4.189 uitspraken gevonden
Sorteer op: Relevantie
- Strafrecht overigConclusie AG. De veroordeling voor zedendelicten in de periode tussen 2000 en 2012 met minderjarige en…
Parket bij de Hoge Raad|10 mei 2022|ECLI:NL:PHR:2022:425
Conclusie AG. De veroordeling voor zedendelicten in de periode tussen 2000 en 2012 met minderjarige en jongvolwassen jongens kan in stand blijven. Het eerste middel klaagt terecht over de partiele verjaring van een van de bewezen feiten, maar het belang bij cassatie ontbreekt. Het tweede middel klaagt over de…
- Strafrecht overigConclusie · Parket bij de Hoge Raad · Strafrecht overig
Parket bij de Hoge Raad|11 juli 2000|ECLI:NL:PHR:2000:AA6456
Nr.112. 986 Zitting 15 februari 2000 mr Fokkens Conclusie inzake: [Verdachte] Edelhoogachtbaar College, Inleiding 1. Deze strafzaak maakt deel uit van enkele honderden strafzaken tegen de [verdachte], waarbij deze luchtvaartmaatschappij telkens is veroordeeld wegens het vervoeren van passagiers naar Schiphol, terwijl…
- Burgerlijk procesrechtProcesrecht. Ontvankelijkheid tussentijds cassatieberoep na verkregen verlof daartoe. Is weigeren akte…
Parket bij de Hoge Raad|3 juli 2026|ECLI:NL:PHR:2026:676
partijen op een eerlijke behandeling van hun zaak binnen een redelijke termijn (vgl. ook art. 6 EVRM). Beide artikelen staan in de sleutel van het waken tegen een onredelijke vertraging
- Strafrecht overigConclusie AG over onder meer de toepassing van de unus testis regel (art. 342 lid 2 Sv) en de…
Parket bij de Hoge Raad|22 mei 2018|ECLI:NL:PHR:2018:471
Conclusie AG over onder meer de toepassing van de unus testis regel (art. 342 lid 2 Sv) en de bewezenverklaarde verkrachting. De AG geeft de Hoge Raad in overweging om het cassatieberoep op dit punt aan de hand van art. 81 RO te verwerpen.
- Strafrecht overig1. Getuigentraining verbalisanten. Verwerping verweer strekkende tot n-o verklaring OM. 2. Poging tot…
Parket bij de Hoge Raad|10 juni 2014|ECLI:NL:PHR:2014:1567
geen blijk van een onjuiste rechtsopvatting, in het bijzonder niet omtrent het bepaalde in art. 6 EVRM, terwijl zij evenmin onbegrijpelijk is.” 9. De eerste klacht richt zich tegen de toepassing
- BelastingrechtVerweer inspecteur ter zitting gepasseerd; cassatie wegens onvoldoende motivering.
Parket bij de Hoge Raad|23 februari 2007|ECLI:NL:PHR:2007:AY8543
onmiddellijkheidsbeginsel -, gelden zij voor elke vorm van procesrecht. Die beginselen zijn ook verankerd in art. 6 EVRM, dat rechtstreeks van toepassing is op belastingprocedures waarin (tevens) een bestuurlijke boete in het geding
- Strafrecht overigGeluidsopnamen gehecht aan het proces-verbaal van de terechtzitting. Eisen p.-v. t.z. ex art. 326 Sv. Art…
Parket bij de Hoge Raad|1 november 2016|ECLI:NL:PHR:2016:1243
Geluidsopnamen gehecht aan het proces-verbaal van de terechtzitting. Eisen p.-v. t.z. ex art. 326 Sv. Art. 326 Sv voorziet niet in de (gedeeltelijke) vervanging van het schriftelijk p.-.v. t.z. door een geluidsopname van hetgeen t.t.z. aan de orde is geweest. Indien de wetgever dit aangewezen acht kan een voorziening…
- Civiel recht overigWet voorkeursrecht gemeenten (Wvg). Art. 26 lid 1 Wvg. (Vgl. HR 13 november 2009, R 08/00497 en R 08/02890)…
Parket bij de Hoge Raad|13 november 2009|ECLI:NL:PHR:2009:BI6283
Wet voorkeursrecht gemeenten (Wvg). Art. 26 lid 1 Wvg. (Vgl. HR 13 november 2009, R 08/00497 en R 08/02890). Door gemeenteraad aangewezen perceel waarop de art. 10-14, 26 en 27 Wvg van toepassing zijn, verhypothekeerd ten gunste van hypotheeknemer. Verzoek van gemeente om onder meer de ontwikkelingsovereenkomst en de…
- BelastingrechtBoeterecht. Art. 67e, leden 1 en 2, AWR. Opzet en boetegrondslag. Hof brengt tot uitdrukking dat…
Parket bij de Hoge Raad|4 januari 2013|ECLI:NL:PHR:2013:BX8543
percentage voorts terecht verlaagd tot 23,75 ter compensatie van de schending van artikel 6 EVRM (voor de overschrijding van de redelijke termijn in de periode tussen de aankondiging van de boete
- Strafrecht overigWitwassen van geldbedragen, art. 420bis.1.b Sr. Oordeel hof dat geen andere conclusie mogelijk is dan dat de…
Parket bij de Hoge Raad|2 maart 2021|ECLI:NL:PHR:2021:191
geen sprake meer kan zijn van een eerlijk proces in de zin van artikel 6 EVRM, niet-ontvankelijkverklaring van het openbaar ministerie in de vervolging plaatsvindt. Het moet dan gaan
- Civiel recht overigConclusie · Parket bij de Hoge Raad · Civiel recht overig
Parket bij de Hoge Raad|16 november 2001|ECLI:NL:PHR:2001:AD5493
betoogt dat het hof heeft miskend dat art. 120 Gw. in strijd is met art. 6 EVRM. In deze verdragsbepaling zou besloten liggen dat de rechter - zo nodig ambtshalve - over alle relevante
- Strafrecht overigArt. 359.2 Sv. Hetgeen door de raadsman t.t.z. in appel is aangevoerd m.b.t. de verklaringen van de getuige X…
Parket bij de Hoge Raad|7 oktober 2008|ECLI:NL:PHR:2008:BD7273
Art. 359.2 Sv. Hetgeen door de raadsman t.t.z. in appel is aangevoerd m.b.t. de verklaringen van de getuige X kan bezwaarlijk anders worden verstaan dan als een uitdrukkelijk onderbouwd standpunt. Het Hof is daarvan afgeweken door die verklaringen tot het bewijs te bezigen maar heeft – in strijd met art. 359.2 Sv niet…
- Strafrecht overigBedreiging met enig misdrijf tegen het leven gericht. Het Hof heeft bewezenverklaard dat verdachte tezamen en…
Parket bij de Hoge Raad|25 januari 2011|ECLI:NL:PHR:2011:BP1834
cassatie voorgesteld. 3. Het eerste middel klaagt dat de redelijke termijn als bedoeld in art. 6 EVRM is overschreden. 4. Het cassatieberoep is ingesteld op 16 september 2008. De stukken
- Strafrecht overigVerschillende overtredingen van art. 3 Opiumwet en deelneming aan een criminele organisatie (art. 11a (oud)…
Parket bij de Hoge Raad|5 februari 2019|ECLI:NL:PHR:2019:298
Verschillende overtredingen van art. 3 Opiumwet en deelneming aan een criminele organisatie (art. 11a (oud), thans: art. 11b, Opiumwet). 1. Bewijsklachten t.a.v. het meermalen afleveren, verstrekken of vervoeren van (een grote hoeveelheid) hennepstekken en/of hennepplanten door verdachte. 2. Klacht m.b.t. innerlijke…
- Civiel recht overigArt. 81 lid 1 RO. Landinrichtingswet. Ruilverkaveling. Bezwaren tegen lijst der geldelijke regelingen.
Parket bij de Hoge Raad|17 mei 2013|ECLI:NL:PHR:2013:CA0723
daaraan te stellen eisen. Verder voldoet het door de klacht gedane beroep op art. 6 EVRM, art. 1 Eerste Protocol bij het EVRM en het ongeschreven bestuursrecht niet aan de ingevolge
- BelastingrechtConclusie PG (Geen) toerekening kwade trouw gemachtigde aan belastingplichtige bij navordering. Deze zaken…
Parket bij de Hoge Raad|23 januari 2009|ECLI:NL:PHR:2009:BH0609
hebben." 4.12 Nu navordering van enkelvoudige belasting geen strafvervolging is in de zin van art. 6 EVRM (maar herstel van de rechtmatige toestand), staat het in 4.9 geciteerde fiscale IJzerdraadarrest inderdaad
- BelastingrechtConclusie PG (Geen) toerekening kwade trouw gemachtigde aan belastingplichtige bij navordering. Deze zaken…
Parket bij de Hoge Raad|23 januari 2009|ECLI:NL:PHR:2009:BH0608
hebben." 4.12 Nu navordering van enkelvoudige belasting geen strafvervolging is in de zin van art. 6 EVRM (maar herstel van de rechtmatige toestand), staat het in 4.9 geciteerde fiscale IJzerdraadarrest inderdaad
- Strafrecht overigConclusie A-G. Gegevensverstrekking op basis van “Handhavingsconvenant”. Verhouding met art. 126nd Sv…
Parket bij de Hoge Raad|19 februari 2019|ECLI:NL:PHR:2019:152
Conclusie A-G. Gegevensverstrekking op basis van “Handhavingsconvenant”. Verhouding met art. 126nd Sv. Mochten op basis van het convenant verkregen inkomensgegevens van de verdachte in de strafprocedure worden gebruikt? De A-G concludeert tot verwerping van het cassatieberoep.
- Strafrecht overigConclusie A-G. Gegevensverstrekking op basis van “Handhavingsconvenant”. Verhouding met art. 126nd Sv…
Parket bij de Hoge Raad|19 februari 2019|ECLI:NL:PHR:2019:153
Conclusie A-G. Gegevensverstrekking op basis van “Handhavingsconvenant”. Verhouding met art. 126nd Sv. Mochten op basis van het convenant verkregen inkomensgegevens van de verdachte in de strafprocedure worden gebruikt? De A-G concludeert tot verwerping van het cassatieberoep.
- Civiel recht overigConclusie · Parket bij de Hoge Raad · Civiel recht overig
Parket bij de Hoge Raad|20 december 2002|ECLI:NL:PHR:2002:AE3350
Rekestnummer R01/021 Mr. Keus Zitting 24 mei 2002 Conclusie inzake 1. LIGHTNING CASINO ST. MAARTEN N.V. 2. [Eiser 2] 3. [Eiser 3] 4. [Eiser 4] (hierna tezamen: Lightning Casino c.s.) tegen 1. DE NEDERLANDSE ANTILLEN 2. DE GOUVERNEUR VAN DE NEDERLANDSE ANTILLEN (hierna tezamen: het Land c.s.) 1. Feiten en procesverloop…
Zoektips
Een ECLI (ook kort, zoals HR:2020:2020), LJN of vindplaats (NJ 2019/123) opent direct de uitspraak. Gebruik aanhalingstekens voor een exacte woordgroep (“ontslag op staande voet”), OR voor alternatieven (huur OR pacht), een sterretje voor woorddelen (huur* vindt ook huurder) en een minteken om een woord uit te sluiten.