157 uitspraken gevonden
Sorteer op: Relevantie
- Strafrecht overigConclusie · Parket bij de Hoge Raad · Strafrecht overig
Parket bij de Hoge Raad|2 juli 2013|ECLI:NL:PHR:2013:910
aanranding en dusdoende hebben miskend dat onder een ogenblikkelijke wederrechtelijke aanranding als bedoeld in art. 41 Sr mede onmiddellijk dreigend gevaar voor een dergelijke aanranding wordt begrepen. 17. Deze klacht mist feitelijke
- Strafrecht overigExtensief noodweerexces. HR herhaalt toepasselijke overweging uit HR LJN ZC9359. In ’s Hofs overwegingen ligt…
Parket bij de Hoge Raad|22 januari 2008|ECLI:NL:PHR:2008:BC1353
nieuwe) aanranding ten aanzien waarvan de noodzaak tot fysieke verdediging bestond als bedoeld in art. 41 Sr. 4.10 Zo verstaan geeft de verwerping van het beroep op tardief noodweerexces niet blijk
- Strafrecht overig(Putatief) noodweer (en noodweerexces). ’s Hofs overweging komt erop neer dat niet aannemelijk is geworden…
Parket bij de Hoge Raad|12 juni 2007|ECLI:NL:PHR:2007:BA0423
aanzien van de bewezenverklaarde gedragingen sprake was van noodzakelijke verdediging in de zin van art. 41 Sr. Ik teken daar echter onmiddellijk bij aan dat de Hoge Raad in deze overweging niet
- Strafrecht overigHet in verband van de vordering van de benadeelde partijen (erven slachtoffers) door verdachte gedane beroep…
Parket bij de Hoge Raad|26 oktober 2004|ECLI:NL:PHR:2004:AR2108
slachtoffer 3] niet kunnen worden beschouwd als (mede)aanranders in de zin van art. 41 Sr, verdachte zich met succes kan beroepen op noodweer, nu het geweld tegen [slachtoffer 2] en [slachtoffer
- Strafrecht overigNoodweerexces. HR herhaalt toepasselijke overwegingen uit HR NJ 1993, 691. ‘s Hofs oordeel komt er op neer…
Parket bij de Hoge Raad|20 februari 2007|ECLI:NL:PHR:2007:AZ5716
niettemin sprake was van een noodzakelijke verdediging in de zin van art. 41 Sr toen hij door [aangever] werd aangevallen. Daaraan doet ook niet af dat verdachte op een gegeven moment zich
- Strafrecht overigConclusie AG. Mishandeling met zwaar lichamelijk letsel ten gevolge. Vrijspraak eerste aanleg. De middelen…
Parket bij de Hoge Raad|4 november 2025|ECLI:NL:PHR:2025:1154
zijde van de verdachte over het bestaan van een “aanranding” in de zin van art. 41 Sr. De verwerping van het (putatieve) noodweer verweer is niet onbegrijpelijk en toereikend gemotiveerd
- Strafrecht overigConclusie PG. Noodweer/noodweerexces. De PG plaatst kanttekeningen bij de overwegingen van het hof. Alles…
Parket bij de Hoge Raad|19 maart 2019|ECLI:NL:PHR:2019:237
aansteker had, terwijl zijn andere hand in het gips zat. Wettelijk kader en jurisprudentie Art. 41 Sr luidt: 1. Niet strafbaar is hij die een feit begaat, geboden door de noodzakelijke verdediging
- Strafrecht overigConclusie plv. AG. Art. 41.2 Sr. Motivering verwerping verweer op noodweerexces. Strekt tot verwerping.
Parket bij de Hoge Raad|26 juni 2018|ECLI:NL:PHR:2018:652
toegebracht nadat de confrontatie achter het badhuisje al was geëindigd. Wettelijk kader en jurisprudentie Art. 41 Sr luidt: 1. Niet strafbaar is hij die een feit begaat, geboden door de noodzakelijke verdediging
- Strafrecht overigConclusie AG. Poging doodslag toenmalige vriend. Verwerping beroep op noodweer. Proportionaliteitseis. ’s…
Parket bij de Hoge Raad|18 november 2025|ECLI:NL:PHR:2025:1240
m.nt. Buruma, rov. 2.5.1-2.5.2. Zie ook J.M. ten Voorde, Tekst & Commentaar Strafrecht , art. 41 Sr, aant. 4g (actueel t/m 15 april 2025). Vgl. HR 13 juni 2006, ECLI
- Strafrecht overigZware mishandeling, art. 302.1 Sr. 1. HR: art. 81.1 RO. 2. Falende klacht over de verwerping van het beroep…
Parket bij de Hoge Raad|8 april 2014|ECLI:NL:PHR:2014:513
gevaar een beroep op noodweer onder omstandigheden kan rechtvaardigen Tekst & Commentaar Strafrecht ad art. 41 Sr, aant. 4d (Wemes/Ten Voorde) en de daarbij genoemde jurisprudentie. De pleitnota houdt een betwisting
- Strafrecht overigNoodweer. HR herhaalt relevante overwegingen uit ECLI:NL:HR:2006:AX9177. Gelet op de door het Hof…
Parket bij de Hoge Raad|9 juni 2015|ECLI:NL:PHR:2015:1470
Noyon/Langemeijer/Remmelink, Het Wetboek van Strafrecht , aant. 14 bij art. 41 Sr (bewerkt door prof. mr. A.J. Machielse; bijgewerkt tot 24 maart
- Strafrecht overigBeroep op noodweer(exces) en putatief noodweer. HR herhaalt relevante overwegingen uit ECLI:NL:HR:2016:456…
Parket bij de Hoge Raad|15 maart 2016|ECLI:NL:PHR:2016:358
verdachte bewezenverklaarde gedragingen sprake was van noodzakelijke verdediging in de zin van art. 41 Sr. Die feiten en omstandigheden vormen onvoldoende grond om aan te nemen dat hier sprake is van uitlokking
- Strafrecht overigSlagende bewijsklacht opzet. Het oordeel van het Hof dat uit het feit dat verdachte het so. in zijn gezicht…
Parket bij de Hoge Raad|20 augustus 2013|ECLI:NL:PHR:2013:1079
levert dit naar het oordeel van het hof geen noodweersituatie (als bedoeld in artikel 41 Sr) op, waartegen de verdachte genoodzaakt was zich te verdedigen, nog afgezien van het feit
- Strafrecht overigMishandeling door zijn dochter tegen het gezicht te slaan, art. 300.1 Sr. Niet beslist op verweer dat…
Parket bij de Hoge Raad|21 mei 1995|ECLI:NL:PHR:1995:2
handelen was jegens zijn ex-echtgenote en dat zijn (toen 16-jarige) dochter rechtmatig (art. 41 Sr) tussenbeide wilde komen. Op grond daarvan heeft het hof kunnen oordelen dat verzoeker zijn dochter
- Strafrecht overigHR: art. 81.1 RO en overschrijding redelijke termijn.
Parket bij de Hoge Raad|7 oktober 2014|ECLI:NL:PHR:2014:2202
terecht niet aangemerkt als een ogenblikkelijke wederrechtelijke aanranding jegens verdachte in de zin van art. 41 Sr. Bovendien is het oordeel van het hof dat de verklaring van verdachte dat [slachtoffer] niet
- Strafrecht overig1. Getuigenverzoek. 2. Noodweer. Ad 1. ’s Hofs oordeel dat de noodzaak tot het horen van de getuige niet is…
Parket bij de Hoge Raad|15 november 2011|ECLI:NL:PHR:2011:BT2175
ernstig fysieke schade toegebracht te krijgen. 5. Het eerste bezwaar tegen deze lezing van artikel 41 Sr betreft het gestelde ontbreken der wederrechtelijkheid der aanranding. De kinderrechter heeft geoordeeld dat [slachtoffer] niet
- Strafrecht overigBijzondere voorwaarde ex art. 14c Sr. Ingevolge art. 14c lid 2 onder 2 Sr kan de voorwaarde tot opneming van…
Parket bij de Hoge Raad|12 juli 2011|ECLI:NL:PHR:2011:BQ4315
beroep van 23 juni 2009 gehechte pleitaantekeningen van de raadsvrouw van verdachte. 3 Zie art. 41 Sr en m.b.t. die bepaling: HR 12 januari 2010, LJN: BK4155. 4 Vgl. HR 8 februari
- Strafrecht overigVerwerping noodweer. 's Hofs oordeel is tegen de achtergrond van de in 's Hofs overwegingen en de gebezigde…
Parket bij de Hoge Raad|8 februari 2011|ECLI:NL:PHR:2011:BO5376
over zijn bespreking van de culpa in causa bij een beroep op art. 41 Sr p. 612-619. 10 Zie nader de verklaringen van medeverdachte [medeverdachte
- Strafrecht overigConclusie AG. Mishandeling en overtreding Wegenverkeerswet 1994. Beroep op noodweer…
Parket bij de Hoge Raad|26 mei 2026|ECLI:NL:PHR:2026:531
m.nt. Buruma, rov. 2.5.1-2.5.2. Zie ook J.M. ten Voorde, Tekst & Commentaar Strafrecht , art. 41 Sr, aant. 4g (actueel t/m 15 april 2025). Vgl. HR 13 juni 2006, ECLI
- Strafrecht overigConclusie AG. Mishandeling burenruzie. Verwerping beroep op noodweer. Proportionaliteitseis. Middel faalt…
Parket bij de Hoge Raad|18 november 2025|ECLI:NL:PHR:2025:1265
m.nt. Buruma, rov. 2.5.1-2.5.2. Zie ook J.M. ten Voorde Tekst & Commentaar Strafrecht , art. 41 Sr, aant. 4g (actueel t/m 15 april 2025). Vgl. HR 13 juni 2006, ECLI
Zoektips
Een ECLI (ook kort, zoals HR:2020:2020), LJN of vindplaats (NJ 2019/123) opent direct de uitspraak. Gebruik aanhalingstekens voor een exacte woordgroep (“ontslag op staande voet”), OR voor alternatieven (huur OR pacht), een sterretje voor woorddelen (huur* vindt ook huurder) en een minteken om een woord uit te sluiten.