212 uitspraken gevonden
Sorteer op: Relevantie
- BelastingrechtMotorrijtuigenbelasting; naheffing van ingezetenen met buitenlands kenteken. Door wetswijziging in 2014 (art…
Parket bij de Hoge Raad|15 november 2018|ECLI:NL:PHR:2018:1289
Motorrijtuigenbelasting; naheffing van ingezetenen met buitenlands kenteken. Door wetswijziging in 2014 (art. 7(3), 13(2) en 34(2)(2e volzin) Wet mrb) kan hun naheffingsaanslag over een langere periode worden berekend dan daarvóór en dan in andere bijzondere naheffingsgevallen (twaalf maanden) maar (beleidsmatig) niet…
- BelastingrechtConclusie · Parket bij de Hoge Raad · Belastingrecht
Parket bij de Hoge Raad|7 juni 1995|ECLI:NL:PHR:1995:AA1592
niet aangeslagen inkomen. 3.1. Bij de voorbereiding van de AWR werd betoogd: art. 11, lid 3, AWR (Memorie van toelichting, Bijlagen Handelingen Tweede Kamer, 1954-1955 - 4080, nr. 3, blz. 15, linkerkolom … veel mogelijk de materieelrechtelijk juiste gegevens in aanmerking genomen moeten worden. 3.17. Art. 11, lid 3, AWR strekt ertoe de aanslagregeling over 1978 met de ommekomst van de termijn af te sluiten
- Belastingrecht[X2] beschikte in de jaren 1997 tot en met 2008 over in Zwitserland aangehouden bankrekeningen. De Inspecteur…
Parket bij de Hoge Raad|17 december 2014|ECLI:NL:PHR:2014:2522
jaren 2005 tot en met 2008 is binnen de reguliere navorderingstermijn van art. 16, lid 3, AWR nagevorderd. 1.3 De navorderingsaanslag IB/PVV is na daartegen gemaakt bezwaar bij uitspraak van de Inspecteur
- BelastingrechtArt. 3:40, 3:41 en 6:8 Awb; art. 22j AWR; aanvang bezwaartermijn; verandering van adres; onjuiste adressering…
Parket bij de Hoge Raad|22 december 2011|ECLI:NL:PHR:2011:BV9529
wijze aan belanghebbende bekend heeft gemaakt. Van overschrijding van de termijn van artikel 11, lid 3, Awr is geen sprake. 6.4 Gelet op het vorenoverwogene is de bezwaartermijn aangevangen op 8 december
- Belastingrecht[X6](hierna: belanghebbende) was tot aan de verkoop aan een Amerikaans beursgenoteerd bedrijf medio 2000…
Parket bij de Hoge Raad|16 oktober 2014|ECLI:NL:PHR:2014:1920
Raad stoelde zijn beslissing op de parlementaire behandeling van de oorspronkelijke AWR waarbij in art. 3 AWR was geregeld dat ‘Onze Minister [bepaalt] welke directeur, inspecteur of ontvanger bevoegd … gemeente van aanslag behoort’. 6.7 Na de ook door belanghebbende genoemde wijziging van art. 3 AWR met ingang van 1 januari 2003 is ‘de bevoegdheid van een (…) inspecteur (…) niet bepaald naar
- BelastingrechtBoete na transactie voor hetzelfde feit. Verhoging bij vennootschap na schikking OM met directeuren.
Parket bij de Hoge Raad|9 oktober 1989|ECLI:NL:PHR:1989:10
niet) belanghebbende een verzoek als bedoeld in artikel 22, lid 3, AWR bij de inspecteur heeft ingediend. Voor het overige verwerpt het Hof de stelling van belanghebbende dat volledige kwijtschelding dient … AWR omschreven geval zich voordoet, kan de aangeslagene het in art. 21, lid 3, AWR, tekst 1964, omschreven verzoek doen, in welk geval de inspecteur uitspraak doet, waartegen op de voet
- Civiel recht overigCollectieve actie. Ontvankelijkheid vordering belangenorganisatie. Taakverdeling tussen bestuursrechter en…
Parket bij de Hoge Raad|1 april 2022|ECLI:NL:PHR:2022:346
Collectieve actie. Ontvankelijkheid vordering belangenorganisatie. Taakverdeling tussen bestuursrechter en civiele rechter. Privacyrecht. Verstrekking inkomensverklaring door Belastingdienst aan verhuurders sociale huurwoningen i.v.m. scheefwonen (art. 7:252a BW).
- BelastingrechtConclusie · Parket bij de Hoge Raad · Belastingrecht
Parket bij de Hoge Raad|6 oktober 1999|ECLI:NL:PHR:1999:AA2912
aanslag inkomstenbelasting. Die aanslag was echter wegens overschrijding van de termijn van art. 11, lid 3 AWR vernietigd. De vraag rees of de ingehouden dividendbelasting moest worden teruggegeven. Overwogen werd: "De dividendbelasting … waarbij verrekening van dividendbelasting heeft plaatsgevonden, wegens overschrijding van de termijn van (art.) 11, lid 3 (AWR) wordt vernietigd." 2.3. Art. 25 en 25a Wet Vpb 1969 houdt
- BelastingrechtArt. 3:40, 3:41 en 6:8 Awb; art. 22j AWR; aanvang bezwaartermijn; verandering van adres; onjuiste adressering…
Parket bij de Hoge Raad|13 juli 2012|ECLI:NL:PHR:2012:BV1885
wijze aan belanghebbende bekend heeft gemaakt. Van overschrijding van de termijn van artikel 11, lid 3, Awr is geen sprake. 6.4 Gelet op het vorenoverwogene is de bezwaartermijn aangevangen op 8 december
- BelastingrechtArt. 231, lid 2, letter b, jo. 232, lid 4, Gemeentewet en art. 1, lid 2, jo. art. 30 Wet WOZ. Bevoegdheid…
Parket bij de Hoge Raad|28 september 2012|ECLI:NL:PHR:2012:BW1956
Art. 231, lid 2, letter b, jo. 232, lid 4, Gemeentewet en art. 1, lid 2, jo. art. 30 Wet WOZ. Bevoegdheid ambtenaar openbaar lichaam. Art. 18a AWR en art. 22 Wet WOZ. Herziene WOZ-beschikkingen na onjuiste objectafbakening.
- BelastingrechtConclusie · Parket bij de Hoge Raad · Belastingrecht
Parket bij de Hoge Raad|21 maart 1991|ECLI:NL:PHR:1991:15
Verrekening VA en LH.
- BelastingrechtMotorrijtuigenbelasting; naheffing van ingezetenen met buitenlands kenteken. Door wetswijziging in 2014 (art…
Parket bij de Hoge Raad|15 november 2018|ECLI:NL:PHR:2018:1346
Motorrijtuigenbelasting; naheffing van ingezetenen met buitenlands kenteken. Door wetswijziging in 2014 (art. 7(3), 13(2) en 34(2)(2e volzin) Wet mrb) kan hun naheffingsaanslag over een langere periode worden berekend dan daarvóór en dan in andere bijzondere naheffingsgevallen (twaalf maanden) maar (beleidsmatig) niet…
- BelastingrechtBevoegd ingediend verweerschrift door de Staatssecretaris? Behandeling van de zaak binnen een redelijke termijn?
Parket bij de Hoge Raad|8 december 2006|ECLI:NL:PHR:2006:AV2923
zijn tot verval van de fiscale boete strekkende beroep overwoog u: "Artikel 18, lid 3, AWR verbiedt naar zijn strekking slechts cumulatie van fiscale boete en strafrechtelijke vervolging - waaronder begrepen voorkoming daarvan … grond van art. 12, lid 5, CSV, dat als volgt luidde (vgl.art. 18, lid 3, AWR (oud)): "Indien degene te wiens aanzien op grond van het eerste lid premie of voorschotpremie
- Belastingrecht`Beschikking geen aanslag’. Navordering toegestaan na systeemfout?
Parket bij de Hoge Raad|14 april 2006|ECLI:NL:PHR:2006:AT7225
weer om opheldering vraagt. Met dagtekening 26 september 2001 (buiten de in artikel 11, lid 3, AWR genoemde termijn) wordt uiteindelijk de aanslag tot het juiste bedrag opgelegd. 2.3 Tot behoud
- BelastingrechtArt. 67a AWR. Hoogte boete bij recidive.
Parket bij de Hoge Raad|13 augustus 2004|ECLI:NL:PHR:2004:AL7032
Art. 67a AWR. Hoogte boete bij recidive. PROCUREUR-GENERAAL BIJ DE HOGE
- BelastingrechtArt. 67a AWR. Twee verzuimboetes mogelijk bij aanslagen IB/PVV en WAZ?
Parket bij de Hoge Raad|13 augustus 2004|ECLI:NL:PHR:2004:AL7045
Art. 67a AWR. Twee verzuimboetes mogelijk bij aanslagen IB/PVV en WAZ? PROCUREUR
- BelastingrechtCONCLUSIE PG A-G IJzerman heeft conclusie genomen in de zaak met nummer 11/05660 naar aanleiding van het…
Parket bij de Hoge Raad|22 maart 2013|ECLI:NL:PHR:2013:BZ7849
CONCLUSIE PG A-G IJzerman heeft conclusie genomen in de zaak met nummer 11/05660 naar aanleiding van het beroep in cassatie van B&W gemeente Baarn en het incidentele beroep in cassatie van N.V. X, belanghebbende, tegen de uitspraak van het gerechtshof te Arnhem van 22 november 2011, nrs. 11/00184 en 11/00185, LJN…
- BelastingrechtB&W van de gemeente Hellevoetsluis heeft bij Aanwijzingsbesluit heffingsambtenaar 2005 als heffingsambtenaar…
Parket bij de Hoge Raad|21 augustus 2015|ECLI:NL:PHR:2015:1704
bevoegdheid tot het vaststellen van een aanslag/heroverweging vervalt op grond van artikel 11, lid 3 AWR door verloop van drie jaren na het tijdstip waarop de belastingschuld is ontstaan. Deze aanslagtermijn
- Civiel recht overigZaken 14/02414 en 14/02422 Deze zaken betreffen de vragen welk bewijsmateriaal wils(on)afhankelijk is en…
Parket bij de Hoge Raad|19 december 2014|ECLI:NL:PHR:2014:2351
Zaken 14/02414 en 14/02422 Deze zaken betreffen de vragen welk bewijsmateriaal wils(on)afhankelijk is en welke rechter daarover gaat (welke rechter gebruik voor punitieve doeleinden uitsluit): de dwang(som)rechter of de later (misschien) optredende boete- of strafrechter? In deze zaken heeft alleen de Staat…
- BelastingrechtVerlengde navorderingstermijn (art. 16(4) AWR). Factoring fees betaald aan laagbelast Belgisch…
Parket bij de Hoge Raad|27 juni 2025|ECLI:NL:PHR:2025:727
navorderingsaanslagen 2004 t/m 2007 vergaand neerwaarts gecorrigeerd. De reguliere navorderingstermijn van vijf jaar (art. 16(3) AWR) was toen al verstreken. 1.3 De Rechtbank stelde de belanghebbende in het gelijk … januari 2018; 2007 20 januari 2018. De gewone navorderingstermijn van vijf jaar (art. 16(3) AWR) was verstreken toen deze navorderingsaanslagen werden opgelegd. 2.7 In oktober 2013 heeft de Inspecteur op zijn
Zoektips
Een ECLI (ook kort, zoals HR:2020:2020), LJN of vindplaats (NJ 2019/123) opent direct de uitspraak. Gebruik aanhalingstekens voor een exacte woordgroep (“ontslag op staande voet”), OR voor alternatieven (huur OR pacht), een sterretje voor woorddelen (huur* vindt ook huurder) en een minteken om een woord uit te sluiten.