3 uitspraken gevonden
Sorteer op: Relevantie
- Civiel recht overigHoger beroepArbeidsrecht. Afwijzing vergoeding overuren en de daaraan gekoppelde vakantieuren.
Gerechtshof 's-Gravenhage|29 juni 2007|ECLI:NL:GHSGR:2007:BB0508
recht heeft op 76,4 vakantiedagen.” [Appellant] betoogt, dat op grond van artikel 7:634 BW een werknemer aanspraak op vakantie verwerft voor ten minste vier maal de overeengekomen arbeidsduur per week … houden, aldus [Appellant]. 6.2 Het hof overweegt als volgt. [Appellant] miskent dat artikel 7:634 BW betrekking heeft op de overeengekomen arbeidsduur. Overuren spelen daarbij in beginsel geen rol. Reeds daarom
- Europees bestuursrechtHoger beroepHet hof stelt aan het Hof van Justitie van de Europese Gemeenschappen de volgende prejudiciële vraag…
Gerechtshof 's-Gravenhage|3 maart 2005|ECLI:NL:GHSGR:2005:AS9445
minimum) = 30 dagen verkopen. 1.4 De "minimum-vakantieaanspraak" (wettelijke vakantieaanspraak) is de in artikel 7:634 BW genoemde periode van tenminste vier maal de overeengekomen arbeidsduur per week. Deze komt overeen … dragen dat bij de interpretatie van het begrip minimum-vakantie, als bedoeld in artikel 7:634 BW, moet worden uitgegaan van het aantal dagen waarop een werknemer in een bepaald jaar
- Civiel recht overigHoger beroepUitbuiting. Verloning van de uitgebuite uren.
Gerechtshof 's-Gravenhage|9 oktober 2012|ECLI:NL:GHSGR:2012:BX9769
vanaf 1 februari) door [geïntimeerde] uitgebuit werd. 13. Ingevolge (de dwingendrechtelijke bepaling van) art. 7:634 BW heeft [appellante] over de referentieperiode recht op acht weken (= 40 dagen) vakantieverlof. Dat partijen onderling
Zoektips
Een ECLI (ook kort, zoals HR:2020:2020), LJN of vindplaats (NJ 2019/123) opent direct de uitspraak. Gebruik aanhalingstekens voor een exacte woordgroep (“ontslag op staande voet”), OR voor alternatieven (huur OR pacht), een sterretje voor woorddelen (huur* vindt ook huurder) en een minteken om een woord uit te sluiten.