408 uitspraken gevonden
Sorteer op: Relevantie
- InsolventierechtArt. 81 lid 1 RO. Insolventierecht. Verzoek tot faillietverklaring. Art. 1 en 6 Fw.
Parket bij de Hoge Raad|31 mei 2013|ECLI:NL:PHR:2013:CA3736
staat van faillissement kunnen worden verklaard dan dient - blijkens de artikelen 1 en 6 lid 3 Fw, zoals door de Hoge Raad nader uitgelegd - aan de volgende voorwaarden te worden voldaan
- Belastingrecht1 Inhoudsindicatie gemeenschappelijke bijlage 1.1 De drie zaken waar deze gemeenschappelijke bijlage bij…
Parket bij de Hoge Raad|30 juni 2022|ECLI:NL:PHR:2022:714
1 Inhoudsindicatie gemeenschappelijke bijlage 1.1 De drie zaken waar deze gemeenschappelijke bijlage bij hoort, hebben gemeen dat de belanghebbenden (primair) van mening zijn dat hun dienstverlening is vrijgesteld van omzetbelasting op de grond dat zij diensten van schuldhulpverlening verrichten. Het gerechtshof…
- Civiel recht overigInsolventierecht. Schuldsanering. Hoger beroep tegen beslissing rechter-commissaris (art. 315 Fw)…
Parket bij de Hoge Raad|3 maart 2021|ECLI:NL:PHR:2021:207
hoger beroep worden ingesteld tegen de beschikking van de rechter-commissaris overeenkomstig art. 295 lid 3 Fw (de verhoging van het buiten de boedel te laten bedrag als onderdeel van het vrij
- Personen- en familierechtPersonen- en familierecht. Kinderalimentatie; draagkracht; schulden en aflossingen; schuldhulpverleningstraject.
Parket bij de Hoge Raad|6 oktober 2023|ECLI:NL:PHR:2023:877
worden betaald uit het buiten de boedel gelaten bedrag (art. 295 leden 2 en 3 Fw), is ten slotte van belang dat de draagkracht van de alimentatieplichtige niet uitsluitend wordt bepaald door
- InsolventierechtFaillissement; beschikking r-c tot goedkeuring vaststellingsovereenkomst (art. 104 Fw); gefailleerde…
Parket bij de Hoge Raad|3 mei 2024|ECLI:NL:PHR:2024:485
Faillissement; beschikking r-c tot goedkeuring vaststellingsovereenkomst (art. 104 Fw); gefailleerde ontvankelijk
- Insolventierecht8 juli 2005 Eerste Kamer Rek.nr. R04/103HR RM Hoge Raad der Nederlanden Arrest in de zaak van: [Verzoeker]…
Parket bij de Hoge Raad|8 juli 2005|ECLI:NL:PHR:2005:AT4555
termijn van acht dagen zoals bedoeld in art. 355 lid 2 jo art. 342 lid 3 Fw. 9 TK 1992-1993, 22 969, nr. 3, blz. 6. 10 Aan de website
- InsolventierechtWSNP, tussentijdse beëindiging van toepassing van schuldsaneringsregeling op grond van art. 350 lid 3, aanhef…
Parket bij de Hoge Raad|1 september 2006|ECLI:NL:PHR:2006:AW6233
november 2005 en derhalve binnen acht dagen (art. 351 lid 2 jº art. 342 lid 3 Fw) bij de griffie van de Hoge Raad is ingekomen. 7 De steller van het middel
- InsolventierechtWSNP. Afgewezen verzoek tot toepassing van de schuldsaneringsregeling op grond van art. 288 lid 1, aanhef en…
Parket bij de Hoge Raad|18 januari 2008|ECLI:NL:PHR:2008:BC2159
2006/2007, 29 942, nr. 24, blz. 2. 13 De minster beschouwde art. 288 lid 3 Fw (nieuw) als een hardheidsclausule. Zie Handelingen EK 22 mei 2007, blz. 30-959. 14 Handelingen
- InsolventierechtWSNP. Verzoek tussentijdse beëindiging. Goede trouw-toets schuldenaar. Innemen tegenstrijdige stellingen door…
Parket bij de Hoge Raad|12 februari 2025|ECLI:NL:PHR:2025:191
WSNP. Verzoek tussentijdse beëindiging. Goede trouw-toets schuldenaar. Innemen tegenstrijdige stellingen door schuldenaar. Mogelijk onjuiste informatie toelatingsverzoek.
- InsolventierechtWSNP. Verzoek tot toepassing van de schuldsaneringsregeling afgewezen op grond van art. 288 lid 1, aanhef en…
Parket bij de Hoge Raad|31 oktober 2008|ECLI:NL:PHR:2008:BF1885
Handelingen EK 22 mei 2007, blz. 30-958. 12 De minister beschouwde art. 288 lid 3 Fw dus als een hardheidsclausule. Zie Handelingen EK 22 mei 2007, blz. 30-959. 13 Handelingen
- Civiel recht overigSurséance; niet oproepen van bewindvoerder. Maatschap. Ieder der 3 vennooten zal 1/3 in het verlies dragen…
Parket bij de Hoge Raad|5 januari 1939|ECLI:NL:PHR:1939:2
rechte van verweerder. Dit beroep op niet-ontvankelijkheid berust dus op art. 231 lid 3 Fw., regelende een der gevolgen van surséance, en bepalend: „De schuldenaar kan, voor zooveel betreft rechtsvorderingen, welke
- Civiel recht overigWSNP. Ontnemen schone lei, art. 358a Fw. Is rechter-commissaris ‘belanghebbende’ die verzoek in de zin van…
Parket bij de Hoge Raad|6 maart 2015|ECLI:NL:PHR:2015:191
bewindvoerder om rekening en verantwoording af te leggen aan de rechter-commissaris (art. 356 lid 3 Fw) en het voordragen voor ontslag van de bewindvoerder (art. 319 Fw). In het verificatieproces heeft
- Civiel recht overigCassatie. Wet versterking cassatierechtspraak. Uitleg art. 81 lid 2 RO. Toepassing art. 81 lid 1 RO door…
Parket bij de Hoge Raad|5 oktober 2012|ECLI:NL:PHR:2012:BX6397
faillissement te kunnen verklaren is blijkens de artikelen 1, lid 1, en 6, lid 3, Fw en de nadere uitwerking van die bepalingen in de jurisprudentie vereist, kort gezegd, dat summierlijk
- Personen- en familierechtConclusie · Parket bij de Hoge Raad · Personen- en familierecht
Parket bij de Hoge Raad|25 januari 2002|ECLI:NL:PHR:2002:AD5818
voet van art. 295 lid 2 en lid 3 jo art. 343 lid 3 Fw voor zijn noodzakelijke uitgaven wordt gelaten) vastgesteld op 50% van de beslagvrije voet voor een gezin
- InsolventierechtFaillissementsrecht. Faillietverklaring. Voldaan aan voorwaarden daarvoor?
Parket bij de Hoge Raad|25 november 2022|ECLI:NL:PHR:2022:1107
relevante bepalingen, de art. 1 en 5 lid 3 Fb en 1 en 6 lid 3 Fw, stemmen letterlijk overeen. Deze vallen dan ook in gelijke zin uit te leggen. Het concordantiebeginsel
- InsolventierechtWSNP; tussentijdse beëindiging van toepassing van schuldsaneringsregeling op grond van art. 350 lid 3, aanhef…
Parket bij de Hoge Raad|16 november 2007|ECLI:NL:PHR:2007:BB4755
bestreden arrest. 2 Ingevolge art. 351 lid 2 jo art. 342 lid 3 Fw bedraagt de cassatietermijn acht dagen. 3 Zie HR 15 februari 2002, NJ 2002, 259, m.nt. B. Wessels
- InsolventierechtFaillissement en alimentatie. Verzoek tot nihilstelling alimentatieverplichting wegens faillissement…
Parket bij de Hoge Raad|12 oktober 2012|ECLI:NL:PHR:2012:BX5884
BU4937, NJ 2012, 127, m.nt. S.F.M. Wortmann ((6)): "De in art. 295 lid 3 Fw aan de rechter-commissaris toegekende bevoegdheid het vrij te laten bedrag te verhogen is niet bedoeld
- InsolventierechtWSNP. Verzoek om toepassing schuldsaneringsregeling afgewezen op grond van art. 288 lid 1, aanhef en onder b…
Parket bij de Hoge Raad|7 mei 2010|ECLI:NL:PHR:2010:BL7042
AR3647, NJ 2005, 240. 9 Deze wordt genuanceerd door de hardheidsclausule van artikel 288 lid 3 Fw ("Het verzoek kan in afwijking van het eerste lid, onder b, en het tweede
- Personen- en familierechtFamilierecht. Partneralimentatie. Verzoek tot wijziging op de voet van art. 1:401 BW. Onnodige uitlokking…
Parket bij de Hoge Raad|5 april 2013|ECLI:NL:PHR:2013:BY8279
vaststelling van het vrij te laten bedrag als bedoeld in art. 295 lid 2 en 3 Fw rekening moet houden met eventuele alimentatieverplichtingen van de schuldenaar. Een bevestigend antwoord op die vraag
- InsolventierechtWSNP. Verzoek tot toepassing wettelijke schuldsaneringsregeling. Afwijzing op de in art. 288 lid 2, onder b…
Parket bij de Hoge Raad|5 november 2010|ECLI:NL:PHR:2010:BN8060
Hoge Raad binnengekomen verzoekschrift in cassatie gekomen, hetgeen - gelet op artikel 292 lid 3 Fw - tijdig is. 2. Bespreking cassatiemiddel De klacht 2.1 Uit hetgeen met name onder
Zoektips
Een ECLI (ook kort, zoals HR:2020:2020), LJN of vindplaats (NJ 2019/123) opent direct de uitspraak. Gebruik aanhalingstekens voor een exacte woordgroep (“ontslag op staande voet”), OR voor alternatieven (huur OR pacht), een sterretje voor woorddelen (huur* vindt ook huurder) en een minteken om een woord uit te sluiten.