519 uitspraken gevonden
Sorteer op: Relevantie
- Strafrecht overigOntvankelijkheid. Conversie. Pr heeft verdachte vrijgesproken en onttrekking aan het verkeer van in beslag…
Parket bij de Hoge Raad|14 december 2010|ECLI:NL:PHR:2010:BM9420
strafbaar feit is begaan en kennelijk op grond van art. 36b lid 1 onder 3 Sr onttrekking aan het verkeer van zeven kentekenbewijzen en drie auto's opgelegd. - Op 4 december … onjuiste rechtsopvatting. Voor onttrekking aan het verkeer op grond van art. 36b lid onder 3 Sr is niet meer vereist dan dat bij de rechterlijke uitspraak waarbij de maatregel wordt opgelegd
- Strafrecht overigGrondslagverlating. Art. 311 Sr. De kwalificatie vindt niet haar grondslag in de bewezenverklaring. Daarover…
Parket bij de Hoge Raad|13 januari 2015|ECLI:NL:PHR:2015:205
richt terecht zijn pijlen op het ontbreken van de aan art. 311, eerste lid, sub 3 Sr ontleende woorden “zich aldaar buiten weten of tegen de wil van de rechthebbende bevindt … Vellinga - levert het bewezenverklaarde niet een vorm op van in art. 311, eerste lid onder 3, Sr strafbaar gestelde vorm van gekwalificeerde diefstal. Het bewezenverklaarde levert echter wel een vorm
- Strafrecht overigConclusie AG. Onttrekking aan het verkeer van hond. Nu verdachte is vrijgesproken en bestreden uitspraak…
Parket bij de Hoge Raad|21 mei 2024|ECLI:NL:PHR:2024:484
opsporing daarvan.” 8. De volgende wettelijke bepalingen zijn van belang. - Art. 36b lid 1 onder 3° Sr: “1. Onttrekking aan het verkeer van in beslag genomen voorwerpen kan worden uitgesproken: [...] 3 … onttrekking aan het verkeer bij een vrijspraak op grond van art. 36b lid 1 onder 3° Sr slechts kan worden uitgesproken als in de uitspraak wordt vastgesteld dat een strafbaar feit
- Strafrecht overigConclusie AG. Vordering tot onttrekking aan het verkeer ex art. 36b lid 1 onder 4° Sr jo. art. 552f Sv van…
Parket bij de Hoge Raad|16 januari 2024|ECLI:NL:PHR:2024:24
verzoek tot toekenning van een geldelijke compensatie als bedoeld in art. 33c lid 2 en 3 Sr, in verbinding met art. 36b lid 2 Sr. 2 De procesgang 2.1 Uit de stukken … ontvankelijk is in de vordering. Ingevolge het bepaalde in artikel 36c onder 2 en onder 3 Sr zijn vatbaar voor onttrekking aan het verkeer alle voorwerpen met betrekking tot welke het feit
- Strafrecht overigConclusie P-G over voorhanden hebben van vuurwapens en munitie. De zeventienjarige verdachte is na haar komst…
Parket bij de Hoge Raad|5 november 2019|ECLI:NL:PHR:2019:1109Aangehaald in 5 uitspraken
Conclusie P-G over voorhanden hebben van vuurwapens en munitie. De zeventienjarige verdachte is na haar komst om twee uur 's nachts aldaar enkele uren later bij een doorzoeking aanwezig in de slaapkamer van de bewoner waar de hem toebehorende wapens met munitie zich bevinden. Bewijs dat zij de wapens heeft aangeraakt.…
- Strafrecht overigConclusie AG. Belaging. Falende middelen over (1) bewezenverklaring stelselmatige inbreuk op persoonlijke…
Parket bij de Hoge Raad|12 november 2024|ECLI:NL:PHR:2024:1213
Hoge Raad heeft vervolgens in die zaak overwogen: “2.4.1 Op grond van artikel 38v lid 3 Sr kan de rechter aan een verdachte voor een periode van ten hoogste vijf jaren … klaagt onder meer dat het hof de in artikel 38v lid 2 en 38w lid 3 Sr bedoelde maximumduur van de vrijheidsbeperkende maatregel en de daaraan verbonden vervangende hechtenis niet in acht
- Strafrecht overigDoodslag op 88-jarige vrouw in verzorgingshuis te Meppel door een destijds 18-jarige verdachte. Conclusie AG…
Parket bij de Hoge Raad|14 juni 2016|ECLI:NL:PHR:2016:589
Hoge Raad der Nederlanden AG ECLI:NL:GHARL:2015:8524. In art. 37a lid 3 Sr zijn art. 37 lid 2 en 3 Sr van overeenkomstige toepassing verklaard. Onder verwijzing naar Kamerstukken
- Strafrecht overigConclusie AG. Beklag derde belanghebbenden tegen transactie betrekking hebbende op hun toekomende in beslag…
Parket bij de Hoge Raad|16 januari 2024|ECLI:NL:PHR:2024:53
aanhef en onder a en b en lid 3 Sr: “1 De officier van justitie kan voor de aanvang van de terechtzitting een of meer voorwaarden stellen ter voorkoming van de strafvervolging … rechthebbende stellen te zijn op de in beslag genomen voorwerpen, conform art. 74 lid 3 Sr schriftelijk mededeling heeft gedaan van de transactie. 3.8 Het oordeel van de rechtbank dat de klagers
- Strafrecht overigArt. 15 Sr. Strafoplegging. Voorwaardelijke invrijheidstelling. ’s Hofs oordeel komt er op neer dat als…
Parket bij de Hoge Raad|25 januari 2011|ECLI:NL:PHR:2011:BO6325
ongetwijfeld dat voorwaardelijke invrijheidstelling niet wordt toegepast op deels voorwaardelijke vrijheidsstraffen (art. 15 lid 3 Sr (thans alweer: oud)). Een tweede wijziging betreft de omvang van de met invrijheidstelling gepaard gaande korting … zoals gezegd vrij. Daartoe heeft het hof onder verwijzing naar art. 15 lid 2 en 3 Sr met zoveel woorden overwogen dat de veroordeelde tot een tijdelijke onvoorwaardelijke gevangenisstraf voorwaardelijk in vrijheid
- Strafrecht overigConclusie AG over de toewijzing van de vordering tot herroeping van de voorwaardelijke invrijheidsstelling…
Parket bij de Hoge Raad|3 januari 2017|ECLI:NL:PHR:2017:63
constatering dat de algemene voorwaarde niet is nageleefd. De toepassing van art. 15j lid 3 Sr behoeft uiteraard ook wel enige motivering, maar net als bij de v.v. is meer … benoemen heeft het hof voldaan aan de motiveringsplicht zoals bedoeld in art. 15j lid 3 Sr. Tot een nadere motivering was het hof niet gehouden. In de overwegingen van het hof ligt
- Strafrecht overigZaak verjaard, art 70 Sr. HR verklaart OvJ alsnog n-o.
Parket bij de Hoge Raad|26 mei 2015|ECLI:NL:PHR:2015:1296
gevangenisstraf van ten hoogste zes jaren. Ingevolge art. 70, eerste lid, aanhef en onder 3°, Sr bedraagt de verjaringstermijn voor dit feit twaalf jaren, terwijl deze termijn ingevolge art. 71 Sr aanvangt … vervolging is verricht. Dit betekent dat de in art. 70, eerste lid, aanhef en onder 3°, Sr bepaalde termijn van verjaring van twaalf jaren is verstreken. Het recht tot strafvordering
- Strafrecht overigWederrechtelijke vrijheidsberoving, art. 282 Sr. Ten laste van verdachte is bewezenverklaard dat hij…
Parket bij de Hoge Raad|20 november 2012|ECLI:NL:PHR:2012:BX5468
beide artikelen opgenomen dat art. 81 buiten toepassing blijft.(2) Zie art. 141 lid 3 Sr en art. 381 lid 3 Sr. De conclusie moet welhaast zijn dat de wetgever het bewusteloos
- Strafrecht overigWeigering medewerking te verlenen ex art. 37.2 jo. 37.3 Sr. HR verwerpt klacht onder verwijzing naar…
Parket bij de Hoge Raad|13 september 2005|ECLI:NL:PHR:2005:AT7310
Yorks." De steller van het middel neemt het standpunt in dat art. 37 lid 3 Sr niet van toepassing is op een verdachte die niet meewerkt aan een onderzoek door deskundigen … rechter heeft aangewezen, maar wel aan onderzoek door andere deskundigen. Dan zou art. 37 lid 3 Sr op verdachte niet van toepassing zijn. 3.2. Ik kan dat standpunt niet onderschrijven
- Strafrecht overigConclusie AG. Profijtontneming. Falende motiveringsklacht over de afwijzing van het aanhoudingsverzoek…
Parket bij de Hoge Raad|5 juli 2022|ECLI:NL:PHR:2022:665
opgelegde maatregel eveneens had kunnen enten op andere in artikel 36e lid 2 of 3 Sr opgenomen gronden voor ontneming en in de bestreden uitspraak besloten ligt dat de daarvoor geldende toepassingsvoorwaarden … hier genoemde) de Hoge Raad weliswaar de mogelijke toepassing van zowel art. 36e lid 3 Sr als art. 36e lid 2 Sr op houdbaarheid toetste, maar vervolgens casseerde op de omstandigheid
- Strafrecht overigConclusie AG. Profijtontneming. Geerings-problematiek. Klacht dat het hof het w.v.v. deels heeft gebaseerd op…
Parket bij de Hoge Raad|5 april 2022|ECLI:NL:PHR:2022:283
daarom verworpen.” 10. In deze overweging ligt besloten dat het hof de artikelen 36e lid 3 Sr en 36e lid 3 Sr (oud) ten grondslag heeft gelegd aan de ontneming
- Strafrecht overigConclusie plv. AG. Middel over de opgelegde termijn van een vrijheidsbeperkende maatregel (38v Sr) nadat…
Parket bij de Hoge Raad|9 april 2024|ECLI:NL:PHR:2024:315
zijn met de maximale termijn van vijf jaar die de wet stelt (art. 38v lid 3 Sr). Geklaagd wordt niet over een soortgelijke cumulatie van de aan de maatregel verbonden vervangende hechtenis … heeft de Hoge Raad als volgt overwogen: “2.4.1 Op grond van artikel 38v lid 3 Sr kan de rechter aan een verdachte voor een periode van ten hoogste vijf jaren een vrijheidsbeperkende
- Strafrecht overigConclusie AG. Profijtontneming, art. 36e lid 2 (oud) Sr. Eenvoudige kasopstelling. M1: falend middel over…
Parket bij de Hoge Raad|9 september 2025|ECLI:NL:PHR:2025:871
aanwijzingen” inhoudelijk op hetzelfde neerkomt als het begrip “aannemelijk” als bedoeld in art. 36e lid 3 Sr. 4.6 Uit de overwegingen van het hof blijkt voorts dat in deze zaak gebruik
- Strafrecht overigConclusie AG. Voorwaardelijke veroordeling en terminologie ‘voor het einde van de proeftijd’ (art. 14c lid 1…
Parket bij de Hoge Raad|23 mei 2023|ECLI:NL:PHR:2023:526
Sr gebaseerde bijzondere voorwaarden, als de van rechtswege gelden bijzondere voorwaarden van art. 14c lid 3 Sr. Hiermee zou het dictum – op die ene uitzondering na – in strijd zijn … ZC8211, NJ 1993/746, rov. 4.6 en voor de bijzondere voorwaarden van art. 14c lid 3 Sr uit de wettelijke terminologie ‘van rechtswege’. Alleen bij de eerste bijzondere voorwaarde is opgenomen
- Strafrecht overigISD-maatregel. De rechter die de ISD-maatregel oplegt, zal in de motivering van zijn beslissing ervan blijk…
Parket bij de Hoge Raad|25 september 2012|ECLI:NL:PHR:2012:BX5029
ervan heeft vergewist dat de voorwaarden genoemd in art. 38m lid 1, onder 2 en 3, Sr zijn vervuld. Het hof heeft niet overwogen dat aan alle in art. 38m Sr gestelde … woorden tot uitdrukking te brengen dat de in art. 38m lid 1 onder 2 en 3 Sr gestelde voorwaarden zijn vervuld. Ten aanzien van het vereiste als bedoeld
- Strafrecht overigConclusie AG over o.m. “als bedrijf uitoefenen” a.b.i. art. 337 Sr en het systeem van strafverzwarende…
Parket bij de Hoge Raad|16 juni 2009|ECLI:NL:PHR:2009:BI1424
bewezenverklaarde ingeval van medeplegen enkel kan kwalificeren op basis van art. 337 lid 3 Sr, indien bewezen is verklaard dat alle medeplegers (schuldigen) het plegen van het misdrijf als bedrijf hebben uitgeoefend … aanzien van de dader wie zij persoonlijk betreft (art. 50 Sr). Als art. 337 lid 3 Sr een objectieve strafverzwaringsgrond is, is voor toepassing ervan voldoende dat één van de medeplegers beroeps
Zoektips
Een ECLI (ook kort, zoals HR:2020:2020), LJN of vindplaats (NJ 2019/123) opent direct de uitspraak. Gebruik aanhalingstekens voor een exacte woordgroep (“ontslag op staande voet”), OR voor alternatieven (huur OR pacht), een sterretje voor woorddelen (huur* vindt ook huurder) en een minteken om een woord uit te sluiten.