5 uitspraken gevonden
Sorteer op: Relevantie
- Civiel recht overigCassatie17 januari 2003 Eerste Kamer Nr. C02/273HR RM Hoge Raad der Nederlanden Arrest in de zaak van: [Eiseres]…
Hoge Raad|17 januari 2003|ECLI:NL:HR:2003:AF1568
vaststellen (in de uitvoeringswetgeving) van een regeling die thans is neergelegd in art. 56 lid 3 Rv. en die als volgt luidt: "Wanneer de betekening binnen een bepaalde termijn moet worden verricht … Tegen de achtergrond van het in de EG-betekeningsverordening gekozen stelsel moet art. 56 lid 3 Rv. aldus worden uitgelegd dat in de door de verordening bestreken gevallen de betekening
- Personen- en familierechtCassatie10 oktober 2003 Eerste Kamer Rek.nr. R02/095HR JMH/AS Hoge Raad der Nederlanden Beschikking in de zaak van…
Hoge Raad|10 oktober 2003|ECLI:NL:HR:2003:AL8115
opvatting uitgaat, faalt derhalve. 3.4 Onderdeel 2 wordt evenwel terecht voorgesteld. Ingevolge art. 816 lid 3 Rv. zijn de art. 120 en 121 Rv. van overeenkomstige toepassing indien het exploot van betekening … zijn kosten te herstellen. Indien de rechtbank op de voet van art. 121 lid 3 Rv. zou hebben geoordeeld dat aannemelijk is dat het exploot de vrouw als gevolg van het gebrek
- Civiel recht overigCassatie3 oktober 2003 Eerste Kamer Nr. C02/294HR JMH/AT Hoge Raad der Nederlanden Arrest in de zaak van: DE…
Hoge Raad|3 oktober 2003|ECLI:NL:HR:2003:AI0347Aangehaald in 9 uitspraken
worden aangemerkt als eis in de hoofdzaak in de zin van art. 700 lid 3 Rv. Tegen deze aanslag kan bezwaar worden gemaakt bij de inspecteur en tegen diens uitspraak … worden aangemerkt als eis in de hoofdzaak in de zin van art. 700 lid 3 Rv. Zoals hiervoor overwogen is die bedoeling immers dat binnen de termijn die daartoe wordt gesteld door
- Personen- en familierechtCassatie5 september 2003 Eerste Kamer Rek.nr. R02/088HR JMH Hoge Raad der Nederlanden Beschikking in de zaak van: 1…
Hoge Raad|5 september 2003|ECLI:NL:HR:2003:AF8578
toepassing worden geacht en kan de rechter derhalve met overeenkomstige toepassing van art. 986 lid 3 Rv. legalisatie van de overgelegde huwelijksverklaring verlangen. Anders dan in het middel wordt betoogd, staan … geweigerd, brengt het discretionaire karakter van het van overeenkomstige toepassing zijnde art. 986 lid 3 Rv. mee, dat de rechter de vrijheid heeft om toch te oordelen dat is komen vast
- Civiel recht overigCassatieHoge Raad · Cassatie · Civiel recht overig
Hoge Raad|16 mei 2003|ECLI:NL:HR:2003:AF6208
Rechtbank een rolzitting wordt gehouden, op grond van het bepaalde in art. 82 lid 3 Rv. ter zitting dienen te geschieden. Dat deze indiening achterwege is gebleven, moet aan [eiseres] worden toegerekend
Zoektips
Een ECLI (ook kort, zoals HR:2020:2020), LJN of vindplaats (NJ 2019/123) opent direct de uitspraak. Gebruik aanhalingstekens voor een exacte woordgroep (“ontslag op staande voet”), OR voor alternatieven (huur OR pacht), een sterretje voor woorddelen (huur* vindt ook huurder) en een minteken om een woord uit te sluiten.