Zoekresultaten

Voor “"1 Rv"”

Naar resultaten Uitgebreid zoeken

51 uitspraken gevonden

Sorteer op: Relevantie
  • Civiel recht overig
    Conclusie · Parket bij de Hoge Raad · Civiel recht overig

    Parket bij de Hoge Raad18 mei 2001ECLI:NL:PHR:2001:AB1694

    erven [A] in hun hoger beroep op grond van het appelverbod van art. 672 lid 1 Rv. 6. De notaris, [..], diende als belanghebbende eveneens een verweerschrift in. Hij verzocht de Rechtbank zijn … appeltermijn alsnog in beroep komen (r.o. 5.1.5). (c) Het appelverbod van art. 672 lid 1 Rv staat aan de ontvankelijkheid van het hoger beroep niet in de weg, aangezien de erven

  • Civiel recht overig
    Conclusie · Parket bij de Hoge Raad · Civiel recht overig

    Parket bij de Hoge Raad13 april 2001ECLI:NL:PHR:2001:AB1057

    eiser 1] als partijgetuige beperkte bewijskracht toekomt, zoals is bepaald in art. 213 lid 1 Rv., in strijd is met het in art. 6 EVRM gewaarborgde recht op een "fair trial". Waar … Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering, een bepaling als in het huidige art. 213 lid 1 Rv. is opgenomen, waarvoor de wetgever in de toelichting uitdrukkelijk als reden opgeeft dat een dergelijke bepaling

  • Civiel recht overig
    Conclusie · Parket bij de Hoge Raad · Civiel recht overig

    Parket bij de Hoge Raad30 november 2001ECLI:NL:PHR:2001:AD3953

    meebrengt dat hij ter zake tot geheimhouding verplicht is(8). Waar vervolgens art. 477 lid 1 Rv. bepaalt dat de derde-beslagene verplicht is de volgens deze verklaring verschuldigde geldsommen … Voor zover de beslaglegger zijn verklaring accepteert, dient de derde ingevolge art. 477 lid 1 Rv. hetgeen hij volgens die verklaring aan de debiteur is verschuldigd, af te dragen aan de deurwaarder

  • Civiel recht overig
    Conclusie · Parket bij de Hoge Raad · Civiel recht overig

    Parket bij de Hoge Raad13 april 2001ECLI:NL:PHR:2001:AB1075

    hierboven genoemde rechterlijke beschikkingen, zijn verzoekers in dit beroep niet-ontvankelijk. Art. 426a, lid 1, Rv schrijft voor, dat het verzoekschrift, houdende beroep in cassatie, wordt ondertekend door een advocaat … binnen de termijn van twee maanden na dagtekening van de beschikking (zie art. 426 lid 1 Rv). Uit de hierboven weergegeven feiten volgt, dat het cassatieberoep te laat is ingesteld. 2.2. Voor

  • Civiel recht overig
    Conclusie · Parket bij de Hoge Raad · Civiel recht overig

    Parket bij de Hoge Raad12 januari 2001ECLI:NL:PHR:2001:AA9433

    gericht tegen de verwerping door het hof van het beroep op art. 81 lid 1 Rv. Het betoogt dat het ervoor moet worden gehouden dat het vonnis aan de rechtspersoon bekend … alvorens een veroordeling definitief is.(7) 2.10 Wat betreft de verzettermijn bepaalt art. 81 lid 1 Rv. zakelijk weergegeven dat verzet moet worden gedaan binnen veertien dagen na betekening van het verstekvonnis

  • Civiel recht overig
    Conclusie · Parket bij de Hoge Raad · Civiel recht overig

    Parket bij de Hoge Raad21 december 2001ECLI:NL:PHR:2001:AB2780

    vonnis van de kantonrechter geen gezag van gewijsde toekomt. 2.2 Art. 67 lid 1 Rv. bepaalt dat beslissingen aangaande de rechtsbetrekking in geschil vervat in een in kracht van gewijsde gegaan vonnis … beslissing aangaande de rechtsbetrekking in geschil" als in art. 67 lid 1 Rv. bedoeld, is geen sprake ingeval de rechter het gevorderde niet toewijst op grond van zijn oordeel dat de door

  • Civiel recht overig
    Conclusie · Parket bij de Hoge Raad · Civiel recht overig

    Parket bij de Hoge Raad21 september 2001ECLI:NL:PHR:2001:ZC3651

    kunnen). 2.10 Het hof heeft in rechtsoverweging 2.15 toepassing gegeven aan art. 213 lid 1 Rv., welke toepassing volgens Uw Raad geen schending van art. 6 EVRM oplevert (HR 31 maart … wijze van procederen in eerste aanleg (26 855) was de afschaffing van art. 213 lid 1 Rv. voorgesteld. Op 27 maart 2001 werd echter het amendement van de leden Santi en Weekers

  • Civiel recht overig
    Conclusie · Parket bij de Hoge Raad · Civiel recht overig

    Parket bij de Hoge Raad7 september 2001ECLI:NL:PHR:2001:AB2555

    april 199215 de twaalfde titel van boek 1, Rv niet van toepassing is verklaard op gedingen met betrekking tot terugvordering van kosten van bijstand. Daarom stond het de gemeente, aldus … grond van art. 429d, lid 3, Rv. (en die voortvloeiend uit art. 429h, lid 1, Rv.) in de desbetreffende periode ook toepassing vond op een gemeente die bijstand voor de burgerlijke rechter

  • Civiel recht overig
    Conclusie · Parket bij de Hoge Raad · Civiel recht overig

    Parket bij de Hoge Raad2 maart 2001ECLI:NL:PHR:2001:AB0383

    Rv.(21), tijdens zittingen het woord voeren en, op grond van art. 429h, lid 1, Rv, met toestemming van de rechter, tijdens de mondelinge behandeling een verweerschrift overhandigen aan verzoeker … 429d, lid 3 Rv. niet van openbare orde is(29). Anders dan art. 133, lid 1, Rv., dat bepaalt dat de eiser in een rechtbankprocedure verplicht is in het dagvaardingsexploot procureur

  • Civiel recht overig
    Conclusie · Parket bij de Hoge Raad · Civiel recht overig

    Parket bij de Hoge Raad11 mei 2001ECLI:NL:PHR:2001:AB1559

    vermelding van de datum waarop het exploit is gedaan (art. 5 lid 1 sub 1 Rv) voorgeschreven op straffe van nietigheid (art. 91 lid 1 Rv), maar nu [verweerder] is verschenen

  • Civiel recht overig
    Conclusie · Parket bij de Hoge Raad · Civiel recht overig

    Parket bij de Hoge Raad10 augustus 2001ECLI:NL:PHR:2001:ZC3655

    Rekestnummer R99/198 Mr Bakels Parket, 4 mei 2001 Conclusie inzake DOMARO INTERNATIONAL N.V. tegen 1. [Verweerder 1] 2. [Verweerster 2] Edelhoogachtbaar college, 1. Feiten en procesverloop 1.1 Het gaat in deze Antilliaanse zaak in cassatie voornamelijk om de vraag of de beslissing van het gemeenschappelijk hof om de…

  • Civiel recht overig
    Conclusie · Parket bij de Hoge Raad · Civiel recht overig

    Parket bij de Hoge Raad14 december 2001ECLI:NL:PHR:2001:AD3993

    beantwoorden. Ik zie twee verschillen tussen enerzijds de situatie waarin vóór (art. 227 lid 1 Rv) of tijdens het hoofdgeding (art. 227 lid 2 Rv) een verzoekschrift tot het houden … vaak doen, in verband met de bewijskracht: art. 219 lid 1; art. 232 lid 1 Rv), maar behoeft dit niet te doen. Zou de rechter verplicht worden in het hoofdgeding

  • Civiel recht overig
    Conclusie · Parket bij de Hoge Raad · Civiel recht overig

    Parket bij de Hoge Raad14 december 2001ECLI:NL:PHR:2001:AD4933

    omgezet een "fixed charge", een rangregeling kan verzoeken als bedoeld in art. 481 lid 1 Rv. Bij genoemde beschikking vernietigde de Hoge Raad in het principaal cassatieberoep de beschikking d.d. 21 oktober … toepassing. Voor het onderhavige geval bepaalt art. 480 leden 1 en 2 jo. 481 lid 1 Rv dat de hiervoor genoemde bevoegdheid toekomt aan schuldeisers die op de goederen

  • Civiel recht overig
    Conclusie · Parket bij de Hoge Raad · Civiel recht overig

    Parket bij de Hoge Raad30 maart 2001ECLI:NL:PHR:2001:AB0802

    Procureur-Generaal bij de Hoge Raad der Nederlanden, Advocaat-Generaal 1 Art. 253 lid 1 Rv.; zie voorts o.m. Snijders/Wendels, Civiel appel

  • Civiel recht overig
    Conclusie · Parket bij de Hoge Raad · Civiel recht overig

    Parket bij de Hoge Raad23 november 2001ECLI:NL:PHR:2001:AD3980

    september 2001. Het exploit voldoet niet aan de eisen die ingevolge art. 92 lid 1 Rv aan een herstelexploit moeten worden gesteld, aangezien het niet is uitgebracht voor de dienende dag. Bovendien

  • Strafrecht overig
    Conclusie · Parket bij de Hoge Raad · Strafrecht overig

    Parket bij de Hoge Raad20 maart 2001ECLI:NL:PHR:2001:ZD2140

    door een benadeelde partij in een strafzaak. 11. Ingevolge het bepaalde in art. 56 lid 1 Rv wordt de partij die in het ongelijk wordt gesteld, veroordeeld in de kosten. Indien

  • Personen- en familierecht
    Conclusie · Parket bij de Hoge Raad · Personen- en familierecht

    Parket bij de Hoge Raad23 februari 2001ECLI:NL:PHR:2001:AB0201

    gaat om verzoeken tot het treffen van nevenvoorzieningen in de zin van art. 827 lid 1 Rv. Uw Raad heeft beslist (7 april 2000, NJ 2000, 377) dat dergelijke verzoeken

  • Civiel recht overig
    Conclusie · Parket bij de Hoge Raad · Civiel recht overig

    Parket bij de Hoge Raad13 juli 2001ECLI:NL:PHR:2001:AB2565

    1, lid 1, van de Cassatieregeling voor de Nederlandse Antillen, in samenhang met 426a, lid 1, Rv. (art. 407, lid 3, Rv.), vereist, ondertekend door een advocaat bij de Hoge Raad(1

  • Civiel recht overig
    Conclusie · Parket bij de Hoge Raad · Civiel recht overig

    Parket bij de Hoge Raad26 januari 2001ECLI:NL:PHR:2001:AA9667

    wanneer wordt uitgegaan van de termijn van twee maanden voor rekestprocedures (art. 426 lid 1 Rv). Zie hierover nader: alinea 2.4. 3 Het cassatieverzoekschrift vermeldt dat [verzoeker] te dezer zake tevens

  • Personen- en familierecht
    Conclusie · Parket bij de Hoge Raad · Personen- en familierecht

    Parket bij de Hoge Raad5 oktober 2001ECLI:NL:PHR:2001:ZC3694

    vrouw en betoogt dat deze kostenveroordeling strijdig is met de grondslag van art. 56 lid 1 Rv. 2.3 Deze rechtsklacht faalt. Het gaat in deze zaak om een proceskostenveroordeling in een verzoekschriftprocedure

Zoektips

Een ECLI (ook kort, zoals HR:2020:2020), LJN of vindplaats (NJ 2019/123) opent direct de uitspraak. Gebruik aanhalingstekens voor een exacte woordgroep (“ontslag op staande voet”), OR voor alternatieven (huur OR pacht), een sterretje voor woorddelen (huur* vindt ook huurder) en een minteken om een woord uit te sluiten.