408 uitspraken gevonden
Sorteer op: Relevantie
- InsolventierechtWSNP. Afwijzing verzoek tot toepassing schuldsaneringsregeling; art. 288 lid 1, onder b, F. (81 RO)
Parket bij de Hoge Raad|1 april 2011|ECLI:NL:PHR:2011:BP4025
Hoge Raad ingekomen op 6 oktober 2010, overeenkomstig de in art. 292 lid 3 Fw genoemde cassatietermijn van 8 dagen. Het originele exemplaar heeft de griffie op 8 oktober 2010 ontvangen
- InsolventierechtFaillissementsrecht. Faillietverklaring, toestand dat schuldenaar heeft opgehouden te betalen…
Parket bij de Hoge Raad|18 april 2008|ECLI:NL:PHR:2008:BC5823
toestand dat hij heeft opgehouden te betalen (art. 1 jo. art. 6 lid 3 Fw). Het vereiste van redelijk belang is een procesrechtelijk verweer (afgeleid van art. 3
- InsolventierechtArt. 80a lid 1 RO. WSNP. Tussentijdse beëindiging; niet nakomen informatie- en sollicitatieplicht en laten…
Parket bij de Hoge Raad|21 maart 2016|ECLI:NL:PHR:2016:246
schuldsaneringsregeling – uitgesproken bij vonnis van 20 september 2013 – op grond van art. 350 lid 3 Fw tussentijds beëindigd omdat [verzoeker] zijn verplichtingen uit hoofde van de schuldsaneringsregeling niet is nagekomen. Daartoe heeft
- InsolventierechtFaillissementsrecht. Faillissementsaanvrage wegens onvoldoende actief voor uitkering na afrekening…
Parket bij de Hoge Raad|4 juni 2010|ECLI:NL:PHR:2010:BM0136
alsnog moet worden beslist op de faillissementsaanvrage van een schuldeiser, de door art. 6 lid 3 Fw gestelde voorwaarde voor toewijzing van de aanvrage niet (meer) geldt, is voor dit betoog geen
- Insolventierecht24 december 2004 Eerste Kamer Rek.nr. R04/026HR JMH Hoge Raad der Nederlanden Arrest in de zaak van: 1…
Parket bij de Hoge Raad|24 december 2004|ECLI:NL:PHR:2004:AR4046
Fw) ontstane schulden uit de hem (op grond van art. 295 leden 2 en 3 Fw) ter beschikking gestelde gelden (kunnen) worden voldaan. Noch uit de tekst van de wet, noch
- InsolventierechtWSNP; tussentijdse beëindiging van toepassing van schuldsaneringsregeling op grond van art. 350 lid 3, aanhef…
Parket bij de Hoge Raad|23 februari 2007|ECLI:NL:PHR:2007:AZ4854
rekenen doordat hij aan een ziektebeeld lijdt dat normaal functioneren verhindert. 3.3 Artikel 350 lid 3 Fw verleent de rechtbank de bevoegdheid een schuldsaneringsregeling te beëindigen onder meer indien de schuldenaar
- InsolventierechtConclusie · Parket bij de Hoge Raad · Insolventierecht
Parket bij de Hoge Raad|12 juli 2002|ECLI:NL:PHR:2002:AE4548
Fw. 3. Het tijdig (zie art. 351 jo. 342 lid 3 Fw) door [verzoeker] ingestelde cassatieberoep steunt op een uit acht onderdelen opgebouwd middel. 4. Onderdeel 1 van het middel behelst twee
- InsolventierechtArt. 80a lid 1 RO. WSNP. Afwijzing toelatingsverzoek schuldsaneringsregeling wegens ontbreken goede trouw…
Parket bij de Hoge Raad|25 oktober 2013|ECLI:NL:PHR:2013:1135
onvoldoende hebben aangevoerd om hen thans op grond van de hardheidsclausule van artikel 285 lid 3 Fw al wel toe te laten tot de schuldsaneringsregeling (rov. 3.6) . 1.3 Verzoekers tot cassatie zijn
- InsolventierechtWSNP. Afwijzing verzoek tot toepassing schuldsaneringsregeling; art. 288 lid 1, onder b, en lid 3 F…
Parket bij de Hoge Raad|1 april 2011|ECLI:NL:PHR:2011:BP4678
geweest en (b) dat omstandigheden die aanleiding kunnen geven tot toepassing van artikel 288 lid 3 FW niet zijn aangevoerd of gebleken. 1.3 Het hof te Amsterdam heeft in hoger beroep
- Civiel recht overigArt. 81 RO. Verzoek tot faillietverklaring ontbonden rechtspersoon; art. 6 F.
Parket bij de Hoge Raad|13 juli 2012|ECLI:NL:PHR:2012:BW7477Aangehaald in 6 uitspraken
overige vereisten voor faillietverklaring is voldaan, het faillissement uitspreken (vgl. art. 6 lid 3 Fw). De rechtspersoon moet dan geacht worden ter afwikkeling van het faillissement te blijven bestaan. 2.6 De vereisten
- InsolventierechtFaillissementszaak, toestand dat een schuldenaar heeft opgehouden te betalen; pluraliteitsvereiste…
Parket bij de Hoge Raad|9 december 2005|ECLI:NL:PHR:2005:AU2864
heeft geoordeeld, ten aanzien van Tasc niet is voldaan aan de door art. 6 lid 3 Fw gestelde vereisten voor faillietverklaring, zonder dat het onderdeel aangeeft in welk opzicht het hof, door
- Civiel recht overigProcesrecht; niet-ontvankelijkheid hoger beroep wegens het ontbreken van appelgronden in beroepsschrift…
Parket bij de Hoge Raad|18 december 2009|ECLI:NL:PHR:2009:BK0672
Hoge Raad ingekomen op 9 juli 2009, overeenkomstig de in art. 342 lid 3 Fw genoemde cassatietermijn van 8 dagen 2 HR 23 december
- InsolventierechtArt. 80a lid 1 RO. WSNP. Tussentijdse beëindiging (art. 350 Fw); achterstand afdracht inkomsten aan boedel…
Parket bij de Hoge Raad|22 maart 2016|ECLI:NL:PHR:2016:417
schuldenaar) worden verhoogd, rekening houdend met de financiële verplichtingen van de schuldenaar (art. 295 lid 3 Fw). Op de schuldenaar rust de verplichting om al zijn inkomsten boven het vtlb
- InsolventierechtWSNP. Verzoek toepassing van de schuldsaneringsregeling uit te spreken. Ontbreken goede trouw als bedoeld in…
Parket bij de Hoge Raad|12 november 2010|ECLI:NL:PHR:2010:BN8059
Raad ingekomen op 10 mei 2010, dus met inachtneming van de in art. 292 lid 3 Fw genoemde cassatietermijn van 8 dagen
- InsolventierechtWSNP. Tussentijdse beëindiging schuldsaneringsregeling op de voet van art. 350 lid 3 sub c F. Overgangsrecht…
Parket bij de Hoge Raad|18 december 2009|ECLI:NL:PHR:2009:BK1604
Hoge Raad ingekomen op 22 april 2009, overeenkomstig de in art. 342 lid 3 Fw genoemde cassatietermijn van 8 dagen 2 Zie tevens Faillissementswet, H.H. Lammers, art. 350, aant
- InsolventierechtWSNP. Procesrecht; schending hoor en wederhoor? (81 RO)
Parket bij de Hoge Raad|14 maart 2008|ECLI:NL:PHR:2008:BC6631
3 Binnen acht dagen; zie art. 351 lid 2 in verbinding met art. 342 lid 3 Fw. 4 Zie diens brief van 13 december 2007 aan de Hoge Raad. In diezelfde brief
- InsolventierechtArt. 81 lid 1 RO. WSNP. Beëindiging toepassing schuldsaneringsregeling zonder schone lei; art. 352, 354, 358 Fw.
Parket bij de Hoge Raad|24 mei 2013|ECLI:NL:PHR:2013:CA1741
licht treden van de schending van genoemde verplichtingen. 2.2.2 Ingevolge artikel 349a lid 3 Fw 'kan' de rechtbank - (of in appel: het hof) - ambtshalve of op verzoek van de bewindvoerder
- InsolventierechtFaillissementsrecht. Pluraliteit van schuldeisers wel een noodzakelijke, doch niet een voldoende voorwaarde…
Parket bij de Hoge Raad|3 september 2010|ECLI:NL:PHR:2010:BM7811
niet verder kan gaan dan een toetsen op afdoende motivering. Omdat blijkens artikel 6 lid 3 Fw van de toestand van opgehouden te zijn te betalen slechts summierlijk hoeft te blijken, zijn
- InsolventierechtFaillissement. Summierlijk blijken van vorderingsrecht. Redelijk belang aanvrager. (81 RO)
Parket bij de Hoge Raad|1 april 2011|ECLI:NL:PHR:2011:BP4798
betalen. Als een schuldeiser een dergelijke aanvraag met succes wil doen, vereist art. 6 lid 3 Fw dat summierlijk van diens vorderingsrecht blijkt. De hoogte van het vorderingrecht behoeft niet te worden
- InsolventierechtArt. 81 lid 1 RO. WSNP. Afwijzing toelatingsverzoek op grond van tienjaarstermijn in artikel 288 lid 2…
Parket bij de Hoge Raad|14 december 2012|ECLI:NL:PHR:2012:BY0970
saneringsrijpe schuldenaar' is. Onder deze omstandigheden brengen de hardheidsclausule van artikel 288 lid 3 Fw, hoewel niet rechtstreeks van toepassing, althans de redelijkheid en billijkheid mee dat van de hoofdregel in artikel
Zoektips
Een ECLI (ook kort, zoals HR:2020:2020), LJN of vindplaats (NJ 2019/123) opent direct de uitspraak. Gebruik aanhalingstekens voor een exacte woordgroep (“ontslag op staande voet”), OR voor alternatieven (huur OR pacht), een sterretje voor woorddelen (huur* vindt ook huurder) en een minteken om een woord uit te sluiten.