1.782 uitspraken gevonden
Sorteer op: Relevantie
- Burgerlijk procesrechtHoger beroepAppellant heeft bij memorie van grieven de grondslag van zijn eis vermeerderd maar die vermeerdering van de…
Gerechtshof 's-Hertogenbosch|17 maart 2015|ECLI:NL:GHSHE:2015:927
BT7494). Deze regel is als gevolg van het bepaalde in artikel 353 lid 1 Rv ook in hoger beroep van toepassing. 3.6.2. Uit het overgelegde procesdossier blijkt niet dat [appellante] de vermeerdering … brengen. Het hof zal bij de rolverwijzing rekening houden met de in artikel 115 lid 1 Rv genoemde termijn. [appellante] kan van de genoemde betekening afzien als de vermeerderde grondslag
- Burgerlijk procesrechtHoger beroepexceptie van niet-ontvankelijkheid
Gerechtshof 's-Hertogenbosch|7 juli 2020|ECLI:NL:GHSHE:2020:2052
dergelijke uitspraak staat daarom gelijk hoger beroep open. Op grond van artikel 339 lid 1 Rv had [appellant] van dit vonnis in het incident binnen drie maanden na 2 januari 2019 hoger … vordering behandelen in het kader van de veroordeling in de proceskosten ex artikel 237 lid 1 Rv, voor welke vordering geen incidenteel hoger beroep behoeft te worden ingesteld. In wat de Rabobank
- VerbintenissenrechtHoger beroepovereenkomst van koop en verkoop van aandelen in een productiebdrijf; ECLI:NL:GHSHE:2013:6061…
Gerechtshof 's-Hertogenbosch|26 maart 2019|ECLI:NL:GHSHE:2019:1159
onder meer HR 15 december 2017, ECLI:NL:HR:2017: 3151). In artikel 208 lid 1 Rv, dat op grond van art. 353 lid 1 Rv ook van toepassing is in hoger
- Civiel recht overigHoger beroepVijfde tussenbeschikking verzoek voorlopig getuigenverhoor, inzage ex artikel 843a Rv en voorlopig…
Gerechtshof 's-Hertogenbosch|10 februari 2022|ECLI:NL:GHSHE:2022:365
onderhavige verzoekschriftprocedure bij uw Hof is naar zijn aard een spoedprocedure (art. 186 lid 1 Rv spreekt over “onverwijld”) en in lijn daarmee is er sprake van een asymmetrisch appelverbod. Bij toewijzing … voorlopig stilgelegde) procedure daarmee ook formeel geheel geschorst zou worden, zet art. 350 lid 1 Rv niet opzij. De suggestie dat alleen de partij die beroep instelt, zich op de schorsende werking
- Civiel recht overigHoger beroepGerechtshof 's-Hertogenbosch · Hoger beroep · Civiel recht overig
Gerechtshof 's-Hertogenbosch|10 september 2013|ECLI:NL:GHSHE:2013:4188
geïntimeerde] blijft dralen met het aanhangig maken van een procedure ex artikel 613 lid 1 Rv en dat partijen verdeeld blijven over de vraag of en in hoeverre de door [geïntimeerde] geleden … Intussen had [geïntimeerde] bij exploot van 20 maart 2012 een procedure ex artikel 613 lid 1 Rv aanhangig gemaakt bij de kantonrechter te Venlo. De kantonrechter heeft de zaak verwezen naar
- Burgerlijk procesrechtHoger beroepDe tweede appeldagvaarding, uitgebracht binnen 14 dagen na de bij de eerste appeldagvaarding aangezegde…
Gerechtshof 's-Hertogenbosch|30 augustus 2022|ECLI:NL:GHSHE:2022:3022
dagvaarding van 18 mei 2022 niet is uitgebracht binnen de in artikel 339 lid 1 Rv voor gewone zaken voorgeschreven termijn van drie maanden. Appellante is in de gelegenheid gesteld om zich … hoger beroep. 2.3. Bij de beoordeling stelt het hof het volgende voorop. Artikel 125 lid 1 Rv bepaalt dat het geding aanhangig is vanaf de dag der dagvaarding. Volgens het vijfde
- Civiel recht overigHoger beroepGerechtshof 's-Hertogenbosch · Hoger beroep · Civiel recht overig
Gerechtshof 's-Hertogenbosch|23 november 2021|ECLI:NL:GHSHE:2021:3515
wijzigt. Op grond van het in de artikelen 130 lid 1 en 353 lid 1 Rv besloten uitgangspunt mag Stelbograaf dat als oorspronkelijk eiseres doen, maar tegen de in beroep niet verschenen … Emon is dat volgens de artikelen 130 lid 3 en 353 lid 1 Rv uitgesloten, tenzij Stelbograaf de eiswijziging (tijdig) bij exploot aan Emon kenbaar heeft gemaakt. Omdat niet duidelijk
- Burgerlijk procesrechtHoger beroepIncident ex artikel 224 jo. 353 Rv. Geen zekerheidstelling proceskosten door de oorspronkelijke gedaagde…
Gerechtshof 's-Hertogenbosch|13 oktober 2020|ECLI:NL:GHSHE:2020:3168
heeft geen incidentele antwoordconclusie genomen. 3.6. Op grond van het bepaalde in artikel 224 lid 1 Rv dient degene die zonder woon-plaats of gewone verblijfplaats in Nederland bij een Nederlandse rechter … incidentele vordering van [geïntimeerden] wordt afgewezen. Op grond van het bepaalde in artikel 224 lid 1 Rv in verbinding met artikel 353 lid 2 Rv bestaat voor [appellant] geen verplichting
- Civiel recht overigHoger beroepart. 843a Rv / art. 7 Wkkgz / art. 9 Wkkgz / art. 10 Wkkgz / het interne incidentenregister / het…
Gerechtshof 's-Hertogenbosch|23 september 2021|ECLI:NL:GHSHE:2021:2922
worden verstrekt. Zelfs indien wel zou zijn voldaan aan de vereisten van artikel 843a lid 1 Rv geldt dat het verzoek moet worden afgewezen op grond van lid 3 van dat artikel … beoordeling van het verzoek van [appellant] voorop dat op grond van artikel 843a lid 1 Rv degene die daarbij rechtmatig belang heeft op zijn kosten inzage, afschrift of uittreksel kan vorderen
- InsolventierechtHoger beroepArtikel 843a Rv. Vordering tot inzage of afschriften van de urenregistratie curator.
Gerechtshof 's-Hertogenbosch|21 oktober 2021|ECLI:NL:GHSHE:2021:3191
niet-openbare stukken in algemene zin niet uit. 3.6.1. Op grond van artikel 843a lid 1 Rv kan degene die daarbij rechtmatig belang heeft op zijn kosten inzage, afschrift of uittreksel vorderen … algemeen kan van een rechtmatig belang in de zin van artikel 843a lid 1 Rv reeds sprake zijn indien degene die afschrift verlangt dat stuk niet tot zijn beschikking heeft maar
- Civiel recht overigHoger beroepVervolg op ECLI:NL:RBOBR:2019:2643 vereffening nalatenschap.
Gerechtshof 's-Hertogenbosch|20 april 2021|ECLI:NL:GHSHE:2021:1210
voor. 3.5.2 Uitgangspunt van de artikelen 130 lid 1 en 353 lid 1 Rv is dat [appellant] de (grondslag van de) eis in beroep (schriftelijk) mag wijzigen. Tegenover [geïntimeerde 1 … eiswijziging in beroep volgens de artikelen 130 lid 3 en 353 lid 1 Rv echter uitgesloten, tenzij [appellant] de eiswijziging (tijdig) bij exploot aan [geïntimeerde 4] , [geïntimeerde 5] , [geïntimeerde 2] en [geïntimeerde
- Civiel recht overigHoger beroepIncidentele vordering ex art. 351 Rv moet worden toegelicht bij indiening daarvan. Rechter heeft geen…
Gerechtshof 's-Hertogenbosch|8 november 2022|ECLI:NL:GHSHE:2022:3872
worden toegelicht bij het instellen daarvan (art. 351 Rv in verbinding met art. 208 lid 1 Rv en art. 353 Rv). Op een nadere toelichting wordt alleen acht geslagen als de rechter … strijd met het bepaalde in art 351 Rv in verbinding met de artt. 208 lid 1 Rv en 353 Rv, niet toegelicht. De vrouw heeft vervolgens binnen de haar gegeven termijn
- Civiel recht overigHoger beroepHet hof volgt [appellanten] niet in hun primaire stelling. De omstandigheid dat [appellanten] in de kosten…
Gerechtshof 's-Hertogenbosch|15 januari 2008|ECLI:NL:GHSHE:2008:BC2972
eindvonnis ingesteld te worden, tenzij de rechter anders heeft bepaald of artikel 75 lid 1 Rv van toepassing is. In dit geval is artikel 75 lid 1 Rv niet van toepassing
- Civiel recht overigHoger beroepveroordeling proceskosten van het incident
Gerechtshof 's-Hertogenbosch|25 april 2017|ECLI:NL:GHSHE:2017:1799
overweegt hieromtrent als volgt. 3.3.1. Op grond van het bepaalde in artikel 224 lid 1 Rv zijn allen zonder woonplaats of gewone verblijfplaats in Nederland die bij een Nederlandse rechter een vordering … Société is gevestigd in Frankrijk en is daarom op grond van artikel 224 lid 1 Rv in beginsel gehouden tot het stellen van zekerheid. Société beroept zich echter op artikel
- Personen- en familierechtHoger beroepde Staat der Nederlanden is niet ontvankelijk in het hoger beroep tegen de erkenning van een Gambiaanse…
Gerechtshof 's-Hertogenbosch|25 mei 2023|ECLI:NL:GHSHE:2023:1732
familierecht. Uit de wetsgeschiedenis en jurisprudentie van de Hoge Raad volgt dat artikel 798 lid 1 Rv een beperking geeft aan het belanghebbende-begrip: het woord ‘rechtstreeks’ impliceert dat een indirect belang … hier hooguit een indirect belang, niet een rechtstreeks belang als bedoeld in art. 798 lid 1 Rv. De verwijzing van de Staat naar het arrest Santos/Staat (Hoge Raad 4 maart 1988, ECLI
- Burgerlijk procesrechtHoger beroep kort gedingAnticipatie door eiser mogelijk? Gedaagde onredelijk in belangen geschaad? Art. 126 Rv
Gerechtshof 's-Hertogenbosch|14 december 2021|ECLI:NL:GHSHE:2021:3720
onjuist, aldus [geïntimeerden] 3.5. Het hof overweegt als volgt. Artikel 126 lid 1 Rv, dat ingevolge art. 353 lid 1 Rv ook in hoger beroep geldt, luidt als volgt: "1. De gedaagde
- Burgerlijk procesrechtHoger beroepProcesrecht. Niet-ontvankelijkheid hoger beroep tegen een tussenarrest waarin is beslist op een incidentele…
Gerechtshof 's-Hertogenbosch|27 maart 2018|ECLI:NL:GHSHE:2018:1308
BK1639, heeft de Hoge Raad uitgemaakt dat de uitzondering die in artikel 337 lid 1 Rv voor een provisioneel vonnis wordt gegeven voor uitspraken waarbij een voorlopige voorziening wordt getroffen of geweigerd … betrekking hebben op het verkrijgen van een voorlopige voorziening als bedoeld in artikel 337 lid 1 Rv. 2.8. Het voorgaande betekent dat het vonnis waarin de rechtbank op de incidentele vordering
- Civiel recht overigHoger beroepherstel van oorspronkelijk arrest bekend onder ECLI:NL:GHSHE:2018:339
Gerechtshof 's-Hertogenbosch|10 juli 2018|ECLI:NL:GHSHE:2018:5564
januari 2018, doet daar niet aan af. 2.2. Op grond van artikel 233 lid 1 Rv kan de rechter, indien dit wordt gevorderd, bepalen dat zijn beslissing uitvoerbaar bij voorraad wordt verklaard … gevoerd tegen de gevorderde uitvoerbaar bij voorraadverklaring. Mede gelet op de in artikel 347 lid 1 Rv vervatte tweeconclusieregel stond het [geïntimeerde] in beginsel niet meer vrij om dat verweer alsnog
- Civiel recht overigHoger beroepHuurrecht. Vraag of vordering tot ontbinding van een huurovereenkomst en betaling van huurachterstand in…
Gerechtshof 's-Hertogenbosch|24 juni 2014|ECLI:NL:GHSHE:2014:1883
verstek is veroordeeld geldt als hoofdregel dat deze daartegen verzet kan doen (artikel 143 lid 1 Rv). Dat is, afgezien van het zich hier niet voordoende geval van artikel 335 lid 1
- Personen- en familierechtHoger beroepUithuisplaatsing. Ontvankelijkheid.
Gerechtshof 's-Hertogenbosch|4 september 2014|ECLI:NL:GHSHE:2014:3408
vader in deze zaak niet als belanghebbende in de zin van artikel 798 lid 1 Rv kan worden aangemerkt. Dat de vader in eerste aanleg wel als belanghebbende is aangemerkt maakt … voorgehouden dat indien de vader wel als belanghebbende in de zin van artikel 798 lid 1 Rv zou worden aangemerkt, een vernietiging van de bestreden beschikking niet zonder meer zou leiden
Zoektips
Een ECLI (ook kort, zoals HR:2020:2020), LJN of vindplaats (NJ 2019/123) opent direct de uitspraak. Gebruik aanhalingstekens voor een exacte woordgroep (“ontslag op staande voet”), OR voor alternatieven (huur OR pacht), een sterretje voor woorddelen (huur* vindt ook huurder) en een minteken om een woord uit te sluiten.