14 uitspraken gevonden
Sorteer op: Relevantie
- Civiel recht overigHoger beroepVerklaringsprocedure waarin eerst in hoger beroep alsnog een verklaring wordt afgelegd.
Gerechtshof 's-Hertogenbosch|23 oktober 2018|ECLI:NL:GHSHE:2018:4330
laste van [de vennootschap] onder [appellant] executoriaal derdenbeslag gelegd en hem op grond van artikel 476a Rv verzocht een verklaring af te leggen. Dit verzoek is daarna door de deurwaarder en door … instructie van [appellant] namens hem is gezet. Volgens [appellant] is hiermee een verklaring ex artikel 476a Rv juncto artikel 476b Rv afgelegd en dient de vordering van [geïntimeerde] alsnog afgewezen te worden
- Civiel recht overigHoger beroepGerechtshof 's-Hertogenbosch · Hoger beroep · Civiel recht overig
Gerechtshof 's-Hertogenbosch|10 januari 2002|ECLI:NL:GHSHE:2002:AD8680
dier voege dat gelet op de gelijkstelling met de faillissementssituatie het bepaalde in artikel 476a Rv buiten werking dient te blijven. 2.2. Bij memorie van antwoord heeft de Ontvanger de grief bestreden … door de Ontvanger, in gebreke gebleven met het doen van verklaring als bedoeld in artikel 476a Rv. 4.1.4. In deze procedure vordert de curator, verkort en zakelijk weergegeven, primair
- Civiel recht overigHoger beroepDevolutieve werking. Verklaringsprocedure.
Gerechtshof 's-Hertogenbosch|27 oktober 2009|ECLI:NL:GHSHE:2009:BK7560
voornoemde veroordeling. d. Op 2 november 2006 heeft [Z.] een verklaring, zoals bedoeld in artikel 476a Rv, afgelegd (prod. 6 inl. dagv.). Deze verklaring hield kort weergegeven in dat [Z.] geen betalingsverplichting … volgende gronden te slagen. Op grond van artikel 720 Rv is artikel 476a Rv van overeenkomstige toepassing voor het conservatoir derdenbeslag. Dit betekent dat zowel bij executoriaal als conservatoir beslag een derdebeslagene
- Civiel recht overigHoger beroepbetwisting verklaring derde-beslagene, art. 477a lid 2 Rv
Gerechtshof 's-Hertogenbosch|20 oktober 2015|ECLI:NL:GHSHE:2015:4181
onder [geïntimeerde] . h) Op 1 februari 2013 heeft [geïntimeerde] een verklaring als bedoeld in artikel 476a Rv (verklaring derdenbeslag) afgelegd. [geïntimeerde] heeft verklaard dat er tussen hem en [bestuurder] geen enkele rechtsverhouding … zijn gewijzigde vordering dat in het geval van dat een op de voet van art. 476a Rv door een derde afgelegde verklaring onjuist mocht worden geoordeeld, de derde niet tot een hogere
- Civiel recht overigHoger beroepArtikel 477a Rv. Verklaringsprocedure bij executoriaal beslag. Derde-beslagenen hebben niet voldaan aan hun…
Gerechtshof 's-Hertogenbosch|15 januari 2019|ECLI:NL:GHSHE:2019:91
procedure stelt [geïntimeerde] dat [appellante] en [appellant] geen deugdelijke verklaringen in de zin van artikel 476a Rv hebben afgelegd. Op grond daarvan heeft [geïntimeerde] [appellante] en [appellant] aangesproken op betaling
- Burgerlijk procesrechtHoger beroepIncident ex artikel 477a lid 2 Rv zekerheidstelling voor de proceskosten
Gerechtshof 's-Hertogenbosch|18 juli 2023|ECLI:NL:GHSHE:2023:2368
deugdelijke en gemotiveerde verklaring te overleggen die voldoet aan het bepaalde in de artikelen 476a Rv en 476b Rv. e) In het bestreden vonnis heeft de rechtbank de vorderingen van [appellante] afgewezen
- Civiel recht overigHoger beroep kort gedingExecutiegeschil beslag Is er nog belang bij het executiegeschil nadat de derdenbeslagene verklaring heeft…
Gerechtshof 's-Hertogenbosch|10 juni 2014|ECLI:NL:GHSHE:2014:1739
bank heeft bij brief van 16 augustus 2013 de verklaring als bedoeld in artikel 476a Rv afgelegd. Deze verklaring is door de deurwaarder van de vrouw, S. Janssen, bij brief
- Civiel recht overigHoger beroepVerklaringsprocedure na derdenbeslag. Bewijslast ten aanzien van de ondeugdelijkheid van de verklaring.
Gerechtshof 's-Hertogenbosch|21 januari 2014|ECLI:NL:GHSHE:2014:79
augustus 2011 aan [appellante] betekend. Ter uitvoering van haar verplichting ex artikel 476a Rv heeft [appellante] op 25 oktober 2011 in een brief aan de advocaat van [geintimeerden c.s.] als volgt verklaard
- Civiel recht overigHoger beroep kort gedingHet hof stelt vast dat een voorziening strekkende tot betaling van een geldsom in kort geding slechts…
Gerechtshof 's-Hertogenbosch|9 maart 2004|ECLI:NL:GHSHE:2004:AO6191
worden. g) Namens de rechtspersonen heeft [voormalig echtgenoot] op 16 december 2002 de in artikel 476a Rv bedoelde verklaring afgelegd, en daarin gesteld dat de rechtspersonen niets aan [voormalig echtgenoot] verschuldigd zijn
- Civiel recht overigHoger beroepHet hof overweegt hierover het volgende. In artikel 479a Rv gaat het om de vaststelling van een fictieve…
Gerechtshof 's-Hertogenbosch|17 juli 2007|ECLI:NL:GHSHE:2007:BB1669
Door SPH is op 20 juli 2001 de verklaring afgelegd als bedoeld in artikel 476a Rv. SPH heeft daarin verklaard dat tussen haar en "oud-directeur SPH" geen enkele rechtsverhouding bestaat
- Civiel recht overigHoger beroepcontractuele verrekening werkt ook tegen latere beslagleggers, ook al is aan de wettelijke verrekeningseisen…
Gerechtshof 's-Hertogenbosch|26 mei 2015|ECLI:NL:GHSHE:2015:1886
dagv.) g) [Cargo Care] heeft op 28 april 2011 verklaring gedaan als bedoeld in art. 476a Rv (prod. 6 inl. dagv.). In die verklaring is - onder meer - vermeld dat [Cargo Care
- Burgerlijk procesrechtHoger beroepOntvankelijkheid in het verzet tegen een verstekvonnis. Toepassing artikel 143 lid 3 Rv in verbinding met…
Gerechtshof 's-Hertogenbosch|16 augustus 2022|ECLI:NL:GHSHE:2022:2830
ontvangst bevestigt van de door de gemeente Pijnacker-Nootdorp toen kennelijk verstrekte verklaring ex artikel 476a Rv en mededeelt dat de gemeente Pijnacker-Nootdorp gehouden is om de daarin genoemde bedragen
- Civiel recht overigHoger beroepIn eerste aanleg heeft eiser er meerdere malen over geklaagd dat de rolrechter jegens hem niet partijdig was…
Gerechtshof 's-Hertogenbosch|20 december 2016|ECLI:NL:GHSHE:2016:5608
inleidende dagvaarding). [Vastgoed Ontwikkeling] en Laroke hebben elk op de voet van artikel 476a Rv verklaard dat er tussen hen en 3L geen enkele rechtsverhouding bestaat of heeft bestaan uit hoofde waarvan
- Civiel recht overigHoger beroepverdeling executie-opbrengst; renvooiprocedure ex art. 486 lid 1 Rv.; bevel tot het verstrekken van…
Gerechtshof 's-Hertogenbosch|24 december 2013|ECLI:NL:GHSHE:2013:6303
kosten. e. SPH heeft op 20 juli 2001 de verklaring afgelegd als bedoeld in artikel 476a Rv. SPH heeft toen verklaard dat tussen haar en [directeur van SPH] geen enkele rechtsverhouding heeft
Zoektips
Een ECLI (ook kort, zoals HR:2020:2020), LJN of vindplaats (NJ 2019/123) opent direct de uitspraak. Gebruik aanhalingstekens voor een exacte woordgroep (“ontslag op staande voet”), OR voor alternatieven (huur OR pacht), een sterretje voor woorddelen (huur* vindt ook huurder) en een minteken om een woord uit te sluiten.