987 uitspraken gevonden
Sorteer op: Relevantie
- Personen- en familierechtHoger beroepOpheffing bewind. Beslissing kantonrechter bij brief, ondertekend door de griffier.
Gerechtshof Amsterdam|27 juli 2021|ECLI:NL:GHAMS:2021:2381
volgt. Ingevolge artikel 230, lid 3, wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering (Rv.), jo artikel 287, lid 1 Rv. dient een beschikking te worden getekend door de rechter. In de onderhavige zaak
- Civiel recht overigHoger beroepIncidenten ex artikel 224 Rv tot zekerheidstelling voor proceskosten en ex artikel 222 Rv tot voeging. Belang…
Gerechtshof Amsterdam|27 augustus 2019|ECLI:NL:GHAMS:2019:3115
appellant] tegen dit (eind)vonnis. incident tot zekerheidstelling 2.2. Op grond van artikel 224 lid 1 Rv dient degene die, zonder woonplaats of gewone verblijfplaats in Nederland, bij een Nederlandse rechter
- Personen- en familierechtHoger beroepHoger beroep voorlopige voorzieningen, doorbreking appelverbod.
Gerechtshof Amsterdam|26 juli 2011|ECLI:NL:GHAMS:2011:BS8922
procedure. 4. Beoordeling van het hoger beroep 4.1. Ingevolge het bepaalde in art. 824 lid 1 Rv staat tegen een voorlopige voorziening, als bedoeld in art. 822 Rv geen hogere voorziening open
- Personen- en familierechtHoger beroep“Hoger beroep niet-ontvankelijk verklaard.”
Gerechtshof Amsterdam|6 oktober 2026|ECLI:NL:GHAMS:2026:2865
verzoeker van deze gelegenheid geen gebruik, dan wordt hij krachtens het in artikel 281 lid 1 Rv bepaalde in het verzoek niet-ontvankelijk verklaard. Deze bepalingen zijn op grond van artikel
- Civiel recht overigHoger beroepKlacht tegen een gerechtsdeurwaarder. Klager verwijt de gerechtsdeurwaarder dat deze het exploot met opzet…
Gerechtshof Amsterdam|28 november 2017|ECLI:NL:GHAMS:2017:4920
derhalve niet heeft verkeerd in de feitelijke onmogelijkheid in de zin van artikel 47 lid 1 Rv om het exploot te laten, is hij van mening dat hij op goede gronden heeft
- Civiel recht overigHoger beroepHuur woonruimte. Sociale huurwoning. Ontbinding en ontruiming. Hoofdverblijf. Verzwaarde motiveringsplicht…
Gerechtshof Amsterdam|18 juni 2024|ECLI:NL:GHAMS:2024:1684
Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering (Rv) in verbinding met artikel 353 lid 1 Rv ook tegenover hen als een arrest op tegenspraak beschouwd. 5.2. Rochdale heeft in hoger beroep drie grieven aangevoerd tegen
- OndernemingsrechtEerste aanleg - meervoudigOK; geschillenregeling; beëindiging; minnelijke regeling
Gerechtshof Amsterdam|28 juli 2026|ECLI:NL:GHAMS:2026:2048
deskundige. 2 De gronden van de beslissing 2.1 Op grond van artikel 191 lid 1 Rv heeft de deskundige recht op een door de rechter te begroten schadeloosstelling en loon
- Civiel recht overigHoger beroepIncidentele vordering om de wederpartij in het hoger beroep niet-ontvankelijk te verklaren afgewezen…
Gerechtshof Amsterdam|12 november 2019|ECLI:NL:GHAMS:2019:4093
hoofdsom en € 14,20 aan rente, hetgeen lager is dan het in artikel 332 lid 1 Rv genoemde bedrag van € 1.750,-. Volgens Rodi Media volgt uit de door [appellante] op 11 januari
- Personen- en familierechtHoger beroepDe vraag of iemand belanghebbende is, kan uitsluitend per zaak worden beoordeeld. Grootouder minderjarige…
Gerechtshof Amsterdam|20 december 2016|ECLI:NL:GHAMS:2016:5441
dossier en/of rapportages van hulpverlenende instanties. 4.3. Het hof overweegt als volgt. Artikel 798 lid 1 Rv bepaalt, voor zover hier van belang, dat onder belanghebbende wordt verstaan degene op wiens rechten
- Civiel recht overigHoger beroepTussenarrest. Zie ECLI:NL:GHAMS:2019:1325.
Gerechtshof Amsterdam|19 december 2017|ECLI:NL:GHAMS:2017:5333
hoger beroep aanhangig is gemaakt. Derhalve is voldaan aan de eis van artikel 208 lid 1 Rv (incidentele vorderingen worden bij dagvaarding of bij met redenen omklede conclusie ingesteld). De stellingen
- Civiel recht overigHoger beroepDeelgeschilprocedure mbt aansprakelijkheid arbeidsongeval. Geen hoger beroep mogelijk; geen reden om…
Gerechtshof Amsterdam|4 december 2012|ECLI:NL:GHAMS:2012:3600
behandeling van de zaak niet kan worden gesproken (de ‘doorbrekingsjurisprudentie’). 3.4 Ingevolge artikel 1019cc lid 1 Rv. geldt dat, voor zover in de beschikking uitdrukkelijk en zonder voorbehoud is beslist
- Civiel recht overigHoger beroepVerzekeringsrecht. Dekkingsgeschil aansprakelijkheidsverzekering voor de ontwerpende aannemer. Vervolg van…
Gerechtshof Amsterdam|14 maart 2017|ECLI:NL:GHAMS:2017:820
appellante] . 2.5. De bezwaren van [appellante] zijn terecht voorgesteld. De tweeconclusie-regel (artikel 347 lid 1 Rv) strekt tot een concentratie van het debat in hoger beroep. Op grond daarvan diende [geïntimeerde
- Personen- en familierechtHoger beroepWraking. Ontvankelijkheid. Tijdigheid verzoek.
Gerechtshof Amsterdam|19 september 2023|ECLI:NL:GHAMS:2023:2266
toepassing op de raadsheren die het hoger beroep behandelen. Volgens artikel 37, lid 1, Rv moet het verzoek worden gedaan zodra die feiten of omstandigheden aan de verzoeker bekend zijn geworden
- Personen- en familierechtHerzieningGeen grond voor herroeping ex art. 382 Rv op grond van in brievenbus van eisers gedeponeerde geluidsband…
Gerechtshof Amsterdam|14 december 2010|ECLI:NL:GHAMS:2010:BO7565
hebben [eisers] c.s. de herroeping niet tijdig, namelijk niet binnen de in art. 383 lid 1 Rv bedoelde termijn van drie maanden ingesteld, zodat zij niet in hun vordering kunnen worden ontvangen
- Civiel recht overigHoger beroep: huur bedrijfsruimte; vervolg van ECLI:NL:GHAMS:2018:3394; huurder geslaagd in bewijs dat partijen met…
Gerechtshof Amsterdam|3 maart 2020|ECLI:NL:GHAMS:2020:642
verklaring van [appellant] is een partijgetuigenverklaring die op grond van art. 164 lid 1 Rv als bewijsmiddel is toegelaten. Die verklaring heeft in beginsel, zoals andere getuigenverklaringen, vrije bewijskracht zodat de rechter
- Civiel recht overigHoger beroepVonnis in kort geding is mede gewezen tegen een niet verschenen gedaagde. Beroepstermijn van vier weken na de…
Gerechtshof Amsterdam|30 juni 2009|ECLI:NL:GHAMS:2009:BJ8518
gewezen vonnis is op grond van het bepaalde in artikel 339 lid 2 juncto lid 1 Rv vier weken, gerekend vanaf de datum van de uitspraak. Dat geldt dus ook voor
- Civiel recht overigHoger beroepAppel van ECLI:NL:RBAMS:2018:926. Appellant is niet ontvankelijk in het hoger beroep. Art. 332 Rv.
Gerechtshof Amsterdam|29 oktober 2019|ECLI:NL:GHAMS:2019:3891
beslissen € 1.000,- bedraagt en derhalve minder beloopt dan het in artikel 332 lid 1 Rv genoemde bedrag van € 1.750,-. De stelling van [appellant] dat de vordering in eerste aanleg van onbepaalde waarde
- Civiel recht overigHoger beroepVerdachtmakingen in Deventer moordzaak onrechtmatig. Het aan de kaak kunnen stellen van (beweerdelijke)…
Gerechtshof Amsterdam|7 april 2009|ECLI:NL:GHAMS:2009:BI0274
heeft bepaald. Hieromtrent overweegt het hof dat de rechter op grond van artikel 611a lid 1 Rv een discretionaire bevoegdheid heeft waar het de vraag betreft of een dwangsom wordt opgelegd
- Civiel recht overigHoger beroepIncident op grond van 843a Rv na gelegd bewijsbeslag. De handelwijze van de verwerende partij roept zoveel…
Gerechtshof Amsterdam|17 december 2024|ECLI:NL:GHAMS:2024:3472
inzage in bescheiden is slechts toewijsbaar indien aan de drie in artikel 843a lid 1 Rv genoemde voorwaarden is voldaan. Dat wil zeggen dat: a. a) de wederpartij van degene die bescheiden
- Civiel recht overigWrakingWrakingsverzoek raadsheer zaak Krimschatten toegewezen.
Gerechtshof Amsterdam|28 oktober 2020|ECLI:NL:GHAMS:2020:2870
Daarbij komt dat het onderhavige wrakingsverzoek, in strijd met het bepaalde in artikel 37 lid 1 Rv, niet is gedaan zodra de feiten of omstandigheden aan de verzoeker bekend waren geworden
Zoektips
Een ECLI (ook kort, zoals HR:2020:2020), LJN of vindplaats (NJ 2019/123) opent direct de uitspraak. Gebruik aanhalingstekens voor een exacte woordgroep (“ontslag op staande voet”), OR voor alternatieven (huur OR pacht), een sterretje voor woorddelen (huur* vindt ook huurder) en een minteken om een woord uit te sluiten.