23 uitspraken gevonden
Sorteer op: Relevantie
- Civiel recht overigCassatieBOPZ. Machtiging tot voortgezet verblijf. Mondelinge behandeling aangehouden voor contra-expertise…
Hoge Raad|2 september 2016|ECLI:NL:HR:2016:2016Aangehaald in 11 uitspraken
Bopz en art. 5 lid 1, onder e, en lid 4 EVRM? Overschrijding van beslistermijn verrekenen met geldigheidsduur nieuwe machtiging? Vereiste dat gedwongen opneming berust op recente psychiatrische rapportage … Bopz, en met art. 5 lid 1, aanhef en onder e, en lid 4 EVRM. Voorts klaagt onderdeel IV van het middel dat de rechtbank in strijd
- Civiel recht overigCassatieBopz. Voorwaardelijke machtiging omgezet in voorlopige machtiging (art. 14d Wet Bopz). Procedure als bedoeld…
Hoge Raad|17 oktober 2014|ECLI:NL:HR:2014:2996Aangehaald in 16 uitspraken
oktober 2012, ECLI:NL:HR:2012:BX5789, NJ 2012/568. Tijdige beslissing? Art. 5 lid 4 EVRM; art. 9, 14e en 49 Wet Bopz. 17 oktober 2014 Eerste Kamer 14/01330 EE/TT Hoge Raad … datum van de invrijheidstelling. Uit art. 5, lid 1, aanhef en onder e, en lid 4 EVRM en HR 5 oktober 2012, ECLI:NL:HR:2012:BX5789, NJ 2012/568 volgt
- Strafrecht overigCassatieSlagende bewijsklacht mensenhandel. Art. 273f Sr. De HR merkt op dat de opvatting dat van mensenhandel…
Hoge Raad|29 maart 2016|ECLI:NL:HR:2016:529
mensenhandel slechts sprake kan zijn als de bewezenverklaarde gedragingen een schending van art. 4 EVRM opleveren geen steun vindt in het recht. Conclusie AG: anders. 29 maart 2016 Strafkamer nr. S 14/06384 … mensenhandel slechts sprake kan zijn als de bewezenverklaarde gedragingen een schending van art. 4 EVRM opleveren. 3 Beoordeling van de middelen voor het overige De middelen kunnen voor het overige niet
- Civiel recht overigCassatieHoge Raad · Cassatie · Civiel recht overig
Hoge Raad|24 november 2000|ECLI:NL:HR:2000:AA8448Aangehaald in 6 uitspraken
bepaalde in art. 12 lid 1 IVBPR, art. 2 lid 1 Protocol no. 4 EVRM, art. 12 lid 4 IVBPR en art. 3 lid 2 Protocol no. 4 EVRM. Dit onderdeel faalt … which he is a national" als bedoeld in art. 3, tweede lid, Protocol no. 4 EVRM onderscheidenlijk als "his own country" als bedoeld in art. 12, vierde lid, IVBPR. Voor zover
- Civiel recht overigCassatieBOPZ. Verzoek machtiging voortgezet verblijf; art. 15 Wet Bopz. Termijn voor beslissing rechtbank nadat op…
Hoge Raad|15 november 2013|ECLI:NL:HR:2013:1260Aangehaald in 10 uitspraken
niet-ontvankelijk is in het verzoek omdat daarop niet binnen het in art. 5 lid 4 EVRM bedoelde tijdsbestek is beslist, en is schadevergoeding verzocht. 3.2 Bij beschikking … Officier van Justitie en de bestreden beslissing gezien de Wet Bopz en art. 5 lid 4 EVRM niet acceptabel is, en de beslissing had moeten volgen binnen vier weken na ontvangst
- Strafrecht overigCassatie‘s Hofs oordeel dat de enkele omstandigheid dat verdachte te kennen heeft gegeven niet te willen werken zich…
Hoge Raad|20 februari 2007|ECLI:NL:HR:2007:AZ6168
deze cumulatie kan er geen sprake zijn van strijdigheid van taakstraf bij verstek met artikel 4 EVRM, aangezien de in het kader van een taakstraf te verrichten activiteiten niet te kwalificeren zijn … navolgende uitgelegd waarom ook vanuit de subsidiaire redenering geen strijd is met artikel 4 EVRM. De Europese Commissie gaat ervan uit dat door het geven van toestemming, aan de dwangarbeid of verplichte
- Civiel recht overigCassatieWet Bopz. Verzoek schadevergoeding i.v.m. overschrijding beslistermijn voor machtiging voortgezet verblijf…
Hoge Raad|22 maart 2019|ECLI:NL:HR:2019:413Aangehaald in 12 uitspraken
gegeven omstandigheden voldoende spoedig (in de zin van artikel 5 lid 4 EVRM), mede nu de rechtbank daarover het overleg heeft gezocht met de advocaat van de betrokkene.” 3.3.1 Onderdeel II ziet … haar beslissing in de gegeven omstandigheden voldoende spoedig (in de zin van artikel 5 lid 4 EVRM) heeft gegeven. In zoverre kan het onderdeel bij gebrek aan feitelijke grondslag niet tot cassatie
- Civiel recht overigCassatieWet Bopz. Vervolg van HR 9 februari 2018, ECLI:NL:HR:2018:181. Termijn waarbinnen rechtbank na cassatie en…
Hoge Raad|28 juni 2019|ECLI:NL:HR:2019:1054Aangehaald in 12 uitspraken
ander na te laten, niet ‘ speedily ’ heeft beslist als bedoeld in art. 5 lid 4 EVRM en evenmin heeft gewaakt tegen onredelijke vertraging van de procedure als bedoeld … moet beslissen op het verzoek van de officier van justitie. De door art. 5 lid 4 EVRM gestelde eis dat de rechter spoedig (“ speedily ”) beslist over de rechtmatigheid van iedere vrijheidsbeneming geldt
- Civiel recht overigCassatieWvggz. Vervolg op HR 16 juli 2021, ECLI:NL:HR:2021:1162. Verzoek tot schadevergoeding wegens overschrijding…
Hoge Raad|17 juni 2022|ECLI:NL:HR:2022:891
grond dat de rechtbank na de terugwijzing niet ‘speedily’ als bedoeld in art. 5 lid 4 EVRM heeft beslist. 2.7 De rechtbank heeft, voor zover in cassatie van belang, de klacht gedeeltelijk … grond dat de rechtbank na terugwijzing niet ‘speedily’ als bedoeld in art. 5 lid 4 EVRM heeft beslist, is art. 10:12 lid 3 Wvggz van toepassing. Hoger beroep tegen een beslissing
- Civiel recht overigCassatieWvggz. Overschrijding beslistermijn rechtbank na cassatie en terugwijzing in procedure op voet van art. 10:7…
Hoge Raad|31 maart 2023|ECLI:NL:HR:2023:501
rechtbank na cassatie en terugwijzing niet spoedig (‘speedily’), als bedoeld in art. 5 lid 4 EVRM, heeft beslist. 2.3 Bij beschikking van 8 november 2021 heeft de rechtbank de klacht van betrokkene … procedure bij de rechtbank na vernietiging en terugwijzing op grond van artikel 5 lid 4 EVRM en/of artikel 10:12 lid 3 Wvggz. Ter zitting heeft de advocaat van betrokkene toegelicht
- Strafrecht overigCassatieVervolgingsuitlevering naar de VS. De HR verwijst naar zijn arrest van 31 mei 2011 (LJN BQ4306) waarbij onder…
Hoge Raad|27 september 2011|ECLI:NL:HR:2011:BT2683
uitlevering zal worden overgegaan, meebrengt dat de rechter op grond van zijn toetsing aan art. 4 EVRM de uitlevering slechts ontoelaatbaar kan verklaren indien blijkt dat de opgeëiste persoon door zijn uitlevering … worden blootgesteld aan een zodanig risico van een flagrante inbreuk op enig hem ingevolge art. 4 EVRM toekomend recht, dat de ingevolge art. 1 EVRM op Nederland rustende verplichting om dat recht
- Personen- en familierechtCassatieFamilierecht. Machtiging jeugdige te plaatsen in inrichting voor gesloten jeugdzorg. Belang bij rechtsmiddel…
Hoge Raad|24 juni 2011|ECLI:NL:HR:2011:BQ2292Aangehaald in 56 uitspraken
juni 2011, no. 277/05 valt evenwel af te leiden dat het in art. 5 lid 4 EVRM neergelegde recht voor een ieder aan wie door "arrestatie of detentie" (hierna: vrijheidsbeneming) zijn vrijheid
- Civiel recht overigCassatieBopz. Recht op schadeloosstelling na overschrijding beslistermijn door rechter, art. 35 Wet Bopz, art. 5 lid…
Hoge Raad|10 april 2015|ECLI:NL:HR:2015:926Aangehaald in 16 uitspraken
heeft miskend dat in dit geval de schending van art. 5 lid 4 EVRM vaststond. De omstandigheid dat de machtiging uiteindelijk is verleend, neemt niet weg dat betrokkene te lang
- Civiel recht overigCassatieWet verplichte geestelijke gezondheidszorg (Wvggz). Zorgmachtiging. Mag geneesheer-directeur van accommodatie…
Hoge Raad|2 oktober 2020|ECLI:NL:HR:2020:1545Aangehaald in 16 uitspraken
niet geoordeeld en beslist met inachtneming van art. 5 lid 1, onder e, en lid 4 EVRM en art. 6 EVRM. Het middel in het incidentele beroep klaagt dat het oordeel
- Civiel recht overigCassatieWet Bopz. Procesrecht; wraking. Machtiging tot voortzetting van de inbewaringstelling (art. 27 Wet Bopz)…
Hoge Raad|1 november 2019|ECLI:NL:HR:2019:1691Aangehaald in 15 uitspraken
beslissing binnen de wettelijke beslistermijn. 4.2.3 Gelet zowel op het mede door art. 5 lid 4 EVRM gewaarborgde belang dat spoedig wordt beslist op een verzoek tot onvrijwillige vrijheidsbeneming in het algemeen
- Civiel recht overigCassatieWvggz. Zorgmachtiging. Art. 6:4 Wvggz. Rechtbank heeft in zorgmachtiging een vorm van verplichte zorg…
Hoge Raad|29 januari 2021|ECLI:NL:HR:2021:158Aangehaald in 8 uitspraken
haar rechten op grond van art. 5 lid 1, aanhef en onder e, en lid 4 EVRM, aldus het onderdeel. 3.2 Op de procedure bij de rechter over de zorgmachtiging zijn
- Civiel recht overigCassatieWvggz. Tijdelijke verplichte zorg. Art. 8:11 en 8:12 Wvggz. Wijziging zorgmachtiging als bedoeld in art. 6:4…
Hoge Raad|19 februari 2021|ECLI:NL:HR:2021:272Aangehaald in 12 uitspraken
strijd met de wet en met art. 5 lid 1, onder e, en lid 4 EVRM, aldus het middel. 3.2 In hoofdstuk 8, paragraaf 3, van de Wvggz is een regeling opgenomen
- Civiel recht overigCassatieWet verplichte geestelijke gezondheidszorg (Wvggz). Maximale geldigheidsduur van machtiging tot voortzetting…
Hoge Raad|22 januari 2021|ECLI:NL:HR:2021:107Aangehaald in 5 uitspraken
strijd met art. 5 lid 1, aanhef en onder e, lid 2 en lid 4 EVRM en art. 6 lid 1 EVRM. Betrokkene is over die verlenging van de vrijheidsbeneming immers niet
- Strafrecht overigCassatieLevenslange gevangenisstraf (gvs) en art. 3 en 5.4 EVRM. Is zolang de wet niet voorziet in een periodieke…
Hoge Raad|16 juni 2009|ECLI:NL:HR:2009:BF3741Aangehaald in 14 uitspraken
volgende. Op een aantal punten heeft de raadsman (kennelijk) gerefereerd aan artikel 5 lid 4 EVRM. Daarin is bepaald dat een ieder die van zijn vrijheid is beroofd het recht heeft
- Civiel recht overigCassatieWet zorg en dwang (Wzd). Machtiging voortgezet verblijf in Korsakov-verpleeginrichting (art. 24 Wzd). Is…
Hoge Raad|17 juli 2020|ECLI:NL:HR:2020:1289
person] of unsound mind ’ als bedoeld in art. 5 lid 1, onderdeel e, en lid 4 EVRM. Nu de Wzd nog niet kon worden toegepast, was de Wvggz van toepassing
Zoektips
Een ECLI (ook kort, zoals HR:2020:2020), LJN of vindplaats (NJ 2019/123) opent direct de uitspraak. Gebruik aanhalingstekens voor een exacte woordgroep (“ontslag op staande voet”), OR voor alternatieven (huur OR pacht), een sterretje voor woorddelen (huur* vindt ook huurder) en een minteken om een woord uit te sluiten.