1.782 uitspraken gevonden
Sorteer op: Relevantie
- Civiel recht overigHoger beroep kort gedingOp zichzelf acht het hof het niet onbegrijpelijk dat [appellante] zijn niet erg fraaie en in slechte…
Gerechtshof 's-Hertogenbosch|25 april 2006|ECLI:NL:GHSHE:2006:AX0959
voor salaris procureur en E. 244,-- voor verschotten, op de voet van art. 243 lid 1 Rv te voldoen aan de griffier van de rechtbank Maastricht; compenseert de proceskosten in hoger beroep
- Burgerlijk procesrechtHoger beroepverval aanhangigheid door het niet tijdig ter griffie aanbrengen van de zaak
Gerechtshof 's-Hertogenbosch|6 mei 2025|ECLI:NL:GHSHE:2025:1260
stelt het volgende voorop. Op grond van artikel 125 lid 1 jo. 353 lid 1 Rv is het geding in hoger beroep aanhangig vanaf de dag van de dagvaarding in hoger beroep
- Civiel recht overigHoger beroepWet op het consumentenkrediet. Verstek. Ambtshalve beoordeling. Geen rechtsgeldige ingebrekestelling.
Gerechtshof 's-Hertogenbosch|22 maart 2011|ECLI:NL:GHSHE:2011:BV1304
tenzij deze hem onrechtmatig of ongegrond voorkomt. Deze bepaling, die ingevolge artikel 353 lid 1 Rv ook in hoger beroep van toepassing is - met dien verstande dat de rechter daar de toets
- Civiel recht overigHoger beroep kort gedingspoedeisend belang in hoger beroep
Gerechtshof 's-Hertogenbosch|6 maart 2018|ECLI:NL:GHSHE:2018:908
alsnog toewijzen van haar vordering. Spoedeisend belang in hoger beroep? 3.6. In artikel 254 lid 1 Rv is bepaald dat in alle spoedeisende zaken waarin, gelet op de belangen van partijen
- Civiel recht overigHoger beroep kort gedingafwijzing incidentele vordering tot voeging
Gerechtshof 's-Hertogenbosch|19 april 2016|ECLI:NL:GHSHE:2016:1530
Rv, dat de vordering tijdig is ingesteld. Ingevolge artikel 353 lid 1 jo. 222 lid 1 Rv kan in geval voor dezelfde rechter verknochte zaken aanhangig zijn de voeging daarvan worden gevorderd
- Civiel recht overigHoger beroepGeschil over de hoogte van de opgelegde dwangsom, gekoppeld aan de hoofdveroordeling tot afgifte van…
Gerechtshof 's-Hertogenbosch|18 januari 2022|ECLI:NL:GHSHE:2022:111
bestaat om aan een uitgesproken veroordeling een dwangsom te verbinden (zie in art. 611a lid 1 Rv: ‘de rechter kan’), alsmede wat betreft de vaststelling van de hoogte van de dwangsomveroordeling
- Civiel recht overigHoger beroepBurenzaak. Strook grond. Gebruik.
Gerechtshof 's-Hertogenbosch|27 maart 2018|ECLI:NL:GHSHE:2018:1311
tegen de wijzigingen van eis. Een beslissing daaromtrent op de voet van artikel 130 lid 1 Rv is daarom niet aan de orde. De vraag hoe de (gewijzigde) vordering moet worden opgevat
- Civiel recht overigHoger beroepSchending relatiebeding. Verzuim om tijdig hoger beroep in te stellen onrechtmatige daad van de deurwaarder…
Gerechtshof 's-Hertogenbosch|11 oktober 2016|ECLI:NL:GHSHE:2016:4550
betreffende bodemprocedure, maar daaraan is de kantonrechter in strijd met artikel 166 lid 1 Rv voorbijgegaan, aldus [Mode Accessoires] . Mede gelet op het feit dat [Mode Accessoires] na het vonnis
- ArbeidsrechtHoger beroepdwaling over pensioenrechten bij beëindiging arbeidsovereenkomst
Gerechtshof 's-Hertogenbosch|12 mei 2015|ECLI:NL:GHSHE:2015:1672
zijn vordering toe te voegen, dat in strijd is met de in artikel 347 lid 1 Rv besloten liggende zogenaamde twee-conclusie-regel. 7.8. De vraag of [appellant] is geslaagd
- Civiel recht overigHoger beroepherroeping, bedrog door de wederpartij in het geding gepleegd
Gerechtshof 's-Hertogenbosch|4 maart 2014|ECLI:NL:GHSHE:2014:600
betrekking heeft, is gewezen op 18 december 2012, zodat de cassatietermijn ingevolge artikel 402 lid 1 Rv is verstreken op 18 maart 2013. Nu [appellant] reeds op de datum waarop de akte
- Civiel recht overigHoger beroepGeen dwingende bewijskracht. Verklaringen in onderhandse akte onvoldoende duidelijk.
Gerechtshof 's-Hertogenbosch|21 oktober 2014|ECLI:NL:GHSHE:2014:4339
pleidooi aangevoerd en er doet zich geen uitzonderingssituatie voor op de in artikel 347 lid 1 Rv besloten twee-conclusie-regel. Het hof verwerpt het betoog van [appellant] dat bovenstaande verweren
- Civiel recht overigHoger beroepVoorlopig getuigenverhoor ter voorbereiding van herroeping arrest hof. Hof is dan de bevoegde rechter…
Gerechtshof 's-Hertogenbosch|14 januari 2009|ECLI:NL:GHSHE:2009:BH2197
laatste feitelijke instantie, de bevoegde rechter, artikel 384 Rv. Weliswaar wijst artikel 187 lid 1 Rv ook andere feitelijke instanties aan, maar dan alleen die ‘tot wiens absolute bevoegdheid de zaak behoort
- Civiel recht overigHoger beroepGerechtshof 's-Hertogenbosch · Hoger beroep · Civiel recht overig
Gerechtshof 's-Hertogenbosch|8 september 2015|ECLI:NL:GHSHE:2015:3472
achterwege te blijven. 6.2. Ingevolge artikel 217 Rv, dat op grond van artikel 353 lid 1 Rv ook van toepassing is in hoger beroep, kan een ieder die belang heeft
- VerbintenissenrechtHoger beroepOpzegging van huurovereenkomsten ter zake vaste standplaatsen op Recreatiepark Duinrand door de…
Gerechtshof 's-Hertogenbosch|21 mei 2024|ECLI:NL:GHSHE:2024:1704
reconventie betreft, die de huurders in strijd met de in artikel 347 lid 1 Rv neergelegde tweeconclusieregel niet tijdig, namelijk niet in hun memorie van antwoord in principaal hoger beroep, tevens memorie
- Civiel recht overigHoger beroepBeslagvrije voet en remigratievergoeding. Geen correctie voor verschil in levensstandaard. Relatieve…
Gerechtshof 's-Hertogenbosch|31 januari 2012|ECLI:NL:GHSHE:2012:BV3467
artikel 475e Rv wordt gesteld dat op de voet van artikel 438a lid 1 Rv bevoegd zou zijn de kantonrechter in wiens rechtsgebied het beslag wordt gelegd, in casu Leiden
- VerbintenissenrechtHoger beroepVoetganger struikelt op parkeerterrein. Inrichting parkeerterrein met biggenruggen. Gebrekkige opstal?…
Gerechtshof 's-Hertogenbosch|24 mei 2022|ECLI:NL:GHSHE:2022:1647
aanzien van de bewijswaardering stelt het hof het volgende voorop. Artikel 164 lid 1 Rv laat de partijgetuigenverklaring als bewijsmiddel toe. Die verklaring heeft in beginsel, zoals andere getuigenverklaringen, vrije bewijskracht zodat
- Burgerlijk procesrechtWrakingWrakingskamer verklaart verzoeker niet-ontvankelijk in zijn hoger beroep dat ziet op nietigverklaring van een…
Gerechtshof 's-Hertogenbosch|3 juni 2025|ECLI:NL:GHSHE:2025:1670
verzoeken. Het hof stelt [geïntimeerde sub 2 / verzoeker] niet op basis van artikel 281 lid 1 Rv (dat conform artikel 362 Rv ook in hoger beroep van toepassing is) in de gelegenheid
- Burgerlijk procesrechtHoger beroepArtikel 125 Rv. Appellant brengt na het uitbrengen van de appeldagvaarding voor de aangezegde roldatum een…
Gerechtshof 's-Hertogenbosch|9 maart 2021|ECLI:NL:GHSHE:2021:692
zich voor geïntimeerde advocaat gesteld. 2.5. Op grond van het bepaalde in artikel 125 lid 1 Rv is het geding aanhangig vanaf de dag der dagvaarding. Volgens het vijfde
- Personen- en familierechtHoger beroepBewind niet-ontvankelijk beroep niet tijdig ingediend binnen drie maanden nadat verzoekers bekend waren met…
Gerechtshof 's-Hertogenbosch|30 maart 2023|ECLI:NL:GHSHE:2023:1052
benoemingsbeslissing. Derhalve wordt vastgesteld dat vanaf die datum de in artikel 806 lid 1 Rv bedoelde hoger beroepstermijn is aangevangen en is verstreken op 26 april 2022. Dat [verzoekster] en [verzoeker] vervolgens
- Civiel recht overigHoger beroepHuurster klaagt erover dat de kantonrechter een fundamenteel rechtsbeginsel heeft geschonden, het beginsel…
Gerechtshof 's-Hertogenbosch|21 juni 2005|ECLI:NL:GHSHE:2005:AU4078
ontkracht, zodat die vordering moet worden afgewezen. 4.2. De appellabiliteit 4.2.1. Ingevolge artikel 332 lid 1 Rv staat tegen het vonnis van de kantonrechter geen hoger beroep open nu de vorderingen waarover
Zoektips
Een ECLI (ook kort, zoals HR:2020:2020), LJN of vindplaats (NJ 2019/123) opent direct de uitspraak. Gebruik aanhalingstekens voor een exacte woordgroep (“ontslag op staande voet”), OR voor alternatieven (huur OR pacht), een sterretje voor woorddelen (huur* vindt ook huurder) en een minteken om een woord uit te sluiten.