht gedekt door…
Gerechtshof Amsterdam|1 september 2026|ECLI:NL:GHAMS:2026:2509
hoofde van de borgtocht de verjaringstermijn van vijf jaar van artikel 3:307 BW van toepassing is. ING betoogt dat op deze vordering een verjaringstermijn van 20 jaar van toepassing is omdat
- VerbintenissenrechtBodemzaakErfdeel dochter is omgezet naar geldlening aan vader. De voorwaarden waaronder de geldlening kan worden…
Rechtbank Limburg|28 januari 2026|ECLI:NL:RBLIM:2026:766
Voor de vraag welke verjaringstermijn van toepassing is, is het bepaalde in artikel 3:307 BW relevant en meer in het bijzonder de vraag of voor de geldlening een termijn is bepaald
- Civiel recht overigHoger beroepInformele samenwoners. Kan de man aanspraak maken op vergoeding van door hem tijdens de samenleving gedane…
Gemeenschappelijk Hof van Justitie van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba|16 juni 2026|ECLI:NL:OGHACMB:2026:157
hoofde van ongerechtvaardigde verrijking geldt in beginsel een verjaringstermijn van vijf jaar (artikel 3:307 BW) na het ontstaan van de vordering. De verlenging van de verjaringstermijn voor echtgenoten en geregistreerde partners
- Civiel recht overigEerste aanleg - meervoudigGeschil tussen dochter/schoonzoon en vader die naast elkaar wonen. Schoonzoon heeft woning van vader…
Rechtbank Rotterdam|18 februari 2026|ECLI:NL:RBROT:2026:2042
betekent dat die door [eisers] gestelde vordering uiterlijk 1 mei 2022 is verjaard (artikel 3:307 BW), zoals door [gedaagde] aangevoerd. Niet gesteld of gebleken is dat die vordering voordien schriftelijk
Zoektips
Een ECLI (ook kort, zoals HR:2020:2020), LJN of vindplaats (NJ 2019/123) opent direct de uitspraak. Gebruik aanhalingstekens voor een exacte woordgroep (“ontslag op staande voet”), OR voor alternatieven (huur OR pacht), een sterretje voor woorddelen (huur* vindt ook huurder) en een minteken om een woord uit te sluiten.