94 uitspraken gevonden
Sorteer op: Relevantie
- Civiel recht overigHoger beroepDe voor de verplichting tot het verschaffen van een automatische incasso noodzakelijk wil bij Gravendam kan…
Gerechtshof 's-Hertogenbosch|17 oktober 2005|ECLI:NL:GHSHE:2005:AU6623
zijn zich jegens elkaar te gedragen overeenkomstig de eisen van redelijkheid en billijkheid, art. 6:2 BW, terwijl de-zelfde verplichting voortvloeit uit hoofde van het verenigingsrecht, art. 5:124 jo 2
- Civiel recht overigHoger beroepUitwinnen borg-bestuurder die zeggenschap uitoefent via houdstermaatschappij.
Gerechtshof 's-Hertogenbosch|11 januari 2011|ECLI:NL:GHSHE:2011:BP1015
Voor het aannemen van rechtsverwerking op grond van de redelijkheid en billijkheid (art. 6:2 BW) is enkel tijdsverloop of enkel stilzitten onvoldoende. Bijzondere omstandigheden die zouden kunnen leiden tot de conclusie
- Burgerlijk procesrechtHoger beroepin weerwil van beslag gedane betaling door derdebeslagene; beslaglegger heeft bedrag inmiddels langs andere…
Gerechtshof 's-Hertogenbosch|29 juni 2021|ECLI:NL:GHSHE:2021:2009
werking van de redelijkheid en billijkheid. 6.4.6. Het hof stelt voorop dat, ingevolge artikel 6:2 BW, een schuldeiser en schuldenaar verplicht zijn zich jegens elkaar te gedragen overeenkomstig de eisen
- Civiel recht overigHoger beroepdwangbevel pensioenpremies belang pensioenfonds bij premieafdracht belang bij dwangbevel systematiek wet Bpf 2000
Gerechtshof 's-Hertogenbosch|19 april 2016|ECLI:NL:GHSHE:2016:1523
grief II betoogt CTW dat de kantonrechter het eerste lid van artikel 6:2 BW had moeten toepassen in plaats van het tweede lid. Het hof is van oordeel dat de vordering
- Civiel recht overigHoger beroepart. 3:301 lid 2 BW sanctie bij te late inschrijving van het hoger beroep in het rechtsmiddelenregister
Gerechtshof 's-Hertogenbosch|23 augustus 2016|ECLI:NL:GHSHE:2016:3746
tussen deelgenoten wordt op grond van art. 3:166 lid 2 BW juncto art. 6:2 BW beheerst door de eisen van redelijkheid en billijkheid. Op grond van de aanvullende of beperkende
- Personen- en familierechtHoger beroeperfrecht. Legitieme portie. Tijdig aanspraak gemaakt op legitieme portie? Termijn van drie maanden redelijk?
Gerechtshof 's-Hertogenbosch|27 september 2022|ECLI:NL:GHSHE:2022:3275
beroep op de redelijkheid en billijkheid overweegt het hof dat, nog daargelaten of artikel 6:2 BW van toepassing is nu [appellant] pas schuldeiser wordt nádat hij de legitieme portie heeft opgeëist
- Civiel recht overigHoger beroepErfrecht, curatele en verjaring ex art. 1:377 jo 1:385 BW en stuiting.
Gerechtshof 's-Hertogenbosch|8 juli 2014|ECLI:NL:GHSHE:2014:2081
voeren ten slotte aan dat de eisen van redelijkheid en billijkheid van artikel 6:2 BW meebrengen dat [geïntimeerde] geen beroep toekomt op verjaring, noch op de vijfjarige, noch op de twintigjarige
- Personen- en familierechtHoger beroep kort gedingkort geding, geen spoedeisend belang
Gerechtshof 's-Hertogenbosch|11 februari 2025|ECLI:NL:GHSHE:2025:357
wordt, ook de na de beëindiging daarvan, beheerst door de post-relationele solidariteit (art. 6:2 BW). Het door de man zelf creëren van zijn spoedeisend belang wordt daarmee in strijd geacht
- Personen- en familierechtHoger beroepschorsing uitvoerbaar verklaring bij voorraad, art. 351 Rv
Gerechtshof 's-Hertogenbosch|22 juli 2025|ECLI:NL:GHSHE:2025:2065
relatie van partijen wordt na hun echtscheiding beheerst door de post-relationele solidariteit (art. 6:2 BW). Daaruit vloeit voort dat partijen bij de vermogensrechtelijke afwikkeling van hun huwelijk rekening houden
- Civiel recht overigHoger beroepAppellant heeft geïntimeerde in eerste aanleg gedagvaard en van haar terugbetaling gevorderd van een bedrag…
Gerechtshof 's-Hertogenbosch|6 februari 2007|ECLI:NL:GHSHE:2007:AZ8131
schuld. Ook de redelijkheid en billijkheid, die partijen op grond van artikel 6:2 BW jegens elkaar in acht hebben te nemen, brengt met zich dat in de interne verhouding [appellant
- VerbintenissenrechtHoger beroepOvereenkomst van geldlening. Schuldenaar stopt met betaling van rente en beroept zich op een…
Gerechtshof 's-Hertogenbosch|24 april 2018|ECLI:NL:GHSHE:2018:1754
moet worden aangemerkt als een toepassing van de algemene maatstaf zoals verwoord in artikel 6:2 BW, namelijk dat schuldeiser en schuldenaar zich jegens elkaar dienen te gedragen overeenkomstig de eisen
- Burgerlijk procesrechtHoger beroepovereengekomen werkelijk gemaakte proceskosten; matiging; wettelijke handelsrente; verzuim
Gerechtshof 's-Hertogenbosch|15 maart 2016|ECLI:NL:GHSHE:2016:923
bedoeld en dat TST zich ook beroept op de artikelen 3:12 BW, 6:2 BW, 6:248 BW en 6:216 BW. Het hof is van oordeel dat deze toelichting
- Personen- en familierechtHoger beroepvermogensrechtelijke afwikkeling van de samenleving
Gerechtshof 's-Hertogenbosch|23 november 2021|ECLI:NL:GHSHE:2021:3511
vermogensrechtelijke afwikkeling van de samenleving
- Civiel recht overigHoger beroepVerdeling nalatenschap. Gebruiksvergoeding. Gebruikslasten. Uitgesteld loon.
Gerechtshof 's-Hertogenbosch|16 september 2014|ECLI:NL:GHSHE:2014:3652
deelgenoten beheersen tot maatstaf (zie artikel 3:166 lid 3 in verbinding met artikel 6:2 BW). 7.9. In dit geval staat tussen partijen vast dat appellant na het overlijden
- Civiel recht overigHoger beroep kort gedingKort geding .Gevolgen van beëindiging van overeenkomst tot levering van producten die zijn vervaardigd met…
Gerechtshof 's-Hertogenbosch|8 mei 2012|ECLI:NL:GHSHE:2012:BW5688
cliëntenportefeuille van RPC, zo stelt zij. RPC doet een beroep op artikel 6:2 BW en artikel 6:248 lid 1 BW. Ondanks RPC’s inspanning om de betalingsachterstand in te lopen
- Civiel recht overigHoger beroepCAO Schildersbedrijf 7:668a BW Derde arbeidsovereenkomst bepaalde tijd wordt geacht te zijn aangegaan voor…
Gerechtshof 's-Hertogenbosch|27 oktober 2009|ECLI:NL:GHSHE:2009:BK6181
sprake is van rechtsverwerking aan de zijde van [X.] als bedoeld in artikel 6:2 BW gelet op de lange tijdspanne die is gelegen tussen de laatste activiteit
- Civiel recht overigHoger beroepGeen ongeschikt punt ( 6:225 lid 2 BW); ongerechtvaardigde verrijking (6:212 BW).
Gerechtshof 's-Hertogenbosch|17 mei 2011|ECLI:NL:GHSHE:2011:BQ5791
stelt verder dat [X.] in strijd handelt met de redelijkheid en billijkheid c.q. artikel 6:2 BW, door een beroep te doen op het verstrijken van de eindtermijn van de overeenkomst tussen
- Civiel recht overigHoger beroepLanglopende bancaire relatie. Correspondentie. Bijzonder beheer. Openstaande saldi opgeëist. Executie van…
Gerechtshof 's-Hertogenbosch|9 mei 2017|ECLI:NL:GHSHE:2017:2099
staving van zijn beroep op artikel 6:248 en artikel 6:2 BW voert [appellant] de navolgende omstandigheden aan: - de bank heeft macht in haar verhouding met [appellant] en initieert aanvullingen
- Civiel recht overigHoger beroepRelatievermogensrecht. Eenvoudige gemeenschap (woning). Uitleg bepaling samenlevingsovereenkomst: “Indien…
Gerechtshof 's-Hertogenbosch|27 november 2018|ECLI:NL:GHSHE:2018:4881
Relatievermogensrecht. Eenvoudige gemeenschap (woning). Uitleg bepaling samenlevingsovereenkomst: “Indien door partijen een door hen gezamenlijk te bewonen woning en/of een door hem gezamenlijk te gebruiken tweede woning in mede-eigendom wordt verkregen, zal de partij die uit eigen middelen meer dan haar aandeel van…
- VerbintenissenrechtHoger beroepOvereenkomst van geldlening van werknemer met werkgever; stelplicht dat er al is terugbetaald rust op…
Gerechtshof 's-Hertogenbosch|14 april 2020|ECLI:NL:GHSHE:2020:1268
gang van zaken is geweest. Volgens [appellant] is ook sprake van strijd met artikel 6:2 BW en/of met artikel 6:248 BW. 3.19. [appellant] doet het voorkomen alsof Nationale Nederlanden loon
Zoektips
Een ECLI (ook kort, zoals HR:2020:2020), LJN of vindplaats (NJ 2019/123) opent direct de uitspraak. Gebruik aanhalingstekens voor een exacte woordgroep (“ontslag op staande voet”), OR voor alternatieven (huur OR pacht), een sterretje voor woorddelen (huur* vindt ook huurder) en een minteken om een woord uit te sluiten.