Zoekresultaten

Voor “"321 Sr"”

Naar resultaten Uitgebreid zoeken

3 uitspraken gevonden

Sorteer op: Relevantie
  • Strafrecht overigCassatie
    Art. 321 Sr. Verduistering. Doelbinding. Van “zich wederrechtelijk toe-eigenen” a.b.i. art. 321 Sr is sprake…

    Hoge Raad5 april 2011ECLI:NL:HR:2011:BP4638Aangehaald in 16 uitspraken

    321 Sr. Verduistering. Doelbinding. Van “zich wederrechtelijk toe-eigenen” a.b.i. art. 321 Sr is sprake indien een persoon zonder daartoe gerechtigd te zijn als heer en meester beschikt over een goed … begrip "zich wederrechtelijk toe-eigenen" gebezigd in de betekenis die daaraan in art. 321 Sr toekomt. Van zodanig toe-eigenen is sprake indien een persoon zonder daartoe gerechtigd te zijn als heer

  • Strafrecht overigCassatie
    Verduistering in dienstbetrekking. Bewijsklacht. In de tenlastelegging en bewezenverklaring is het begrip…

    Hoge Raad31 mei 2011ECLI:NL:HR:2011:BQ1987Aangehaald in 9 uitspraken

    begrip ‘zich wederrechtelijk toe-eigenen’ gebezigd in de betekenis die daarin in art. 321 Sr toekomt. Van zodanig toe-eigenen is sprake indien een persoon zonder daartoe gerechtigd te zijn als heer … begrip 'zich wederrechtelijk toe-eigenen' gebezigd in de betekenis die daaraan in art. 321 Sr toekomt. Van zodanig toe-eigenen is sprake indien een persoon zonder daartoe gerechtigd te zijn als heer

  • Strafrecht overigCassatie
    Verduistering. Het middel dat berust op de opvatting dat art. 321 Sr vereist dat de verdachte het goed dat…

    Hoge Raad31 mei 2011ECLI:NL:HR:2011:BQ1972

    Verduistering. Het middel dat berust op de opvatting dat art. 321 Sr vereist dat de verdachte het goed dat hij zich heeft toegeëigend op grond van een rechtsverhouding onder zich had, vindt … bedrag van € 1.000,- heeft toegeëigend." 2.3. Het middel berust op de opvatting dat art. 321 Sr vereist dat de verdachte het goed dat hij zich heeft toegeëigend, op grond van een rechtsverhouding

Zoektips

Een ECLI (ook kort, zoals HR:2020:2020), LJN of vindplaats (NJ 2019/123) opent direct de uitspraak. Gebruik aanhalingstekens voor een exacte woordgroep (“ontslag op staande voet”), OR voor alternatieven (huur OR pacht), een sterretje voor woorddelen (huur* vindt ook huurder) en een minteken om een woord uit te sluiten.