54 uitspraken gevonden
Sorteer op: Relevantie
- Strafrecht overigHoger beroepArt. 225 Sr. Art. 69, lid 4 Awr. Het opnemen van valse facturen in de administratie is niet strafbaar als…
Gerechtshof 's-Hertogenbosch|12 april 2016|ECLI:NL:GHSHE:2016:1365
4 Awr. Het opnemen van valse facturen in de administratie is niet strafbaar als belastingdelict. Uit HR 6 oktober 2015, ECLI:NL:HR:2015:2920, volgt dat met het opnemen van valse … facturen een administratie wordt gevoerd overeenkomstig de Belastingwet. Daarom staat art. 69, lid 4 Awr niet in de weg aan strafvervolging van het voorhanden hebben van een valse administratie
- BelastingrechtHoger beroepWoonplaats op grond van artikel 4 AWR en artikel 2.2 Wet IB 2001. Mag Nederland heffen over het pensioen van…
Gerechtshof 's-Hertogenbosch|19 februari 2021|ECLI:NL:GHSHE:2021:622
Woonplaats op grond van artikel 4 AWR en artikel 2.2 Wet IB 2001. Mag Nederland heffen over het pensioen van belanghebbende? Toepassing van het Verdrag tussen Nederland en Saudi-Arabië. GERECHTSHOF … december 2016 . 4.3. De vraag waar iemand woont moet op grond van artikel 4 AWR naar de omstandigheden worden beoordeeld. Van belang is of de omstandigheden van dien aard zijn
- BelastingrechtHoger beroepVoortvarendheid. Standstill-bepaling ex art. 64, lid 1 EG-Verdrag. Belanghebbende heeft een tegoed…
Gerechtshof 's-Hertogenbosch|19 december 2013|ECLI:NL:GHSHE:2013:6140Aangehaald in 9 uitspraken
betreffende artikel bevat geen bepaling dat ziet op de verlengde navorderingstermijn van artikel 16, lid 4 AWR. Het handelen van de Inspecteur ter zake van het aangehouden tegoed op de Zwitserse bankrekening
- BelastingrechtHoger beroepArtikel 16, lid 4, AWR. Toepassing van de verlengde navorderingstermijn bij een bankrekening buiten de EU. Nu…
Gerechtshof 's-Hertogenbosch|3 november 2017|ECLI:NL:GHSHE:2017:4746
Artikel 16, lid 4, AWR. Toepassing van de verlengde navorderingstermijn bij een bankrekening buiten de EU. Nu de standstillbepaling van artikel 64 van het VWEU in onderhavig geval geldt, staat de vrijheid … zogenoemde standstillbepaling, kan worden ingeroepen bij de beoordeling of toepassing van artikel 16, lid 4, AWR verenigbaar is met het Unierecht in een geval als het onderhavige, waarin de belanghebbende een (effecten
- BelastingrechtHoger beroepArt. 4 AWR en art. 4, lid 2, letter a, Belastingverdrag Nederland-Turkije. Belanghebbende is sinds zijn…
Gerechtshof 's-Hertogenbosch|24 juli 2024|ECLI:NL:GHSHE:2024:2409
4 AWR en art. 4, lid 2, letter a, Belastingverdrag Nederland-Turkije. Belanghebbende is sinds zijn pensionering werkzaam als piloot voor een Turkse luchtvaartmaatschappij. Belanghebbende heeft een appartement in Turkije. De echtgenote … conclusie dat belanghebbende in het onderhavige jaar in Nederland woonde in de zin van artikel 4 AWR. De inspecteur heeft belanghebbende dan ook terecht als binnenlandse belastingplichtige aangemerkt. Woonplaats van belanghebbende onder
- BelastingrechtHoger beroepKB-Lux. In geschil is een groot aantal vragen. I. Mag de uit België ontvangen informatie, meer specifiek de…
Gerechtshof 's-Hertogenbosch|3 oktober 2014|ECLI:NL:GHSHE:2014:4002Aangehaald in 5 uitspraken
tijdig, dat wil zeggen voor ommekomst van de 12-jaarstermijn bedoeld in artikel 16, lid 4, AWR ter post bezorgd? (b) Heeft de Inspecteur bij het voorbereiden en opleggen van de aanslagen
- BelastingrechtHoger beroepArt. 4 AWR. Verdrag Nederland-Zweden. Inwonerschap. Toekenning heffingskorting. Belanghebbende en haar…
Gerechtshof 's-Hertogenbosch|19 september 2019|ECLI:NL:GHSHE:2019:3791
4 AWR. Verdrag Nederland-Zweden. Inwonerschap. Toekenning heffingskorting. Belanghebbende en haar echtgenoot genieten van pensioen en wonen acht tot negen maanden per jaar in Zweden. Het Hof acht echter de duurzame banden
- BelastingrechtHoger beroepArt. 4 AWR. Verdrag Nederland-Zweden. Inwonerschap. Toekenning heffingskorting. Belanghebbende en zijn…
Gerechtshof 's-Hertogenbosch|19 september 2019|ECLI:NL:GHSHE:2019:3472
4 AWR. Verdrag Nederland-Zweden. Inwonerschap. Toekenning heffingskorting. Belanghebbende en zijn echtgenote genieten van pensioen en wonen acht tot negen maanden per jaar in Zweden. Het Hof acht echter de duurzame banden
- BelastingrechtHoger beroepDe inspecteur heeft naar aanleiding van belanghebbendes aangifte een aantal vragenbrieven aan belanghebbende…
Gerechtshof 's-Hertogenbosch|4 augustus 2010|ECLI:NL:GHSHE:2010:BO3298
berekend. Voorts beslist het hof dat de inspecteur niet in strijd met art. 25, lid 4, AWR (hoorplicht) heeft gehandeld nu niet is gebleken dat belanghebbende in de bezwaarfase heeft verzocht
- BelastingrechtHoger beroepTardiefverklaring van stukken. Vereiste aangifte; geen omkering en verzwaring bewijslast voor het jaar 2016…
Gerechtshof 's-Hertogenbosch|21 juni 2023|ECLI:NL:GHSHE:2023:3805
Tardiefverklaring van stukken. Vereiste aangifte; geen omkering en verzwaring bewijslast voor het jaar 2016. Art. 4 AWR en art. 4 Verdrag Nederland-Polen; belanghebbende is inwoner van Nederland. Belanghebbende is geen ondernemer
- BelastingrechtHoger beroepBelanghebbende erft van overleden echtgenoot (onder meer) tegoeden op een verzwegen buitenlandse…
Gerechtshof 's-Hertogenbosch|30 januari 2015|ECLI:NL:GHSHE:2015:302
recht van successie op met gebruikmaking van de verlengde navorderingstermijn van artikel 16, lid 4, AWR. In geschil is (A) of de Inspecteur bij het voorbereiden en opleggen van de navorderings¬aanslag
- BelastingrechtHoger beroepArtikel 16 van de AWR. Navordering. In het buitenland opgekomen. Is sprake van winstbestanddelen waarvan de…
Gerechtshof 's-Hertogenbosch|15 maart 2019|ECLI:NL:GHSHE:2019:1020
overwogen: “2.3. Bij de behandeling van het middel wordt het volgende vooropgesteld. Artikel 16, lid 4, AWR voorziet in een verlengde navorderingstermijn ter zake van in het buitenland gehouden vermogensbestanddelen … middel betoogt voorts met een beroep op doel en strekking van artikel 16, lid 4, AWR dat niet-aangegeven winstbestanddelen als de onderhavige met toepassing van de verlengde navorderingstermijn in de heffing
- BelastingrechtHoger beroepIn geschil zijn de opgelegde (navorderings)aanslagen IB/PVV over de jaren 2002 tot en met 2013. De inspecteur…
Gerechtshof 's-Hertogenbosch|23 juli 2020|ECLI:NL:GHSHE:2020:2353
In geschil zijn de opgelegde (navorderings)aanslagen IB/PVV over de jaren 2002 tot en met 2013. De inspecteur heeft verzuimd alle op de zaak betrekking hebbende stukken over te leggen. Aan het niet overleggen van een deel van die stukken verbindt het Hof consequenties: de inspecteur beschikt niet over een nieuw feit…
- BelastingrechtHoger beroepHet hof is van oordeel dat de onbeperkte navorderingstermijn van artikel 66, lid 3, Successiewet 1956 niet…
Gerechtshof 's-Hertogenbosch|2 juli 2020|ECLI:NL:GHSHE:2020:1996
waarop de belastingschuld is ontstaan. In afwijking van het derde lid, bepaalt artikel 16, lid 4, AWR, dat de bevoegdheid tot navorderen vervalt door verloop van twaalf jaren na het tijdstip waarop … artikellid bepaalt dat voor de heffing van erfbelasting in afwijking van artikel 16, lid 4, AWR, de bevoegdheid tot het vaststellen van een navorderingsaanslag niet vervalt. Per 1 januari 2018 is laatstbedoeld
- BelastingrechtHoger beroepArtikel 5.19, lid 1, Wet IB 2001, waarde in het economische verkeer; artikel 16, lid 1, AWR, nieuw feit…
Gerechtshof 's-Hertogenbosch|1 juni 2022|ECLI:NL:GHSHE:2022:2261
Artikel 5.19, lid 1, Wet IB 2001, waarde in het economische verkeer; artikel 16, lid 1, AWR, nieuw feit; artikel 11, lid 3, AWR, tijdigheid aanslag; artikel 8:42 Awb, op de zaak betrekking hebbende stukken; de hoorplicht; algemene beginselen van behoorlijk bestuur; dwangsom; schadevergoeding ex artikel 8:73 Awb;…
- BelastingrechtHoger beroepKB-Lux affaire. Tussen partijen is niet in geschil dat belanghebbende houder van een rekening was bij de…
Gerechtshof 's-Hertogenbosch|12 december 2013|ECLI:NL:GHSHE:2013:6033
KB-Lux affaire. Tussen partijen is niet in geschil dat belanghebbende houder van een rekening was bij de KB-Lux en dat deze rekening in juli 1995 is opgeheven. De fiche vertoont een saldo per 31 januari 1994 van hfl 20.000. Belanghebbende stelt gemotiveerd dat de rekening wegens gering saldo werd opgeheven. Volgens…
- BelastingrechtHoger beroepInformatiebeschikking vennootschapsbelasting 2012 is terecht opgelegd, omdat niet aan de informatieplicht is…
Gerechtshof 's-Hertogenbosch|12 juni 2020|ECLI:NL:GHSHE:2020:1744
vestigingsplaats van [belanghebbende] . (…) 4. Visie omtrent fiscale vestigingsplaats [belanghebbende] (…) 4.1.2. Conclusie ten aanzien van artikel 4 Awr (…) kan niet met zekerheid worden gesteld dat [belanghebbende] in Nederland of in Luxemburg is gevestigd … belanghebbende] De bepaling van de vestigingplaats voor verdragsdoeleinden komt overeen met de criteria voor artikel 4 Awr. De ter beschikking gestelde gegevens geven geen uitsluitsel over de plaats waar de werkelijke leiding
- Civiel recht overigHoger beroep kort gedingkort geding gericht op het verstrekken van gegevens op grond van artikel 47 en 49 AWR. Hogere dwangsommen in…
Gerechtshof 's-Hertogenbosch|10 februari 2015|ECLI:NL:GHSHE:2015:454
appellant] c.s.) bekend te maken. (…) 3.5. (…) Vooropgesteld moet worden dat art. 52a lid 4 AWR (hof: dat de informatiebeschikking regelt) de mogelijkheid openlaat van een civiele procedure (…) indien een (vermoedelijk) belastingplichtige niet
- BelastingrechtHoger beroepIB. Inwoner van Duitsland die niet premieplichtig is voor de volksverzekeringen. De op het Nederlandse…
Gerechtshof 's-Hertogenbosch|8 oktober 2025|ECLI:NL:GHSHE:2025:2782
reden kan hij geen aanspraak maken op toepassing van artikel 30fc, lid 4, AWR. Zoals de inspecteur terecht heeft gesteld heeft hij de belastingrente over een te korte periode berekend … AWR in verbinding met artikel 9 Invorderingswet. Artikel 30fc, lid 3, AWR. Artikel 30fc, lid 4, AWR. Vgl. Hoge Raad 15 december 2017, ECLI:NL:HR:2017:3126. Hoge Raad 10 december
- BelastingrechtHoger beroepBelanghebbende doet aangifte IB/PVV 1997 naar een inkomen van nihil. De Inspecteur stelt de aanslag 1997 vast…
Gerechtshof 's-Hertogenbosch|3 oktober 2019|ECLI:NL:GHSHE:2019:3654
Belanghebbende doet aangifte IB/PVV 1997 naar een inkomen van nihil. De Inspecteur stelt de aanslag 1997 vast met een aanzienlijke correctie. Het na verloop van de termijn daartegen gemaakte bezwaar, acht het Hof ten onrechte niet-ontvankelijk verklaard. Hoewel het aanslagbiljet tijdig naar het juiste adres in Polen…
Zoektips
Een ECLI (ook kort, zoals HR:2020:2020), LJN of vindplaats (NJ 2019/123) opent direct de uitspraak. Gebruik aanhalingstekens voor een exacte woordgroep (“ontslag op staande voet”), OR voor alternatieven (huur OR pacht), een sterretje voor woorddelen (huur* vindt ook huurder) en een minteken om een woord uit te sluiten.