5 uitspraken gevonden
Sorteer op: Relevantie
- Strafrecht overigCassatieArt. 326 Sr, oplichting. Verdachte heeft zich bij de verkoop van schoonmaakgerei in strijd met de waarheid…
Hoge Raad|13 november 2012|ECLI:NL:HR:2012:BX0806Aangehaald in 29 uitspraken
326 Sr, oplichting. Verdachte heeft zich bij de verkoop van schoonmaakgerei in strijd met de waarheid voorgedaan als iemand die geld inzamelde voor kinderen en daarbij medegedeeld dat de opbrengst voor … verdachte zich aldus heeft bediend van een valse hoedanigheid als bedoeld in art. 326 Sr geeft niet blijk van een onjuiste rechtsopvatting. Dat oordeel is ook niet onbegrijpelijk en is toereikend gemotiveerd
- Strafrecht overigCassatie1. Art. 326 Sr, tenietdoen van een inschuld. 2. Art. 359.2 Sv, uitdrukkelijk onderbouwd standpunt (u.o.s.)…
Hoge Raad|31 januari 2012|ECLI:NL:HR:2012:BT6454
326 Sr, tenietdoen van een inschuld. 2. Art. 359.2 Sv, uitdrukkelijk onderbouwd standpunt (u.o.s.). Ad 1. Het middel berust o.m. op de opvatting dat van het tenietdoen van een inschuld als bedoeld … 326 Sr geen sprake kan zijn indien de verwerping van een nalatenschap civielrechtelijk aantastbaar is. Die opvatting is onjuist. Ad 2. Uit de (bewijs)overwegingen van het Hof kan t.a.v. verdachte niet
- Strafrecht overigCassatie1. Art. 326 Sr, tenietdoen van een inschuld. 2. Art. 359.2 Sv, uitdrukkelijk onderbouwd standpunt (u.o.s.)…
Hoge Raad|31 januari 2012|ECLI:NL:HR:2012:BT6453
326 Sr, tenietdoen van een inschuld. 2. Art. 359.2 Sv, uitdrukkelijk onderbouwd standpunt (u.o.s.). Ad 1. Het middel berust o.m. op de opvatting dat van het tenietdoen van een inschuld als bedoeld … 326 Sr geen sprake kan zijn indien de verwerping van een nalatenschap civielrechtelijk aantastbaar is. Die opvatting is onjuist. Ad 2. Uit de (bewijs)overwegingen van het Hof kan t.a.v. verdachte niet
- Strafrecht overigCassatieTegenstrijdigheid in de bewezenverklaring? De vraag of bepaalde gedragingen verduistering of oplichting…
Hoge Raad|10 april 2012|ECLI:NL:HR:2012:BV5575Aangehaald in 19 uitspraken
door de listige kunstgrepen van de medeverdachte is bewogen tot afgifte als bedoeld in art. 326 Sr aan verdachte en zijn medeverdachte van geldbedragen ter grootte van de “inzet” en de “winst … door de listige kunstgrepen van de medeverdachte is bewogen tot afgifte als bedoeld in art. 326 Sr aan de verdachte en zijn medeverdachte van geldbedragen ter grootte van de "inzet
- Strafrecht overigCassatieVervolgingsuitlevering naar de VS. De Rechtbank heeft, in aanmerking genomen dat in casu bij het bepalen van…
Hoge Raad|3 juli 2012|ECLI:NL:HR:2012:BW9987Aangehaald in 5 uitspraken
naar Nederlands recht strafbaar gesteld bij art. 140, derde lid, Sr, art. 225 Sr, art. 326 Sr, art. 420bis Sr, art. 5:56 Wet op het financieel toezicht
Zoektips
Een ECLI (ook kort, zoals HR:2020:2020), LJN of vindplaats (NJ 2019/123) opent direct de uitspraak. Gebruik aanhalingstekens voor een exacte woordgroep (“ontslag op staande voet”), OR voor alternatieven (huur OR pacht), een sterretje voor woorddelen (huur* vindt ook huurder) en een minteken om een woord uit te sluiten.