515 uitspraken gevonden
Sorteer op: Relevantie
- Civiel recht overigConclusie · Parket bij de Hoge Raad · Civiel recht overig
Parket bij de Hoge Raad|16 mei 1980|ECLI:NL:PHR:1980:AC6945
aant. 25 bij art. 382, p. 835) bepaling van onder meer art. 382 onder 4° Rv. het request-civiel open. In mijn proefschrift, p. 317 en p. 316 noot 11, mocht
- Civiel recht overigGriffierecht; ontvankelijkheid cassatieberoep; art. 282a, 427b Rv. Niet-tijdige betaling griffierecht. Beroep…
Parket bij de Hoge Raad|30 november 2012|ECLI:NL:PHR:2012:BY4669
zijn beroep niet-ontvankelijk te worden verklaard(2). 4. Op grond van art. 282a lid 4 Rv kan de rechter het tweede lid van dit artikel buiten toepassing laten indien
- Burgerlijk procesrechtProcesrecht; verzoek terugkomen akte niet-dienen na niet tijdige indiening memorie van grieven; strijd met…
Parket bij de Hoge Raad|1 juli 2022|ECLI:NL:PHR:2022:658
gerechtshoven, versie april 2021 (hierna: LPR) wordt het voorschrift van art. 133 lid 4 Rv herhaald, en is tevens bepaald dat de termijnen ambtshalve worden gehandhaafd. 4.9 Het voorgaande brengt
- Civiel recht overigArt. 81 lid 1 RO. Personenrecht. Curatele. Door curator aan curandus opgelegd contactverbod met advocaat…
Parket bij de Hoge Raad|18 mei 2018|ECLI:NL:PHR:2018:517Aangehaald in 5 uitspraken
Art. 81 lid 1 RO. Personenrecht. Curatele. Door curator aan curandus opgelegd contactverbod met advocaat. Maatstaf HR 28 januari 1994, ECLI:NL:HR:1994:ZC1246. Art. 6 en 8 EVRM. Motivering oordeel dat contact met de advocaat uit medisch oogpunt onverantwoord is.
- Civiel recht overigAansprakelijkheidsrecht. Schadevordering van gedupeerde rozenkweker tegen leverancier van…
Parket bij de Hoge Raad|27 april 2007|ECLI:NL:PHR:2007:AZ7906
herstelarrest van 22 december 2005. 10 M.i. staat art. 31 lid 4 Rv., dat bepaalt dat tegen de verbetering of de weigering van een kennelijke fout geen voorziening openstaat, hieraan
- Civiel recht overigConclusie · Parket bij de Hoge Raad · Civiel recht overig
Parket bij de Hoge Raad|27 januari 1989|ECLI:NL:PHR:1989:AD0604
gesteld van het parket bij de Hoge Raad. Schorsing van het geding (art. 254 lid 4 Rv.) 11. Aan de Hoge Raad is bekend dat mr. dr. K.W.P. Klaassen, de advocaat
- Civiel recht overigKort geding; geschil over onrechtmatig gebruik bedrijfsgeheimen; verlof conservatoir bewijsbeslag…
Parket bij de Hoge Raad|3 januari 2020|ECLI:NL:PHR:2020:10Aangehaald in 13 uitspraken
Kort geding; geschil over onrechtmatig gebruik bedrijfsgeheimen; verlof conservatoir bewijsbeslag; inzagevordering art. 843a Rv; vereisten ‘rechtmatig belang’ en ‘bepaalde bescheiden’ voor inzagevordering; samenhang tussen vereisten ‘rechtmatig belang’ en ‘bepaalde bescheiden’?; selectie bescheiden zal geautomatiseerd…
- Civiel recht overigConclusie · Parket bij de Hoge Raad · Civiel recht overig
Parket bij de Hoge Raad|2 februari 2001|ECLI:NL:PHR:2001:AA9764
loop van het rechtsgeding niet wordt geschorst als bedoeld in art. 254 aanhef en nummer 4 Rv. daar zulk een onttrekking niet op één lijn kan worden gesteld met de dood
- Civiel recht overigArt. 81 lid 1 RO. Wet Bopz. Voorlopige machtiging. Herstel beschikking na cassatie en verwijzing (wegens…
Parket bij de Hoge Raad|17 januari 2020|ECLI:NL:PHR:2020:43
tweede volzin. In dat geval zou ook geen hogere voorziening openstaan: zie art. 31 lid 4 Rv. Deze e-mail is overgelegd als prod. 8 bij het huidige cassatieverzoekschrift. Prod
- Civiel recht overigOvereenkomst van opdracht. Geschil tussen eigenares en exploitante van recreatiegebied en makelaar over zijn…
Parket bij de Hoge Raad|20 juni 2008|ECLI:NL:PHR:2008:BD2402
maar een s.t. is niet ingediend) redelijke kosten op de voet van art. 419 lid 4 Rv. De Procureur-Generaal bij de Hoge Raad der Nederlanden, Advocaat-Generaal
- Civiel recht overigArt. 81 RO. Verzoek tot ondercuratelestelling; art. 1:378 lid 1, onder a, BW.
Parket bij de Hoge Raad|24 februari 2012|ECLI:NL:PHR:2012:BU9885
door of namens betrokkene geen zelfstandig verzoek gedaan als bedoeld in art. 282 lid 4 Rv. Uit art. 362 Rv volgt dan dat in hoger beroep niet voor het eerst een zelfstandig
- Civiel recht overigArt. 81 RO. Nationaliteit. Verzoek tot vaststelling Nederlanderschap op de voet van art. 17 RWN.
Parket bij de Hoge Raad|24 februari 2012|ECLI:NL:PHR:2012:BV6801
Burgerlijke Rechtsvordering (hierna: Rv). De rechtbank begrijpt dat verzoeker in dit verband artikel 15 lid 4 Rv bedoelt, nu artikel 429f Rv per 1 januari 2002 is vervallen. Daarbij heeft verzoeker erop
- Civiel recht overigProcesrecht. Pilotreglement gerechtshof Amsterdam. Niet-ontvankelijkheid van hoger beroep wegens verzuim om…
Parket bij de Hoge Raad|30 juni 2017|ECLI:NL:PHR:2017:661
recht daartoe vervalt. Dat is immers een neerslag van hetgeen rechtstreeks uit art. 133 lid 4 Rv voortvloeit en is opgenomen in art. 1.7 pilotreglement , waarin is bepaald dat de termijnen ambtshalve
- Personen- en familierechtPersonen- en familierecht. Procesrecht. Gezag en omgang. Uit gezag ontheven moeder verzoekt uitbreiding van…
Parket bij de Hoge Raad|17 maart 2017|ECLI:NL:PHR:2017:226
worden gevoerd (niet bij afzonderlijk verweerschrift, maar) tijdens de mondelinge behandeling (art. 361 lid 4 Rv), een en ander binnen de grenzen van, kort gezegd, de goede procesorde. 2.12.4 Gezi
- Civiel recht overigCassatie. Cassatieberoep tegen tussenbeschikking. Niet-ontvankelijkheid; art. 401a, 426 Rv. Door rechtbank…
Parket bij de Hoge Raad|9 september 2011|ECLI:NL:PHR:2011:BQ2306
Hammerstein & Wesseling-van Gent 4 2009, nr. 33 e.v. 4. Ingevolge art. 426 lid 4 Rv. juncto art. 401a lid 2 Rv. kan cassatieberoep tegen een tussenbeschikking slechts worden ingesteld tegelijk
- Civiel recht overigCassatieprocesrecht. Niet-ontvankelijkheid. Art. 399 Rv. Klacht over verzuim te beslissen over een onderdeel…
Parket bij de Hoge Raad|5 oktober 2018|ECLI:NL:PHR:2018:1115
aant. 4 sub g. De bepaling is van overeenkomstige toepassing op verzoekschriftprocedures (art. 426 lid 4 Rv). HR 18 juni 2010, ECLI:NL:HR:2010:BL9596, NJ 2010/389
- Personen- en familierechtVervangende toestemming tot erkenning van een minderjarig kind, weigering van moeder tot medewerking aan…
Parket bij de Hoge Raad|21 oktober 2005|ECLI:NL:PHR:2005:AU3723
vrouw heeft een verweerschrift inzake niet-ontvankelijkheid ingediend. 2. Ontvankelijkheid 2.1 Art. 426 lid 4 Rv. in verbinding met art. 401a lid 2 Rv. bepaalt dat cassatieberoep van een tussenbeschikking slechts mogelijk
- Civiel recht overigConclusie · Parket bij de Hoge Raad · Civiel recht overig
Parket bij de Hoge Raad|22 februari 2002|ECLI:NL:PHR:2002:AD7361
argument dat ook de artikelen 154 lid 2, 157a en 157b leden 2, 3 en 4 Rv. die zijn ingevoerd bij bovengenoemde wet, uitsluitend betrekking hebben op de vraag of een andere
- Civiel recht overig81 RO. Toewijzing verzoek tot verlenging van een machtiging tot uithuisplaatsing.
Parket bij de Hoge Raad|7 oktober 2011|ECLI:NL:PHR:2011:BT6852
zijn geweest. Deze klacht miskent dat de Raad ingevolge art. 810 lid 3 en lid 4 Rv. in kinderbeschermingszaken steeds in de gelegenheid wordt gesteld, zich te doen horen. Als een partij
- Civiel recht overigArt. 81 lid 1 RO. BOPZ. Verzoek om toekenning van schadevergoeding bij schending van voorschrift van de Wet Bopz.
Parket bij de Hoge Raad|3 mei 2017|ECLI:NL:PHR:2017:458
Bopz kan worden ingediend: - als een zelfstandig verzoek in het verweerschrift (vgl. art. 282 lid 4 Rv); - in een verzoekschrift, aan de rechter te overhandigen ter gelegenheid van het verhoor
Zoektips
Een ECLI (ook kort, zoals HR:2020:2020), LJN of vindplaats (NJ 2019/123) opent direct de uitspraak. Gebruik aanhalingstekens voor een exacte woordgroep (“ontslag op staande voet”), OR voor alternatieven (huur OR pacht), een sterretje voor woorddelen (huur* vindt ook huurder) en een minteken om een woord uit te sluiten.