14 uitspraken gevonden
Sorteer op: Relevantie
- Strafrecht overigHoger beroepVrijspraak voor Afghaanse generaal Het gerechtshof ’s-Gravenhage heeft op 16 juli 2009 de in Nederland…
Gerechtshof 's-Gravenhage|16 juli 2009|ECLI:NL:GHSGR:2009:BJ2796Aangehaald in 5 uitspraken
neer dat voor de verdachte, een Afghaanse militair, niet voorzienbaar was, als bedoeld in artikel 7 EVRM en artikel 15 IVBPR, dat hij op basis van zijn gestelde ‘command responsibility’ vervolgd … invulling die in de jurisprudentie aan meergenoemd leerstuk wordt gegeven, in strijd is met artikel 7 EVRM en artikel 15 IVBPR. 14. Het openbaar ministerie heeft zich op het standpunt gesteld
- Strafrecht overigHoger beroepDe verdachte heeft twee gegevensdragers met daarop in totaal drie afbeeldingen in voorraad gehad die personen…
Gerechtshof 's-Gravenhage|11 juli 2008|ECLI:NL:GHSGR:2008:BF3925
De verdachte heeft twee gegevensdragers met daarop in totaal drie afbeeldingen in voorraad gehad die personen betreffen die jonger zijn dan 16 jaar. Dergelijk handelen houdt de handel in kinderporno in stand, hetgeen gelet op die kwetsbare groep zeer kwalijk is. Het hof heeft echter gelet op de geringe hoeveelheid die…
- Strafrecht overigHoger beroepZaak bezit kinderpornografisch materiaal voormalig vicepresident rechtbank Maastricht De dagvaarding…
Gerechtshof 's-Gravenhage|11 juli 2008|ECLI:NL:GHSGR:2008:BD7009
bezit hebben" in strijd is met het legaliteitsbeginsel, onder andere neergelegd in artikel 7 EVRM. Het hof overweegt hiertoe
- Civiel recht overigHoger beroep kort gedingKort geding; krakers; art. 8 EVRM; huisrecht; art. 551a Sv.
Gerechtshof 's-Gravenhage|8 november 2010|ECLI:NL:GHSGR:2010:BO3682
bepaalde gedraging plaatsvond zowel vóór als nadat deze strafbaar werd gesteld, geen strijd met art. 7 EVRM optreedt indien de veroordeling en de straf uitsluitend zijn gebaseerd op de gedraging voor zover
- Civiel recht overigHoger beroep kort gedingonrechtmatige overheidsdaad; wijziging van artikel 15, derde lid, WvS, die in werking is getreden op 1 april…
Gerechtshof 's-Gravenhage|9 oktober 2012|ECLI:NL:GHSGR:2012:BY1321
betoog aldus heeft begrepen dat hij een beroep heeft gedaan op artikel 1Sr en/of artikel 7 EVRM. Hij brengt naar voren dat de strafrechter bij de oplegging van de straf geen rekening
- Civiel recht overigHoger beroep kort gedingExecutie schadevergoedingsmaatregel. Executie vervangende hechtenis.
Gerechtshof 's-Gravenhage|13 september 2007|ECLI:NL:GHSGR:2007:BB4415
strafbaar gesteld. Naar het voorlopig oordeel van het hof is derhalve van schending van artikel 7 EVRM geen sprake. 14. Dat de executie van de vervangende hechtenis niet tot betaling
- Strafrecht overigHoger beroepGerechtshof 's-Gravenhage · Hoger beroep · Strafrecht overig
Gerechtshof 's-Gravenhage|21 mei 2008|ECLI:NL:GHSGR:2008:BD3400
bepaalde in de artikelen 106 Mededingingswet, 1, lid 2, en 55 Wetboek van Strafrecht en 7 EVRM. Op grond van de genoemde keuze van de wetgever mocht de verdachte erop vertrouwen
- Strafrecht overigHoger beroepGerechtshof 's-Gravenhage · Hoger beroep · Strafrecht overig
Gerechtshof 's-Gravenhage|21 mei 2008|ECLI:NL:GHSGR:2008:BD3392
bepaalde in de artikelen 106 Mededingingswet, 1, lid 2, en 55 Wetboek van Strafrecht en 7 EVRM. Op grond van de genoemde keuze van de wetgever mocht de verdachte erop vertrouwen
- Strafrecht overigHoger beroepGerechtshof 's-Gravenhage · Hoger beroep · Strafrecht overig
Gerechtshof 's-Gravenhage|21 mei 2008|ECLI:NL:GHSGR:2008:BD3397
bepaalde in de artikelen 106 Mededingingswet, 1, lid 2, en 55 Wetboek van Strafrecht en 7 EVRM. Op grond van de genoemde keuze van de wetgever mocht de verdachte erop vertrouwen
- Strafrecht overigHoger beroepGerechtshof 's-Gravenhage · Hoger beroep · Strafrecht overig
Gerechtshof 's-Gravenhage|21 mei 2008|ECLI:NL:GHSGR:2008:BD3391
bepaalde in de artikelen 106 Mededingingswet, 1, lid 2, en 55 Wetboek van Strafrecht en 7 EVRM. Op grond van de genoemde keuze van de wetgever mocht de verdachte erop vertrouwen
- Strafrecht overigHoger beroepzaak Glashelder, verdachte 1
Gerechtshof 's-Gravenhage|21 mei 2008|ECLI:NL:GHSGR:2008:BD3383
bepaalde in de artikelen 106 Mededingingswet, 1, lid 2, en 55 Wetboek van Strafrecht en 7 EVRM. Op grond van de genoemde keuze van de wetgever mocht de verdachte erop vertrouwen
- Strafrecht overigHoger beroepGerechtshof 's-Gravenhage · Hoger beroep · Strafrecht overig
Gerechtshof 's-Gravenhage|21 mei 2008|ECLI:NL:GHSGR:2008:BD3387
bepaalde in de artikelen 106 Mededingingswet, 1, lid 2, en 55 Wetboek van Strafrecht en 7 EVRM. Op grond van de genoemde keuze van de wetgever mocht de verdachte erop vertrouwen
- Strafrecht overigHoger beroepGerechtshof 's-Gravenhage · Hoger beroep · Strafrecht overig
Gerechtshof 's-Gravenhage|21 mei 2008|ECLI:NL:GHSGR:2008:BD3402
bepaalde in de artikelen 106 Mededingingswet, 1, lid 2, en 55 Wetboek van Strafrecht en 7 EVRM. Op grond van de genoemde keuze van de wetgever mocht de verdachte erop vertrouwen
- Strafrecht overigHoger beroepGerechtshof 's-Gravenhage · Hoger beroep · Strafrecht overig
Gerechtshof 's-Gravenhage|21 mei 2008|ECLI:NL:GHSGR:2008:BD3389
bepaalde in de artikelen 106 Mededingingswet, 1, lid 2, en 55 Wetboek van Strafrecht en 7 EVRM. Op grond van de genoemde keuze van de wetgever mocht de verdachte erop vertrouwen
Zoektips
Een ECLI (ook kort, zoals HR:2020:2020), LJN of vindplaats (NJ 2019/123) opent direct de uitspraak. Gebruik aanhalingstekens voor een exacte woordgroep (“ontslag op staande voet”), OR voor alternatieven (huur OR pacht), een sterretje voor woorddelen (huur* vindt ook huurder) en een minteken om een woord uit te sluiten.