2 uitspraken gevonden
Sorteer op: Relevantie
- VerbintenissenrechtHoger beroephuur bedrijfsruimte, geen schtriftelijkheidsvereiste, identiteit contractspartij, onmiddellijke…
Gerechtshof Den Haag|18 februari 2025|ECLI:NL:GHDHA:2025:153
huur bedrijfsruimte, geen schtriftelijkheidsvereiste, identiteit contractspartij, onmiddellijke vertegenwoordiging, geen gerechtvaardigd vertrouwen, art. 7:201 BW, geen misbruik van procesrecht door appellant GERECHTSHOF DEN HAAG Civiel recht Team Handel Zaaknummer … gebruik te verstrekken en de andere partij (huurder) zich tot een tegenprestatie verbindt (art. 7:201 BW). Voor het aannemen van een huurovereenkomst geldt niet het vereiste dat de afspraken schriftelijk zijn
- VerbintenissenrechtHoger beroepGemeente huurt perceel grond en legt daarop een rotonde aan. Na twaalf jaar zegt gemeente de huur op zonder…
Gerechtshof Den Haag|25 maart 2025|ECLI:NL:GHDHA:2025:411
huurbepalingen ter zake zijn van regelend recht. Uitgangspunt is de wettelijke regeling in artikel 7:201 BW. De verhuurder moet een zaak in gebruik geven aan de huurder. Daartegenover staat de verplichting
Zoektips
Een ECLI (ook kort, zoals HR:2020:2020), LJN of vindplaats (NJ 2019/123) opent direct de uitspraak. Gebruik aanhalingstekens voor een exacte woordgroep (“ontslag op staande voet”), OR voor alternatieven (huur OR pacht), een sterretje voor woorddelen (huur* vindt ook huurder) en een minteken om een woord uit te sluiten.