3.311 uitspraken gevonden
Sorteer op: Relevantie
- Civiel recht overigArt. 81 lid 1 RO. Onrechtmatige daad. Verkeersongeval. Letselschade; psychische klachten…
Parket bij de Hoge Raad|28 november 2014|ECLI:NL:PHR:2014:2280
Art. 81 lid 1 RO. Onrechtmatige daad. Verkeersongeval. Letselschade; psychische klachten. Arbeidsongeschiktheid. Causaliteit. Waardering deskundigenbewijs. Omvang schade.
- Civiel recht overigConclusie · Parket bij de Hoge Raad · Civiel recht overig
Parket bij de Hoge Raad|15 februari 2002|ECLI:NL:PHR:2002:AD7341
nieuwe art. 197 Rv. te maken met het geruisloos verdwijnen van art. 116 lid 2 Rv oud in het huidige art. 204 Rv. Bedoeld lid bepaalde namelijk: "Hij zal op nieuw worden … Rv. oud in wezen overbodig was: de rechter moest op grond van art. 116 lid 2 Rv. oud immers toch opnieuw dagvaarden (zie aantekening 1 bij 108a, blz. 516). De wetgever beoogde
- InsolventierechtVerweerster in cassatie - verder te noemen: NTM - heeft tezamen met Ingenieursbureau [A] B.V. - verder te…
Parket bij de Hoge Raad|23 maart 2001|ECLI:NL:PHR:2001:AB0700
Verweerster in cassatie - verder te noemen: NTM - heeft tezamen met Ingenieursbureau [A] B.V. - verder te noemen: [A B.V.] - bij exploit van 23 december 1994 (1) eiseres tot cassatie - verder te noemen: Ofasec - alsmede (2) Mrs. F. Meeter en A.A.M. Deterink, in hun hoedanigheid van curatoren in de faillissementen van…
- Civiel recht overigConclusie · Parket bij de Hoge Raad · Civiel recht overig
Parket bij de Hoge Raad|12 mei 2000|ECLI:NL:PHR:2000:AA5781
houden van een voorlopig getuigenverhoor is toegewezen, bekrachtigd. Op grond van art. 216 lid 2 Rv. is tegen een dergelijke beslissing geen hogere voorziening toegelaten. Derhalve dient eerst de vraag te worden … deze vraag dient te worden voorop gesteld dat het verbod van art. 216 lid 2 Rv. niet absoluut is. Volgens vaste jurisprudentie sluit dit verbod hoger beroep of beroep in cassatie niet
- Burgerlijk procesrechtProcesrecht. Stelplicht en bewijslast verjaringsverweer in het kader van vernietiging borgtochtovereenkomst…
Parket bij de Hoge Raad|2 februari 2024|ECLI:NL:PHR:2024:114
voor zover in cassatie relevant – als volgt. Ingevolge het bepaalde in de artikelen 157 lid 2 Rv en 159 lid 2 Rv geldt dat de door [eiser] overgelegde huurovereenkomst geen bewijs tegen
- Civiel recht overigInternationaal privaatrecht. Rechtsmacht Nederlandse rechter. Ambtshalve onderzoek naar de rechtsmacht (HR 6…
Parket bij de Hoge Raad|23 januari 2015|ECLI:NL:PHR:2015:22
NRSL heeft hoger beroep ingesteld en tevens op de voet van art. 360 lid 2 Rv een incidenteel verzoek ingediend tot schorsing van de tenuitvoerlegging van de bestreden beschikking totdat inhoudelijk … over de tenuitvoerlegging van een Russische rechterlijke beslissing op de voet van art. 431 lid 2 Rv het volgende overwogen ten aanzien van de verjaring en de formele uitvoerbaarheid
- Civiel recht overigArbitrage; art. 1027 Rv. Verzoek tot benoeming arbiters kan worden afgewezen indien aanstonds en zonder nader…
Parket bij de Hoge Raad|21 oktober 2011|ECLI:NL:PHR:2011:BQ8777
algemene termijn van drie maanden voor het instellen van hoger beroep geldt (art. 358 lid 2 Rv). Ook voor het instellen van beroep in cassatie geldt derhalve de algemene termijn van drie … arbitrage. 17. De rechtsklacht faalt, omdat zij niet voldoet aan de ingevolge art. 426a lid 2 Rv aan een cassatieklacht te stellen eisen. De klacht geeft immers niet, althans niet
- Civiel recht overigGevoegde zaken 19/05481 en 19/05489. Procesrecht. Huwelijksvermogensrecht. Cassatieberoep van de ene partij…
Parket bij de Hoge Raad|13 november 2020|ECLI:NL:PHR:2020:1083
vrouw ontvankelijk is in haar cassatieberoep (art. 426 lid 4 jo. 401a lid 2 Rv). Ik meen dat dit niet het geval is. Ook de man heeft beroep in cassatie ingesteld tegen … Rv van toepassing is (art. 426 lid 4 jo. 401a lid 2 Rv). 2.3 Een tussenbeschikking kan ook kwalificeren als een zogenoemde deeluitspraak . Dit is het geval als door een uitdrukkelijk dictum
- Personen- en familierechtConclusie · Parket bij de Hoge Raad · Personen- en familierecht
Parket bij de Hoge Raad|9 augustus 2002|ECLI:NL:PHR:2002:AE2511
voorbijgegaan. 3.2.17. De klacht voldoet m.i. niet aan de eisen van art. 426a, lid 2, Rv. nu daaruit niet blijkt uit welke stellingen van de vrouw zou volgen dat dit verwijt niet … niet tot cassatie leiden nu deze niet aan de eisen van art. 426a, lid 2, Rv. voldoet: onduidelijk is op welke rechtsregel de man het oog heeft. 3.4.3. Ten overvloede voeg
- Civiel recht overigArbeidsrecht. Loonvordering; geschil over arbeidsongeschiktheid werknemer door ziekte (81 RO)
Parket bij de Hoge Raad|21 december 2007|ECLI:NL:PHR:2007:BB6187
augustus 2006 (welke brief ook op die datum - en dus tijdig; vergelijk art. 126 lid 2 Rv - bij de griffie van de Hoge Raad is ingekomen) het originele anticipatie-exploot … daargelaten of dit mogelijk was, géén verval van instantie heeft gevraagd (vergelijk art. 127 lid 2 Rv), staat het feit dat de door [eiser] aangewezen advocaat op de opvolgende rolzittingen
- Civiel recht overigConclusie · Parket bij de Hoge Raad · Civiel recht overig
Parket bij de Hoge Raad|5 januari 2001|ECLI:NL:PHR:2001:AA9307
middel klaagt erover dat het hof hiermee heeft miskend dat art. 229 lid 2 Rv. een hogere voorziening slechts uitsluit, voor zover het verzoek is toegewezen. Daarvan was hier echter geen sprake … reeds aanhangig geschil te kunnen beslissen. Het voorlopig deskundigenbericht als bedoeld in art. 227 lid 2 Rv. kan daarentegen mede ertoe dienen een partij de mogelijkheid te verschaffen onzekerheden over de eigen
- Civiel recht overigVerbintenissenrecht. Afgewezen schadevordering na beëindiging intentieovereenkomst tot realisatie van…
Parket bij de Hoge Raad|12 juni 2009|ECLI:NL:PHR:2009:BH4717
niet aan de eisen die aan een cassatiemiddel worden gesteld in art. 407 lid 2 Rv. Het middel geeft niet aan waarom de door [eiseres] aangevoerde feiten omstandigheden, die door … middel daarmee niet aan de eisen die hieraan worden gesteld in art. 407 lid 2 Rv. Middel VI 2.13 Middel VI richt zich met zowel een rechtsklacht als een motiveringsklacht tegen
- OndernemingsrechtJaarrekeningrecht; verboden aanvulling van rechtsgronden; maatstaf art. 2:362 BW en betekenis Richtlijnen…
Parket bij de Hoge Raad|10 februari 2006|ECLI:NL:PHR:2006:AU7473
Jaarrekeningrecht; verboden aanvulling van rechtsgronden; maatstaf art. 2:362 BW en betekenis
- Civiel recht overigOvereenkomstenrecht. Uitleg en uitvoering Profit Sharing Agreement (PSA). Haviltex-maatstaf. Beoordeling van…
Parket bij de Hoge Raad|18 november 2011|ECLI:NL:PHR:2011:BS1706
Overeenkomstenrecht. Uitleg en uitvoering Profit Sharing Agreement (PSA). Haviltex-maatstaf. Beoordeling van alle relevante omstandigheden, waaronder wijze totstandkoming PSA, bewoordingen PSA en bedoeling partijen. Feitelijke oordelen niet onbegrijpelijk en voldoende gemotiveerd. Geen miskenning door hof dat…
- Civiel recht overigProcesrecht. Nietigheid appeldagvaarding. Benadeling in zijn verdediging in zin van art. 94 Rv. Vertraging…
Parket bij de Hoge Raad|25 februari 1994|ECLI:NL:PHR:1994:37
beschouwingen niet verder behoef uit te weiden. Die erkenning blijkt ook uit art. 93 lid 2 Rv welke bepaling, zoals nader verstaan door HR 9 juni … meeste leidt tot het uitspreken van de nietigheid op grond van art. 93 lid 2 Rv. De wet stelt dus geen absolute, onherstelbare nietigheid op een verkeerde betekening. Dat de dagvaarding
- Civiel recht overigVerzekeringsrecht. Mededelingsplicht verzekeringnemer (art. 7:928 BW). Sancties bij verzwijging (art. 7:930…
Parket bij de Hoge Raad|18 december 2015|ECLI:NL:PHR:2015:2430
Verzekeringsrecht. Mededelingsplicht verzekeringnemer (art. 7:928 BW). Sancties bij verzwijging (art. 7:930 BW): proportionele vermindering van de uitkering (leden 2 en 3 BW) dan wel verval van recht op uitkering (leden 4 en 5). Wanneer is sprake van opzet tot misleiding (lid 5)? Tegenbewijs tegen feitelijk oordeel;…
- Civiel recht overigArt. 81 lid 1 RO. Incidentele vordering tot zekerheidsstelling proceskosten (art. 224 Rv in verband met art…
Parket bij de Hoge Raad|29 november 2013|ECLI:NL:PHR:2013:2506
evenwel zo vaag dat deze klacht niet voldoet aan de eisen van art. 407 lid 2 Rv. 3.11 Voor zover onderdeel 2b klaagt over passering van het herhaalde bewijsaanbod van [eiser] miskent … gelegd. 3.17 Voor zover de klacht al voldoet aan de eisen van art. 407 lid 2 Rv., faalt zij. Het Hof wijst erop dat [verweerder] aan [C] in de litigieuze brief
- OndernemingsrechtConclusie · Parket bij de Hoge Raad · Ondernemingsrecht
Parket bij de Hoge Raad|1 februari 2002|ECLI:NL:PHR:2002:AD8832
periode van maart 1997 tot april 1998 en op de voet van art. 429m lid 2 Rv verzocht om voeging met de door De Vries Robbé ingestelde procedure. 2.2. Omdat … bevoegdheid van de a.-g. in het kader van het jaarrekeningenrecht (art. 999, lid 2, Rv)(11). 3.3.3.1. Uit de wetsgeschiedenis van art. 2:345, lid 2, BW blijkt dat het begrip
- Civiel recht overigArt. 81 RO. Overdracht perceel grond. Vordering tot teruglevering deel van het perceel op de grond dat dit…
Parket bij de Hoge Raad|13 januari 2012|ECLI:NL:PHR:2012:BU7247
neer, dat de onderhandse koopakte onjuist is. Omdat deze akte ingevolge artikel 157 lid 2 Rv dwingende bewijskracht heeft, dient [verweerder] door het leveren van tegenbewijs als bedoeld in artikel … 2 Rv de juistheid van de onderhandse koopakte te ontzenuwen. Daarnaast moet hij het positieve bewijs [..] leveren dat het rechterdeel niet bij de koop was inbegrepen. De door [eiser] genoemde elementen
- Civiel recht overigVerbintenissenrecht; betaling van nog openstaande facturen; stelplicht- en bewijslastverdeling; verklaring…
Parket bij de Hoge Raad|4 april 2008|ECLI:NL:PHR:2008:BC1844
betrokkene 2] de beperkte bewijskracht moest worden toegekend zoals die in art. 164 lid 2 Rv wordt omschreven. Zoals na deze beoordeling voor de hand ligt, bekrachtigde het hof het eindvonnis … betrokkene 2] ten onrechte is gewaardeerd als "partijgetuigenverklaring" als bedoeld in art. 164 lid 2 Rv. 6) Men zou de betrokkenen bij dit conflict toewensen dat dat conflict met het arrest
Zoektips
Een ECLI (ook kort, zoals HR:2020:2020), LJN of vindplaats (NJ 2019/123) opent direct de uitspraak. Gebruik aanhalingstekens voor een exacte woordgroep (“ontslag op staande voet”), OR voor alternatieven (huur OR pacht), een sterretje voor woorddelen (huur* vindt ook huurder) en een minteken om een woord uit te sluiten.