4 uitspraken gevonden
Sorteer op: Relevantie
- Strafrecht overigCassatieProfijtontneming. 1. Ontoelaatbare uitbreiding basis vaststelling wederrechtelijk verkregen voordeel in…
Hoge Raad|8 mei 2007|ECLI:NL:HR:2007:AZ9338
soortgelijke feiten. Gelet op het hier van overeenkomstige toepassing verklaarde art. 365a jo. art. 138b Sv en het stelsel van de wet zoals daarvan onder meer uit art. 36e Sr blijkt … Gelet op het hier van overeenkomstige toepassing verklaarde art. 365a in verbinding met art. 138b Sv en het stelsel van de wet zoals daarvan onder meer uit art. 36e Sr blijkt
- Strafrecht overigCassatieUittreksel-arrest. Het Hof heeft zijn gegeven beslissingen niet neergelegd in een verkort arrest, maar in een…
Hoge Raad|18 december 2007|ECLI:NL:HR:2007:BB7404
arrest, maar in een “uittreksel” dat niet voldoet aan de eisen van art. 365a en 138b Sv. Dat verzuim heeft betrekking op een wezenlijke vorm van het strafproces zodat het nietigheid … niet zijn vastgelegd in een arrest dat voldeed aan de eisen van art 365a en 138b Sv. Dat verzuim heeft betrekking op een wezenlijke vorm van het strafproces zodat het nietigheid
- Strafrecht overigCassatiePromis II-arrest. Cassatie in belang der wet. Uitleg art. 359.2 en 3 Sv (Wet bekennende verdachte). 1…
Hoge Raad|15 mei 2007|ECLI:NL:HR:2007:BA0424Aangehaald in 76 uitspraken
voorlopige hechtenis bevindt, binnen drie maanden, na het aanwenden van het rechtsmiddel." en luidt art. 138b Sv als volgt: "Onder een verkort vonnis wordt verstaan een vonnis waarin geen bewijsmiddelen zijn opgenomen
- Strafrecht overigCassatiePromis II-arrest. Cassatie in belang der wet. Uitleg art. 359.2 en 3 Sv (Wet bekennende verdachte). 1…
Hoge Raad|15 mei 2007|ECLI:NL:HR:2007:BA0425Aangehaald in 15 uitspraken
voorlopige hechtenis bevindt, binnen drie maanden, na het aanwenden van het rechtsmiddel." en luidt art. 138b Sv als volgt: "Onder een verkort vonnis wordt verstaan een vonnis waarin geen bewijsmiddelen zijn opgenomen
Zoektips
Een ECLI (ook kort, zoals HR:2020:2020), LJN of vindplaats (NJ 2019/123) opent direct de uitspraak. Gebruik aanhalingstekens voor een exacte woordgroep (“ontslag op staande voet”), OR voor alternatieven (huur OR pacht), een sterretje voor woorddelen (huur* vindt ook huurder) en een minteken om een woord uit te sluiten.