3 uitspraken gevonden
Sorteer op: Relevantie
- Strafrecht overigCassatieBeklag, beslag ex art. 94 Sv op auto onder klager t.z.v. verdenking van rijden zonder geldig…
Hoge Raad|30 juni 2026|ECLI:NL:HR:2026:1001
ligt als haar oordeel besloten dat inbeslaggenomen auto aan klager toebehoort a.b.i. art. 33a Sr. Dat oordeel is niet onbegrijpelijk, ook niet in licht van wat door en namens klager naar voren … hoeft te staan om aan te nemen dat auto aan klager toebehoort a.b.i. art. 33a Sr (vgl. HR:2004:AN9360). In het licht hiervan getuigt oordeel van Rb dat niet hoogst onwaarschijnlijk
- BelastingrechtCassatieArt. 3.14 Wet IB 2001, art. 3.95 Wet IB 2001, art. 33a Sr, art. 14 EVRM; fiscaal onderscheid…
Hoge Raad|10 juli 2026|ECLI:NL:HR:2026:1242
33a Sr, art. 14 EVRM; fiscaal onderscheid verbeurdverklaring en voordeelontneming, resultaat uit overige werkzaamheden HOGE RAAD DER NEDERLANDEN BELASTINGKAMER Nummer 25/01717 Datum 10 juli 2026 ARREST in de zaak van [X] (hierna
- Strafrecht overigCassatieOM-cassatie en cassatie klager, die als tussenpersoon werkzaamheden verricht voor de aan scheepsbouwer…
Hoge Raad|8 september 2026|ECLI:NL:HR:2026:1427
gepleegde strafbare feiten. Daarmee komt deze vordering voor verbeurdverklaring op grond van artikel 33a Sr in aanmerking. De beslagen bedragen op de beide bankrekeningen (de escrow rekeningen), in totaal ruim 25 miljoen
Zoektips
Een ECLI (ook kort, zoals HR:2020:2020), LJN of vindplaats (NJ 2019/123) opent direct de uitspraak. Gebruik aanhalingstekens voor een exacte woordgroep (“ontslag op staande voet”), OR voor alternatieven (huur OR pacht), een sterretje voor woorddelen (huur* vindt ook huurder) en een minteken om een woord uit te sluiten.