33 uitspraken gevonden
Sorteer op: Relevantie
- Civiel recht overigConclusie · Parket bij de Hoge Raad · Civiel recht overig
Parket bij de Hoge Raad|19 februari 1999|ECLI:NL:PHR:1999:1
inmiddels verjaard ingevolge het bepaalde in art. 2012 BW (oud) in samenhang met artikel 3:308 BW en artikel 73 0w. 1.5 Na op 23 juni 1995 en op 27 oktober
- Civiel recht overigVermogensrecht. Nalatenschap. Afgifte legaat. Verjaring vordering tot afgifte? Art. 3:306 BW en art. 3:313…
Parket bij de Hoge Raad|20 november 2020|ECLI:NL:PHR:2020:1188
overeenkomst (art. 3:307 BW), voor rechtsvorderingen tot betaling van periodieke vorderingen (art. 3:308 BW), voor rechtsvorderingen uit onverschuldigde betaling (art. 3:309 BW), voor rechtsvorderingen tot vergoeding van schade
- Civiel recht overigTerugvordering bijstand verstrekt in vorm geldlening; rechtskarakter en verjaring vordering; duur en aanvang…
Parket bij de Hoge Raad|8 januari 1999|ECLI:NL:PHR:1999:12
verzoek afgewezen. Op de vordering achtte hij art. 3:307 dan wel art. 3:308 BW van toepassing. Verdedigd kan worden, aldus de kantonrechter, dat de vordering al op 1 februari
- Burgerlijk procesrechtPensioenrecht. Procesrecht. Driepartijenverhouding. Veroordeling tot nakoming pensioenovereenkomst door…
Parket bij de Hoge Raad|6 augustus 2021|ECLI:NL:PHR:2021:737
Pensioenrecht. Procesrecht. Driepartijenverhouding. Veroordeling tot nakoming pensioenovereenkomst door (Psw-)uitvoerder. Toeslagverlening/indexatie. Art. 23 Rv. Art. 20 Pw. Motivering verjaringsoordeel door verwijzing naar vonnis kantonrechter.
- Civiel recht overigHuurgeschil over ontbinding huurovereenkomst en ontruiming wegens huurachterstand (81 RO).
Parket bij de Hoge Raad|14 december 2007|ECLI:NL:PHR:2007:BB5079
uitstek begrijpelijk. 19 Over verjaring - waaraan men zou kunnen denken in verband met art. 3:308 BW, en omdat Mascot betalingsachterstanden uit een niet nader aangeduid, maar verder verwijderd verleden ter sprake
- Civiel recht overigConclusie · Parket bij de Hoge Raad · Civiel recht overig
Parket bij de Hoge Raad|3 januari 2003|ECLI:NL:PHR:2003:AE9382
BW wettelijke rente was verschuldigd, nog géén einde genomen. In art. 3:308 BW, dat bepaalt dat rechtsvorderingen tot betaling van (onder meer) renten door verloop van vijf jaar verjaren, ligt besloten
- Civiel recht overig10 juni 2005 Eerste Kamer Nr. C04/043HR JMH/RM Hoge Raad der Nederlanden Arrest in de zaak van: [Eiser]…
Parket bij de Hoge Raad|10 juni 2005|ECLI:NL:PHR:2005:AT6024
recht op invordering kan verjaren.(28) De verwijzing naar de verjaringstermijn ex art. 3:308 BW mist relevantie om de bij het vorige middel aangevoerde reden. 2.32 Het achtste onderdeel lijkt
- Insolventierecht12 september 2003 Eerste Kamer Nr. R03/059HR JMH/AT Hoge Raad der Nederlanden Arrest in de zaak van…
Parket bij de Hoge Raad|12 september 2003|ECLI:NL:PHR:2003:AJ9981
12 september 2003 Eerste Kamer Nr. R03/059HR JMH/AT Hoge Raad der Nederlanden Arrest in de zaak van: [Verzoekster], wonende te [woonplaats], VERZOEKSTER tot cassatie, advocaat: mr. P. Garretsen, t e g e n Mr. W. AERTS, in zijn hoedanigheid van curator in het faillissement van [betrokkene 1], wonende te [woonplaats],…
- Insolventierecht12 september 2003 Eerste Kamer Nr. R03/041HR JMH Hoge Raad der Nederlanden Arrest in de zaak van: SUH STENEN…
Parket bij de Hoge Raad|12 september 2003|ECLI:NL:PHR:2003:AF8842
12 september 2003 Eerste Kamer Nr. R03/041HR JMH Hoge Raad der Nederlanden Arrest in de zaak van: SUH STENEN UIT HURWENEN B.V., gevestigd te Hurwenen, gemeente Maasdriel, VERZOEKSTER tot cassatie, advocaat: mr. P. Garretsen, t e g e n Mr. W. AERTS, in zijn hoedanigheid van curator in het faillissement van [betrokkene…
- Civiel recht overig4 juni 2004 Eerste Kamer Nr. C02/314HR RM/JMH Hoge Raad der Nederlanden Arrest in de zaak van: [Eiseres]…
Parket bij de Hoge Raad|4 juni 2004|ECLI:NL:PHR:2004:AO6210
subrogatie zowel naar oud recht (art. 2012 BW (oud)) als naar huidig recht (art. 3:308 BW) vijf jaar bedraagt en dit - gezien HR 26 maart 1993, NJ 1993, 330 - niet anders
- Personen- en familierechtConclusie · Parket bij de Hoge Raad · Personen- en familierecht
Parket bij de Hoge Raad|6 december 2002|ECLI:NL:PHR:2002:AE9241
C 01/086 HR Mr. F.F. Langemeijer Zitting 11 oktober 2002 Conclusie inzake: [De man] tegen [De vrouw] In dit geschil tussen gewezen echtgenoten over een zgn. nieuw Amsterdams verrekenbeding wordt voortgebouwd op eerdere rechtspraak over dit onderwerp. In het bijzonder is de vraag aan de orde wanneer de vordering tot…
- Civiel recht overigWet verplichte deelneming in een Bedrijfstakpensioenfonds 2000; Besluit meldingsregeling Wet Bpf 2000…
Parket bij de Hoge Raad|28 mei 2021|ECLI:NL:PHR:2021:522
aansprakelijk te houden is vervallen (art. 7:663, tweede volzin BW) en verjaard (art. 3:308 BW). Het hof overweegt als volgt. 5. [A] B.V. had een achterstand in premiebetaling. PFZW stelt
- BelastingrechtArtikel 116 Wet WIA. Artikel 8, lid 1, Wet WIA. Begrip werknemer. Artikel 3, lid 1, Ziektewet. Omvang van het…
Parket bij de Hoge Raad|15 maart 2013|ECLI:NL:PHR:2013:BY6888
Artikel 116 Wet WIA. Artikel 8, lid 1, Wet WIA. Begrip werknemer. Artikel 3, lid 1, Ziektewet. Omvang van het loon niet relevant in de beoordeling of sprake is van een privaatrechtelijke dienstbetrekking. I.c. toch geen dienstbetrekking omdat niet kan worden gezegd dat op belanghebbende de verplichting rustte om in…
Zoektips
Een ECLI (ook kort, zoals HR:2020:2020), LJN of vindplaats (NJ 2019/123) opent direct de uitspraak. Gebruik aanhalingstekens voor een exacte woordgroep (“ontslag op staande voet”), OR voor alternatieven (huur OR pacht), een sterretje voor woorddelen (huur* vindt ook huurder) en een minteken om een woord uit te sluiten.