311 uitspraken gevonden
Sorteer op: Relevantie
- Strafrecht overigCassatieVerjaring. Artt. 70, 71 en 72 Sr. De tll. is toegesneden op verduistering (art. 321 Sr). Overtreding van deze…
Hoge Raad|8 december 2015|ECLI:NL:HR:2015:3498
gevangenisstraf van ten hoogste drie jaren. O.g.v. art. 70, eerste lid ahf en onder 2°, Sr beloopt de verjaringstermijn zes jaren. Nu tussen de betekening van de inleidende dagvaarding enerzijds … hoogste drie jaren. Op grond van art. 70, eerste lid aanhef en onder 2°, Sr beloopt de verjaringstermijn dus zes jaren. De inleidende dagvaarding is op 27 december 2011 aan de verdachte
- Strafrecht overigBeschikkingHoge Raad · Beschikking · Strafrecht overig
Hoge Raad|16 december 1986|ECLI:NL:HR:1986:AC9607Aangehaald in 17 uitspraken
laste gelegde verboden gedragingen heeft het Hof aan art. 51 tweede lid onder 2 Sr. een uitleg gegeven die niet als juist kan worden aanvaard. Althans hierdoor heeft het Hof het verweer … over de reikwijdte van het begrip “feitelijk leiding” geven in art. 51 tweede lid onder 2 Sr. heeft Uw Raad bij beschikking van 20 december 1984 N.J. 1985, 355 m.n. G.E.M. beslist
- Strafrecht overigCassatieOM-cassatie. Veroordeling t.z.v. gewoonte maken van anderen, die zich wederrechtelijk verblijf in Nederland…
Hoge Raad|18 februari 2025|ECLI:NL:HR:2025:231
artikel 197b van het Wetboek van Strafrecht (hierna: Sr) zich tot artikel 197a lid 2 Sr verhoudt als een bijzondere strafbepaling tot een algemene strafbepaling in de zin van artikel … 2 Sr. 2.2.1 Aan de verdachte is tenlastegelegd dat: “1. hij op één of meer tijdstip(pen) in of omstreeks de periode van 1 juli 2018 tot en met 1 september
- Strafrecht overigCassatieMedeplegen diefstal met geweld, art. 312.2 onder 2 Sr. OM n-o in vervolging vanwege “ruisstrategie” als…
Hoge Raad|9 januari 2018|ECLI:NL:HR:2018:18
Medeplegen diefstal met geweld, art. 312.2 onder 2 Sr. OM n-o in vervolging vanwege “ruisstrategie” als opsporingsmethode? Hof heeft vastgesteld dat tijdens politieverhoor door politie aan verdachte en medeverdachte is medegedeeld
- Strafrecht overigCassatieProfijtontneming, w.v.v. uit illegale vogelhandel, waaronder uit in de strafzaak niet tlgd. onderhandse…
Hoge Raad|12 november 2024|ECLI:NL:HR:2024:1514Aangehaald in 6 uitspraken
betrokkene verkregen wederrechtelijk verkregen voordeel vast op € 13.667,14.” 2.3 Artikel 36e leden 1 en 2 Sr luidt: “1. Op vordering van het openbaar ministerie kan bij een afzonderlijke rechterlijke beslissing … aanwijzingen bestaan dat de betrokkene andere strafbare feiten in de zin van artikel 36e lid 2 Sr heeft begaan, moet binnen het eigen kader voor het bewijs in de ontnemingsprocedure in overeenstemming
- Strafrecht overigCassatieMedeplegen hennepteelt in uitoefening van beroep of bedrijf, meermalen gepleegd (art. 3B jo. 11.3 Opiumwet)…
Hoge Raad|9 april 2024|ECLI:NL:HR:2024:566
toepasselijk wettelijk voorschrift vermeld. 3.3 De volgende wettelijke bepalingen zijn van belang. - Artikel 9 lid 2 Sr: “Ten aanzien van misdrijven die worden bedreigd met een vrijheidsstraf of een geldboete … bepaalde gevallen, in plaats daarvan een taakstraf worden opgelegd.” - Artikel 22c leden 1 en 2 Sr: “1. Een taakstraf bestaat uit het verrichten van onbetaalde arbeid. Het vonnis dan wel de strafbeschikking
- Strafrecht overigCassatieOpzettelijke brandstichting, waarbij gemeen gevaar voor goederen en levensgevaar voor een ander was te…
Hoge Raad|22 september 1987|ECLI:NL:HR:1987:AC9971
eendaadse, maar meerdaadse samenloop van de misdrijven van art. 157 onder 1° en 157 onder 2° Sr. 22 september 1987 Strafkamer nr. 80.730 EN Hoge Raad der Nederlanden Arrest op het beroep
- Strafrecht overigCassatieTermijn ex art. 77z Sr. HR ambtshalve: De HR verstaat de bestreden uitspraak en het dictum daarvan aldus dat…
Hoge Raad|5 juni 2007|ECLI:NL:HR:2007:AZ9687
inrichting. Dat brengt mee dat die voorwaarde is onderworpen aan de in art. 77z,.2 Sr gestelde eisen, inhoudende dat de rechter de termijn dient te bepalen bij het opleggen
- Strafrecht overigCassatieBezwaarschrift tegen dagvaarding t.z.v. verdenking van ontucht door ambtenaar met persoon die aan zijn gezag…
Hoge Raad|19 december 1989|ECLI:NL:HR:1989:ZC8366
onderscheidende kenmerk tussen art. 249, lid 2 onder 1 en art. 249, lid 2 onder 2 Sr. Uw Raad besliste immers bij arrest van 9 maart … persoon daarin opgenomen, tweemaal gepleegd’’ onder aanhaling van art. 249 tweede lid aanhef en onder 2 Sr. Uit dit arrest blijkt mitsdien duidelijk dat de grens tussen art. 249 lid 2 onder
- Strafrecht overigCassatiePotentiële Syriëganger. Voorbereiden en/of bevorderen van brandstichting (art. 157 jo. 176b Sr), moord (art…
Hoge Raad|11 juni 2019|ECLI:NL:HR:2019:906Aangehaald in 25 uitspraken
terroristische misdrijven 7.1.1 Juridisch kader voorbereiding en bevordering van terroristische misdrijven, artikel 96, lid 2, Sr (feit 1, feit 2 primair I) 1. De toepasselijke strafbepalingen luiden als volgt: (...) 2. De Hoge … voldoende is om tot een bewezenverklaring van, kort gezegd, de in art. 96 lid 2 Sr bedoelde voorbereiding of bevordering van de in art. 289a Sr27 omschreven misdrijven te komen, indien
- Strafrecht overigCassatieProfijtontneming, w.v.v. uit witwassen. Is schatting w.v.v. d.m.v. in strafzaak bewezenverklaard witwassen…
Hoge Raad|6 juli 2021|ECLI:NL:HR:2021:1077Aangehaald in 86 uitspraken
ECLI:NL:HR:1999:AK1546). 2.4.1 Op grond van artikel 36e lid 2 Sr kan een ontnemingsmaatregel worden opgelegd met betrekking tot het voordeel dat door de betrokkene is verkregen “door middel … betrokkene het misdrijf van witwassen heeft begaan, is voor de toepassing van artikel 36e lid 2 Sr het volgende van belang. 2.4.2 De Hoge Raad heeft in eerdere rechtspraak overwogen
- Strafrecht overigCassatieGoederen bestemd voor beroeps- en bedrijfsmatige hennepteelt te koop aanbieden in growshop, art. 11a en 3.C…
Hoge Raad|27 september 2022|ECLI:NL:HR:2022:1311
2 van het Wetboek van Strafrecht (hierna: Sr) in verbinding met artikel 36b lid 2 Sr. 2.2 Het hof heeft de verdachte veroordeeld wegens Opiumwetmisdrijven, zoals weergegeven in de conclusie … zijn de volgende wettelijke bepalingen van belang: - artikel 36b lid 1, onder 1, en lid 2 Sr: “1. Onttrekking aan het verkeer van in beslag genomen voorwerpen kan worden opgelegd
- Strafrecht overigCassatieProfijtontneming, w.v.v. uit deelnemen aan criminele organisatie die zich bezighield met het op grote schaal…
Hoge Raad|29 september 2020|ECLI:NL:HR:2020:1523Aangehaald in 112 uitspraken
Profijtontneming, w.v.v. uit deelnemen aan criminele organisatie die zich bezighield met het op grote schaal verkopen en afleveren van softdrugs. Onschuldpresumptie bij ontneming uit andere/soortgelijke feiten ex art. 36e.2 (oud) Sr. In strafzaak is o.m. bewezenverklaard dat betrokkene in periode 19-7-2012 tot en met…
- Strafrecht overigCassatieMensenhandel i.v.m. prostitutie minderjarige door 17-jarig meisje op verschillende manieren te helpen bij…
Hoge Raad|1 oktober 2019|ECLI:NL:HR:2019:1452Aangehaald in 10 uitspraken
heeft vervoerd, gehuisvest en opgenomen als bedoeld in art. 273f, eerste lid aanhef en onder 2°, Sr, met het ‘oogmerk van uitbuiting’. 2.2.1 Ten laste van de verdachte is bewezenverklaard
- Strafrecht overigCassatieProfijtontneming, w.v.v. uit medeplegen bedrijfsmatige hennepteelt (in periode 2-12-2015 tot en met…
Hoge Raad|10 februari 2026|ECLI:NL:HR:2026:214
voldoende aanwijzingen bestaan dat zij door de betrokkene zijn begaan, worden ontnomen (artikel 36e lid 2 Sr). De betrokkene is veroordeeld ter zake van het medeplegen van het bedrijfsmatig telen van hennep … aanwijzingen bestaan dat de betrokkene andere strafbare feiten in de zin van artikel 36e lid 2 Sr heeft begaan, moet binnen het eigen kader voor het bewijs in de ontnemingsprocedure in overeenstemming
- Strafrecht overigCassatieOM cassatie. OM n-o in vervolging t.z.v. doden van hond van ander, art. 2.10 Wet dieren. Is OM in strijd met…
Hoge Raad|19 december 2023|ECLI:NL:HR:2023:1741
toepassing is. Bij het doden van een dier van een ander is artikel 350 lid 2 Sr van toepassing. Nu de verdachte wordt verweten de hond van zijn buurman gedood te hebben … oordeel dat niet artikel 2.10 WD tenlastegelegd had moeten worden maar artikel 350 lid 2 Sr. Het hof stelt vast dat van de zijde van het Openbaar Ministerie iedere motivering is uitgebleven
- Strafrecht overigCassatieMensensmokkel door schijnhuwelijk aan te gaan met vrouw met Chinese nationaliteit en dit huwelijk in stand te…
Hoge Raad|1 september 2020|ECLI:NL:HR:2020:1348Aangehaald in 7 uitspraken
gebruikt in de betekenis die dat begrip heeft in die bepaling. 3.2.2 Artikel 197a lid 2 Sr luidde ten tijde van het bewezenverklaarde: “2. Hij die een ander uit winstbejag behulpzaam … geldboete van de vijfde categorie.” 3.3 Het bestanddeel ‘behulpzaam zijn bij’ in artikel 197a lid 2 Sr moet in overeenkomstige zin worden uitgelegd als in artikel 48 Sr. Daarbij gaat
- Strafrecht overigCassatieProfijtontneming. OM-cassatie. Hof heeft ontnemingsvordering afgewezen op de grond dat onvoldoende concrete…
Hoge Raad|11 januari 2022|ECLI:NL:HR:2022:4Aangehaald in 9 uitspraken
berekeningswijze van de (eenvoudige) kasopstelling kan worden gehanteerd bij de toepassing van artikel 36e lid 2 Sr, indien het aan de hand van die berekening vastgestelde bedrag in voldoende mate kan worden … aanwijzingen bestaan dat zij door de betrokkene zijn begaan als bedoeld in artikel 36e lid 2 Sr, of – als het bewezenverklaarde feit is begaan voor 1 juli 2011 – aan concreet aangeduide soortgelijke
- Strafrecht overigCassatiePrejudiciële beslissing HR, art. 553 Sv. Beantwoording vraag of art. art. 197b Sr (tewerkstelling van…
Hoge Raad|18 februari 2025|ECLI:NL:HR:2025:228Aangehaald in 7 uitspraken
vraag wordt aan de orde gesteld of artikel 197b Sr zich tot artikel 197a lid 2 Sr verhoudt als een bijzondere strafbepaling tot een algemene strafbepaling in de zin van artikel … 2 Sr. De Hoge Raad beantwoordt deze vraag negatief. 5.1.2 Artikel 197b Sr bevat immers niet alle bestanddelen van artikel 197a lid 2 Sr, terwijl de onder 4.2 genoemde wetsgeschiedenis geen dwingende
- Strafrecht overigCassatiePoging tot medeplegen wederrechtelijk verblijven op een in haven gelegen besloten plaats voor distributie…
Hoge Raad|30 juni 2026|ECLI:NL:HR:2026:1030
advocaat-generaal onder 2.8 en 2.9, kan worden afgeleid dat artikel 138aa lid 2 Sr als strafverzwarende omstandigheid moet worden aangemerkt die inhoudt dat degene die wederrechtelijk verblijft op een besloten plaats … plaats heeft verschaft door middel van (één of meer van) de in artikel 138aa lid 2 Sr bedoelde middelen. Artikel 138aa lid 3 Sr noemt twee omstandigheden waaronder de in artikel 138aa
Zoektips
Een ECLI (ook kort, zoals HR:2020:2020), LJN of vindplaats (NJ 2019/123) opent direct de uitspraak. Gebruik aanhalingstekens voor een exacte woordgroep (“ontslag op staande voet”), OR voor alternatieven (huur OR pacht), een sterretje voor woorddelen (huur* vindt ook huurder) en een minteken om een woord uit te sluiten.