37 uitspraken gevonden
Sorteer op: Relevantie
- Civiel recht overigHoger beroepBestuurdersaansprakelijkheid bij faillissement (artikel 2:248 BW) en op grond van onrechtmatige daad (artikel…
Gerechtshof Amsterdam|14 april 2026|ECLI:NL:GHAMS:2026:1031
Bestuurdersaansprakelijkheid bij faillissement (artikel 2:248 BW) en op grond van onrechtmatige daad (artikel 6:162 BW). Doorstart van modeketens uit eerder faillissement, waarbij activa van passiva gescheiden worden gehouden. Opvolgend faillissement … BW en ten aanzien van [appellant 1] in ieder geval het bepaalde in artikel 2:248 BW (zie ook hierna onder 6.21). Doorstart en structuur; bijzondere zorgplicht 6.4. [appellanten] , althans MFG, hebben
- Civiel recht overigHoger beroepHoger beroep tegen afwijzing faillietverklaring van ontbonden vennootschap. Anders dan rechtbank heeft…
Gerechtshof Amsterdam|28 juli 2026|ECLI:NL:GHAMS:2026:2168
sluiten dat een curator een mogelijke (kansrijke) vordering op grond van artikel 2:248 BW jegens de bestuurder zal kunnen instellen aangezien de vennootschap sinds haar oprichting in 2018 in het geheel … uitgelegd gezien de geldende jurisprudentie. Een potentiële vordering op grond van artikel 2:248 BW vormt een bate en aan de stelplicht van Carelease worden in dit verband geen hoge eisen gesteld
- Civiel recht overigHoger beroepProcedure na verwijzing door de HR. Bestuurdersaansprakelijkheid ogv 2:248 BW. Geen grond voor matiging
Gerechtshof Amsterdam|17 december 2024|ECLI:NL:GHAMS:2024:3465
Procedure na verwijzing door de HR. Bestuurdersaansprakelijkheid ogv 2:248 BW. Geen grond voor matiging GERECHTSHOF AMSTERDAM afdeling civiel recht en belastingrecht, team I zaaknummer : 200.329.762/01 Zaak-/rolnummer hof Den Haag … vennootschappen, in een situatie waarin vast staat dat zij op de voet van artikel 2:248 BW persoonlijk aansprakelijk zijn voor het faillissementstekort omdat hen persoonlijk een ernstig verwijt kan worden gemaakt
- Civiel recht overigHoger beroep kort gedingAppellanten zijn op grond van 2:248 BW aansprakelijk voor schulden failliete vennootschap. Curator doet per…
Gerechtshof Amsterdam|23 februari 2010|ECLI:NL:GHAMS:2010:BL9869
Appellanten zijn op grond van 2:248 BW aansprakelijk voor schulden failliete vennootschap. Curator doet per brief onjuiste - te lage - opgave van het boedeltekort en bevestigt de inhoud van de brief daarna … hoedanigheid heeft de curator hen op grond van art. 2:248 BW aansprakelijk gesteld voor de schulden van S&D. Hij heeft [appellanten] betrokken in een procedure, waarin inmiddels, met gezag
- Civiel recht overigHoger beroepBestuurdersaansprakelijkheid (art. 2:248 BW). Het hof kan niet zonder meer vaststellen of ontbreken…
Gerechtshof Amsterdam|19 december 2023|ECLI:NL:GHAMS:2023:3454
Bestuurdersaansprakelijkheid (art. 2:248 BW). Het hof kan niet zonder meer vaststellen of ontbreken voorraadadministratie schending van wettelijke administratieplicht oplevert. Niet aannemelijk is dat kennelijk onbehoorlijk bestuur oorzaak is geweest van faillissement … rechtbank (i) primair: voor recht verklaart dat [appellant] op grond van artikel 2:248 BW, althans artikel 2:9 BW, aansprakelijk is voor het faillissementstekort inzake [X] en [appellant] veroordeelt tot betaling
- Civiel recht overigHoger beroepBestuurders aansprakelijk op grond van art. 2:248 BW? Is het wettelijk vermoeden ontzenuwd?
Gerechtshof Amsterdam|9 augustus 2022|ECLI:NL:GHAMS:2022:2641
Bestuurders aansprakelijk op grond van art. 2:248 BW? Is het wettelijk vermoeden ontzenuwd? GERECHTSHOF AMSTERDAM afdeling civiel recht en belastingrecht, team I zaaknummer : 200.268.311/01 zaaknummer rechtbank Midden-Nederland : NL17.11433 arrest … gelegde motivering komt de curator met acht grieven op. Aansprakelijkheid op grond van art. 2:248 BW 4.3. De grieven 1 tot en met 6 komen op tegen het oordeel
- Civiel recht overigHoger beroepOnbehoorlijk bestuur en aansprakelijkheid, op grond van het tweede lid van art. 2: 248 BW, voor deficit na…
Gerechtshof Amsterdam|26 april 2011|ECLI:NL:GHAMS:2011:BQ3964
Onbehoorlijk bestuur en aansprakelijkheid, op grond van het tweede lid van art. 2: 248 BW, voor deficit na faillissement van de vennootschap . Vóór definitieve verificatie van de vorderingen op de vennootschap … failliete Golden Arches voor – kort gezegd – het boedeldeficit, als voorzien in art. 2:248 BW. De tegen [appellant] gerichte vordering is met name gegrond op het tweede lid van art. 2:248
- Civiel recht overigHoger beroepBestuurdersaansprakelijkheid op grond van art. 2:248 BW. Is het wettelijk vermoeden ontzenuwd?…
Gerechtshof Amsterdam|9 augustus 2022|ECLI:NL:GHAMS:2022:2310
Bestuurdersaansprakelijkheid op grond van art. 2:248 BW. Is het wettelijk vermoeden ontzenuwd? Faillissementspauliana. Verkoop actief met verrekening van de vordering tot betaling van de koopprijs. GERECHTSHOF AMSTERDAM afdeling civiel recht … gelegde motivering komt de curator met dertien grieven op. Aansprakelijkheid op grond van art. 2:248 BW 4.3. De grieven 1 tot en met 6 komen op tegen het oordeel
- Civiel recht overigHoger beroepBestuurdersaansprakelijkheid bij faillissement (artikel 2:248 BW) en op grond van onrechtmatige daad (artikel…
Gerechtshof Amsterdam|26 mei 2026|ECLI:NL:GHAMS:2026:1937
Bestuurdersaansprakelijkheid bij faillissement (artikel 2:248 BW) en op grond van onrechtmatige daad (artikel 6:162 BW). Doorstart van modeketens uit eerder faillissement, waarbij activa van passiva gescheiden worden gehouden. Opvolgend faillissement
- Civiel recht overigHoger beroepBestuurdersaansprakelijkheid en Actio Pauliana. Matiging aansprakelijkheid ex art. 2:248 BW.
Gerechtshof Amsterdam|27 mei 2025|ECLI:NL:GHAMS:2025:1371
Bestuurdersaansprakelijkheid en Actio Pauliana. Matiging aansprakelijkheid ex art. 2:248 BW. GERECHTSHOF AMSTERDAM afdeling civiel recht en belastingrecht, team I zaaknummer : 200.328.283/01 zaak- en rolnummer rechtbank Amsterdam : C/13/697694/HA
- Civiel recht overigHoger beroepBestuurdersaansprakelijkheid op grond van art. 2:248 BW. Is het wettelijk vermoeden ontzenuwd?…
Gerechtshof Amsterdam|9 augustus 2022|ECLI:NL:GHAMS:2022:2642
Bestuurdersaansprakelijkheid op grond van art. 2:248 BW. Is het wettelijk vermoeden ontzenuwd? Faillissementspauliana. Verkoop actief met verrekening van de vordering tot betaling van de koopprijs. GERECHTSHOF AMSTERDAM afdeling civiel recht … gelegde motivering komt de curator met dertien grieven op. Aansprakelijkheid op grond van art. 2:248 BW 4.3. De grieven 1 tot en met 6 komen op tegen het oordeel
- BelastingrechtHoger beroepVerjaring van het recht op dwanginvordering van belastingschulden.
Gerechtshof Amsterdam|28 november 2023|ECLI:NL:GHAMS:2023:2936
curator ervan afgezien hem te dagvaarden wegens kennelijk onbehoorlijk bestuur als bedoeld in artikel 2:248 BW. In het faillissementsverslag van 29 januari 2016 is daarover het volgende vermeld: “Naar aanleiding … Leidraad onderkent dat in bepaalde gevallen zowel de regeling van artikel 2:248 BW als die van artikel 36 van de Wet van toepassing kan zijn. Dit voorschrift bepaalt
- Civiel recht overigHoger beroepTussenarrest. Wet schuldsanering natuurlijke personen. Verlenging van de termijn van de schuldsanering tot…
Gerechtshof Amsterdam|20 november 2025|ECLI:NL:GHAMS:2025:3135
curator in dit faillissement is een procedure jegens [appellant] begonnen op grond van artikel 2:248 BW. In artikel 2:248 BW is bepaald dat indien het bestuur zijn taak kennelijk onbehoorlijk … heeft [appellant] nog andere schuldeisers. 2.10. Van onbehoorlijk bestuur in de zin van artikel 2:248 BW kan slechts worden gesproken als geen redelijk denkend bestuurder – onder dezelfde omstandigheden – aldus gehandeld
- Civiel recht overigHoger beroepFaillissement vennootschap. Bestuurdersaansprakelijkheid voor boedeltekort op grond van schending…
Gerechtshof Amsterdam|2 juni 2020|ECLI:NL:GHAMS:2020:1430
indirect) bestuurders van Kozijn Techniek kennelijk onbehoorlijk hebben vervuld in de zin van artikel 2:248 BW en dat deze kennelijk onbehoorlijke taakvervulling een belangrijke oorzaak van het faillissement van Kozijn Techniek … appellanten] zich schuldig hebben gemaakt aan kennelijk onbehoorlijke taakvervulling in de zin van artikel 2:248 BW bepalend is het tijdstip van faillietverklaring en de schending van de norm van artikel 2
- Civiel recht overigHoger beroepBestuurdersaansprakelijkheid. Onbehoorlijke taakvervulling vanwege te late deponering jaarrekening (art…
Gerechtshof Amsterdam|7 mei 2013|ECLI:NL:GHAMS:2013:1474
ziet op de door de curator gestelde aansprakelijkheid van[geïntimeerde]uit hoofde van artikel 2:248 BW. Op grond van deze bepaling is iedere bestuurder in geval van faillissement van de vennootschap … doet hij een beroep op matiging in de zin van lid 4 van artikel 2:248 BW. 3.4 Anders dan de curator stelt, is voor de weerlegging van het vermoeden van artikel
- Civiel recht overigHoger beroepBestuurdersaansprakelijkheid. (Mede) beleid bepalen in de zin van art. 2:248 lid 7 BW. Publicatieplicht…
Gerechtshof Amsterdam|22 mei 2012|ECLI:NL:GHAMS:2012:BX1934
bestuurder van de drie Verify-vennootschappen onbehoorlijk hebben vervuld in de zin van art. 2:248 BW althans in de zin van art. 2:9 BW, althans aansprakelijk zijn jegens de crediteuren … vast. (De vraag of díe publicatie tijdig was, valt buiten het kader van art. 2:248 BW.) De herziening van de jaarrekening heeft niet tot gevolg dat de eerdere publicatie
- Civiel recht overigHoger beroepPeeters/Gatzen-vordering; aansprakelijkheid extern insolventie-adviseur; gezamenlijkheid van schuldeisers;
Gerechtshof Amsterdam|17 mei 2016|ECLI:NL:GHAMS:2016:1901Aangehaald in 6 uitspraken
maart 2005. 3.3 De rechtbank heeft de in eerste aanleg mede op artikel 2:248 BW gebaseerde vorderingen van de curator afgewezen (onder meer) omdat de curator onvoldoende feitelijk had onderbouwd … gehandeld (rov. 4.3). 3.4 De curator heeft in hoger beroep de op artikel 2:248 BW gebaseerde vorderingen laten vallen en pretendeert alleen nog vorderingen tot schadevergoeding wegens onrechtmatige daad ten behoeve
- Civiel recht overigHoger beroepBestuurdersaansprakelijkheid in faillissement. Boekhoudplicht (HR 11 juni 1993, ECLI:NL:HR:1993:ZC0994)…
Gerechtshof Amsterdam|8 juni 2021|ECLI:NL:GHAMS:2021:1741
memorie van antwoord, biedt aanknopingspunten voor de lezing dat deze niet (uitsluitend) op art. 2:248 BW, maar (mede) op art. 2:9 BW is gebaseerd. Het hof begrijpt het vonnis … vordering van de curator heeft toegewezen op basis van art. 2:248 BW. Voor zover deze lezing onjuist is, en het vonnis zo moet worden gelezen dat de vordering op grond
- Civiel recht overigHoger beroepTermijn instellen derdenverzet. Benadeling. Bestuurder van besloten vennootschap geen “wettelijk”…
Gerechtshof Amsterdam|27 mei 2014|ECLI:NL:GHAMS:2014:2014
geïntimeerde sub 1] als (indirecte) bestuurders van BPD aansprakelijk zijn voor het boedeltekort (artikel 2:248 BW). Luta is, zoals vermeld, failliet gegaan. Bij vonnis van de rechtbank Arnhem van 20 juni … heeft [appellant] bij dagvaarding van 12 februari 2010 een vordering op grond van artikel 2:248 BW ingesteld bij de rechtbank Breda, strekkend onder meer tot een verklaring voor recht
- Civiel recht overigHoger beroepAppel van ECLI:NL:RBNHO:2015:2480. Aansprakelijkheid van feitelijke beleidsbepaler. Situatie waarin de…
Gerechtshof Amsterdam|27 juni 2017|ECLI:NL:GHAMS:2017:2551
herhaalt dat uiteindelijk [X] als de bestuurder de beslissingen nam. 3.6 Volgens art. 2:248 BW is iedere bestuurder jegens de boedel hoofdelijk aansprakelijk voor het tekort indien het bestuur zijn taak … belangrijke oorzaak is van het faillissement. Lid 7 van art. 2:248 BW bepaalt dat met een bestuurder gelijk gesteld wordt degene die het beleid van de vennootschap heeft bepaald of mede
Zoektips
Een ECLI (ook kort, zoals HR:2020:2020), LJN of vindplaats (NJ 2019/123) opent direct de uitspraak. Gebruik aanhalingstekens voor een exacte woordgroep (“ontslag op staande voet”), OR voor alternatieven (huur OR pacht), een sterretje voor woorddelen (huur* vindt ook huurder) en een minteken om een woord uit te sluiten.