47 uitspraken gevonden
Sorteer op: Relevantie
- Strafrecht overigCassatieArtt. 126g, 152, 359a Sv. Aanhouding t.z.v. winkeldiefstal na observatie door ‘veelplegersteam’. Verdachte is…
Hoge Raad|13 november 2012|ECLI:NL:HR:2012:BW9338Aangehaald in 52 uitspraken
zojuist overwogene vloeit voort dat het ontbreken van een verdenking in de zin van art. 27 Sv niet meebrengt dat dergelijke kortstondige en beperkte observaties onrechtmatig zijn aangevangen. Niettemin zullen … onderzoek gerekend moeten worden ingeval (mede) door de observaties een verdenking als bedoeld in art. 27 Sv ontstaat en verdergaande opsporingsbevoegdheden worden toegepast. Overschrijding van de grenzen waarbinnen zulke, niet krachtens
- Strafrecht overigCassatieVerwerping verweer bewijsuitsluiting resultaten fotoconfrontaties. De stellingen waarop het middel berust, te…
Hoge Raad|10 september 2013|ECLI:NL:HR:2013:682
onverdachte personen». Dit begrip is niet bedoeld als wettelijke tegenpool van het verdachtebegrip van artikel 27 Sv in de zin dat daaronder worden verstaan alle personen die geen verdachte (als bedoeld … artikel 27 Sv) zijn. Tot de categorie van personen als bedoeld in artikel 5a, eerste lid, behoren alleen diegenen over wie de politie gegevens heeft verkregen of vergaard die duiden op betrokkenheid
- Strafrecht overigCassatieOM-cassatie. Beklag, beslag ex art. 94 Sv op auto onder klager t.z.v. verdenking van witwassen. Redelijk…
Hoge Raad|3 april 2018|ECLI:NL:HR:2018:502Aangehaald in 18 uitspraken
gepersisteerd bij het standpunt dat er geen sprake was van een concrete verdenking ex artikel 27 Sv jegens klager op het moment dat de auto in beslag genomen werd. Het beslag
- Civiel recht overigCassatieKort geding tegen de Staat. Wet Kraken en Leegstand; art. 138a Sr, art. 551a Sv. Legitimiteit…
Hoge Raad|28 oktober 2011|ECLI:NL:HR:2011:BQ9880Aangehaald in 85 uitspraken
heeft geoordeeld dat deze ontruimingsbevoegdheid reeds bestaat bij een verdenking (in de zin van art. 27 Sv) van het misdrijf van art. 138a Sr. 3.2.2 De klachten falen. Het oordeel
- Strafrecht overigCassatieOM-cassatie. Lijfsvisitatie 100% controles Schiphol o.g.v. art. 17 Douanewet. Hof heeft om…
Hoge Raad|29 mei 2007|ECLI:NL:HR:2007:AZ8795Aangehaald in 13 uitspraken
worden dat aan douanecontrole onderworpen personen, die geen verdachten zijn in de zin van artikel 27 Sv, met betrekking tot de bescherming van de integriteit van hun lichaam in een slechtere positie
- Strafrecht overigCassatieHoge Raad · Cassatie · Strafrecht overig
Hoge Raad|19 december 1995|ECLI:NL:HR:1995:ZD0328Aangehaald in 73 uitspraken
wordt gepleegd en dus ook nog niet een verdachte als bedoeld in art. 27 Sv aanwijsbaar is. Het onderdeel kan reeds daarom niet tot cassatie leiden, omdat het uitgaan van een verkeerde
- Strafrecht overigCassatie1. Verband tussen bewijsverkrijging en mogelijk onrechtmatig handelen politie. 2. Eisen aan verweer ex art…
Hoge Raad|24 februari 2004|ECLI:NL:HR:2004:AO1830Aangehaald in 5 uitspraken
omdat toen nog geen sprake was van een verdenking in de zin van art. 27 Sv. Dat heeft, aldus de raadsman, tot gevolg dat sprake is van onrechtmatig verkregen bewijs zodat vrijspraak
- Strafrecht overigCassatieAlleen t.a.v. een persoon die wordt verdacht van overtreding van art. 8 WVW 1994 kan de procedure strekkende…
Hoge Raad|6 september 2005|ECLI:NL:HR:2005:AT3993Aangehaald in 8 uitspraken
betrokkene zijn verricht - alleen aan degene die verdachte in de zin van art. 27 Sv is, toestemming kan worden gevraagd tot het verrichten van een bloedonderzoek. 3.3. De bestreden uitspraak houdt, voorzover
- Civiel recht overigCassatieOnrechtmatige overheidsdaad. Aansprakelijkheid van de Staat voor de gevolgen van strafvorderlijk optreden…
Hoge Raad|12 juli 2013|ECLI:NL:HR:2013:BZ7397
moment van het strafvorderlijk optreden nog geen verdachte in de zin van art. 27 Sv is, maar die nadien, met gebruikmaking van de bevindingen van dat strafvorderlijk optreden, als verdachte is aangemerkt
- Strafrecht overigCassatie1. 100%-controles Schiphol. 2. Bewijsmotivering voorwaardelijk opzet invoer cocaïne. Ad 1. De cocaïne…
Hoge Raad|2 oktober 2007|ECLI:NL:HR:2007:BA7911Aangehaald in 7 uitspraken
gesteld als voldoende feiten en omstandigheden waarop een redelijke verdenking in de zin van artikel 27 Sv kan worden gebaseerd, waardoor de vruchten verkregen door de onredelijke verdenking dienen te worden uitgesloten
- Strafrecht overigCassatieHoge Raad · Cassatie · Strafrecht overig
Hoge Raad|5 juni 1990|ECLI:NL:HR:1990:ZC8540
berust niet op een onjuiste opvatting omtrent het bepaalde in het eerste lid van art. 27 Sv. Het is evenmin onbegrijpelijk. Dat oordeel steunt op omstandigheden van feitelijke aard, zodat
- Strafrecht overigCassatieHoge Raad · Cassatie · Strafrecht overig
Hoge Raad|3 maart 1987|ECLI:NL:HR:1987:AB8324Aangehaald in 8 uitspraken
redelijk vermoeden van schuld aan een strafbaar feit" in de zin van art. 27 Sv. ook kan hebben bestaan indien bij nader onderzoek mocht blijken dat iemand het feit waarvan
- Strafrecht overigCassatieGesloten stelsel van rechtsmiddelen. De klacht over 's hofs overweging dat een oordeel over de rechtmatigheid…
Hoge Raad|15 mei 2007|ECLI:NL:HR:2007:BA0498
gezegd, aangevoerd dat de aangeleverde CID en DCRI-informatie onvoldoende verdenking als bedoeld in art 27 Sv. vormde om [verdachte] als verdachte aan te merken. Tevens voert
- Strafrecht overigCassatieIn het belang van de opsporing; art. 23 WED; aanwijzingen voldoende.
Hoge Raad|9 maart 1993|ECLI:NL:HR:1993:ZC9268Aangehaald in 5 uitspraken
sprake kan zijn indien een redelijk vermoeden van schuld in de zin van art. 27 Sv is gerezen. 5.2. Deze opvatting kan niet als juist worden aanvaard. Immers, de Memorie van Antwoord
- Civiel recht overigCassatie14 januari 2005 Eerste Kamer Nr. C03/125HR RM/AT Hoge Raad der Nederlanden Arrest in de zaak van: DE STAAT…
Hoge Raad|14 januari 2005|ECLI:NL:HR:2005:AR1522Aangehaald in 6 uitspraken
moet ervan worden uitgegaan dat de verdenking tegen de betrokkene aan de in art. 27 Sv. neergelegde maatstaf beantwoordde, dat strafvorderlijke maatregelen op grond van die verdenking niet onrechtmatig waren
- Strafrecht overigCassatieHet toezenden van op schrift gestelde vragen aan een verdachte is geen verhoor in de zin van art. 29 Sv.
Hoge Raad|1 oktober 1985|ECLI:NL:HR:1985:AB7743
beantwoorden, is ten aanzien van personen die als verdachten in de zin van art. 27 Sv. kunnen worden aangemerkt uitdrukkelijk ontkennend beantwoord in de tweede volzin van het eerste
- Strafrecht overigCassatieVerlaten plaats ongeval, art. 7.1 WVW 1994. Schending informatieplicht art. 27c.2 Sv voor verhoor van…
Hoge Raad|3 december 2024|ECLI:NL:HR:2024:1781
geen redelijk vermoeden van schuld aan een strafbaar feit, in de zin van artikel 27 Sv, was. Dat vermoeden ontstond kennelijk pas nadat de man aan de deur de inleidende vragen
- Strafrecht overigCassatieMedeplegen van kraken, art. 138a Sr. Kan een caravan op een terrein bij twee loodsen worden aangemerkt als…
Hoge Raad|27 maart 2018|ECLI:NL:HR:2018:445
inverzekeringstelling waren bovendien onrechtmatig. Een redelijk vermoeden van schuld in de zin van art. 27 Sv ontbrak. In zijn zaak geldt bovendien dat hij op die grote afstand geen enkele vordering
- Strafrecht overigCassatieMedeplegen diefstal met geweld, art. 312.2 onder 2 Sr. OM n-o in vervolging vanwege “ruisstrategie” als…
Hoge Raad|9 januari 2018|ECLI:NL:HR:2018:18
drie inzittenden door de Officier van Justitie mr. A.F. van Kooij als verdachten ex art. 27 Sv binnen het onderzoek 10STOCKTON aangemerkt. 5. Nader onderzoek In overleg met de Officier van Justitie
- Strafrecht overigCassatie1. Gesprek op straat is i.c. geen verhoor als bedoeld in art. 29 lid 2 Sv. 2. Verdachte was, ondanks zijn…
Hoge Raad|29 september 1981|ECLI:NL:HR:1981:AC7336
straat door verbalisanten werd aangesproken niet als verdachte kon worden aangemerkt, zodat art. 27 Sv. is geschonden. Het Hof overweegt hiertoe zakelijk weergegeven: "dat het de verbalisanten vrijstond
Zoektips
Een ECLI (ook kort, zoals HR:2020:2020), LJN of vindplaats (NJ 2019/123) opent direct de uitspraak. Gebruik aanhalingstekens voor een exacte woordgroep (“ontslag op staande voet”), OR voor alternatieven (huur OR pacht), een sterretje voor woorddelen (huur* vindt ook huurder) en een minteken om een woord uit te sluiten.