799 uitspraken gevonden
Sorteer op: Relevantie
- Strafrecht overigCassatieDoodslag door zijn echtgenote in haar eigen woning met lap stof te wurgen (art. 287 Sr) en doden van hun hond…
Hoge Raad|14 april 2026|ECLI:NL:HR:2026:477Aangehaald in 5 uitspraken
Doodslag door zijn echtgenote in haar eigen woning met lap stof te wurgen (art. 287 Sr) en doden van hun hond door deze aan zijn riem op te hangen (art. 2.10.1 Wet dieren). Strafmotivering (gevangenisstraf van 14 jaren en 6 maanden), straf naar mate van schuld. Heeft hof verzuimd te motiveren hoe omstandigheid dat…
- Strafrecht overigCassatieBelediging ambtenaar (art. 266.1 jo. 267.2 Sr) en dragen busje pepperspray (art. 27.1 WWM). Verzoek aan Pr…
Hoge Raad|10 maart 2020|ECLI:NL:HR:2020:396
kantonrechter worden vervolgd. De dagvaarding was echter aangebracht bij de politierechter. Artikel 349 lid 2 Sv bepaalt dat in een dergelijke omstandigheid de politierechter het feit op verzoek van de verdachte … volgende bepalingen van het Wetboek van Strafvordering (hierna: Sv) van belang: - artikel 349 lid 2 Sv: “Indien een feit dat ingevolge artikel 382 voor de kantonrechter moet worden vervolgd, bij een andere
- Strafrecht overigHerzieningHoge Raad · Herziening · Strafrecht overig
Hoge Raad|21 juni 2005|ECLI:NL:HR:2005:AT8360
sprake is van een omstandigheid als bedoeld in art. 457, eerste lid aanhef en onder 2°, Sv, aangezien uit de aan de aanvrage gehechte bescheiden blijkt dat op 17 juni 2002 voor … zich een omstandigheid voordoet als bedoeld in art. 457, eerste lid aanhef en onder 2°, Sv, zodat de aanvrage gegrond is en als volgt moet worden beslist. 6. Beslissing De Hoge Raad
- Strafrecht overigHerzieningHoge Raad · Herziening · Strafrecht overig
Hoge Raad|15 februari 2005|ECLI:NL:HR:2005:AR8283
sprake is van een omstandigheid als bedoeld in art. 457, eerste lid aanhef en onder 2°, Sv. Daartoe wordt aangevoerd dat niet aanvrager maar een ander de bewezenverklaarde feiten heeft begaan … zich een omstandigheid voordoet als bedoeld in art. 457, eerste lid aanhef en onder 2°, Sv, zodat de aanvrage gegrond is en als volgt moet worden beslist. 6. Beslissing De Hoge Raad
- Strafrecht overigBeschikkingInbeslagname honden; woning art. 120 WvSv. Beklag ex art. 552a WvSv.
Hoge Raad|22 mei 1984|ECLI:NL:HR:1984:AC8415
2. dat de bewaring van de in beslaggenomen honden in strijd met artikel 116 lid 2 Sv. jo. art. 1 lid 2 van de A.M.v.B. van 5 januari 1959 S2 is geschied … verbonden. (vgl. H.R. 14 maart 1978, N.J. 1978, 385. Het bepaalde in art. 116 lid 2 Sv. staat in rechtstreeks verband met art. 198 lid 3 en 4 Sr. Door het niet
- Strafrecht overigHerzieningHoge Raad · Herziening · Strafrecht overig
Hoge Raad|28 juni 2005|ECLI:NL:HR:2005:AT7314
sprake is van een omstandigheid als bedoeld in art. 457, eerste lid aanhef en onder 2°, Sv. De aanvrager voert daartoe aan dat een ander het bewezenverklaarde feit heeft begaan … zich een omstandigheid voordoet als bedoeld in art. 457, eerste lid aanhef en onder 2°, Sv, zodat de aanvrage gegrond is en als volgt moet worden beslist. 6. Beslissing De Hoge Raad
- Strafrecht overigCassatieHoge Raad · Cassatie · Strafrecht overig
Hoge Raad|6 december 2005|ECLI:NL:HR:2005:AU5479
sprake is van een omstandigheid als bedoeld in art. 457, eerste lid aanhef en onder 2°, Sv. De aanvrager voert daartoe aan dat hij het feit niet heeft begaan, maar dat mogelijk … zich een omstandigheid voordoet als bedoeld in art. 457, eerste lid aanhef en onder 2°, Sv, zodat de aanvrage gegrond is en als volgt moet worden beslist. 6. Beslissing De Hoge Raad
- Strafrecht overigCassatieHoge Raad · Cassatie · Strafrecht overig
Hoge Raad|18 september 2001|ECLI:NL:HR:2001:AD5440
sprake is van een omstandigheid als bedoeld in art. 457, eerste lid aanhef en onder 2°, Sv. De aanvrager voert daartoe aan dat niet hij, maar een ander het bewezenverklaarde feit heeft … zich een omstandigheid voordoet als bedoeld in art. 457, eerste lid aanhef en onder 2°, Sv, zodat de aanvraag gegrond is en als volgt moet worden beslist. 6.Beslissing De Hoge Raad: Verklaart
- Strafrecht overigHerzieningHerziening. Persoonsverwisseling. Aanvraag gegrond.
Hoge Raad|20 oktober 2009|ECLI:NL:HR:2009:BF5054
sprake is van een omstandigheid als bedoeld in art. 457, eerste lid aanhef en onder 2°, Sv. De aanvraagster voert daartoe aan dat een ander de bewezenverklaarde feiten moet hebben gepleegd, omdat … zich een omstandigheid voordoet als bedoeld in art. 457, eerste lid aanhef en onder 2°, Sv, zodat de aanvrage gegrond is en als volgt moet worden beslist. 6. Beslissing De Hoge Raad
- Strafrecht overigHerzieningHerzieningsaanvrage. Persoonsverwisseling. De inhoud van de in herziening overgelegde stukken, o.m. inhoudend…
Hoge Raad|16 januari 2007|ECLI:NL:HR:2007:AZ1671
sprake is van een omstandigheid als bedoeld in art. 457, eerste lid aanhef en onder 2°, Sv. De aanvrager voert daartoe aan dat sprake is geweest van een persoonsverwisseling, doordat iemand gebruik … zich een omstandigheid voordoet als bedoeld in art. 457, eerste lid aanhef en onder 2°, Sv, zodat de aanvrage gegrond is en als volgt moet worden beslist. 6. Beslissing De Hoge Raad
- Strafrecht overigCassatieRijden met ongeldig verklaard rijbewijs (art. 9.2 WVW 1994) en gevaar op de weg veroorzaken (art. 5 WVW…
Hoge Raad|16 juni 2026|ECLI:NL:HR:2026:947
omstandigheid, vermeld in artikel 408 lid 1 Sv. Op grond van artikel 408 lid 2 Sv moet de verdachte in dat geval binnen veertien dagen nadat zich een omstandigheid voordoet waaruit voortvloeit … zich een omstandigheid heeft voorgedaan als bedoeld in artikel 408 lid 2 Sv is niet zonder meer begrijpelijk in het licht van wat onder 2.4 is overwogen. Het hof heeft immers uitsluitend
- Strafrecht overigHerzieningHerziening. De inhoud van het p-v geeft steun aan de stelling waarop de aanvrage berust, te weten dat in de…
Hoge Raad|25 september 2007|ECLI:NL:HR:2007:BA7884
sprake is van een omstandigheid als bedoeld in art. 457, eerste lid aanhef en onder 2°, Sv. De aanvrager voert daartoe aan dat sprake is van identiteitsfraude. 3. De conclusie … zich een omstandigheid voordoet als bedoeld in art. 457, eerste lid aanhef en onder 2°, Sv, zodat de aanvrage gegrond is en als volgt moet worden beslist. 6. Beslissing De Hoge Raad
- Strafrecht overigCassatieEconomische zaak. Opzettelijke invoer uit China van zakjes met granulaat, inhoudende Cost (beschermde…
Hoge Raad|8 december 2020|ECLI:NL:HR:2020:1974
gedraging van cliënt geen strafbaar feit oplevert en dat cliënt derhalve ex artikel 352 lid 2 Sv dient te worden ontslagen van alle rechtsvervolging.” 2.4.2 De pleitnota in eerste aanleg houdt hierover … handelingen van cliënt geen strafbaar feit opleveren en dat cliënt derhalve ex artikel 352 lid 2 Sv dient te worden ontslagen van alle rechtsvervolging.” 2.4.3 Het proces-verbaal ter terechtzitting in hoger
- Strafrecht overigCassatieOM-cassatie. Beschikking Rb op het door betrokkene ingestelde hoger beroep tegen door RC op vordering van OvJ…
Hoge Raad|1 oktober 2024|ECLI:NL:HR:2024:1345
heeft cassatieberoep ingesteld tegen de beschikking van de rechtbank. 2.2 Artikel 446 leden 1 en 2 Sv luidt: “1. Voor zover niet bijzondere bepalingen het recht van hoger beroep van het openbaar … wordt toegewezen. Er is daarmee sprake van een beschikking zoals bedoeld in artikel 446 lid 2 Sv. Het cassatieberoep van het openbaar ministerie is daarom ontvankelijk. 3 Beoordeling van het eerste cassatiemiddel
- Strafrecht overigHerzieningHoge Raad · Herziening · Strafrecht overig
Hoge Raad|4 juli 2006|ECLI:NL:HR:2006:AX5450
sprake is van een omstandigheid als bedoeld in art. 457, eerste lid aanhef en onder 2°, Sv. In de aanvrage wordt aangevoerd dat er sprake is van een persoonsverwisseling. De broer … zich een omstandigheid voordoet als bedoeld in art. 457, eerste lid aanhef en onder 2°, Sv, zodat de aanvrage gegrond is en als volgt moet worden beslist. 6. Beslissing De Hoge Raad
- Strafrecht overigHerzieningHoge Raad · Herziening · Strafrecht overig
Hoge Raad|26 januari 2010|ECLI:NL:HR:2010:BK5627
sprake is van een omstandigheid als bedoeld in art. 457, eerste lid aanhef en onder 2°, Sv. De aanvrager voert daartoe aan dat, nadat het vonnis is gewezen, het College van Burgemeester … zich een omstandigheid voordoet als bedoeld in art. 457, eerste lid aanhef en onder 2°, Sv, zodat de aanvrage gegrond is en als volgt moet worden beslist. 6. Beslissing De Hoge Raad
- Strafrecht overigHerzieningHerziening. Persoonsverwisseling. Een ambtsbericht en een brief van de OvJ geven i.c. steun aan de stelling…
Hoge Raad|1 april 2008|ECLI:NL:HR:2008:BC5938
sprake is van een omstandigheid als bedoeld in art. 457, eerste lid aanhef en onder 2°, Sv. De aanvrager voert daartoe aan dat sprake is van een persoonsverwisseling. 3. De conclusie … zich een omstandigheid voordoet als bedoeld in art. 457, eerste lid aanhef en onder 2°, Sv, zodat de aanvrage gegrond is en als volgt moet worden beslist. 6. Beslissing De Hoge Raad
- Strafrecht overigCassatie in het belang der wetCassatie in belang der wet. Omzetting taakstraf in hechtenis als tul taakstraf is mislukt, art. 22g (oud) Sr…
Hoge Raad|9 maart 2021|ECLI:NL:HR:2021:352
juli 2020, luiden als volgt: - artikel 36b leden 1 en 2 Sv: “1. De kennisgeving van gerechtelijke mededelingen aan natuurlijke personen, als voorzien in dit wetboek en het Wetboek van Strafrecht, geschiedt … aangemerkt als het adres waar op grond van artikel 36e lid 1, sub b onder 2°, Sv de kennisgeving dient te worden aangeboden. Ook dient een uit de stukken blijkend, door
- Strafrecht overigHerzieningHerziening. De aanvrage is gegrond op in de conclusie van de Advocaat-Generaal genoemde gronden.
Hoge Raad|22 november 2011|ECLI:NL:HR:2011:BS7977
sprake is van een omstandigheid als bedoeld in art. 457, eerste lid aanhef en onder 2°, Sv. De aanvrager voert daartoe aan dat het onderzoek van de zaak destijds tot vrijspraak … zich een omstandigheid voordoet als bedoeld in art. 457, eerste lid aanhef en onder 2°, Sv, zodat de aanvrage gegrond is en als volgt moet worden beslist. 6. Beslissing De Hoge Raad
- Strafrecht overigCassatieFeitelijke aanranding van eerbaarheid door in sauna een vrouw te betasten (art. 246 (oud) Sr) en schennis van…
Hoge Raad|26 mei 2026|ECLI:NL:HR:2026:628
omstandigheid, vermeld in artikel 408 lid 1 Sv. Op grond van artikel 408 lid 2 Sv moet de verdachte in dat geval binnen veertien dagen nadat zich een omstandigheid voordoet waaruit voortvloeit … zich in 2023 een omstandigheid heeft voorgedaan als bedoeld in artikel 408 lid 2 Sv, is niet zonder meer begrijpelijk. Het hof heeft aan dat oordeel ten grondslag gelegd dat uit WhatsApp
Zoektips
Een ECLI (ook kort, zoals HR:2020:2020), LJN of vindplaats (NJ 2019/123) opent direct de uitspraak. Gebruik aanhalingstekens voor een exacte woordgroep (“ontslag op staande voet”), OR voor alternatieven (huur OR pacht), een sterretje voor woorddelen (huur* vindt ook huurder) en een minteken om een woord uit te sluiten.