62 uitspraken gevonden
Sorteer op: Relevantie
- Burgerlijk procesrechtCassatieProcesrecht. Anticipatie. Ontslag van instantie. Doorbrekingsgrond. Art. 123 Rv. Art. 126 Rv. Art. 127 lid 2…
Hoge Raad|7 oktober 2022|ECLI:NL:HR:2022:1387Aangehaald in 14 uitspraken
instantie worden ontslagen.” 3 Beoordeling van de ontvankelijkheid 3.1 Uit art. 123 lid 5 Rv volgt dat tegen een beslissing tot ontslag van de instantie geen hogere voorziening openstaat. Een wettelijk rechtsmiddelenverbod … zaak, zodat grond bestaat voor doorbreking van het rechtsmiddelenverbod van art. 123 lid 5 Rv. Depra c.s. zijn derhalve ontvankelijk in hun cassatieberoep. 4 Beoordeling van het middel 4.1.1 Onderdeel
- Civiel recht overigCassatieProcesrecht. Caribische zaak. Is voldoende aannemelijk dat het griffierecht in appel tijdig is voldaan?
Hoge Raad|7 februari 2014|ECLI:NL:HR:2014:272Aangehaald in 5 uitspraken
dienen. Dit brengt weer met zich dat [verzoeker] c.s. op grond van artikel 270 lid 5 Rv uiterlijk op 5 januari 2011 het griffierecht hadden moeten betalen, op straffe van het verval … ervan uitgaan dat geen griffierecht is betaald. Met deze vaststelling is ingevolge artikel 270 lid 5 Rv het hoger beroep vervallen. De grieven behoeven geen beoordeling en [verzoeker] c.s. zullen worden veroordeeld
- Civiel recht overigCassatieIPR. Internationale bevoegdheid Nederlandse rechter. Verzoek tot vervangende toestemming voor afgifte…
Hoge Raad|31 oktober 2014|ECLI:NL:HR:2014:3070Aangehaald in 10 uitspraken
geoordeeld dat in het onderhavige geval geen bevoegdheid kan worden ontleend aan art. 5 Rv, aangezien [het kind] haar gewone verblijfplaats niet in Nederland heeft en geen sprake is van een uitzonderlijk … aldus het hof. 3.3 Middel I betoogt dat het hof een onjuiste uitleg aan art. 5 Rv heeft gegeven, terwijl middel II zich keert tegen het oordeel van het hof met betrekking
- Civiel recht overigCassatieInternationaal privaatrecht. Bevoegdheid. Personen- en familierecht. Toepasselijkheid van Verordening Brussel…
Hoge Raad|8 november 2024|ECLI:NL:HR:2024:1594Aangehaald in 8 uitspraken
artikel 5 van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering (Rv). 5.4 Op grond van artikel 5 Rv heeft de Nederlandse rechter in zaken die betrekking hebben op de ouderlijke verantwoordelijkheid geen rechtsmacht, indien … enkele feit dat de minderjarige de Nederlandse nationaliteit bezit. 5.5 De hoofdregel uit artikel 5 Rv brengt mee dat de Nederlandse rechter geen rechtsmacht heeft, omdat de gewone verblijfplaats van [de minderjarige
- Strafrecht overigCassatieJaarrekening rechtspersonen. Vordering procureur-generaal ex art. 999 lid 2 Rv (oud). Geldigheid dagvaarding…
Hoge Raad|5 september 1990|ECLI:NL:HR:1990:AB9154
strijd heeft gehandeld met het voorschrift van artikel 407 lid 4 in verbinding met artikel 5 Rv. Nu met artikel 407 lid 4 Rv geen uitzondering kan zijn bedoeld op de algemeen … geldende, in artikel 5 Rv neergelegde verplichting om woonplaats te kiezen binnen de gemeente waar het betrokken gerecht is gevestigd, is deze klacht gegrond. Dit kan echter, gelet op artikel 94 Rv
- Burgerlijk procesrechtCassatieProcesrecht. Jeugdrecht. Ondertoezichtstelling en machtiging tot uithuisplaatsing. Mondelinge uitspraak. Wat…
Hoge Raad|21 februari 2020|ECLI:NL:HR:2020:320
uitspraak beschikbaar te zijn, bij voorkeur binnen enkele dagen. Overeenkomstig het in art. 30p lid 5 Rv bepaalde, valt hierbij uit te gaan van een termijn van uiterlijk twee weken. De schriftelijke … voet van art. 30p Rv. De overschrijding van de in art. 30p lid 5 Rv genoemde termijn voor het na de mondelinge uitspraak verstrekken van een afschrift van het proces-verbaal, heeft
- Civiel recht overigCassatieArbitrage. Procesrecht. Bilateraal investeringsverdrag. Internationale arbitrage. Onbevoegdverklaring…
Hoge Raad|21 april 2023|ECLI:NL:HR:2023:636
ingevoerde art. 1052 lid 6 Rv dat een onbevoegdverklaring als bedoeld in art 1052 lid 5 Rv geldt als een arbitraal vonnis waarop de eerste afdeling B tot en met de vijfde … wordt gemaakt dat, als de eiser in een vonnis als bedoeld in art. 1052 lid 5 Rv wordt veroordeeld in de kosten van de verweerder voor het voeren van verweer, de verweerder
- Burgerlijk procesrechtCassatie in het belang der wetCassatie in het belang der wet. Erfrecht. Procesrecht. Moeten zaken strekkend tot verkrijging veroordeling…
Hoge Raad|4 april 2025|ECLI:NL:HR:2025:511
kamer voor andere zaken dan kantonzaken heeft geen gewoon rechtsmiddel opengestaan (art. 69 lid 5 Rv en art. 71 lid 5 Rv). 3 Beoordeling van het middel 3.1 Volgens het middel geven
- Civiel recht overigCassatieHoge Raad · Cassatie · Civiel recht overig
Hoge Raad|26 januari 2001|ECLI:NL:HR:2001:AA9667Aangehaald in 7 uitspraken
ontvankelijkheid van het beroep De duidelijke en algemeen luidende bewoordingen van art. 32 lid 5 Rv. laten geen ruimte om de bepaling op grond van de ontstaansgeschiedenis anders te interpreteren
- Civiel recht overigCassatieProcesrecht. Wraking. Rechtsmiddel tegen beslissing op wrakingsverzoek.
Hoge Raad|22 januari 1999|ECLI:NL:HR:1999:ZC2824Aangehaald in 30 uitspraken
augustus 1997. Het betoogt met een beroep op de ontstaansgeschiedenis van art. 32 lid 5 Rv. dat deze bepaling aldus moet worden geïnterpreteerd, dat zij slechts een zelfstandig hoger beroep tegen
- Civiel recht overigCassatieArbitragerecht. Vernietiging van een arbitraal vonnis wegens schending van het in art. 1039 lid 1 Rv…
Hoge Raad|25 mei 2007|ECLI:NL:HR:2007:BA2495Aangehaald in 31 uitspraken
wordt aangevoerd, is daarbij niet van belang dat de arbiters ingevolge art. 1039 lid 5 Rv. niet gebonden zijn aan de wettelijke bewijsregels, en dat het op zichzelf niet ontoelaatbaar
- Civiel recht overigCassatieProcesrecht. Bewijsrecht; bewijsvermoeden in een tussenbeslissing omtrent valsheid in geschrift. Onpartijdig…
Hoge Raad|16 januari 2009|ECLI:NL:HR:2009:BG4012Aangehaald in 19 uitspraken
doen aanvoeren, stuit het middel niet reeds af op het bepaalde in art. 39 lid 5 Rv. Tegen de afwijzing van het verzoek tot wraking staat ingevolge deze bepaling weliswaar geen rechtsmiddel
- Civiel recht overigCassatiePrejudiciële beslissing, art. 392 Rv. Bewijsbeslag, mogelijkheid, wettelijke grondslag, art. 843a in…
Hoge Raad|13 september 2013|ECLI:NL:HR:2013:BZ9958Aangehaald in 75 uitspraken
verlenen van het conservatoir beslag iedere willekeurige IT-specialist aangewezen worden? 4. Artikel 392 lid 5 Rv bepaalt: “De rechter houdt de beslissing op de eis of het verzoek aan totdat
- Internationaal privaatrechtCassatieIPR. Kinderontvoering. Bevoegdheid Nederlandse rechter om kennis te nemen van verzoek tot gedwongen afgifte…
Hoge Raad|5 juli 2019|ECLI:NL:HR:2019:1085Aangehaald in 68 uitspraken
Nederlandse rechter zijn rechtsmacht aan de hand van art. 3 Rv te bepalen. Art. 5 Rv ziet uitsluitend op zaken betreffende ouderlijke verantwoordelijkheid en is niet van toepassing
- Personen- en familierechtPrejudiciële beslissingPrejudiciële vragen (art. 392 Rv). Personen- en familierecht; procesrecht. Begrip belanghebbende in art. 798…
Hoge Raad|30 maart 2018|ECLI:NL:HR:2018:463Aangehaald in 66 uitspraken
principaal) appel van de appellerende ouder. Voorts kan de andere ouder ingevolge art. 358 lid 5 Rv, ondanks het verstrijken van de appeltermijn en ondanks berusting in de beschikking van de rechtbank
- Civiel recht overigCassatieOndertoezichtstelling minderjarige. Procespartijen verzoekschriftprocedure, belanghebbenden…
Hoge Raad|18 januari 2013|ECLI:NL:HR:2013:BY0572Aangehaald in 12 uitspraken
Rv), bij welk verweerschrift zij ook incidenteel hoger beroep mogen instellen (art. 358 lid 5 Rv). Omdat aldus bij verzoekschriftprocedures ook belanghebbenden onderling in zeker opzicht tegenover elkaar kunnen komen te staan
- Civiel recht overigCassatieHoge Raad · Cassatie · Civiel recht overig
Hoge Raad|8 juni 2001|ECLI:NL:HR:2001:AB2054Aangehaald in 45 uitspraken
deskundigenbericht [heeft] verlaten" en ook onaanvaardbaar afbreuk heeft gedaan aan het in art. 223 lid 5 Rv. neergelegde recht van partijen om over dat bericht opmerkingen te maken en naar aanleiding daarvan
- Burgerlijk procesrechtCassatieProcesrecht. Wet Bopz. Toetsing na cassatie en verwijzing van verzoek om machtiging: ex tunc of ex nunc? Kan…
Hoge Raad|12 juli 2019|ECLI:NL:HR:2019:1202Aangehaald in 22 uitspraken
voor hoger beroep, in welk geval het gaat om een raadsheer-commissaris (art. 16 lid 5 Rv). Indien met toepassing van een van deze mogelijkheden wordt besloten tot enkelvoudige behandeling, gelden
- Burgerlijk procesrechtCassatieProcesrecht. Art. 224 Rv. Zekerheidstelling voor proceskosten door depotstorting op notariële…
Hoge Raad|9 september 2022|ECLI:NL:HR:2022:1181Aangehaald in 16 uitspraken
drukt de som uit tot beloop waarvan de zekerheid moet worden verstrekt (art. 224 lid 5 Rv). De aangeboden zekerheid moet zodanig zijn, dat de vordering en, zo daartoe gronden zijn
- Civiel recht overigCassatieProcesrecht. Betekenis van art. 30p Rv; exclusieve regeling van de mondelinge uitspraak? Diverse regels voor…
Hoge Raad|20 april 2018|ECLI:NL:HR:2018:650Aangehaald in 27 uitspraken
uitspraak beschikbaar te zijn, bij voorkeur binnen enkele dagen. Overeenkomstig het in art. 30p lid 5 Rv bepaalde, valt hierbij uit te gaan van een termijn van uiterlijk twee weken. De schriftelijke
Zoektips
Een ECLI (ook kort, zoals HR:2020:2020), LJN of vindplaats (NJ 2019/123) opent direct de uitspraak. Gebruik aanhalingstekens voor een exacte woordgroep (“ontslag op staande voet”), OR voor alternatieven (huur OR pacht), een sterretje voor woorddelen (huur* vindt ook huurder) en een minteken om een woord uit te sluiten.