Zoekresultaten

Voor “"1 Rv"”

Naar resultaten Uitgebreid zoeken

76 uitspraken gevonden

Sorteer op: Relevantie
  • Civiel recht overig
    17 januari 2003 Eerste Kamer Nr. C02/273HR RM Hoge Raad der Nederlanden Arrest in de zaak van: [Eiseres]…

    Parket bij de Hoge Raad17 januari 2003ECLI:NL:PHR:2003:AF1568

    heeft [eiseres] de cassatiedagvaarding op 29 juli 2002 op de voet van art. 63 lid 1 Rv aan het kantoor van de procureur van verweerders in de vorige instantie, te weten … Betekening van de cassatiedagvaarding aan [verweerster 1] dient op grond van art. 56 lid 1 Rv met inachtneming van het tweede tot en met het vierde lid van dat artikel te geschieden

  • Civiel recht overig
    Enquêterecht. Belanghebbende in de zin van art. 282 lid 1 Rv.

    Parket bij de Hoge Raad21 maart 2003ECLI:NL:PHR:2003:AF9440

    Enquêterecht. Belanghebbende in de zin van art. 282 lid 1 Rv. R02/078 (OK 106) mr. E.M. Wesseling-van Gent Parket, 21 maart 2003 Conclusie inzake: [verzoeker tot cassatie] tegen [verweerder in cassatie … onrechte MeesPierson Trust heeft aangemerkt als belanghebbende in de zin van art. 282 lid 1 Rv., haar heeft toegelaten een verweerschrift in te dienen, haar advocaat het woord heeft laten voeren tijdens

  • Civiel recht overig
    Conclusie · Parket bij de Hoge Raad · Civiel recht overig

    Parket bij de Hoge Raad4 april 2003ECLI:NL:PHR:2003:AF2828

    Rolnr. C01/149 HR mr. E.M. Wesseling-van Gent Zitting: 10 januari 2003 Conclusie inzake: [verzoeker=eiser] tegen 1. Gemeente Leidschendam 2. Ontwikkelingsbedrijf Leidschenveen C.V. 1. Feiten(1) en procesverloop 1.1 Verzoeker tot cassatie, [eiser], is tot 11 november 1996 samen met twee andere erfgenamen van…

  • Civiel recht overig
    14 november 2003 Eerste Kamer Nr. C02/172HR JMH/AT Hoge Raad der Nederlanden Arrest in de zaak van…

    Parket bij de Hoge Raad14 november 2003ECLI:NL:PHR:2003:AM2311

    door een partij-getuige afgelegde verklaring, terwijl niet geldt de in art. 213 lid 1 Rv neergelegde regel dat hetgeen door een partij-getuige is verklaard geen bewijs te haren voordele … 1] te weigeren. Deze klacht miskent dat de bevoegdheid op grond van art. 202 lid 1 Rv (oud) een discretionaire bevoegdheid is. De beslissing tot het instellen van een rogatoire commissie

  • Civiel recht overig
    Conclusie · Parket bij de Hoge Raad · Civiel recht overig

    Parket bij de Hoge Raad9 mei 2003ECLI:NL:PHR:2003:AF4606

    grondslag van de ingestelde vordering tot rekest-civiel is bedrog of arglist (art. 382 sub 1 Rv. (oud) Dit bedrog of deze arglist bestaat volgens [eiser] uit het voorwendsel van de Provincie … uitspraak is ontdekt"(17). Een en ander volgt ook uit art. 382 aanhef en onder 1 Rv. (oud). Nu onder het oude recht een samenloop van appel en rekest-civiel niet mogelijk

  • Personen- en familierecht
    28 november 2003 Eerste Kamer Rek.nr. R03/009HR JMH Hoge Raad der Nederlanden Beschikking in de zaak van: [De…

    Parket bij de Hoge Raad28 november 2003ECLI:NL:PHR:2003:AN8489

    heeft gegeven van een onjuiste rechtsopvatting ten aanzien van het bepaalde in art. 806 lid 1 Rv. Het onderhavige geval kenmerkt zich doordat (i) de rechtbank in strijd met het bepaalde … uitgesproken en (ii) de griffier van de rechtbank voorts in strijd met art. 805 lid 1 Rv heeft verzuimd onverwijld een afschrift van de beschikking aan de verschenen belanghebbende (in casu

  • Civiel recht overig
    Conclusie · Parket bij de Hoge Raad · Civiel recht overig

    Parket bij de Hoge Raad2 mei 2003ECLI:NL:PHR:2003:AF3431

    akten bepaalde onder het hier toepasselijke, vóór 1 januari 2002 geldende recht artikel 347 lid 1 Rv. (oud) - in aansluiting op art. 353 - dat in hoger beroep werd "geprocedeerd op de wijze … over de vraag of en, zo ja, in hoeverre na de in artikel 347 lid 1 Rv. (oud) voorgeschreven conclusiewisseling "nadere conclusies" of "akten" konden worden genomen. Krachtens artikel

  • Civiel recht overig
    Conclusie · Parket bij de Hoge Raad · Civiel recht overig

    Parket bij de Hoge Raad31 januari 2003ECLI:NL:PHR:2003:AF1414

    verbod van tussentijds cassatieberoep zijn dus het geval als bedoeld in art. 75 lid 1 Rv. en de toestemming van de rechter. Geen uitzondering wordt gemaakt - zoals in cassatie namens [eiseres] wordt … onbevoegd heeft verklaard en de zaak naar een lagere rechter heeft verwezen (art. 75 lid 1 Rv.). 9 Ook hier geldt de regel dat in het geval van art. 75 lid 1

  • Personen- en familierecht
    13 juni 2003 Eerste Kamer Rek.nr. R02/092HR MD Hoge Raad der Nederlanden Beschikking in de zaak van: [De…

    Parket bij de Hoge Raad13 juni 2003ECLI:NL:PHR:2003:AG0170

    middel faalt derhalve. 2.7 Middel 2 klaagt dat het hof art. 230 lid 1 Rv., dat voorschrijft dat een vonnis onder meer het verloop van het geding vermeldt … geldende procesrecht van toepassing was (zie noot 6) kan van schending van art. 230 lid 1 Rv. reeds om die reden geen sprake zijn. Het oude procesrecht bevatte geen bepaling op grond

  • Civiel recht overig
    12 september 2003 Eerste Kamer Nr. C02/091HR RM/AT Hoge Raad der Nederlanden Arrest in de zaak van: TIMCO…

    Parket bij de Hoge Raad12 september 2003ECLI:NL:PHR:2003:AF7677

    12 september 2003 Eerste Kamer Nr. C02/091HR RM/AT Hoge Raad der Nederlanden Arrest in de zaak van: TIMCO IMPORT-EXPORT B.V., gevestigd te Aalst, gemeente Waalre, EISERES tot cassatie, advocaat: mr. E. van Staden ten Brink, t e g e n NATIONALE NEDERLANDEN SCHADEVERZEKERING N.V., gevestigd te 's-Gravenhage, VERWEERSTER…

  • Civiel recht overig
    26 september 2003 Eerste Kamer Nr. C02/037HR JMH Hoge Raad der Nederlanden Arrest in de zaak van: [eiser]…

    Parket bij de Hoge Raad26 september 2003ECLI:NL:PHR:2003:AF9711

    juncto art. 185 lid 1 (oud) Rv. (art. 157 juncto art. 158 lid 1 Rv.) dwingend bewijs tussen partijen oplevert waartegen tegenbewijs openstaat. Zij heeft [eiser] toegelaten te bewijzen dat de door … 1 (oud) Rv. (art. 157 lid 2 juncto art. 158 lid 1 Rv.) "slechts een bewijsregel [behelzen] dat hier die verklaring zelf (..) bestaanbaar was op de datum en met de inhoud

  • Personen- en familierecht
    Conclusie · Parket bij de Hoge Raad · Personen- en familierecht

    Parket bij de Hoge Raad14 februari 2003ECLI:NL:PHR:2003:AF1309

    voor het laatste heeft gekozen. 2.12 Vanaf 1 januari 2002 schrijft artikel 426 lid 1 Rv. een algemene cassatietermijn voor van drie maanden - i.p.v. twee maanden(11) - te rekenen

  • Civiel recht overig
    Conclusie · Parket bij de Hoge Raad · Civiel recht overig

    Parket bij de Hoge Raad10 januari 2003ECLI:NL:PHR:2003:AF0225

    gevoerde procedure een dagvaardingsprocedure is, had het cassatieberoep ingevolge het bepaalde in art. 407 lid 1 Rv bij dagvaarding moeten worden ingesteld. De voormelde brief d.d. 28 augustus 2002 is geen dagvaarding … kantonrechter is gegeven op rekest, had het verzoekschrift ingevolge het bepaalde in art. 426a lid 1 Rv getekend moeten worden door een advocaat bij de Hoge Raad. De voormelde brief

  • Civiel recht overig
    5 september 2003 Eerste Kamer Nr. C02/265HR JMH Hoge Raad der Nederlanden Arrest in de zaak van: [Eiser]…

    Parket bij de Hoge Raad5 september 2003ECLI:NL:PHR:2003:AF7537

    geregeld in de art. 263 tot en met 272(11). 2.2 Art. 263 lid 1 Rv. oud bepaalt, voorzover thans van belang, dat indien in de loop van een geding een procureur … hoofdzaak moet dan worden geschorst tot aan het vonnis van ontkentenis (art. 266 lid 1 Rv. oud). De Fransen noemden dit incident een "désaveu incidentel". 2.6 Blijkens de artikelen

  • Civiel recht overig
    11 juli 2003 Eerste Kamer Nr. C03/130HR JMH Hoge Raad der Nederlanden Arrest in de zaak van: [Eiser], wonende…

    Parket bij de Hoge Raad11 juli 2003ECLI:NL:PHR:2003:AH9611

    zake woonplaats heeft gekozen, een en ander in de zin van art. 63 lid 1 Rv. 3. Bij zijn poging de dagvaarding aan het kantoor van mr. Van Dam te betekenen, heeft … deze of een andere zich daar bevindende persoon tracht te betekenen (art. 46 lid 1 Rv), maar (volgens art. 47 lid 1 eerste volzin Rv:) "aan geen van de in artikel

  • Personen- en familierecht
    10 oktober 2003 Eerste Kamer Rek.nr. R02/095HR JMH/AS Hoge Raad der Nederlanden Beschikking in de zaak van…

    Parket bij de Hoge Raad10 oktober 2003ECLI:NL:PHR:2003:AL8115

    verzoekschrift een afschrift daarvan te betekenen aan de andere echtgenoot (art. 816 lid 1 Rv.). Hier speelt het verdedigingsbeginsel een doorslaggevende rol. Volgens de parlementaire geschiedenis biedt inschakeling van een deurwaarder, zeker … eisen van art. 45 lid 2 Rv. Aldus is het bepaalde in art. 816 lid 1 Rv. niet in acht genomen, zodat ingevolge art. 816 lid 3 Rv

  • Personen- en familierecht
    10 oktober 2003 Eerste Kamer Rek.nr. R03/036HR JMH Hoge Raad der Nederlanden Beschikking in de zaak van: [de…

    Parket bij de Hoge Raad10 oktober 2003ECLI:NL:PHR:2003:AI0367

    zijn inleidend verzoek, althans dit verzoek af te wijzen. Ingevolge artikel 359 jo. 278 lid 1 Rv dient het appelschrift een duidelijke omschrijving te bevatten van de gronden waarop het beroep berust … gronden te worden vermeld waarop het hoger beroep rust (art. 359 en 278 lid 1 Rv.)(5). Een appellant behoort aan de rechter en de verweerder in hoger beroep kenbaar te maken

  • Civiel recht overig
    Conclusie · Parket bij de Hoge Raad · Civiel recht overig

    Parket bij de Hoge Raad17 januari 2003ECLI:NL:PHR:2003:AF0159

    heeft de Hoge Raad overwogen (r.o. 3.8): "De in art. 213 lid 1 Rv. neergelegde regel dat hetgeen door een partij-getuige is verklaard geen bewijs te haren voordele kan opleveren indien … uitgesproken oordeel over de strekking van art. 213 lid 1 (oud), thans art. 164 lid 1 Rv, bij de beoordeling van de bewijskracht van een bij tegenbewijs afgelegde partijgetuigenverklaring. Onderdeel 1 slaagt

  • Personen- en familierecht
    Conclusie · Parket bij de Hoge Raad · Personen- en familierecht

    Parket bij de Hoge Raad31 januari 2003ECLI:NL:PHR:2003:AF0872

    anders geformuleerde vragen en antwoorden. De regel die thans is vastgelegd in art. 194 lid 1 Rv doet m.i. hieraan niet af. Deze regel houdt niet meer in dan dat het vonnis … hoger beroep niet verschenen. 4 Hier geldt de gewone termijn van art. 426 lid 1 Rv; vgl. T&C Rv aant. 3-4 op art. 806 (Nauta). 5 HR 22 oktober

  • Civiel recht overig
    12 september 2003 Eerste Kamer Nr. C02/097HR JMH/AT Hoge Raad der Nederlanden Arrest in de zaak van: [Eiser]…

    Parket bij de Hoge Raad12 september 2003ECLI:NL:PHR:2003:AF9433

    arbiters. In het arrest van het hof wordt overeenkomstig het bepaalde in art. 1022 lid 1 Rv. met onbevoegdverklaring van de rechtbank volstaan. Zoals uit dit wettelijk voorschrift reeds volgt, wordt daarmee … wordt gebaseerd op onrechtmatige daad. Mede op grond van de tekst van art. 1020 lid 1 Rv. wordt algemeen aangenomen dat geschillen over rechten en verplichtingen, welke ter vrije bepaling

Zoektips

Een ECLI (ook kort, zoals HR:2020:2020), LJN of vindplaats (NJ 2019/123) opent direct de uitspraak. Gebruik aanhalingstekens voor een exacte woordgroep (“ontslag op staande voet”), OR voor alternatieven (huur OR pacht), een sterretje voor woorddelen (huur* vindt ook huurder) en een minteken om een woord uit te sluiten.