519 uitspraken gevonden
Sorteer op: Relevantie
- Strafrecht overigConclusie AG. Derdenbeslag op auto ex art. 94 Sv. Beslagene heeft bij een schikking ex art. 74 Sr afstand…
Parket bij de Hoge Raad|8 februari 2022|ECLI:NL:PHR:2022:114
vatbaar zijn voor verbeurdverklaring (art. 74 lid 2 onder b Sr). 5.7. Artikel 74 lid 3 Sr bevat een mededelingsplicht aan de rechtstreeks belanghebbende. Op basis hiervan is de officier van justitie
- Strafrecht overigISD-maatregel. In tekst noch wetsgeschiedenis is steun te vinden voor de opvatting dat de straffen en…
Parket bij de Hoge Raad|9 januari 2007|ECLI:NL:PHR:2007:AZ2483
daarop houdt niet veel meer in dan een verwijzing naar art. 37 lid 3 Sr (Kamerstukken II 1997-1998, 26 023, nr. 3, p. 20). 7 Een andere vraag
- Strafrecht overigConclusie AG. Profijtontneming. M1 bevat klacht dat schatting voordeel onbegrijpelijk is, althans in strijd…
Parket bij de Hoge Raad|22 april 2025|ECLI:NL:PHR:2025:468
aannemelijk [is] dat de betrokkene uit enig misdrijf voordeel heeft verkregen ”, waarbij artikel 36e lid 3 Sr als grondslag voor de op te leggen ontnemingsmaatregel fungeert. Doordat in het strafrechtelijk (financieel) onderzoek
- Strafrecht overigMedeplegen van uitkeringsfraude, art. 227b Sr. 1. Uos gezamenlijke huishouding. 2. Bewijsklacht wetenschap…
Parket bij de Hoge Raad|18 april 2017|ECLI:NL:PHR:2017:453
Medeplegen van uitkeringsfraude, art. 227b Sr. 1. Uos gezamenlijke huishouding. 2. Bewijsklacht
- Strafrecht overigEx art. 359.1 jo. art. 415 Sv dient het arrest, op straffe van nietigheid (art. 359.8 Sv) de vordering van de…
Parket bij de Hoge Raad|3 oktober 2006|ECLI:NL:PHR:2006:AX8691
zake van art. 317 Sr behoeft art. 312 Sr, waarnaar in art. 317 lid 3 Sr wordt verwezen, niet te worden aangehaald. 8 Vgl. Van Dorst, 5e druk
- Strafrecht overigHet Hof heeft t.a.v. (op één na) alle benadeelde partijen het bedrag van de schadevergoedingsmaatregel lager…
Parket bij de Hoge Raad|22 januari 2008|ECLI:NL:PHR:2008:BC1355
biedt daartoe de ruimte (art. 36f lid 6 Sr jo. art. 24c lid 3 Sr).(2) Gelet op de belangen die de benadeelde partijen erbij hebben dat de Staat namens hen bevordert
- Strafrecht overigMedeplegen uitvoer hashish naar Duitsland, meermalen gepleegd (art. 3.A Opiumwet). 1. Geldigheid inleidende…
Parket bij de Hoge Raad|6 februari 1990|ECLI:NL:PHR:1990:AD1139
zoals in het bijzonder ook kan worden afgeleid uit art. 36 lid 1 onder 3° Sr. Daaraan staat niet in de weg dat de rechter niet verplicht is tot onttrekking
- Strafrecht overigConclusie AG. Cassatieberoep tegen toewijzing vordering onttrekking aan het verkeer, ex art. 552f Sv, van…
Parket bij de Hoge Raad|11 februari 2025|ECLI:NL:PHR:2025:181
verzoek tot toekenning van een geldelijke tegemoetkoming als bedoeld in art. 33c lid 2 en 3 Sr, in verbinding met art. 36b lid 2 Sr. 2 Procesverloop en waar het in deze
- Strafrecht overigConclusie AG. Medeplegen van bedrijfsmatig in voorraad hebben, te koop aanbieden of verkopen van merkkleding…
Parket bij de Hoge Raad|26 mei 2026|ECLI:NL:PHR:2026:515
plegen van het misdrijf als bedrijf heeft uitgeoefend in de zin van artikel 337 lid 3 Sr mede kan betrekken of het misdrijf als bedoeld in het eerste lid van artikel
- Strafrecht overigSmaadschrift door aan verschillende mensen een groot aantal e-mails te versturen met de mededeling dat…
Parket bij de Hoge Raad|7 maart 2017|ECLI:NL:PHR:2017:274
anders is vindt geen steun in het recht. Op grond van artikel 261 lid 3 Sr is er geen sprake van smaad of smaadschrift voor zover de dader heeft gehandeld tot noodzakelijke
- Strafrecht overigProfijtontneming. HR herhaalt overwegingen uit ECLI:NL:HR:2013:BV9087, NJ 2013/544 m.b.t. gebruik van een…
Parket bij de Hoge Raad|15 september 2015|ECLI:NL:PHR:2015:2240
aangeven dat de stelling dat de vordering op grond van artikel 36 e lid 3 Sr wordt ingediend onjuist is. De wet is gewijzigd. Als we kijken naar de kamerstukken blijkt
- Strafrecht overigMishandeling door het slachtoffer in/op/tegen het hoofd te slaan, art. 300 Sr. Middelen over 1. verwerping…
Parket bij de Hoge Raad|3 maart 2020|ECLI:NL:PHR:2020:376
Anders dan kennelijk in de schriftuur wordt verondersteld, bevat de bepaling van art. 38w lid 3 Sr geen motiveringsplicht voor de rechter om in zijn vonnis of arrest de totale duur
- Strafrecht overigConclusie AG. Eenvoudige belediging van een onderwijsassistent en bedreiging van deze assistent en de school…
Parket bij de Hoge Raad|1 oktober 2019|ECLI:NL:PHR:2019:964
verwerping van het beroep van de verdachte op een strafuitsluitingsgrond ex art. 266 lid 3 Sr; (iv) Het vierde middel komt op tegen de door het hof bewezenverklaarde bedreiging met smaadschrift
- Strafrecht overigConclusie AG. Profijtontneming bij niet-ambtelijke omkoping en valsheid in geschrift. Falende klachten over…
Parket bij de Hoge Raad|21 december 2021|ECLI:NL:PHR:2021:1214
merk op dat de ontnemingsmaatregel ook had kunnen worden gegrond op artikel 36e lid 3 Sr, zoals dat luidt met ingang van 1 juli 2011. De betrokkene is veroordeeld wegens misdrijven
- Strafrecht overigConclusie AG. Verdachte die behandelingen uitvoert met iboga(ïne) veroordeeld voor o.a. doodslag…
Parket bij de Hoge Raad|10 mei 2022|ECLI:NL:PHR:2022:427
Conclusie AG. Verdachte die behandelingen uitvoert met iboga(ïne) veroordeeld voor o.a. doodslag. Overlevering o.g.v. EAB. Klachten over o.a. ontvankelijkheid OM (M1) en strafoplegging (M4) v.w.b. niet in EAB genoemde feiten; en over motivering opzet (M2) en causaliteit (M3) bewezenverklaarde doodslag. Ad M1 en M4:…
- Strafrecht overigConclusie AG. Profijtontneming. aangepaste kasopstelling (art. 36e lid 2 Sr). Volgens de AG faalt het middel…
Parket bij de Hoge Raad|10 september 2024|ECLI:NL:PHR:2024:907
voordeel in de zin van artikel 36e Sr. 15. De grondslag van artikel 36e lid 3 Sr leent zich bij uitstek voor het gebruik van een eenvoudige kasopstelling aangezien deze bepaling, zoals
- Strafrecht overigDwang door feitelijkheid ex art. 242 Sr. De bewezenverklaring houdt in dat de feitelijkheid hierin bestond…
Parket bij de Hoge Raad|27 maart 2007|ECLI:NL:PHR:2007:AZ5707
zijn macht verkeerde. De Hoge Raad formuleerde als uitgangspunt voor art. 249 tweede lid onder 3 Sr dat slechts dan geen sprake is van ontucht plegen wanneer er bij de patiënt sprake
- Strafrecht overigVerjaring. Artt. 70, 71 en 72 Sr. De tll. is toegesneden op verduistering (art. 321 Sr). Overtreding van deze…
Parket bij de Hoge Raad|8 september 2015|ECLI:NL:PHR:2015:2108
hoogste vijf jaren gesteld. De verjaringstermijn is ingevolge artikel 70 lid 1, aanhef en onder 3 Sr in de tenlastegelegde periode steeds twaalf jaren geweest. Subsidiair ziet de tenlastelegging op artikel
- InsolventierechtFaillissement. Ponzi-scheme. Beroep curator op nietigheid overeenkomsten van geldlening. Sanctie art. 3:40…
Parket bij de Hoge Raad|28 oktober 2011|ECLI:NL:PHR:2011:BQ5986
Faillissement. Ponzi-scheme. Beroep curator op nietigheid overeenkomsten van geldlening. Sanctie art. 3:40 lid 2 BW mist toepassing; ook destijds geldende Wte en Wtk strekten niet ertoe geldigheid aan te tasten van met die wetten strijdige rechtshandelingen. Geen strijd met goede zeden enkel omdat overeengekomen…
- Strafrecht overigConclusie AG in uitleveringszaak. Uitlevering aan Australië ter fine van strafvervolging ter zake van…
Parket bij de Hoge Raad|12 januari 2021|ECLI:NL:PHR:2021:6
Sr, in samenhang met artikel 248 Sr De verjaringstermijn vangt ingevolge artikel 71 onder 3 Sr aan op de dag na die waarop het slachtoffer de achttienjarige leeftijd heeft bereikt. De verjaring
Zoektips
Een ECLI (ook kort, zoals HR:2020:2020), LJN of vindplaats (NJ 2019/123) opent direct de uitspraak. Gebruik aanhalingstekens voor een exacte woordgroep (“ontslag op staande voet”), OR voor alternatieven (huur OR pacht), een sterretje voor woorddelen (huur* vindt ook huurder) en een minteken om een woord uit te sluiten.