10 uitspraken gevonden
Sorteer op: Relevantie
- StrafprocesrechtHoger beroepVrijspraak verduistering identiteitskaart. Geen sprake van wederrechtelijke toe-eigening als bedoeld in art…
Gerechtshof Den Haag|10 april 2019|ECLI:NL:GHDHA:2019:855
Vrijspraak verduistering identiteitskaart. Geen sprake van wederrechtelijke toe-eigening als bedoeld in art. 321 Sr. Daarbij is van belang dat de verdachte de identiteitskaart slechts relatief korte tijd in haar bezit heeft
- Strafrecht overigHoger beroepArt. 321 Sr. De verdachte heeft zich schuldig gemaakt aan verduistering. Hij heeft gedurende anderhalf jaar…
Gerechtshof Den Haag|19 april 2019|ECLI:NL:GHDHA:2019:863
321 Sr. De verdachte heeft zich schuldig gemaakt aan verduistering. Hij heeft gedurende anderhalf jaar lang door middel van een bankpas - waarover hij uit hoofde van zijn functie als voorzitter en fungerend
- Strafrecht overigHoger beroepVerduistering van subsidiegelden verstrekt door het instituut voor multiculturele vraagstukken. Verwerping…
Gerechtshof Den Haag|22 april 2021|ECLI:NL:GHDHA:2021:1100
consultatierecht. Veroordeling wegens verduistering subsidiegelden door deze gelden voor privédoeleinden te gebruiken (art. 321 Sr). Strafvermindering i.v.m. overschrijding redelijke termijn. Rolnummer: 22-000731-18 Parketnummer: 10-996565-14 Datum uitspraak: 22 april
- Strafrecht overigHoger beroepOplichting art. 326 Sr. Is sprake van een specifieke, voldoende ernstige vorm van bedrieglijk handelen…
Gerechtshof Den Haag|7 februari 2023|ECLI:NL:GHDHA:2023:320
niet worden bewezenverklaard dat sprake is geweest van wederrechtelijke toe-eigening, als bedoeld in artikel 321 Sr. Ten aanzien van het onder 9 tenlastegelegde heeft de raadsman aangegeven dat de verdachte erkent
- Strafrecht overigHoger beroepHet hof verklaart niet bewezen dat de verdachte het onder 1 primair, 1 subsidiair, 2 primair en 2 subsidiair…
Gerechtshof Den Haag|16 juni 2015|ECLI:NL:GHDHA:2015:1591
betalen”. Voorgaande feitencomplexen zijn primair tenlastegelegd als verduistering van benzine en mitsdien toegesneden op art. 321 Sr. Daarom moet de in de tenlastelegging voorkomende uitdrukking "wederrechtelijk zich heeft toegeëigend" geacht worden aldaar
- Strafrecht overigHoger beroepWitwassen art. 420bis Sr. Schilderijen niet verkregen uit gronddelict oplichting of verzekeringsfraude en…
Gerechtshof Den Haag|8 juli 2021|ECLI:NL:GHDHA:2021:2919
geval verduistering, zijn vervuld (vgl. HR 3 november 1959, NJ 1960/44). Ingevolge artikel 321 Sr dient daarvoor sprake te zijn van wederrechtelijke toeeigening, waarop het opzet van de verdachte gericht was. Daargelaten
- Strafrecht overigHoger beroepWitwassen art. 420bis Sr. Schilderijen niet verkregen uit gronddelict oplichting of verzekeringsfraude en…
Gerechtshof Den Haag|8 juli 2021|ECLI:NL:GHDHA:2021:2917
geval verduistering, zijn vervuld (vgl. HR 3 november 1959, NJ 1960/44). Ingevolge artikel 321 Sr dient daarvoor sprake te zijn van wederrechtelijke toe-eigening, waarop het opzet van de verdachte gericht
- Strafrecht overigHoger beroepWitwassen art. 420bis Sr. Schilderijen niet verkregen uit gronddelict oplichting of verzekeringsfraude en…
Gerechtshof Den Haag|8 juli 2021|ECLI:NL:GHDHA:2021:2918
geval verduistering, zijn vervuld (vgl. HR 3 november 1959, NJ 1960/44). Ingevolge artikel 321 Sr dient daarvoor sprake te zijn van wederrechtelijke toeeigening, waarop het opzet van de verdachte gericht was. Daargelaten
- Strafrecht overigHoger beroepDe verdachte heeft zich op de bewezenverklaarde wijze schuldig gemaakt aan bedrieglijke bankbreuk alsmede aan…
Gerechtshof Den Haag|21 oktober 2015|ECLI:NL:GHDHA:2015:3268
heeft getrokken uit de opbrengst van het door [medeverdachte] gepleegde misdrijf zoals omschreven in artikel 321 Sr en/of artikel 343 Sr, in elk geval door misdrijf verkregen, immers heeft hij, verdachte, geld
- Strafrecht overigHoger beroepVeroordeling wegens moord op moeder en het vervolgens wegmaken van haar lijk. Openbaar ministerie…
Gerechtshof Den Haag|20 december 2021|ECLI:NL:GHDHA:2021:2543
hetgeen strafbaar is gesteld in artikel 321 van het Wetboek van Strafrecht (hierna: Sr). Artikel 321 Sr betreft een relatief klachtdelict. Dit volgt uit het bepaalde in artikel 324 Sr in verbinding
Zoektips
Een ECLI (ook kort, zoals HR:2020:2020), LJN of vindplaats (NJ 2019/123) opent direct de uitspraak. Gebruik aanhalingstekens voor een exacte woordgroep (“ontslag op staande voet”), OR voor alternatieven (huur OR pacht), een sterretje voor woorddelen (huur* vindt ook huurder) en een minteken om een woord uit te sluiten.