4 uitspraken gevonden
Sorteer op: Relevantie
- Civiel recht overigHoger beroep kort gedingIn haar memorie van antwoord in het principaal appel, tevens memorie van grieven in het incidenteel appel…
Gerechtshof Leeuwarden|26 juli 2006|ECLI:NL:GHLEE:2006:AY5373
stuk is genomen op 13 juli 2005 - derhalve ná de verklaring van [appellant] ex art. 260 Rv - heeft [geïntimeerde] het hof verzocht om hetgeen haar in eerste aanleg reeds was toegewezen … haar toe te wijzen, nu zij daarbij belang heeft waar immers de termijn ex art. 260 Rv is verstreken en dientengevolge [appellant] met een beroep op die termijn aan het vonnis
- Civiel recht overigHoger beroep kort gedingHet hof overweegt het volgende. Uit de door Op BV in het geding gebrachte stukken blijkt dat zij haar merk OP…
Gerechtshof Leeuwarden|27 oktober 2004|ECLI:NL:GHLEE:2004:AR4709
hoger beroep heeft volhard bij haar vordering, gebaseerd op art. 260 Rv, en [geïntimeerde] daartegen geen gemotiveerd verweer heeft gevoerd, zal het hof dit onderdeel van de vordering toewijzen zoals … termijn voor het instellen van de eis in de hoofdzaak, zoals bedoeld in art. 260 Rv, op zes maanden na betekening van dit arrest aan [de V.O.F
- Civiel recht overigHoger beroep kort gedingGerechtshof Leeuwarden · Hoger beroep kort geding · Civiel recht overig
Gerechtshof Leeuwarden|7 augustus 2002|ECLI:NL:GHLEE:2002:AE6634
aldus dat elk van partijen de eigen kosten draagt; stelt op de voet van artikel 260 Rv de termijn waarbinnen geïntimeerden een bodemprocedure zullen moeten aanhangig maken, vast op één jaar
- Civiel recht overigHoger beroep kort gedingLucy Locket is een Engelse firma die zich bezig houdt met het ontwerpen, importeren, exporteren, distribueren…
Gerechtshof Leeuwarden|4 april 2007|ECLI:NL:GHLEE:2007:BA3477
voorzieningenrechter in r.o. 13 van het vonnis de termijn als bedoeld in art. 260 Rv gesteld heeft op zes maanden na het in kracht van gewijsde gaan van het vonnis, heeft [appellant
Zoektips
Een ECLI (ook kort, zoals HR:2020:2020), LJN of vindplaats (NJ 2019/123) opent direct de uitspraak. Gebruik aanhalingstekens voor een exacte woordgroep (“ontslag op staande voet”), OR voor alternatieven (huur OR pacht), een sterretje voor woorddelen (huur* vindt ook huurder) en een minteken om een woord uit te sluiten.