Zoekresultaten

Voor “"2 Rv"”

Naar resultaten Uitgebreid zoeken

16 uitspraken gevonden

Sorteer op: Relevantie
  • Civiel recht overigCassatie
    Hoge Raad · Cassatie · Civiel recht overig

    Hoge Raad25 februari 2000ECLI:NL:HR:2000:AA4936Aangehaald in 29 uitspraken

    oktober 1996 had plaatsgevonden, [huurder] op grond van het bepaalde in art. 81 lid 2 Rv. niet-ontvankelijk in zijn verzet diende te worden verklaard, en dat, voorzover al moet worden aangenomen … Rechtbank van een onjuiste rechtsopvatting heeft blijk gegeven door te overwegen dat art. 81 lid 2 Rv. in strijd is met art. 6 EVRM, mist het feitelijke grondslag. Kennelijk heeft de Rechtbank

  • Civiel recht overigCassatie
    Hoge Raad · Cassatie · Civiel recht overig

    Hoge Raad4 februari 2000ECLI:NL:HR:2000:AA4721

    maart 1998 hoger beroep ingesteld. Zij heeft aangevoerd dat de beroepstermijn ingevolge art. 429n lid 2 Rv. twee maanden bedraagt en dat, nu het afschrift van de beschikking van de Kantonrechter … zodat zij is te beschouwen als de in eerste aanleg verschenen belanghebbende. Artikel 429n lid 2 Rv schrijft voor dat door de in eerste aanleg verschenen belanghebbende hoger beroep moet worden ingesteld

  • Civiel recht overigCassatie
    Hoge Raad · Cassatie · Civiel recht overig

    Hoge Raad12 mei 2000ECLI:NL:HR:2000:AA5781

    voorlopig getuigenverhoor te bevelen wordt toegewezen, is geen hogere voorziening toegelaten, aldus art. 216 lid 2 Rv. Dit verbod sluit hoger beroep of cassatie niet uit, voorzover erover wordt geklaagd … Euro Holding dient te worden beschouwd als belanghebbende in de zin van art. 429n lid 2 Rv. In dit oordeel ligt, in aanmerking genomen dat het Hof vervolgens de inhoudelijke bezwaren

  • Civiel recht overigCassatie
    Hoge Raad · Cassatie · Civiel recht overig

    Hoge Raad7 april 2000ECLI:NL:HR:2000:AA5404Aangehaald in 19 uitspraken

    geen sprake, zodat de rechter in dat geval overeenkomstig de hoofdregel van art. 179 lid 2 Rv. vrij is in de waardering van de door een partij-getuige afgelegde verklaring

  • Civiel recht overigCassatie
    Hoge Raad · Cassatie · Civiel recht overig

    Hoge Raad7 januari 2000ECLI:NL:HR:2000:AA4124Aangehaald in 8 uitspraken

    merken als een incidenteel vonnis en dat het appelverbod, gelet op art. 337 lid 2 Rv., zijn gelding daarom behoudt. Op grond hiervan heeft het Hof [eiser] niet-ontvankelijk verklaard in zijn

  • Civiel recht overigCassatie
    Hoge Raad · Cassatie · Civiel recht overig

    Hoge Raad22 september 2000ECLI:NL:HR:2000:AA7202

    hiervoor overwogene volgt dat de middelen niet voldoen aan de daaraan ingevolge art. 407 lid 2 Rv. Te stellen eisen, zodat [eiser] niet-ontvankelijk moet worden verklaard in zijn beroep. 4. Beslissing

  • Civiel recht overigCassatie
    Hoge Raad · Cassatie · Civiel recht overig

    Hoge Raad3 november 2000ECLI:NL:HR:2000:AA8161Aangehaald in 7 uitspraken

    overwoog het Hof dat het op de voet van art. 355 lid 2 Rv. tevens zou beslissen op de vordering tot medewerking aan de plaatsing van grenstekens op de grens tussen

  • Civiel recht overigCassatie
    Hoge Raad · Cassatie · Civiel recht overig

    Hoge Raad24 maart 2000ECLI:NL:HR:2000:AA5263

    cassatietermijn bedraagt dan acht weken (art. 426 lid 2 Rv.), aanvangende de dag na de dag der verzending door de griffier van het afschrift van de beschikking (art. 426 lid 3 Rv

  • Civiel recht overigCassatie
    Hoge Raad · Cassatie · Civiel recht overig

    Hoge Raad13 oktober 2000ECLI:NL:HR:2000:AA7491

    houdende exceptie als bedoeld in art. 347 lid 3 Rv., verzet ex art. 134 lid 2 Rv., alsmede verzoek ex art. 3:71 BW en (subsidiair) kennisgeving

  • Civiel recht overigCassatie
    Hoge Raad · Cassatie · Civiel recht overig

    Hoge Raad17 maart 2000ECLI:NL:HR:2000:AA5168

    benadeeld, was een herstel bij een aanvullend exploit als bedoeld in art. 94 lid 2 Rv. niet meer aan de orde. Het oordeel van de Rechtbank dat geen grond aanwezig is voor

  • Civiel recht overigCassatie
    Hoge Raad · Cassatie · Civiel recht overig

    Hoge Raad24 maart 2000ECLI:NL:HR:2000:AA5259

    dwingende bewijs van de polis, het-geen AXA zonder meer vrij-stond (art. 178 lid 2 Rv.), ter-wijl zij dat aanbod niet behoefde te specificeren (HR 9 januari

  • Civiel recht overigCassatie
    Hoge Raad · Cassatie · Civiel recht overig

    Hoge Raad24 november 2000ECLI:NL:HR:2000:AA8450

    aanbod tot het leveren van tegenbewijs zoals bedoeld in art. 178 lid 2 Rv., welke bepaling ook van toepassing is in een procedure als de onderhavige (HR 20 maart

  • Civiel recht overigCassatie
    Hoge Raad · Cassatie · Civiel recht overig

    Hoge Raad9 juni 2000ECLI:NL:HR:2000:AA6181

    heeft het Hof het vonnis waarvan beroep bekrachtigd en rechtdoende krachtens art. 355 lid 2 Rv. voor recht verklaard dat [verweerder] c.s. ter zake van hun opzegging geen uittreedgeld aan Campina

  • Civiel recht overigCassatie
    Hoge Raad · Cassatie · Civiel recht overig

    Hoge Raad18 februari 2000ECLI:NL:HR:2000:AA4871

    onder 3.15 2) weergegeven klacht voldoet niet aan de eisen van art. 407 lid 2 Rv. 3.18 Hiervoor heb ik reeds aangegeven dat m.i. inderdaad van belang kan zijn of sprake

  • Civiel recht overigCassatie
    Hoge Raad · Cassatie · Civiel recht overig

    Hoge Raad25 februari 2000ECLI:NL:HR:2000:AA4937

    oordeel is [eiser] tijdig - namelijk binnen twee maanden, art. 5:130 BW jo. 426 lid 2 Rv - in beroep in cassatie gekomen. De vereniging heeft bij verweerschrift voorwaardelijk incidenteel beroep in cassatie

  • InsolventierechtCassatie
    Hoge Raad · Cassatie · Insolventierecht

    Hoge Raad16 juni 2000ECLI:NL:HR:2000:AA6232

    vonnis van de Rechtbank heeft Nedship op de voet van art. 398 aanhef en sub 2° Rv. beroep in cassatie ingesteld. De cassatiedagvaarding is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel

Zoektips

Een ECLI (ook kort, zoals HR:2020:2020), LJN of vindplaats (NJ 2019/123) opent direct de uitspraak. Gebruik aanhalingstekens voor een exacte woordgroep (“ontslag op staande voet”), OR voor alternatieven (huur OR pacht), een sterretje voor woorddelen (huur* vindt ook huurder) en een minteken om een woord uit te sluiten.