189 uitspraken gevonden
Sorteer op: Relevantie
- BelastingrechtHoger beroepGerechtshof Amsterdam · Hoger beroep · Belastingrecht
Gerechtshof Amsterdam|19 juni 2025|ECLI:NL:GHAMS:2025:1786
geschil (1) of de heffingsambtenaar in strijd met artikel 40, lid 2, Wet WOZ heeft gehandeld en (2) of het tijdstip van indiening van het verweerschrift in eerste aanleg in strijd
- BelastingrechtHoger beroepGerechtshof Amsterdam · Hoger beroep · Belastingrecht
Gerechtshof Amsterdam|1 april 2025|ECLI:NL:GHAMS:2025:1152
OrtaX ingevoerde transacties binnen de referentieperiode behoren tot de in artikel 40, lid 2, Wet WOZ bedoelde gegevens beantwoordt het Hof ontkennend. r.o. 5.4.5 Modelmatig, inzage en artikel
- BelastingrechtHoger beroepNiet-woning; De huurprijs voor de niet-woning bestaat uit een voorschot op de huurprijs (in het onderhavige…
Gerechtshof Amsterdam|28 maart 2024|ECLI:NL:GHAMS:2024:1142
hebbende stukken reeds ontvangen. Waarde niet-woning 5.3. Op grond van artikel 17, lid 2, Wet WOZ wordt de waarde bepaald op de waarde die aan een onroerende zaak dient te worden
- BelastingrechtHoger beroepGerechtshof Amsterdam · Hoger beroep · Belastingrecht
Gerechtshof Amsterdam|4 juni 2024|ECLI:NL:GHAMS:2024:2007
OrtaX ingevoerde transacties binnen de referentieperiode behoren tot de in artikel 40, lid 2, Wet WOZ bedoelde gegevens beantwoordt het Hof ontkennend. 5.4.5 3. De vraag of de transactiegegevens van alle referenties
- BelastingrechtHoger beroepWOZ. Woning. Waarde woning niet aannemelijk gemaakt. Beroep gegrond.
Gerechtshof Amsterdam|11 maart 2025|ECLI:NL:GHAMS:2025:723
zijn standpunt dat sprake is van een schending van artikel 40, lid 2 Wet WOZ heeft belanghebbende ter zitting van het Hof ingetrokken). Het Hof begrijpt dat belanghebbende daarbij doelt op iWOZ
- BelastingrechtHoger beroepWOZ 2020 hotel. Waarde niet te hoog vastgesteld. Onderbouwing op grond van HWK, Taxatiewijzer, bottom-up en…
Gerechtshof Amsterdam|6 februari 2024|ECLI:NL:GHAMS:2024:640
gecorrigeerd voor (aanvangs)leegstandsrisico, in verband met de waarderingsficties van artikel 17, lid 2, Wet WOZ. Het Hof acht aannemelijk, mede gelet op de aldus aangehouden marge, dat het (aanvangs)leegstandsrisico voldoende
- BelastingrechtHoger beroepWOZ; woning; schending hoorplicht; dwangsom; erfpachtcorrectie; strijd met diverse beginselen van behoorlijk…
Gerechtshof Amsterdam|24 november 2021|ECLI:NL:GHAMS:2021:4119
WOZ; woning; schending hoorplicht; dwangsom; erfpachtcorrectie; strijd met diverse beginselen van behoorlijk
- BelastingrechtHoger beroepWOZ. Het Hof volgt de rechtbank in haar oordeel over de objectafbakening en de waardering (in goede justitie).
Gerechtshof Amsterdam|21 april 2016|ECLI:NL:GHAMS:2016:2768
hier een waardeverhogende omstandigheid betreft. Belanghebbendes stelling, dat de in artikel 17, lid 2, Wet WOZ opgenomen ficties, in het bijzonder de verkrijgingsfictie, zou meebrengen dat met deze bestemming geen rekening
- BelastingrechtHoger beroepWOZ. Uniek object. Partijen zijn het er over eens geworden dat de aan de grond toegekende waarde niet te hoog…
Gerechtshof Amsterdam|18 juni 2024|ECLI:NL:GHAMS:2024:1776
OrtaX ingevoerde transacties binnen de referentieperiode behoren tot de in artikel 40, lid 2, Wet WOZ bedoelde gegevens beantwoordt het Hof ontkennend. 5.4.5 3. De vraag of de transactiegegevens van alle referenties
- BelastingrechtHoger beroepGerechtshof Amsterdam · Hoger beroep · Belastingrecht
Gerechtshof Amsterdam|4 juni 2024|ECLI:NL:GHAMS:2024:2009
OrtaX ingevoerde transacties binnen de referentieperiode behoren tot de in artikel 40, lid 2, Wet WOZ bedoelde gegevens beantwoordt het Hof ontkennend. 5.4.5 3. De vraag of de transactiegegevens van alle referenties
- BelastingrechtHoger beroepWOZ. Vier objecten. Bevestiging rechtbank. Vergelijkingsmethode en transacties tussen familieleden.
Gerechtshof Amsterdam|10 maart 2026|ECLI:NL:GHAMS:2026:2436
grondslag hebben gelegen aan de door hem vastgestelde waarde (artikel 40, lid 2, Wet WOZ). Belanghebbende vraagt in zijn stukken (waaronder het hogerberoepschrift) welke referentieobjecten de heffingsambtenaar heeft gebruikt. Uit de stukken
- BelastingrechtHoger beroepReikwijdte art. 7:4 Awb en art. 40 Wet WOZ juncto art. 6:17 Awb.
Gerechtshof Amsterdam|14 juli 2022|ECLI:NL:GHAMS:2022:2287
deze uitspraak gebezigde onjuiste rechtsopvattingen betreffende de geldigheid van artikel 40, lid 2, Wet WOZ en de toepasselijkheid van de Wet openbaarheid van bestuur. 5.2. De heffingsambtenaar stelt zich op het standpunt
- BelastingrechtHoger beroepGerechtshof Amsterdam · Hoger beroep · Belastingrecht
Gerechtshof Amsterdam|1 april 2025|ECLI:NL:GHAMS:2025:1162
OrtaX ingevoerde transacties binnen de referentieperiode behoren tot de in artikel 40, lid 2, Wet WOZ bedoelde gegevens beantwoordt het Hof ontkennend. r.o. 5.4.5 Modelmatig, inzage en artikel
- BelastingrechtHoger beroepGerechtshof Amsterdam · Hoger beroep · Belastingrecht
Gerechtshof Amsterdam|14 mei 2024|ECLI:NL:GHAMS:2024:1938
OrtaX ingevoerde transacties binnen de referentieperiode behoren tot de in artikel 40, lid 2, Wet WOZ bedoelde gegevens beantwoordt het Hof ontkennend. 5.4.5 3. De vraag of de transactiegegevens van alle referenties
- BelastingrechtHoger beroepGerechtshof Amsterdam · Hoger beroep · Belastingrecht
Gerechtshof Amsterdam|28 oktober 2025|ECLI:NL:GHAMS:2025:2958
vastgesteld. De stelling van belanghebbende dat de heffingsambtenaar de verplichtingen ingevolge artikel 40, lid 2, Wet WOZ niet is nagekomen, omdat “achterliggende vergelijkingen met ander “vergelijkbaar” vastgoed (…) [geheel] ontbreken” wordt verworpen, reeds
- BelastingrechtHoger beroepGerechtshof Amsterdam · Hoger beroep · Belastingrecht
Gerechtshof Amsterdam|19 juni 2025|ECLI:NL:GHAMS:2025:1785
vastgesteld. Tevens is in geschil of de heffingsambtenaar in strijd met artikel 40, lid 2, Wet WOZ heeft gehandeld. 4 Het oordeel van de rechtbank De rechtbank heeft met betrekking
- BelastingrechtHoger beroepWOZ-waarde woning. De taxatie van de heffingsambtenaar kan als uitgangspunt worden genomen, maar op de daarin…
Gerechtshof Amsterdam|23 april 2015|ECLI:NL:GHAMS:2015:2350
stelt het Hof de waarde van de woning als bedoeld in artikel 17, lid 2, Wet WOZ, met weging van al hetgeen partijen over en weer hebben aangevoerd, schattenderwijs vast
- BelastingrechtHoger beroepWOZ-waarden woningen en niet-woningen niet te hoog vastgesteld.
Gerechtshof Amsterdam|16 april 2024|ECLI:NL:GHAMS:2024:1396
dient rekening te worden gehouden (in verband met de waarderingsficties van artikel 17, lid 2, Wet WOZ) bij de herleiding van de toe te passen kapitalisatiefactor uit de verkooptransacties van de vergelijkingsobjecten
- BelastingrechtHoger beroepArt. 17 WOZ. Wet waardering onroerende zaken; waardering woning; verschillen met vergelijkingsobjecten; eigen…
Gerechtshof Amsterdam|13 januari 2022|ECLI:NL:GHAMS:2022:106
verkoopcijfer komt daarmee overeen met de waarde die is bedoeld in artikel 17, lid 2, Wet WOZ, aldus belanghebbende. De Heffingsambtenaar stelt zich op het standpunt dat het op 15 april
- BelastingrechtHoger beroepWOZ-waarde hotel. Huurwaardekapitalisatiemethode. Gelet op de werkelijk betaalde huur is de heffingsambtenaar…
Gerechtshof Amsterdam|25 juli 2023|ECLI:NL:GHAMS:2023:1952
Voor de reikwijdte van art. 7:4 lid 4, Awb en art. 40, lid 2 Wet WOZ juncto art. 6:17 Awb, verwijst het Hof naar zijn uitspraak van 22 februari
Zoektips
Een ECLI (ook kort, zoals HR:2020:2020), LJN of vindplaats (NJ 2019/123) opent direct de uitspraak. Gebruik aanhalingstekens voor een exacte woordgroep (“ontslag op staande voet”), OR voor alternatieven (huur OR pacht), een sterretje voor woorddelen (huur* vindt ook huurder) en een minteken om een woord uit te sluiten.