6 uitspraken gevonden
Sorteer op: Relevantie
- Civiel recht overigHoger beroepKoopovereenkomst onroerende zaak. Later aan de zijde van verkoper vastgestelde dementie. Beroep op de…
Gerechtshof Amsterdam|16 mei 2017|ECLI:NL:GHAMS:2017:1869
zijde van verkoper vastgestelde dementie. Beroep op de artikelen 3:34 BW en 3:35 BW. GERECHTSHOF AMSTERDAM afdeling civiel recht en belastingrecht, team I zaaknummer : 200.179.875/01 zaak/rolnummer rechtbank Amsterdam : C/13/566126
- Civiel recht overigHoger beroepVervolg van tussenarrest 15 september 2015. Effectenlease. Grieven gebaseerd op onjuiste veronderstelling dat…
Gerechtshof Amsterdam|18 juli 2017|ECLI:NL:GHAMS:2017:2942
3:61 lid 2 BW). Dat oordeel berustte op art. 3:35 BW. Bekrachtiging vonnis waarvan beroep. arrest ___________________________________________________________________ _ _ GERECHTSHOF AMSTERDAM afdeling civiel recht en belastingrecht, team I zaaknummer : 200.160.341/01 zaak-/rolnummer … maar [appellante] haar contractpartner is. Dexia heeft daarbij een beroep gedaan op art. 3:35 BW: zij is van mening dat zij er gerechtvaardigd op mocht vertrouwen dat [X] haar contractspartij
- Civiel recht overigHoger beroepDe vraag of de brief als een opzegging dient te worden beschouwd moet worden uitgelegd overeenkomstig het…
Gerechtshof Amsterdam|19 september 2017|ECLI:NL:GHAMS:2017:3808
worden beschouwd moet worden uitgelegd overeenkomstig het bepaalde in de artikelen 3:33 en 3:35 BW. Gelet op de bewoordingen van de brief kon en mocht werknemer deze redelijkerwijs opvatten … geval. Daarmee heeft de kantonrechter, aldus nog steeds KSB, de bescherming van artikel 3:35 BW te veel opgerekt en ten onrechte betekenis toegekend aan de bescherming van de werknemer tegen
- Civiel recht overigHoger beroep kort gedingKort geding. Overdracht kredietrelatie aan Promontoria die vervolgens opzegt. Opzegging voorshands niet…
Gerechtshof Amsterdam|19 september 2017|ECLI:NL:GHAMS:2017:3803
voldoende aannemelijk dat Van Lanschot ervan is uitgegaan en ervan heeft mogen uitgaan (art. 3:35 BW) dat zij met [appellant] een zakelijke relatie had in die zin, dat [appellant] een zakelijke
- Civiel recht overigHoger beroepAgentuurovereenkomst. Geschil ontstaan over de duur en de periode van terbeschikkingstelling van een…
Gerechtshof Amsterdam|25 juli 2017|ECLI:NL:GHAMS:2017:3056
hand van de wilsvertrouwensleer, zoals neergelegd in de artikelen 3:33 en 3:35 BW, waarbij het aankomt op de zin die de ontvanger van de brief redelijkerwijs aan de brief mocht
- OndernemingsrechtEerste aanleg - meervoudigOK; jaarrekening; bepaling comparitie van partijen; BW art. 2:447 lid 1
Gerechtshof Amsterdam|27 februari 2017|ECLI:NL:GHAMS:2017:794
BW) . [ [C] ] kan geen beroep doen op gerechtvaardigd vertrouwen in de zin van artikel 3:35 BW (…) ”. Uit de verklaringen van [A] en [C] blijkt immers, aldus de rechtbank
Zoektips
Een ECLI (ook kort, zoals HR:2020:2020), LJN of vindplaats (NJ 2019/123) opent direct de uitspraak. Gebruik aanhalingstekens voor een exacte woordgroep (“ontslag op staande voet”), OR voor alternatieven (huur OR pacht), een sterretje voor woorddelen (huur* vindt ook huurder) en een minteken om een woord uit te sluiten.