72 uitspraken gevonden
Sorteer op: Relevantie
- Civiel recht overigHoger beroepAfwijzing toelating schuldsanering. Ernstige psychosociale problemen. Nog niet voldoende gestabiliseerd.
Gerechtshof Amsterdam|21 mei 2010|ECLI:NL:GHAMS:2010:BN9734
gesteld dat er persoonlijke omstandigheden zijn die aanleiding geven tot toepassing van artikel 288 lid 3 Fw. Hij heeft daartoe aangevoerd dat hij lijdt aan een ernstig psychotrauma waarvoor hij hulp heeft
- Civiel recht overigHoger beroepProcesrecht, wgbz, WSNP. Afwijzing toelating tot de schuldsaneringsregeling. Te late betaling griffierecht na…
Gerechtshof Amsterdam|29 april 2011|ECLI:NL:GHAMS:2011:BQ7561
gescheiden is, is ook onvoldoende om aanleiding te geven tot toepassing van artikel 288 lid 3 Fw. Dit is in het bijzonder zo omdat ook ná de echtscheiding nog CJIB-boetes zijn
- Civiel recht overigHoger beroepFaillissementsrecht, wsnp. Geen keer ten goede hoewel betrokkene geen onderneming meer heeft. De echtgenote…
Gerechtshof Amsterdam|12 juli 2012|ECLI:NL:GHAMS:2012:BX3125
Voorts is het hof van oordeel dat X geen beroep op artikel 288 lid 3 Fw toekomt. Het enkele feit dat hij zijn onderneming heeft gestaakt, thans in loondienst werkt en sinds
- Civiel recht overigHoger beroepSchuldsanering. Overdracht van bedrijf van vof aan daartoe opgerichte bv zonder enige vergoeding, betekent…
Gerechtshof Amsterdam|4 april 2008|ECLI:NL:GHAMS:2008:BC9297
worden bekrachtigd. Het hof ziet geen aanleiding toepassing te geven aan artikel 288 lid 3 Fw. 3. De beslissing Het hof: - bekrachtigt het vonnis waarvan beroep voorzover het betrekking heeft op appellant
- InsolventierechtHoger beroepOmzetting faillissement in schuldsanering. In tegenstelling tot de rechtbank heeft het hof betrokkene…
Gerechtshof Amsterdam|11 oktober 2016|ECLI:NL:GHAMS:2016:5830
heeft in hoger beroep verklaard dat hij zich afvraagt of de termijn genoemd in artikel 3 Fw wel een fatale termijn is. De rechtbank is daaraan voorbijgegaan. [X] heeft gesteld
- Civiel recht overigHoger beroepSchuldsanering. Afwijzing toelating. Appellant stelt wel te goeder trouw te zijn bij ontstaan schuld aan…
Gerechtshof Amsterdam|18 september 2009|ECLI:NL:GHAMS:2009:BL1960
schuld aan het UWV. Omstandigheden die aanleiding kunnen geven tot toepassing van artikel 288 lid 3 Fw zijn niet aangevoerd of gebleken, aldus de rechtbank. 2.2 In hoger beroep is het volgende
- InsolventierechtHoger beroepSchuldsanering. Omzetting faillissement met gelijktijdig uitspreken schuldsaneringsregeling. CJIB schuld…
Gerechtshof Amsterdam|13 februari 2009|ECLI:NL:GHAMS:2009:BJ7454
waarop het verzoekschrift is ingediend, te goeder trouw is geweest. In gevolge artikel 288 lid 3 Fw kan in afwijking van het eerst lid van artikel 288, onder b, en het tweede
- Personen- en familierechtHoger beroepGerechtshof Amsterdam · Hoger beroep · Personen- en familierecht
Gerechtshof Amsterdam|12 april 2022|ECLI:NL:GHAMS:2022:1098
bijstandsniveau is gelegen, tenzij de rechter-commissaris op de voet van artikel 295 lid 3 Fw anders heeft bepaald. Zodoende moet worden aangenomen dat een onderhoudsplichtige niet over draagkracht beschikt om onderhoudsbijdragen
- Civiel recht overigEerste aanleg - meervoudigGerechtshof Amsterdam · Eerste aanleg - meervoudig · Civiel recht overig
Gerechtshof Amsterdam|9 december 2010|ECLI:NL:GHAMS:2010:BO6662
naar moet worden aangenomen, het schorsingsbesluit een geldingsduur heeft van dertig dagen (artikel 87 lid 3 Fw) en van een verlenging van het bevel geen sprake is geweest, moet worden geconcludeerd
- InsolventierechtHoger beroepIn hoger beroep alsnog toelating. Gebleken is dat de meeste schulden in psychische instabiele periode zijn…
Gerechtshof Amsterdam|11 juli 2017|ECLI:NL:GHAMS:2017:5668
schuldsaneringsregeling kan worden toegelaten op de voet van de hardheidsclausule, neergelegd in artikel 288 lid 3 Fw. Op grond van de stukken en het verhandelde ter zitting in hoger beroep is genoegzaam
- InsolventierechtHoger beroepSchuldsanering afgewezen, want betrokkenen zijn te lang doorgegaan met de onderneming. De schulden zijn…
Gerechtshof Amsterdam|11 februari 2014|ECLI:NL:GHAMS:2014:1926
Mocht de goede trouw niet worden aangenomen, dan beroepen zij zich op artikel 288 lid 3 Fw. 2.4. Uit artikel 288, eerste lid, aanhef en onder b, Faillissementswet (Fw) vloeit voort
- Civiel recht overigHoger beroepartikel 288, eerste lid, aanhef en onder b, Faillissementswet (Fw), terugvordering kinderopvangtoeslag…
Gerechtshof Amsterdam|24 juni 2014|ECLI:NL:GHAMS:2014:2692
ziet geen aanleiding tot (ambtshalve) toepassing van artikel 288 lid 3 Fw. Gesteld noch gebleken is dat dat [verzoekster haar] situatie thans reeds van dien aard is dat nakoming
- InsolventierechtHoger beroepSchone lei ontnomen. Door de kinderopvangtoeslag blijvend te ontvangen terwijl betrokkene wist dat zij daar…
Gerechtshof Amsterdam|10 februari 2015|ECLI:NL:GHAMS:2015:556
grond zouden hebben opgeleverd voor beëindiging van de schuldsaneringsregeling op de voet van 350 lid 3 Fw, er aanleiding is te bepalen dat artikel 358 lid 1 Fw geen toepassing vindt
- Personen- en familierechtHoger beroepNihilstelling kinderalimentatie gedurende de periode dat de schuldsaneringsregeling op de man van toepassing…
Gerechtshof Amsterdam|11 november 2014|ECLI:NL:GHAMS:2014:6128
bijstandsniveau is gelegen, tenzij de rechter-commissaris op de voet van artikel 295 lid 3 Fw anders heeft bepaald. Derhalve moet worden aangenomen dat een onderhoudsplichtige, behoudens bijzondere omstandigheden, niet over draagkracht
- InsolventierechtHoger beroepGirale (loon)betalingen zijn na de faillietverklaring op de rekening van de schuldeisers bijgeschreven…
Gerechtshof Amsterdam|15 november 2007|ECLI:NL:GHAMS:2007:BC2944
gepubliceerd. Met deze publicaties heeft de curator voldaan aan de hem bij artikel 14 lid 3 Fw opgelegde publicatieverplichting. Reeds hierom kan de curator niet worden verweten de bank niet tijdig
- Civiel recht overigHoger beroepArt. 242 lid 1 sub 1, 3 en 4 Fw van toepassing. In hoger beroep alsnog intrekking voorlopige surseance van…
Gerechtshof Amsterdam|19 april 2017|ECLI:NL:GHAMS:2017:1326
niet heeft gevraagd. Hiermee is voldaan aan de intrekkingsgrond van artikel 242 lid 1 sub 3 Fw. 5.8. Citicorp betoogt met grief 4 dat PTIF in Brazilië actief stappen heeft ondernomen
- InsolventierechtHoger beroepVernietiging tussentijdse beëindiging. Beroep op hardheidsclausule slaagt. Sprake van stabiele situatie die…
Gerechtshof Amsterdam|16 februari 2016|ECLI:NL:GHAMS:2016:490
acht evenwel gronden aanwezig om de hardheidsclausule van artikel 288 lid 3 Fw toe te passen, ingevolge welke toelating tot de schuldsanering mogelijk is indien voldoende aannemelijk is dat de schuldenaar
- Personen- en familierechtHoger beroepGerechtshof Amsterdam · Hoger beroep · Personen- en familierecht
Gerechtshof Amsterdam|28 juni 2011|ECLI:NL:GHAMS:2011:BR1669
bijstandsniveau is gelegen, tenzij de rechter-commissaris op de voet van art. 295 lid 3 Fw anders heeft bepaald, moet worden aangenomen dat een saniet, behoudens bijzondere omstandigheden, niet over draagkracht beschikt
- Civiel recht overigHoger beroepWSNP. Verzoek tot tussentijdse beëindiging van schuldsaneringsregeling o.g.v. verzwijging van feiten en…
Gerechtshof Amsterdam|7 juli 2015|ECLI:NL:GHAMS:2015:2909
niet analogisch) een beroep te doen op de hardheidsclausule van artikel 288 lid 3 Fw, aangezien in haar geval sprake is van een stabiele situatie en/of een wending ten goede
- Personen- en familierechtHoger beroepAlimentatie voor een kind en schuldsanering; Draagkracht man die is toegelaten tot schuldsanering, art. 1:397…
Gerechtshof Amsterdam|29 september 2009|ECLI:NL:GHAMS:2009:BK7544
bijstandsniveau is gelegen, tenzij de rechter-commissaris op de voet van art. 295 lid 3 Fw anders heeft bepaald, moet worden aangenomen dat een saniet, behoudens bijzondere omstandigheden, niet over draagkracht beschikt
Zoektips
Een ECLI (ook kort, zoals HR:2020:2020), LJN of vindplaats (NJ 2019/123) opent direct de uitspraak. Gebruik aanhalingstekens voor een exacte woordgroep (“ontslag op staande voet”), OR voor alternatieven (huur OR pacht), een sterretje voor woorddelen (huur* vindt ook huurder) en een minteken om een woord uit te sluiten.