19 uitspraken gevonden
Sorteer op: Relevantie
- Personen- en familierechtCassatieGeschil tussen ex-echtelieden over de vaststelling van de door de man aan de vrouw te betalen alimentatie…
Hoge Raad|12 mei 2006|ECLI:NL:HR:2006:AV8720Aangehaald in 14 uitspraken
vermeerdering van verzoek, eisen van een goede procesorde, ambtshalve toetsing maatstaf van art. 130 lid 1 Rv., ontvankelijkheid cassatieberoep; vaststelling behoefte, schending art. 24 Rv. door niet te onderzoeken en te beslissen … voet van art. 283 Rv. in verbinding met art. 130 lid 1 Rv. bezwaar heeft gemaakt tegen de vermeerdering van het verzoek. Het hof heeft dus kennelijk die vermeerdering ambtshalve getoetst
- Civiel recht overigCassatieBevoegdheidsincident, verwerping door de eerste rechter van de exceptie van onbevoegdheid op de voet van art…
Hoge Raad|17 maart 2006|ECLI:NL:HR:2006:AU8325Aangehaald in 15 uitspraken
eerste rechter van de exceptie van onbevoegdheid op de voet van art. 1022 lid 1 Rv.; ontvankelijkheid cassatieberoep tegen uitspraak waarin appellant niet-ontvankelijk is verklaard in tussentijds appel, een tussenarrest?, strekking … incidentele conclusie gevorderd dat de rechtbank zich op de voet van art. 1022 lid 1 Rv onbevoegd zal verklaren. Bij tussenvonnis van 10 september 2002 heeft de rechtbank in het incident [eiseres
- Civiel recht overigCassatieGeschil tussen fitnesscentra over voeren van de handelsnaam “Life” of andere naam waarvan dit woord onderdeel…
Hoge Raad|17 februari 2006|ECLI:NL:HR:2006:AU4616Aangehaald in 34 uitspraken
rechter ter zitting hebben onderschreven een gerechtelijke erkenning in de zin van art. 154 lid 1 Rv. op?, maatstaf; openbaarmaking van wijziging van met de wet strijdige handelsnaam, bevel. 17 februari … aanvoeren van een verweer betreft, maar een erkenning in de zin van art. 154 lid 1 Rv, zodat het hof ten onrechte althans zonder toereikende motivering Life Health daaraan niet gebonden heeft
- Civiel recht overigCassatieGeschil tussen een verdachte en de zoon van het overleden slachtoffer die zich in hoedanigheid van…
Hoge Raad|15 september 2006|ECLI:NL:HR:2006:AV2654Aangehaald in 67 uitspraken
heeft toegewezen; ontvankelijkheid, komt aan beslissing van strafrechter op de voet van art. 236 lid 1 Rv. gezag van gewijsde toe?; uitleg van art. 361 lid 3 Sv. in het licht … afgewezen, gezag van gewijsde toekomt op de voet van art. 236 lid 1 Rv. Anders dan in onderdeel 12 wordt betoogd, is daarvoor geen uitdrukkelijke bepaling in het Wetboek van Strafvordering nodig
- Civiel recht overigCassatieErfrecht. Geschil tussen gezamenlijke erfgenamen over een verzocht bevel tot boedelbeschrijving van de…
Hoge Raad|30 juni 2006|ECLI:NL:HR:2006:AW2106
ontvankelijk voorzover gericht tegen een mede-appellant; geen doorbreking van rechtsmiddelenverbod ex art. 672 lid 1 Rv. (81 RO). 30 juni 2006 Eerste Kamer Rek.nr. R05/116HR JMH/RM Hoge Raad der Nederlanden Beschikking
- Civiel recht overigCassatieDeltawet grote rivieren, onverwijlde inbezitneming van in dijkverbeteringsplannen aangewezen percelen…
Hoge Raad|12 mei 2006|ECLI:NL:HR:2006:AV9391
schade is beslist, wettelijke uitsluiting van hoger beroep als bedoeld in art. 332 lid 1 Rv., uitleg van art. 5 Dgr in verbinding met art. 52 lid 1 … tegen de onderhavige vonnissen geen hoger beroep openstaat, zodat de in art. 332 lid 1 Rv. bedoelde uitzondering zich voordoet. Zulks was overigens al impliciet door de Hoge Raad beslist
- Civiel recht overigCassatieDeltawet grote rivieren, onverwijlde inbezitneming van in dijkverbeteringsplannen aangewezen percelen…
Hoge Raad|12 mei 2006|ECLI:NL:HR:2006:AV9378
schade is beslist, wettelijke uitsluiting van hoger beroep als bedoeld in art. 332 lid 1 Rv., uitleg van art. 5 Dgr in verbinding met art. 52 lid 1 … tegen de onderhavige vonnissen geen hoger beroep openstaat, zodat de in art. 332 lid 1 Rv. bedoelde uitzondering zich voordoet. Zulks was overigens al impliciet door de Hoge Raad beslist
- Civiel recht overigCassatieProcesrecht, derdenbeslag. Geschil tussen notaris en beslaglegger over de terugvordering door de notaris…
Hoge Raad|24 november 2006|ECLI:NL:HR:2006:AY7922
over het oordeel van de rechtbank dat het beroep van FIC op artikel 477b, lid 1 Rv faalt omdat dit artikel uitgaat van een verschuldigde betaling, terwijl [verweerder] nu juist onverschuldigd heeft … uitvoering van de op [verweerder] rustende verplichting krachtens het bepaalde bij art. 477 lid 1 Rv. de volgens de afgelegde verklaring verschuldigde geldsommen te voldoen, en dat dit wetsartikel als rechtsgrond voor
- InsolventierechtCassatieFaillissementsrecht. Geschil tussen een curator en een bank over het door de rechter-commissaris afgewezen…
Hoge Raad|6 oktober 2006|ECLI:NL:HR:2006:AX8295Aangehaald in 15 uitspraken
verhoor ex art. 66 Fw niet de bewijskracht toekomt ex artikel 192 lid 1 Rv. Het voorgaande leidt tot de conclusie dat de Bank in het kader van een getuigenverhoor ex artikel … punt slechts heeft bestreden op de grond dat, behoudens de in art. 27 lid 1 Rv. genoemde uitzonderingen, het verhoor ter openbare terechtzitting dient plaats te vinden, en deze grond hiervoor onjuist
- Civiel recht overigCassatieProcesrecht. Geschil tussen (de erven van) een koper en de verkoper van een in Spanje gelegen appartement…
Hoge Raad|16 juni 2006|ECLI:NL:HR:2006:AV2644
wederpartij te eisen, een reële belemmering voor het instellen van het door art. 335 lid 1 Rv. gewaarborgde rechtsmiddel van hoger beroep terwijl voor deze partij het rechtsmiddel van verzet door … verbinding met art. 143 lid 1 Rv. wordt uitgesloten. Daarnaast maakt art. 335 lid 2 Rv. voor de niet-verschenen medegedaagde inbreuk op het in art. 350 Rv. neergelegde beginsel
- Civiel recht overigCassatieGeschil tussen een Bureau voor Rechtshulp en een voormalig cliënt over aansprakelijkheid van het bureau voor…
Hoge Raad|30 juni 2006|ECLI:NL:HR:2006:AX6246Aangehaald in 76 uitspraken
klaagt dat het hof art. 353 lid 1 in verbinding met art. 237 lid 1 Rv. heeft geschonden door het Bureau voor Rechtshulp in de kosten te veroordelen terwijl
- Civiel recht overigCassatieRechtspersonenrecht. Geschil tussen drie bestuurders van een stichting over het door één van hen op grond van…
Hoge Raad|10 november 2006|ECLI:NL:HR:2006:AY8290Aangehaald in 63 uitspraken
onderhavige procedure de algemene regels van bewijsrecht van toepassing zijn (art. 284 lid 1 Rv.). De aard van deze procedure verzet zich daartegen niet. 3.5.3 De in het onderdeel aangevoerde klachten kunnen
- Civiel recht overigCassatieGeschil tussen particulieren en een effectenkantoor over zijn aansprakelijkheid voor een negatief…
Hoge Raad|15 december 2006|ECLI:NL:HR:2006:AZ1083Aangehaald in 55 uitspraken
bewijslast rust hetzij, als onvoldoende betwist, op de voet van art. 149 lid 1 Rv. als vaststaand aanneemt, hetzij deze stellingen voorshands bewezen acht behoudens tegenbewijs door de partij
- Civiel recht overigCassatieGeschil na de gerechtelijke ontbinding van een agentuurovereenkomst over de verschuldigdheid van…
Hoge Raad|31 maart 2006|ECLI:NL:HR:2006:AU7933Aangehaald in 73 uitspraken
oordeel verenigd. Aldus heeft zij echter van een onjuiste rechtsopvatting blijk gegeven. Art. 164 lid 1 Rv. (overeenstemmend met het destijds geldende art. 190 Rv.) laat de partijgetuigenverklaring als bewijsmiddel
- Civiel recht overigCassatieProcesrecht. Cassatie, ontvankelijkheid van beroep tegen een uitspraak van het hof Leeuwarden in een…
Hoge Raad|28 april 2006|ECLI:NL:HR:2006:AV0050Aangehaald in 10 uitspraken
hoger beroep diende te worden ingesteld binnen de in art. 339 lid 1 Rv. gestelde termijn van drie maanden en dat, als dit is gebeurd, [eiser] na verwijzing niet alsnog niet-ontvankelijk
- Civiel recht overigCassatieProcesrecht. Cassatie, verzoek tot verstekverlening; exploot van dagvaarding met formeel gebrek, relatieve…
Hoge Raad|1 september 2006|ECLI:NL:HR:2006:AY7262
Rv., aangezien het de woonplaats van de curator niet vermeldt. Ingevolge art. 120 lid 1 Rv. brengt dit gebrek nietigheid van het exploot mee. Het is evenwel niet aannemelijk dat het exploot
- OmgevingsrechtCassatieOnteigeningszaak. Geschil tussen een gemeente en onteigenden over vervroegde onteigening en…
Hoge Raad|6 oktober 2006|ECLI:NL:HR:2006:AY8283
onjuiste vermelding van hun woonplaats onredelijk zijn benadeeld, zodat, gelet op art. 66 lid 1 Rv. het exploot niet aan nietigheid lijdt. 4. Beoordeling van de middelen in het principale
- Civiel recht overigCassatieProcesrecht. Cassatie, verstekverlening, exploot van dagvaarding met formeel gebrek, relatieve nietigheid…
Hoge Raad|22 december 2006|ECLI:NL:HR:2006:AZ3679
Rv. De voor Storaenso bestemde oorspronkelijke dagvaarding is op de voet van art. 63 lid 1 Rv. betekend aan het kantoor van de advocaat P. Glazener te Amsterdam, alwaar Buhrmann
- InsolventierechtCassatieFaillissementsrecht; ontvankelijkheid van op de voet van art. 67 lid 1 F. ingesteld hoger beroep tegen de…
Hoge Raad|2 juni 2006|ECLI:NL:HR:2006:AV2661
oordeel was, het beroepschrift wel overeenkomstig art. 359 in verbinding met art. 278 lid 1 Rv. de grond voor het beroep bevatte, te weten in nr. 6: "Appellanten zijn door de beschikking
Zoektips
Een ECLI (ook kort, zoals HR:2020:2020), LJN of vindplaats (NJ 2019/123) opent direct de uitspraak. Gebruik aanhalingstekens voor een exacte woordgroep (“ontslag op staande voet”), OR voor alternatieven (huur OR pacht), een sterretje voor woorddelen (huur* vindt ook huurder) en een minteken om een woord uit te sluiten.