748 uitspraken gevonden
Sorteer op: Relevantie
- Civiel recht overigCassatieBopz, procesrecht. Machtiging voortzetting inbewaringstelling. Doorbreking rechtsmiddelverbod van art. 29 lid…
Hoge Raad|4 mei 2018|ECLI:NL:HR:2018:684Aangehaald in 5 uitspraken
2008/607). 3.2.2 Namens betrokkene wordt geklaagd dat de rechtbank in strijd met art. 30p lid 1 Rv mondeling uitspraak heeft gedaan, nu de officier van justitie niet ter zitting aanwezig was, terwijl … 1 Rv bepaalt dat uitsluitend mondeling uitspraak kan worden gedaan indien alle partijen op de mondelinge behandeling zijn verschenen; de rechtbank heeft aldus in strijd met de wet, en derhalve
- Civiel recht overigPrejudiciële beslissingPrejudiciële vragen (art. 392 Rv). Arbeidsrecht, Wwz. Transitievergoeding (art. 7:673 BW). Uitsluiting van…
Hoge Raad|20 april 2018|ECLI:NL:HR:2018:651Aangehaald in 26 uitspraken
worden toegepast?” Beide partijen hebben schriftelijke opmerkingen als bedoeld in art. 393 lid 1 Rv ingediend. Na daartoe desgevraagd in de gelegenheid te zijn gesteld, heeft mr. K. Teuben, advocaat … vragen niet nodig om op het verzoek van [verzoeker] te beslissen (vgl. art. 392 lid 1 Rv). 3.3.3 In deze prejudiciële procedure is de vraag aan de orde of de hiervoor genoemde
- Civiel recht overigPrejudiciële beslissingPrejudiciële vragen (art. 392 Rv). Onderbewindstelling en mentorschap. Verzoek tot ontslag…
Hoge Raad|18 juni 2021|ECLI:NL:HR:2021:950Aangehaald in 14 uitspraken
gesteld. Verzoekster en de belanghebbenden hebben geen schriftelijke opmerkingen als bedoeld in art. 393 lid 1 Rv ingediend. De conclusie van de Advocaat-Generaal R.H. de Bock strekt tot beantwoording … verzoekster. Verzoekster is dan ook geen belanghebbende in de zin van artikel 798 lid 1 Rv. 5.5 In zaken van curatele, onderbewindstelling of mentorschap worden op grond van artikel
- Civiel recht overigCassatieBopz, nieuwe voorwaardelijke machtiging; wijziging van geldigheidsduur bij herstelbeschikking…
Hoge Raad|14 december 2007|ECLI:NL:HR:2007:BC0165
dictum van de beschikking van 12 juni 2007 op de voet van art. 31 lid 1 Rv. heeft verbeterd. Het cassatiemiddel klaagt in onderdeel 1 dat de rechtbank in strijd … 1 Rv. is overgegaan tot deze verbetering zonder betrokkene, althans haar advocaat, vooraf in de gelegenheid te hebben gesteld zich daarover uit te laten, en klaagt in onderdeel 2 dat de rechtbank
- Civiel recht overigCassatieProcesrecht. Betekening; kantoorbetekening (art. 63 Rv.) wordt overgelaten aan het nationale recht en…
Hoge Raad|4 februari 2011|ECLI:NL:HR:2011:BP3105
Australië. 2.2 Betekening van de cassatiedagvaarding heeft plaatsgevonden op de voet van art. 63 lid 1 Rv. aan het kantoor van mr. M.C. van der Giessen en mr. B.E. van der Molen … vraag of betekening van de cassatiedagvaarding op de voet van art. 63 lid 1 Rv. (hierna: kantoorbetekening) volstaat voor verstekverlening heeft de Hoge Raad in zijn arrest van heden (nr. 10/04456) bevestigend
- Burgerlijk procesrechtCassatieProcesrecht. Bewijsrecht. Art. 843a Rv. Vordering tot inzage in bescheiden die behoren tot eigen…
Hoge Raad|29 november 2024|ECLI:NL:HR:2024:1773Aangehaald in 12 uitspraken
vormen of daartoe behoren, hebben Belba c.s. op de voet van art. 843a lid 1 Rv in beginsel recht op inzage in die bestanden. In dit verband moet worden aangenomen … geen recht op inzage bestaat. De daarmee verband houdende kosten komen ingevolge art. 843a lid 1 Rv voor rekening van de partij die inzage vordert. De rechter dient in gevallen als hier
- Civiel recht overigPrejudiciële beslissingPrejudiciële vragen (art. 392 Rv). Effectenleaseovereenkomst. Buitengerechtelijke vernietiging o.g.v. art…
Hoge Raad|24 april 2020|ECLI:NL:HR:2020:810Aangehaald in 30 uitspraken
Hoge Raad gesteld. Beide partijen hebben schriftelijke opmerkingen als bedoeld in art. 393 lid 1 Rv ingediend. De conclusie van de Advocaat-Generaal E.M. Wesseling-van Gent strekt tot beantwoording … 1:89 lid 4 BW). Gezag van gewijsde 2.7.1 Ingevolge art. 236 lid 1 Rv hebben beslissingen die de rechtsbetrekking in geschil betreffen en die zijn vervat in een in kracht
- Civiel recht overigCassatieArbitrage. Internationaal privaatrecht. Staat tegen de verlening van verlof tot tenuitvoerlegging in…
Hoge Raad|1 mei 2015|ECLI:NL:HR:2015:1194Aangehaald in 24 uitspraken
Rv) in verbinding met art. IV Verdrag van New York en art. 986 lid 1 Rv, dan wel art. 1076 lid 6 (oud en nieuw) in verbinding met art. 986 lid 1
- Burgerlijk procesrechtCassatieProcesrecht. Zekerheidstelling voor proceskosten (art. 224 Rv). Vrijstelling van verplichting tot…
Hoge Raad|25 november 2022|ECLI:NL:HR:2022:1740Aangehaald in 17 uitspraken
vestigingsplaats in Nederland. Dat betekent dat aan de voorwaarden voor toepassing van art. 224 lid 1 Rv in verbinding met art. 353 lid 2 Rv is voldaan en dat de vordering … voortvloeit dat FISA als Colombiaanse partij geen verplichting heeft tot zekerheidstelling. 3.1.2 Art. 224 lid 1 Rv bepaalt dat allen zonder woonplaats of gewone verblijfplaats in Nederland die bij een Nederlandse rechter
- Personen- en familierechtCassatieProcesrecht; familierecht. Relatieve bevoegdheid rechter in zaken betreffende onderbewindstelling…
Hoge Raad|26 november 2021|ECLI:NL:HR:2021:1770Aangehaald in 5 uitspraken
rechter van de woonplaats van degene wiens goederen het betreft. Art. 270 lid 1 Rv houdt in dat indien de rechter, zo nodig ambtshalve, beslist dat niet hij, maar een andere rechter … belang is er evenzeer indien de rechter op de voet van art. 270 lid 1 Rv ambtshalve, al dan niet uitdrukkelijk, heeft geoordeeld dat hij relatief bevoegd
- ArbeidsrechtCassatiePrejudiciële vragen (art. 392 Rv). Arbeidsrecht. Art. 7:610 BW. Vordering werknemersorganisatie op voet van…
Hoge Raad|21 februari 2025|ECLI:NL:HR:2025:319Aangehaald in 29 uitspraken
Uber, de Chauffeurs en FNV hebben ieder schriftelijke opmerkingen als bedoeld in art. 393 lid 1 Rv ingediend. De conclusie van de Advocaat-Generaal R.H. de Bock strekt tot beantwoording prejudiciële vragen
- Civiel recht overigCassatieOnrechtmatige overheidsdaad. Jeugdrecht. Heeft de Raad voor de kinderbescherming jegens de moeder…
Hoge Raad|19 oktober 2018|ECLI:NL:HR:2018:1976Aangehaald in 19 uitspraken
beoordeling van de belangen van de minderjarige noodzakelijk acht (art. 810 lid 1 Rv). De Raad kan in deze zaken ook uit eigen beweging zijn mening schriftelijk aan de rechter kenbaar maken … Kindermishandeling daarom verzoekt (‘beschermingsonderzoek’). 3.4.2 Indien de Raad op de voet van art. 810 lid 1 Rv door de rechter om advies wordt gevraagd, geldt wat betreft de eisen waaraan het onderzoek
- Civiel recht overigCassatieProcesrecht. Hoger beroep, ontvankelijkheid; niet (tijdig) inschrijven ter rolle, aanhangigheid…
Hoge Raad|8 februari 2008|ECLI:NL:HR:2008:BC3835Aangehaald in 5 uitspraken
slechts een algemene klacht en onderdeel 1.1 bevat geen klacht) terecht. Ingevolge art. 125 lid 1 Rv. (krachtens art. 353 lid 1 Rv. in hoger beroep van overeenkomstige toepassing) is het geding
- Personen- en familierechtCassatie in het belang der wetFamilie- en jeugdrecht. Cassatie in het belang der wet. Kan rechter ambtshalve dwangsom verbinden aan…
Hoge Raad|13 oktober 2023|ECLI:NL:HR:2023:1459Aangehaald in 8 uitspraken
autoriteiten voortvloeiende uit art. 8 EVRM) hiervoor evenmin een grondslag biedt. 3.2 Art. 611a lid 1 Rv luidt als volgt: “1. De rechter kan op vordering van een der partijen de wederpartij … omgangsregeling. 3.4 Uit de tekst van art. 1 lid 1 EW en art. 611a lid 1 Rv, de wetsgeschiedenis en de rechtspraak van het Benelux-Gerechtshof en de Hoge Raad blijkt
- Civiel recht overigCassatieHoge Raad · Cassatie · Civiel recht overig
Hoge Raad|12 januari 2001|ECLI:NL:HR:2001:AA9433
gericht tegen de verwerping door het hof van het beroep op art. 81 lid 1 Rv. Het betoogt dat het ervoor moet worden gehouden dat het vonnis aan de rechtspersoon bekend … alvorens een veroordeling definitief is.(7) 2.10 Wat betreft de verzettermijn bepaalt art. 81 lid 1 Rv. zakelijk weergegeven dat verzet moet worden gedaan binnen veertien dagen na betekening van het verstekvonnis
- Civiel recht overigPrejudiciële beslissingPrejudiciële procedure (art. 392 Rv). Personen- en familierecht. Ondertoezichtstelling en uithuisplaatsing…
Hoge Raad|21 mei 2021|ECLI:NL:HR:2021:748Aangehaald in 15 uitspraken
Hoge Raad gesteld. Partijen hebben geen schriftelijke opmerkingen als bedoeld in art. 393 lid 1 Rv ingediend. De conclusie van de Advocaat-Generaal M.L.C.C. Lückers strekt tot beantwoording van de prejudiciële vragen … nodig is om op de verzoeken van de gecertificeerde instelling te beslissen (art. 392 lid 1 Rv). Daarin ziet de Hoge Raad aanleiding om deze vragen niet te beantwoorden. 3 Beslissing
- Civiel recht overigCassatiePrejudiciële vraag (art. 392 Rv). Vermogensrecht. Financieel recht. Is vordering van een bank uit geldlening…
Hoge Raad|10 juli 2020|ECLI:NL:HR:2020:1274Aangehaald in 30 uitspraken
Hoge Raad gesteld. Beide partijen hebben schriftelijke opmerkingen als bedoeld in art. 393 lid 1 Rv ingediend. Na daartoe desgevraagd in de gelegenheid te zijn gesteld, hebben F.E. Vermeulen, advocaat
- InsolventierechtCassatieFaillissementsrecht. Geschil tussen een curator en een bank over het door de rechter-commissaris afgewezen…
Hoge Raad|6 oktober 2006|ECLI:NL:HR:2006:AX8295Aangehaald in 15 uitspraken
verhoor ex art. 66 Fw niet de bewijskracht toekomt ex artikel 192 lid 1 Rv. Het voorgaande leidt tot de conclusie dat de Bank in het kader van een getuigenverhoor ex artikel … punt slechts heeft bestreden op de grond dat, behoudens de in art. 27 lid 1 Rv. genoemde uitzonderingen, het verhoor ter openbare terechtzitting dient plaats te vinden, en deze grond hiervoor onjuist
- Burgerlijk procesrechtCassatieProcesrecht, beslagrecht. Conservatoir beslag. Art. 700 lid 3 Rv; eis in hoofdzaak tijdig ingesteld?…
Hoge Raad|25 mei 2018|ECLI:NL:HR:2018:773Aangehaald in 8 uitspraken
naar zijn aard ertoe over te gaan in een executoriaal beslag (vgl. art. 704 lid 1 Rv). De overgang van het beslag in de executoriale fase wordt bewerkstelligd door een voor tenuitvoerlegging … daarvan bij het gerecht (art. 278 lid 2 Rv in verbinding met art. 69 lid 1 Rv) en is een procedure onder het KEI-procesrecht aanhangig met ingang van de dag waarop
- InsolventierechtCassatieProcesrecht. Insolventierecht. Surseance van betaling. Akkoord aan schuldeisers aangeboden. Beslissingen…
Hoge Raad|8 december 2017|ECLI:NL:HR:2017:3110Aangehaald in 9 uitspraken
ontbreken, wat in de verzoekschriftprocedure ingevolge art. 358 lid 2 Rv respectievelijk art. 426 lid 1 Rv een termijn van drie maanden zou opleveren. Indien het gaat om beslissingen waarop het verbod … gewone termijn van drie maanden vanart. 358 lid 2 Rv respectievelijk art. 426 lid 1 Rv, maar ook van de regel van art. 426 lid 2 Rv dat in de gevallen waarin
Zoektips
Een ECLI (ook kort, zoals HR:2020:2020), LJN of vindplaats (NJ 2019/123) opent direct de uitspraak. Gebruik aanhalingstekens voor een exacte woordgroep (“ontslag op staande voet”), OR voor alternatieven (huur OR pacht), een sterretje voor woorddelen (huur* vindt ook huurder) en een minteken om een woord uit te sluiten.