266 uitspraken gevonden
Sorteer op: Relevantie
- Civiel recht overigCassatieProcesrecht. Betekenis van art. 30p Rv; exclusieve regeling van de mondelinge uitspraak? Diverse regels voor…
Hoge Raad|20 april 2018|ECLI:NL:HR:2018:650Aangehaald in 27 uitspraken
strijd met art. 287 lid 1 Rv in verbinding met art. 230 leden 1 en 3 Rv en met art. 5 lid 1 EVRM doordat haar hiervoor in 3.1.4 weergegeven beschikking niet … voldoet aan de eisen van art. 230 leden 1 en 3 Rv. Betekenis van art. 30p Rv; exclusieve regeling van mondelinge uitspraak? 3.3.1 Het middel stelt in de eerste plaats de betekenis
- Civiel recht overigCassatieArbitrage. Vernietiging arbitraal vonnis; ondertekening; dissenting opinion van de arbiter die niet heeft…
Hoge Raad|5 december 2008|ECLI:NL:HR:2008:BF3799Aangehaald in 9 uitspraken
wegens strijd met art. 1065 lid 1 in verbinding met art. 1057 lid 2 en 3 Rv. Dit derde lid luidt, voor zover hier van belang: "Weigert een minderheid van de arbiters … vonnis niet voldoet aan de essentiële ondertekeningsvoorschriften van art. 1057 lid 2 en 3 Rv. en daarmee lijdt aan een - zich niet voor herstel op de voet van art. 1060 Rv. lenend
- Civiel recht overigCassatieInternationaal privaatrecht, rechtspersonenrecht. Procesrecht, executie- en beslagrecht. Overdracht van…
Hoge Raad|13 november 2015|ECLI:NL:HR:2015:3299Aangehaald in 13 uitspraken
vervolgens de rechtspersoon heeft opgehouden te bestaan, voordat de op grond van art. 700 lid 3 Rv vereiste eis in de hoofdzaak is ingesteld. 3.5.2 In deze zaak gaat … betekent dat hij binnen de daartoe gestelde termijn op de voet van art. 700 lid 3 Rv een eis in de hoofdzaak moet instellen, en dat die eis wordt toegewezen
- OndernemingsrechtCassatieOndernemingsrecht. Enquêterecht. Procesrecht. Ondernemingskamer stelt wanbeleid vast van naamloze…
Hoge Raad|19 juli 2019|ECLI:NL:HR:2019:1279Aangehaald in 35 uitspraken
niet als wanbeleid kan worden aangemerkt. In verband met het bepaalde in artikel 130 lid 3 Rv. heeft de advocaat van Recalcico ter zitting desgevraagd verklaard dat zij haar nadere schriftelijke reactie
- Civiel recht overigPrejudiciële beslissingPrejudiciële vragen (art. 392 Rv); vragen behandeld ondanks schikking (art. 393 lid 9 Rv)…
Hoge Raad|3 juni 2016|ECLI:NL:HR:2016:1087Aangehaald in 123 uitspraken
dient te vragen voor de behandeling van het kort geding (art. 254 leden 2 en 3 Rv) en niet steeds een dagvaarding behoeft te worden uitgebracht (art. 255 leden 2 en 3 … kort geding niet is ingetrokken voor uitroeping van de in art. 254 lid 3 Rv bedoelde terechtzitting, of als op het geschil over de proceskosten door de voorzieningenrechter wordt beslist. De gedaagde
- Civiel recht overigPrejudiciële beslissingPrejudiciële vraag (art. 392 Rv). Beslag- en executierecht. Overgang door fusie (art. 2:309 BW) van…
Hoge Raad|30 oktober 2015|ECLI:NL:HR:2015:3197Aangehaald in 5 uitspraken
betekening ervan aan de partij tegen wie de executie zich zal richten (art. 430 lid 3 Rv). Indien de bevoegdheid tot tenuitvoerlegging van een executoriale titel op een ander overgaat, kan volgens … betekend aan degene tegen wie de executie zich zal richten, kan volgens art. 430 lid 3 Rv de executie nog niet zijn aangevangen. In dat geval kan de verkrijgende rechtspersoon
- Civiel recht overigCassatie18 maart 2005 Eerste Kamer Rek.nr. R04/083HR JMH Hoge Raad der Nederlanden Beschikking in de zaak van…
Hoge Raad|18 maart 2005|ECLI:NL:HR:2005:AR8211
griffier heeft deze brief aangemerkt als een verzet op grond van art. 243 lid 3 Rv. De griffier heeft daarop een verweerschrift ingediend en daarin geconcludeerd tot verwerping van het verzet … verzet Op een bij de Hoge Raad ingesteld verzet op grond van art. 243 lid 3 Rv. is art. 278 lid 3 Rv. van overeenkomstige toepassing. Het kan derhalve slechts worden ingesteld
- Civiel recht overigCassatiePrejudiciële vragen (art. 392 Rv). Personen- en familierecht. Procesrecht. Ondertoezichtstelling…
Hoge Raad|14 december 2018|ECLI:NL:HR:2018:2321Aangehaald in 66 uitspraken
kinderrechter – al dan niet analoog aan de art. 800 lid 3 en 809 lid 3 Rv – een spoedbeslissing kan nemen zonder voorafgaand de minderjarige en de overige belanghebbenden te hebben gehoord … voor de beslissingen tot het treffen van voorlopige kinderbeschermingsmaatregelen, opgesomd in art. 800 lid 3 Rv en art. 809 lid 3 Rv, bevat de wet voor de beslissing tot schorsing
- Civiel recht overigCassatieEffectenleaseovereenkomst. Geldt aan Dexia verzonden brief als ‘opt out-verklaring’ in de zin van art. 7:908…
Hoge Raad|9 december 2016|ECLI:NL:HR:2016:2822Aangehaald in 25 uitspraken
rechter te bepalen termijn van ten minste drie maanden na de in art. 1017 lid 3 Rv bedoelde aankondiging van de beschikking door een schriftelijke mededeling … bekendmaking worden de benadeelden op de hoogte gebracht van deze mogelijkheid(zie artikel 1017 lid 3 Rv.).” Voorts is in de Nota naar aanleiding van het verslag door de minister van Justitie
- Civiel recht overigCassatiePrejudiciële vragen (art. 392 Rv). Moet gerecht op verzoek inzage geven in of afschriften verstrekken van…
Hoge Raad|9 mei 2025|ECLI:NL:HR:2025:723
afschrift van processen-verbaal en van de beschikkingen (art. 290 lid 2 en lid 3 Rv). 3.2.2 In familierechtelijke zaken betreffende minderjarigen, waaronder procedures waarin een ondertoezichtstelling, uithuisplaatsing of (thans) beëindiging … vonnissen, arresten en beschikkingen, binnen de door deze bepaling getrokken grenzen. Art. 29 lid 3 Rv bepaalt dat onder vonnissen, arresten en beschikkingen zijn begrepen stukken die bij de uitspraak zijn gevoegd
- Civiel recht overigCassatieArbeidsrecht. Procesrecht, deelgeschilprocedure. Vrijwilliger valt van dak bij werkzaamheden aan kerkgebouw…
Hoge Raad|15 december 2017|ECLI:NL:HR:2017:3142Aangehaald in 17 uitspraken
bepaalt dat tegen de beschikking op een deelgeschilverzoek geen voorziening openstaat, onverminderd art. 1019cc lid 3 Rv. Ingevolge art. 1019cc lid 3, aanhef en onder a, Rv kan van zo’n beschikking … ECLI:NL:HR:2015:1689, heeft de Hoge Raad geoordeeld dat ingevolge art. 1019cc lid 3 Rv in verbinding met art. 398 Rv ook cassatieberoep openstaat tegen de uitspraak in het hoger
- Civiel recht overigCassatieCassatie. Herstelbeschikking. In HR 8 juli 2011, LJN BQ7302 borgersbrief ten onrechte buiten beschouwing…
Hoge Raad|25 november 2011|ECLI:NL:HR:2011:BU5786
conclusie was genomen, en derhalve na het verstrijken van de termijn van art. 44 lid 3 Rv., bij de Hoge Raad was ingekomen. 2.2 Genoemde advocaat heeft bij brief van 18 juli … Advocaat-Generaal is verzonden op 20 mei 2011 zodat de in art. 44 lid 3 Rv. genoemde termijn van twee weken normaal gesproken zou eindigen op 3 juni 2011. Deze datum
- Civiel recht overigCassatieProcesrecht. Cassatie, ontvankelijkheid van beroep tegen een uitspraak van het hof Leeuwarden in een…
Hoge Raad|28 april 2006|ECLI:NL:HR:2006:AV0050Aangehaald in 10 uitspraken
welk geval geen hogere voorziening is toegelaten. Die hogere rechter is ingevolge art. 74 lid 3 Rv. niet aan die verwijzing gebonden. 3.4.3 Daarom ligt het voor de hand in gevallen … Rv. en thans is te vinden in art. 71 lid 5 en art. 110 lid 3 Rv., welke laatstgenoemde bepalingen hogere voorziening tegen een verwijzing binnen de rechtbank door of naar
- Civiel recht overigCassatie17 januari 2003 Eerste Kamer Nr. C02/273HR RM Hoge Raad der Nederlanden Arrest in de zaak van: [Eiseres]…
Hoge Raad|17 januari 2003|ECLI:NL:HR:2003:AF1568
vaststellen (in de uitvoeringswetgeving) van een regeling die thans is neergelegd in art. 56 lid 3 Rv. en die als volgt luidt: "Wanneer de betekening binnen een bepaalde termijn moet worden verricht … Tegen de achtergrond van het in de EG-betekeningsverordening gekozen stelsel moet art. 56 lid 3 Rv. aldus worden uitgelegd dat in de door de verordening bestreken gevallen de betekening
- Burgerlijk procesrechtCassatieArbeidsrecht. Procesrecht. Bewijsrecht. Ontbinding arbeidsovereenkomst. Klokkenluidersrichtlijn. Art. 17eb…
Hoge Raad|7 februari 2025|ECLI:NL:HR:2025:190Aangehaald in 13 uitspraken
geding worden vertegenwoordigd door een advocaat bij de Hoge Raad (art. 407 lid 3 Rv en art. 409 Rv respectievelijk art. 426a lid 1 Rv, art. 426b Rv en art. 427a … Hoge Raad (art. 417 Rv, art. 408a lid 4 Rv en art. 428 lid 3 Rv). Voor de schriftelijke reactie op de conclusie van de Procureur-Generaal op de voet
- Civiel recht overigCassatieProcesrecht, verzetprocedure in hoger beroep; exploot van appeldagvaarding met formeel gebrek, relatieve…
Hoge Raad|13 juli 2007|ECLI:NL:HR:2007:BA2499Aangehaald in 6 uitspraken
appeldagvaarding nietig is. Het hof had daarom op de voet van art. 121 lid 3 Rv. de nietigheid van de appeldagvaarding moeten uitspreken als gevolg waarvan het vonnis van de kantonrechter kracht … heeft bereikt, zodat de nietigheid van de appeldagvaarding had moeten worden uitgesproken (artikel 121 lid 3 Rv). 4.6. [verweerster] beroept zich echter terecht op het bepaalde in artikel 122 Rv. Deze bepaling
- Civiel recht overigCassatieCassatie. Herstelbeschikking. In HR 8 juli 2011, LJN BQ7308 borgersbrief ten onrechte buiten beschouwing…
Hoge Raad|25 november 2011|ECLI:NL:HR:2011:BU5776
conclusie was genomen, en derhalve na het verstrijken van de termijn van art. 44 lid 3 Rv., bij de Hoge Raad was ingekomen. 2.2 Genoemde advocaat heeft bij brief van 18 juli … Advocaat-Generaal is verzonden op 20 mei 2011 zodat de in art. 44 lid 3 Rv. genoemde termijn van twee weken normaal gesproken zou eindigen op 3 juni 2011. Deze datum
- Civiel recht overigCassatie in belang der wet. Openbaarheid van civiele procedures. Zijn gerechten verplicht om aan anderen dan…
Hoge Raad|21 april 2023|ECLI:NL:HR:2023:658Aangehaald in 19 uitspraken
geval van bedrijfsgeheimen, bepalen dat kennisneming is voorbehouden aan een gemachtigde (art. 22a lid 3 Rv). c. het verstrekken van informatie over openbare zittingen 3.4.1 Tenzij de wet anders bepaalt, zijn … akten genomen door indiening ter griffie vóór of op de roldatum (art. 82 lid 3 Rv) en wordt geen rolzitting gehouden. De vraag of derden aanspraak kunnen maken op informatie
- Civiel recht overigPrejudiciële beslissingPrejudiciële vragen (art. 392 Rv). Art. 143 Rv. Richtlijn 93/13/EEG. Moet wettelijke termijn voor verzet…
Hoge Raad|24 november 2023|ECLI:NL:HR:2023:1627Aangehaald in 7 uitspraken
recht van de Europese Unie volgt dat de termijn van art. 143 leden 2 en 3 Rv voor het doen van verzet buiten toepassing moet blijven als uit een verstekvonnis … Hoge Raad houdt in dat de verzettermijn van art. 143 leden 2 en 3 Rv in het hiervoor in 2.1 genoemde geval niet buiten toepassing blijft omdat, samengevat, het Unierecht toestaat
- Civiel recht overigCassatieCassatie. Herstelbeschikking. In HR 8 juli 2011, LJN BQ7311 borgersbrief ten onrechte buiten beschouwing…
Hoge Raad|25 november 2011|ECLI:NL:HR:2011:BU5778
conclusie was genomen, en derhalve na het verstrijken van de termijn van art. 44 lid 3 Rv., bij de Hoge Raad was ingekomen. 2.2 Genoemde advocaat heeft bij brief van 18 juli … Advocaat-Generaal is verzonden op 20 mei 2011 zodat de in art. 44 lid 3 Rv. genoemde termijn van twee weken normaal gesproken zou eindigen op 3 juni 2011. Deze datum
Zoektips
Een ECLI (ook kort, zoals HR:2020:2020), LJN of vindplaats (NJ 2019/123) opent direct de uitspraak. Gebruik aanhalingstekens voor een exacte woordgroep (“ontslag op staande voet”), OR voor alternatieven (huur OR pacht), een sterretje voor woorddelen (huur* vindt ook huurder) en een minteken om een woord uit te sluiten.