318 uitspraken gevonden
Sorteer op: Relevantie
- Strafrecht overigConclusie plv. AG. Vervolgingsuitlevering Verenigde Staten. Verdenking van deelneming aan wereldwijde…
Parket bij de Hoge Raad|25 maart 2025|ECLI:NL:PHR:2025:346
Conclusie plv. AG. Vervolgingsuitlevering Verenigde Staten. Verdenking van deelneming aan wereldwijde criminele organisatie die zich o.m. bezighield met de verspreiding van versleutelde telefoons en drugshandel. Middel 1 klaagt over ontbreken van aantal pagina’s van pleitnota voor eerste zitting. Opgeëiste persoon…
- Personen- en familierechtWvggz. Klachtprocedure ex art. 10:7 lid 1 Wvggz en verzoek tot schadevergoeding ex art. 10:11 en 10:12…
Parket bij de Hoge Raad|16 december 2022|ECLI:NL:PHR:2022:1196
Wvggz. Klachtprocedure ex art. 10:7 lid 1 Wvggz en verzoek tot schadevergoeding ex art. 10:11 en 10:12 Wvggz.Toepassing art. 8:7 lid 3 Wvggz; overwegingen m.b.t. wilsonbekwaamheid; art. 8:9 lid 5 en art. 8:14 Wvggz.
- Strafrecht overigConclusie AG. Militaire zaak. Middel 1 richt zich tegen de verwerping van het tot strafvermindering…
Parket bij de Hoge Raad|8 maart 2022|ECLI:NL:PHR:2022:209
recht om niet te worden onderworpen aan foltering en onmenselijke of vernederende behandeling (art. 3 EVRM) en de lichamelijke integriteit niet onnodig of onrechtmatig wordt geschonden. 208. Uitgangspunt bij politieoptreden blijft … midden gelaten of sprake was van een onmenselijke behandeling in de zin van artikel 3 EVRM of enig ander vormverzuim. Het tweede cassatiemiddel slaagt daarom. 3.4.2 De Hoge Raad neemt hierbij
- Civiel recht overigOverheidsprivaatrecht. Uitleveringsrecht. Kort geding tegen uitlevering aan Rwanda voor vervolging wegens…
Parket bij de Hoge Raad|24 januari 2025|ECLI:NL:PHR:2025:93
Overheidsprivaatrecht. Uitleveringsrecht. Kort geding tegen uitlevering aan Rwanda voor vervolging wegens genocide op grond van Genocideverdrag en Wet overlevering inzake oorlogsmisdrijven. Uitzondering op het vertrouwensbeginsel wegens voldoende concrete aanwijzingen dat risico op flagrante schending van recht op…
- Strafrecht overigConclusie AG. Profijtontneming. Klachten over schending aanwzigheidsrecht, de aftrek van kosten en de mate…
Parket bij de Hoge Raad|31 oktober 2023|ECLI:NL:PHR:2023:967
belang van de betrokkene bij het kunnen uitoefenen van zijn in artikel 6 lid 3 EVRM gewaarborgde aanwezigheidsrecht – waaronder het recht om zich in zijn afwezigheid ter terechtzitting door een daartoe uitdrukkelijk … belang van de betrokkene bij het kunnen uitoefenen van zijn in artikel 6 lid 3 EVRM gewaarborgde aanwezigheidsrecht. Deze belangenafweging van het hof draagt de afwijzing van het verzoek tot aanhouding
- Strafrecht overigOntvankelijkheid verdachte in appèl. Begrijpelijke verstekmededeling. Hof: verdachte heeft vanaf 20-12-89 in…
Parket bij de Hoge Raad|22 november 2005|ECLI:NL:PHR:2005:AU3961
strafzaak waarvoor hij enige tijd in voorarrest had doorgebracht. Artikel 6, lid 3, EVRM, geeft een verdachte het recht op vertaling of vertolking van al die bescheiden die hij noodzakelijkerwijs moet kunnen … inhoud van het vonnis levert als zodanig dan ook geen schending van artikel 6, lid 3, EVRM op. Van verdachte, die de Nederlandse taal niet beheerste, mag verlangd worden dat hij zelf
- Strafrecht overigOndervragingsrecht getuigen: niet alle door of namens de verdediging gestelde vragen zijn door de getuige…
Parket bij de Hoge Raad|23 februari 2016|ECLI:NL:PHR:2016:278
jurisprudentie van het EHRM moet worden afgeleid dat uit art. 6 lid 1 en lid 3 EVRM het recht voortvloeit dat “de verdediging elke vraag moet kunnen (doen) stellen, terwijl die vragen … staan. 14. Uit de Straatsburgse jurisprudentie met betrekking tot art. 6 lid 1 en 3 EVRM kan worden afgeleid dat de verdediging in ieder geval voldoende gelegenheid moet krijgen om getuigen
- Strafrecht overigArt. 359.2 Sv, u.o.s. m.b.t. betrouwbaarheid bekennende verklaringen van verdachte. Het Hof heeft i.s.m. art…
Parket bij de Hoge Raad|4 februari 2014|ECLI:NL:PHR:2014:306Aangehaald in 7 uitspraken
Art. 359.2 Sv, u.o.s. m.b.t. betrouwbaarheid bekennende verklaringen van verdachte. Het Hof heeft i.s.m. art. 359.2 Sv in onvoldoende mate de redenen opgegeven die hebben geleid tot afwijking van het u.o.s..
- Strafrecht overigVertaling verstekmededeling. Verdachte, die de Nederlandse taal niet beheerst, komt te laat in appèl na…
Parket bij de Hoge Raad|31 augustus 2004|ECLI:NL:PHR:2004:AP0167
aldus worden verstaan dat het betoogt dat het Hof art. 366 Sv, art. 6 lid 3 EVRM en art. 14 lid 3 IVBPR heeft geschonden door verdachte niet-ontvankelijk te verklaren … bijzonder niet van het bepaalde in de art. 366 Sv, art. 6 lid 3 EVRM en art. 14 lid 3 IVBPR, terwijl het tevens niet onbegrijpelijk is en geen nadere motivering behoeft
- InsolventierechtWSNP, tussentijdse beëindiging van toepassing van schuldsaneringsregeling op grond van art. 350 lid 3, aanhef…
Parket bij de Hoge Raad|13 april 2007|ECLI:NL:PHR:2007:AZ8850
maten" en dat dit jegens de schuldenaar zelfs een "onmenselijke en vernederende behandeling conform artikel 3 EVRM" [bedoeld zal zijn: in strijd met art. 3 EVRM] oplevert, mist elke grond. 2.4. Evenmin
- Civiel recht overigOverheidsaansprakelijkheid. Is de Staat gehouden om vrouwelijke IS-uitreizigers en hun kinderen te…
Parket bij de Hoge Raad|24 april 2020|ECLI:NL:PHR:2020:412Aangehaald in 8 uitspraken
Overheidsaansprakelijkheid. Is de Staat gehouden om vrouwelijke IS-uitreizigers en hun kinderen te repatriëren of zich daartoe in te spannen? Mensenrechten; rechtsmacht buiten grondgebied Staat; art. 1 EVRM, art. 2 IVBPR en art. 2 IVRK. Zorgvuldigheidsnorm; art. 6:162 BW; belangenafweging; maatstaf rechterlijke…
- Civiel recht overigPrejudiciële vraag (art. 392 Rv). Aardbevingsschade in Groningen. Gronden voor aansprakelijkheid. Verband…
Parket bij de Hoge Raad|10 mei 2019|ECLI:NL:PHR:2019:496Aangehaald in 9 uitspraken
Prejudiciële vraag (art. 392 Rv). Aardbevingsschade in Groningen. Gronden voor aansprakelijkheid. Verband tussen aansprakelijkheidsgrond en omvang schadevergoedingsverplichting (art. 6:177 BW; art. 6:162 BW; art. 6:98 BW). Exploitant als bedoeld in art. 6:177 lid 2 BW. Aansprakelijkheid overheid. Formele rechtskracht.…
- Strafrecht overigConclusie AG. Aanwezigheidsrecht. Ten onrechte verstek verleend en behandeling h.b. voortgezet? Verdachte is…
Parket bij de Hoge Raad|20 december 2022|ECLI:NL:PHR:2022:1177
hoger beroep is hierdoor het aanwezigheidsrecht van de verdachte als bedoeld in art. 6 lid 3 EVRM geschonden, hetgeen leidt tot nietigheid van het bestreden arrest, aldus de steller van het middel … Hiermee heeft het hof het aanwezigheidsrecht van de verdachte op grond van art. 6 lid 3 EVRM geschonden, hetgeen leidt tot nietigheid van het bestreden arrest, aldus de steller van het middel
- Strafrecht overigJeugdzaak. Ontvankelijkheid OM in de vervolging. Art. 31.1 Vluchtelingenverdrag. De HR geeft voorafgaande…
Parket bij de Hoge Raad|6 november 2012|ECLI:NL:PHR:2012:BW9266
Albanië heeft te vrezen voor vervolging dan wel een behandeling die strijdig is met artikel 3 EVRM. Strafvervolging voor het feit dat verdachte zich door middel van vervalst document toegang heeft verschaft … door de advocaat aangevoerde niets wat het hof zou nopen tot een specifieke, op artikel 3 EVRM toegespitste motivering zoals het middel wil. Hetzelfde geldt voor de verwijzing naar de bepalingen over
- Civiel recht overigBOPZ. Afwijzing verzoek tot vermelding dat de kosten van het verblijf en de verzorging van betrokkene in een…
Parket bij de Hoge Raad|25 april 2008|ECLI:NL:PHR:2008:BD0452
psychiatrisch ziekenhuis een onmenselijke of vernederende behandeling is die in strijd is met art. 3 EVRM. 2.12. Tot 1 januari 2008 kwamen de kosten van de opneming en het verblijf … niet worden aangemerkt als een onmenselijke of vernederende behandeling van betrokkene als bedoeld in art. 3 EVRM. 2.15. Voor het overige ontbreekt iedere wettelijke basis voor de door de raadsman verzochte vaststelling
- Strafrecht overigConclusie · Parket bij de Hoge Raad · Strafrecht overig
Parket bij de Hoge Raad|4 december 2001|ECLI:NL:PHR:2001:AD5155
heeft erkend(4), dan wel b) een gemotiveerd verweer wordt gevoerd omtrent schending van art. 3 EVRM aangezien die bepaling derogeert aan een uit enig uitleveringsverdrag voortvloeiende uitleveringsverplichting(5). Het voorenstaande geldt … casu verweer is gevoerd - ziet op het bijzondere ius cogens rond de in art. 3 EVRM neergelegde vrijwaring van marteling.(10) 3.4. Zuiver ten overvloede nog het volgende. De stelling
- Strafrecht overigConclusie AG. In vereniging plegen van diefstal d.m.v. verbreking (art. 311 Sr). Post-Keskin. Hof heeft aan…
Parket bij de Hoge Raad|24 juni 2025|ECLI:NL:PHR:2025:714
Conclusie AG. In vereniging plegen van diefstal d.m.v. verbreking (art. 311 Sr). Post-Keskin. Hof heeft aan afwijzing voorwaardelijk verzoek tot het horen verbalisanten als getuigen ten grondslag gelegd dat verdediging ongemotiveerd is teruggekomen op een eerder door haar ingenomen standpunt dat er geen…
- Strafrecht overigRechtsbijstand m.b.t. het politieverhoor (Salduz-verweer). De HR herhaalt de toepasselijke overwegingen uit…
Parket bij de Hoge Raad|21 december 2010|ECLI:NL:PHR:2010:BN9293
zich tevergeefs tot het Russische Hooggerechtshof. Het EHRM concludeerde dat niet kon blijken dat artikel 3 EVRM ten aanzien van Sharkunov of ten aanzien van Mezentsev was geschonden. Ook de klacht
- Strafrecht overigConclusie · Parket bij de Hoge Raad · Strafrecht overig
Parket bij de Hoge Raad|27 juni 1995|ECLI:NL:PHR:1995:AC0054
dien aard dat het hof haar had moeten opvatten als een beroep op art. 3 EVRM en art. 7 IVBPR. Daarbij moet worden aangetekend dat de raadsman de grenzen der humaniteit … alleen inhumaan zijn, maar — onder omstandigheden — ook in strijd komen met het verbod van art. 3 EVRM om iemand te onderwerpen aan een onmenselijke bestraffing. Vgl. Van Dijk-Van Hoof, De europese
- InsolventierechtWSNP, tussentijdse beëindiging van toepassing van schuldsaneringsregeling op grond van art. 350 lid 3, aanhef…
Parket bij de Hoge Raad|1 september 2006|ECLI:NL:PHR:2006:AW6233
EVRM in ieder geval(11) en de art. 2 en 3 EVRM mogelijk(12) van openbare orde zijn, een beroep op deze bepalingen dat voor het eerst in cassatie wordt gedaan slechts … leven in de zin van art. 2 EVRM(14), noch voor de toepassing van art. 3 EVRM, waarin wordt bepaald dat niemand aan folteringen, onmenselijke(15) of vernederende(16) behandelingen of bestraffingen
Zoektips
Een ECLI (ook kort, zoals HR:2020:2020), LJN of vindplaats (NJ 2019/123) opent direct de uitspraak. Gebruik aanhalingstekens voor een exacte woordgroep (“ontslag op staande voet”), OR voor alternatieven (huur OR pacht), een sterretje voor woorddelen (huur* vindt ook huurder) en een minteken om een woord uit te sluiten.