117 uitspraken gevonden
Sorteer op: Relevantie
- Strafrecht overigCassatie(Medeplegen) witwassen door o.m. grote hoeveelheid contant geld en dure horloges voorhanden te hebben in…
Hoge Raad|3 maart 2020|ECLI:NL:HR:2020:363
dure horloges voorhanden te hebben in eigen woning (art. 420bis.1.b Sr) en oplichting (art. 326 Sr) en valsheid in geschrift (art. 225.1 Sr) door aanvraagformulier voor hypotheek valselijk op te maken teneinde
- Strafrecht overigCassatieOplichting, meermalen gepleegd (art. 326 Sr) gewoontewitwassen (art. 420ter Sr) en verduistering (art. 321…
Hoge Raad|10 november 2020|ECLI:NL:HR:2020:1740
Oplichting, meermalen gepleegd (art. 326 Sr) gewoontewitwassen (art. 420ter Sr) en verduistering (art. 321 Sr). Middelen over bewijsvoering m.b.t. oplichting. HR: art. 81.1 RO. HR ambtshalve: Hof heeft verdachte verplichting opgelegd
- Strafrecht overigCassatieAannemen van een valse hoedanigheid a.b.i. art. 326 Sr. Uit de bewijsmiddelen kan worden afgeleid dat…
Hoge Raad|25 september 2007|ECLI:NL:HR:2007:BA7685
Aannemen van een valse hoedanigheid a.b.i. art. 326 Sr. Uit de bewijsmiddelen kan worden afgeleid dat verdachte reeds t.t.v. het sluiten van de overeenkomsten niet de intentie
- Strafrecht overigCassatie1. Ontvankelijkheid cassatieberoep v.zv. gericht tegen beslissing tot terugwijzing, art. 428 Sv. 2…
Hoge Raad|12 juli 2022|ECLI:NL:HR:2022:1075
ontvankelijk. Ad 2. Van “het teniet doen van een inschuld” in de zin van art. 326 Sr kan sprake zijn als schuldeiser door een van de in die bepaling omschreven oplichtingsmiddelen ertoe … geldboete van de vijfde categorie.” 3.3.2 De tenlastelegging onder 8 is toegesneden op artikel 326 Sr. Daarom moet worden aangenomen dat de in de tenlastelegging en de bewezenverklaring voorkomende begrippen ‘bewegen
- Strafrecht overigCassatieBeleggingsfraude. Oplichting (art. 326 Sr) en verduistering (art. 321 Sr). Innerlijke tegenstrijdigheid door…
Hoge Raad|24 mei 2022|ECLI:NL:HR:2022:756Aangehaald in 5 uitspraken
Beleggingsfraude. Oplichting (art. 326 Sr) en verduistering (art. 321 Sr). Innerlijke tegenstrijdigheid door bewezenverklaring van zowel oplichting als verduistering m.b.t. dezelfde geldbedragen? Bestanddeel goed “dat hij anders dan door misdrijf onder zich
- Strafrecht overigCassatieMedeplegen oplichting (meermalen gepleegd) door met speciaal aangemaakte e-mailadressen en ID-bewijzen van…
Hoge Raad|9 juli 2019|ECLI:NL:HR:2019:1136
mailadressen en ID-bewijzen van derden geluidsapparatuur te huren zonder deze te retourneren (art. 326 Sr) en medeplegen diefstal met geweld (art. 312.2.2 Sr). 1. Bewijs medeplegen oplichting. 2. Motivering toewijzing vordering
- Strafrecht overigHerzieningHerziening. Oplichting, meermalen gepleegd (art. 326 Sr) en zonder daartoe gerechtigd zijn titel van advocaat…
Hoge Raad|22 september 2020|ECLI:NL:HR:2020:1451
Herziening. Oplichting, meermalen gepleegd (art. 326 Sr) en zonder daartoe gerechtigd zijn titel van advocaat voeren, meermalen gepleegd (art. 436 Sr) door, zich valselijk voordoend als advocaat, rechtszaken van vreemdelingenrechtelijke aard
- Strafrecht overigCassatieOpzettelijk uit de opbrengst van enig door misdrijf verkregen goed voordeel trekken door een deel van een…
Hoge Raad|16 oktober 1922|ECLI:NL:HR:1922:49
niet verbrande films, kan worden aangemerkt als een listige kunstgreep in de zin van art. 326 Sr. Volgt verwerping. No. 367 De Hooge Raad der Nederlanden, Op het beroep van 1°. Gertruda
- Strafrecht overigCassatieMedeplegen oplichting via marktplaats.nl, art. 326 Sr. Hof heeft vastgesteld dat verdachte samen met zijn…
Hoge Raad|3 juli 2018|ECLI:NL:HR:2018:1073
Medeplegen oplichting via marktplaats.nl, art. 326 Sr. Hof heeft vastgesteld dat verdachte samen met zijn mededader, zijn moeder, overeenkomstig een vooraf met haar afgesproken taakverdeling telkens goederen heeft verkocht via marktplaats.nl
- Strafrecht overigCassatieOverzichtsarrest oplichting, art. 326.1 Sr. Valse naam, valse hoedanigheid, listige kunstgreep, samenweefsel…
Hoge Raad|20 december 2016|ECLI:NL:HR:2016:2892Aangehaald in 131 uitspraken
oplevert het aannemen van een valse hoedanigheid noch een listige kunstgreep als bedoeld in art. 326 (...) Sr". Zie in dit verband ook het arrest waarin aan de orde was het oordeel
- Strafrecht overigCassatieOplichting. Valse hoedanigheid? Het oordeel van het Hof dat de gedragingen van de verdachte meer omvatten dan…
Hoge Raad|7 juli 2015|ECLI:NL:HR:2015:1805Aangehaald in 14 uitspraken
voldoen, levert niet op het aannemen van een valse hoedanigheid in de zin van art. 326 Sr. En ook na het arrest over de eetpiraat blijft de Hoge Raad hetzelfde uitgangspunt hanteren … minder snel sprake van het aannemen van een valse hoedanigheid in de zin van art. 326 Sr. Is het daarentegen in het maatschappelijk verkeer gebruikelijk dat men op basis van goed vertrouwen
- Strafrecht overigCassatieEetpiraat. Medeplegen oplichting door zich voor te doen als betalende klant en medewerkers van…
Hoge Raad|4 oktober 2022|ECLI:NL:HR:2022:1361
openbaar ministerie heeft op grond van ervaringen in de rechtspraktijk aangegeven dat artikel 326 Sr, oplichting, op twee punten voor verbetering vatbaar is. Het onderhavige voorstel komt tegemoet aan de wens … wijziging van artikel 326 Sr op deze punten. In de eerste plaats wordt voorgesteld ook het door een van de wettelijke oplichtingsmiddelen iemand bewegen tot het verlenen van een dienst strafbaar
- Strafrecht overigCassatieHoge Raad · Cassatie · Strafrecht overig
Hoge Raad|2 november 1999|ECLI:NL:HR:1999:AA3838
hetzelfde feit sprake was nu de strekking van art. 225 Sr en die van art. 326 Sr te weten; bevordering van betrouwbaarheid van zekere mededelingen in het maatschappelijk verkeer, niet verschillen … Raad een verschillende strekking had aangenomen. Art. 225 Sr dient immers de Afides publica@, art. 326 Sr het particuliere vermogen tegen bedrieglijke aantastingen. Ik neem aan dat de Hoge Raad hier
- Strafrecht overigCassatieHoge Raad · Cassatie · Strafrecht overig
Hoge Raad|10 juni 2003|ECLI:NL:HR:2003:AF6597Aangehaald in 9 uitspraken
gegaan voorzover de feiten naar het oordeel van de Rechtbank strafbaar zijn gesteld bij art. 326 Sr. 4.2. Een redelijke uitleg van art. 6 van het hier toepasselijke Uitleveringsverdrag tussen het Koninkrijk … Rechtbank naar Nederlands recht strafbaar zijn gesteld bij de art. 45, 47, 225 en 326 Sr. 4.4. Uit het vorenoverwogene volgt dat - gelet op art. 70, eerste lid onder 3°, in verbinding
- Strafrecht overigHerzieningHoge Raad · Herziening · Strafrecht overig
Hoge Raad|29 maart 2005|ECLI:NL:HR:2005:AT3273
verband of betrokkenheid heeft met de tijdens de inbeslagneming bestaande verdenking van overtreding van art. 326 Sr en dus niet in beslag had mogen worden genomen. 3.3. Van de in de aanvrage … gestelde omstandigheid dat de verdachte bij zijn aanhouding werd verdacht van overtreding van art. 326 Sr kan niet worden gezegd dat deze de rechter die de veroordeling heeft uitgesproken niet bekend
- Strafrecht overigCassatieHoge Raad · Cassatie · Strafrecht overig
Hoge Raad|13 november 2001|ECLI:NL:HR:2001:AD4320Aangehaald in 11 uitspraken
aannemen van een valse hoedanigheid noch een listige kunstgreep in de zin van art. 326 Sr. Het vorenoverwogene brengt mee dat het Hof hetgeen het heeft bewezenverklaard ten onrechte heeft gekwalificeerd
- Strafrecht overigCassatieHoge Raad · Cassatie · Strafrecht overig
Hoge Raad|6 mei 2003|ECLI:NL:HR:2003:AF6599Aangehaald in 12 uitspraken
samenweefsel van verdichtsels en derhalve van oplichting als strafbaar gesteld in art. 326 Sr. Dit oordeel geeft geen blijk van een onjuiste rechtsopvatting. 3.6. Het middel faalt derhalve. 4. Slotsom
- Strafrecht overigCassatieAangifte a.b.i. art. 69.2 (oud) AWR. De opvatting dat een aangifte die is gedaan n.a.v. ‘fictieve’ handel…
Hoge Raad|1 december 2015|ECLI:NL:HR:2015:3431Aangehaald in 15 uitspraken
voegt hier nog aan toe dat het feit een zuiver voorbeeld betreft van oplichting (artikel 326 Sr), nu er immers geld is gevraagd en verkregen wat niet aan de verdachte toekwam
- Strafrecht overigCassatieHoge Raad · Cassatie · Strafrecht overig
Hoge Raad|23 juli 2002|ECLI:NL:HR:2002:AE5205
niet kan worden beschouwd als het afgeven van enig goed in de zin van art. 326 Sr. Dit betoog kan niet tot cassatie leiden. De firma [de firma] is immers in ieder
- Strafrecht overigCassatieUitlevering. Aangevoerd is o.m. dat de verzochte uitlevering ontoelaatbaar moet worden verklaard omdat de…
Hoge Raad|11 november 2008|ECLI:NL:HR:2008:BC9546Aangehaald in 14 uitspraken
minste een jaar. Naar Nederlands recht kan dat feit op grond van art. 326 Sr eveneens worden bestraft met een gevangenisstraf met een maximum van ten minste een jaar. Aan de door
Zoektips
Een ECLI (ook kort, zoals HR:2020:2020), LJN of vindplaats (NJ 2019/123) opent direct de uitspraak. Gebruik aanhalingstekens voor een exacte woordgroep (“ontslag op staande voet”), OR voor alternatieven (huur OR pacht), een sterretje voor woorddelen (huur* vindt ook huurder) en een minteken om een woord uit te sluiten.