Zoekresultaten

Voor “"326 Sr"”

Naar resultaten Uitgebreid zoeken

279 uitspraken gevonden

Sorteer op: Relevantie
  • Strafrecht overig
    Oplichting door zich bij de verkoop van een snorfiets in strijd met de waarheid voor te doen als de…

    Parket bij de Hoge Raad10 oktober 2017ECLI:NL:PHR:2017:1295

    concreet geval sprake is van oplichting in de zin van art. 326 Sr, met name wanneer er sprake is van de daarvoor vereiste specifiek aangeduide oplichtingsmiddelen. Daarbij heeft de Hoge Raad voorop … civielrechtelijke zin binnen het bereik van het strafrecht te brengen. De verschillende in art. 326 Sr opgenomen oplichtingsmiddelen – het aannemen van een valse naam of van een valse hoedanigheid, het gebruik

  • Strafrecht overig
    Conclusie · Parket bij de Hoge Raad · Strafrecht overig

    Parket bij de Hoge Raad6 mei 2003ECLI:NL:PHR:2003:AF6599

    omschrijving van de feiten het hanteren van één van de oplichtingsmiddelen als bedoeld in artikel 326 Sr niet kan blijken. Duidelijk is wel dat de betreffende Zweedse strafbepaling aanzienlijk ruimer … artikel 326 Sr. Dat enkele feit neemt uiteraard niet weg dat feiten waarvoor uitlevering wordt gevraagd naar Nederlands recht binnen het bereik van artikel 326 Sr kunnen vallen. Beslissend is immers, zoals

  • Strafrecht overig
    Slagende bewijsklacht medeplegen. Conclusie AG: anders (verbeterd lezen).

    Parket bij de Hoge Raad20 augustus 2013ECLI:NL:PHR:2013:896

    minder snel sprake van het aannemen van een valse hoedanigheid in de zin van art. 326 Sr. Is het daarentegen in het maatschappelijk verkeer gebruikelijk dat men op basis van goed vertrouwen … Hofs daarop gebaseerde oordeel dat verdachte een “valse hoedanigheid” in de zin van art. 326 Sr heeft aangenomen en dat sprake was van een “samenweefsel van verdichtsels”, acht ik niet onbegrijpelijk

  • Strafrecht overig
    Beslissing tot betaling van wettelijke rente over de toegekende bedragen aan schadevergoeding van de bp-en…

    Parket bij de Hoge Raad16 september 2014ECLI:NL:PHR:2014:2083

    Beslissing tot betaling van wettelijke rente over de toegekende bedragen aan schadevergoeding van de bp-en. V.zv. de klacht de vorderingen betreft van de bp-en A, B en C, is het middel terecht voorgesteld, nu uit de voegingsformulieren op naam van deze bp-en niet blijkt dat zij vergoeding van wettelijke rente hebben…

  • Strafrecht overig
    Conclusie · Parket bij de Hoge Raad · Strafrecht overig

    Parket bij de Hoge Raad26 juni 2012ECLI:NL:PHR:2012:BX0590

    middel klaagt dat de bewezenverklaring van feit 3 getuigt van een onjuiste rechtsopvatting omtrent art. 326 Sr, doordat het hof een uitbreiding van een bestaande kredietfaciliteit heeft begrepen als het aangaan … Rabobank Liemersepoort tot stand is gekomen onstond nog geen schuld als bedoeld in art. 326 Sr, doch slechts een toekomstige vordering. Een schuld in de zin van genoemd artikel ziet

  • Strafrecht overig
    De OvJ moet in uitleveringszaken ingevolge art. 31 lid 3 UW binnen een maand na instellen van cassatie op…

    Parket bij de Hoge Raad13 januari 2004ECLI:NL:PHR:2004:AI0049

    feiten naar Nederlands recht strafbaar zouden zijn op grond van de art. 225 Sr, art. 326 Sr en art. 140 Sr. 9. Uit de overgelegde stukken blijkt verder dat naar het recht … uitleveringsverzoek genoemde feiten onder vermelding van als toepasselijke wettelijke bepalingen art. 225 Sr, art. 326 Sr en art. 140 Sr, alsmede art. 2 en 11 BUV. De Procureur-Generaal bij de Hoge

  • Strafrecht overig
    Conclusie AG. Oplichting. Is sprake van oplichting als de oplichtingsmiddelen niet rechtstreeks worden…

    Parket bij de Hoge Raad9 juli 2019ECLI:NL:PHR:2019:755

    derde. De Hoge Raad heeft deze vraag in 1922 als volgt beantwoord : “O. (…) dat artikel 326 Sr. strafbaar stelt onder meer het met het daarbij vermelde oogmerk iemand door listige kunstgrepen bewegen … verwees de Hoge Raad naar zijn uitspraak uit 1968 en oordeelde hij dat “art. 326 Sr vervolging en bestraffing mogelijk maakt van indirecte, door middel van of met behulp van een niet

  • Strafrecht overig
    Conclusie plv. AG. Vervolgingsuitlevering van Iraniër aan de V.S. t.z.v. overtreding Amerikaanse…

    Parket bij de Hoge Raad18 februari 2020ECLI:NL:PHR:2020:156

    Conclusie plv. AG. Vervolgingsuitlevering van Iraniër aan de V.S. t.z.v. overtreding Amerikaanse sanctiewetgeving m.b.t. uitvoer van "dual-use" goederen naar Iran. Middelen over de genoegzaamheid van het overgelegde bewijsmateriaal, de vereiste dubbele strafbaarheid en beroep op politiek delict-exceptie ex art. 11 Uw…

  • Strafrecht overig
    Conclusie AG. Betaalverzoekfraude. O.a. medeplegen van computervredebreuk, meermalen gepleegd en oplichting…

    Parket bij de Hoge Raad19 november 2024ECLI:NL:PHR:2024:1233

    Conclusie AG. Betaalverzoekfraude. O.a. medeplegen van computervredebreuk, meermalen gepleegd en oplichting, meermalen gepleegd. M1-4: bewijsklachten. M5: inzendtermijn in cassatie. Ambtshalve: overschrijding redelijke termijn in cassatie. Conclusie strekt tot vernietiging en terugwijzing, maar uitsluitend wat betreft…

  • Strafrecht overig
    Conclusie A-G. Oplichting door middel van valse hoedanigheid. Het tweede middel stelt de vraag aan de orde of…

    Parket bij de Hoge Raad29 januari 2019ECLI:NL:PHR:2019:76

    vraag of in een concreet geval sprake is van oplichting in de zin van art. 326 Sr. Ten eerste is van belang dat niet iedere vorm van bedrog en ook niet elke … civielrechtelijke toerekenbare tekortkoming een strafbare oplichting opleveren. De verschillende in art. 326 Sr opgenomen oplichtingsmiddelen hebben daarom als gemeenschappelijk kenmerk dat de verdachte door een specifieke, voldoende ernstige vorm van bedrieglijk handelen

  • Strafrecht overig
    Conclusie · Parket bij de Hoge Raad · Strafrecht overig

    Parket bij de Hoge Raad2 november 1999ECLI:NL:PHR:1999:AA3838

    hetzelfde feit sprake was nu de strekking van art. 225 Sr en die van art. 326 Sr te weten; bevordering van betrouwbaarheid van zekere mededelingen in het maatschappelijk verkeer, niet verschillen … Raad een verschillende strekking had aangenomen. Art. 225 Sr dient immers de Afides publica@, art. 326 Sr het particuliere vermogen tegen bedrieglijke aantastingen. Ik neem aan dat de Hoge Raad hier

  • Strafrecht overig
    OM-cassatie. 1. “In strijd met zijn plicht” ex art. 363 Sr. 2. Poging tot oplichting. Een milieu-inspecteur…

    Parket bij de Hoge Raad26 juni 2007ECLI:NL:PHR:2007:AZ6180

    meer en meest subsidiair tenlastegelegde heeft vrijgesproken op basis van een onjuiste interpretatie van art. 326 Sr, althans art. 45 jo art. 326 Sr. 17. In de toelichting op het middel wordt … handelen van verdachte wordt gekwalificeerd als poging tot oplichting (zie NLR aantek. 2 bij art. 326 Sr). 23. Nu uit de overweging van het Hof blijkt dat het Hof heeft geoordeeld

  • Strafrecht overig
    Conclusie · Parket bij de Hoge Raad · Strafrecht overig

    Parket bij de Hoge Raad8 september 2015ECLI:NL:PHR:2015:2100

    meerdere adressen opgeven is onvoldoende om de bedrieglijke handelingen te kunnen aannemen die artikel 326 Sr verlangt. Anders zou iedereen die in de taxi stapt en daarna tot ontdekking komt geen geld … minder snel sprake van het aannemen van een valse hoedanigheid in de zin van artikel 326 Sr. Is het daarentegen in het maatschappelijk verkeer gebruikelijk dat men op basis van goed vertrouwen

  • Strafrecht overig
    Marktplaatsoplichting. Slagende bewijsmotiveringklacht. Het aannemen van een valse hoedanigheid kan niet z.m…

    Parket bij de Hoge Raad3 maart 2015ECLI:NL:PHR:2015:478

    feiten 5 en 6 sprake is van oplichting in de zin van art. 326 Sr. Daartoe wordt aangevoerd dat (i) het enkele zich voordoen als bonafide verkoper niet het aannemen

  • Strafrecht overig
    Conclusie AG. Betaalverzoekfraude. O.a. computervredebreuk, meermalen gepleegd en oplichting, meermalen…

    Parket bij de Hoge Raad19 november 2024ECLI:NL:PHR:2024:1232

    over te maken. Van afgifte van geldbedragen door ING Bank in de zin van art. 326 Sr zou dan ook geen sprake zijn. 4.5 Bij de beoordeling van dit middel stel … volgende voorop. Het bestanddeel ‘afgifte van enig goed’ als bedoeld in art. 326 Sr wordt in de jurisprudentie ruim uitgelegd. Het goed moet uit de beschikkingsmacht van de ander raken. Onder afgifte

  • Verbintenissenrecht
    Art. 81 lid 1 RO. Vernietiging van echtscheidingsconvenant wegens bedrog. Waarde van aandelen in een…

    Parket bij de Hoge Raad15 mei 2020ECLI:NL:PHR:2020:487

    Art. 81 lid 1 RO. Vernietiging van echtscheidingsconvenant wegens bedrog. Waarde van aandelen in een windmolenproject.

  • Strafrecht overig
    Conclusie AG. Veroordeling voor o.m. (medeplegen van) oplichting, meermalen gepleegd. Uos-klachten, art…

    Parket bij de Hoge Raad15 februari 2022ECLI:NL:PHR:2022:142

    mening dat geen sprake is van oplichting in de zin van art. 326 sr en subsidiair dat geen sprake is van een geldbedrag dat hij anders dan door misdrijf onder zich … niet het geval. Ik haal uit het vonnis dat oplichting als bedoeld in artikel 326 Sr niet aan de orde is als het slachtoffer, gelet op alle omstandigheden van het geval

  • Strafrecht overig
    Vordering wijziging tll. Art. 313 Sv. Art. 257f.3 Sv. Art. 68 Sr. ’s Hofs oordeel geeft – gelet op de…

    Parket bij de Hoge Raad15 september 2015ECLI:NL:PHR:2015:2236

    Vordering wijziging tll. Art. 313 Sv. Art. 257f.3 Sv. Art. 68 Sr

  • Strafrecht overig
    Bedreiging met enig misdrijf tegen het leven gericht. Het Hof heeft bewezenverklaard dat verdachte tezamen en…

    Parket bij de Hoge Raad25 januari 2011ECLI:NL:PHR:2011:BP1834

    maakt weer dat de vraag van belang is voor de onderlinge verhouding van oplichting (art. 326 Sr) en afpersing (art. 317 Sr). Als de dader het slachtoffer geld of gegevens ontfutselt door

  • Strafrecht overig
    Vordering wijziging tll. Art. 313 Sv. Art. 257f.3 Sv. Art. 68 Sr. ’s Hofs oordeel geeft – gelet op de…

    Parket bij de Hoge Raad15 september 2015ECLI:NL:PHR:2015:2235

    Vordering wijziging tll. Art. 313 Sv. Art. 257f.3 Sv. Art. 68 Sr

Zoektips

Een ECLI (ook kort, zoals HR:2020:2020), LJN of vindplaats (NJ 2019/123) opent direct de uitspraak. Gebruik aanhalingstekens voor een exacte woordgroep (“ontslag op staande voet”), OR voor alternatieven (huur OR pacht), een sterretje voor woorddelen (huur* vindt ook huurder) en een minteken om een woord uit te sluiten.